De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Zijn koninkrijk heerst over alles

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zijn koninkrijk heerst over alles

De Rotssteen van Israël

9 minuten leestijd

Met diepe ontroering hebben we gezien, gehoord, gelezen hoe een uitgemergeld volk zich ontworstelde aan de macht van een dictator, die jarenlang meedogenloos had toegeslagen en zijn volk in de wurggreep had gehouden.Na het schrijven van mijn vorige artikel, bij de overgang van de tachtiger naar de negentiger jaren, was nog niet te bevroeden dat zich in Roemenië de toestanden zouden gaan voordoen, die zich hèbben voorgedaan. Het Roemeense volk is stormachtig te hoop gelopen en trotseerde in het aangezicht van de dood het afschuwelijke systeem, dat weliswaar ook in Roemenië op z'n laatste benen liep, maar juist in de softfase nog een keer uiterst grimmig zich vertoonde.

We hebben wereldwijd, in het bijzonder ook in ons land, beseft, dat hulp op grote schaal geboden moest worden. Vandaag blijkt met name de waarde van de organisaties, die al sinds jaar en dag werken in de landen van het Oostblok en die daar netwerken van vaste, betrouwbare contactpunten hebben opgebouwd, zodat doelgerichte hulpverlening mogelijk is. Naast de hulp op grote schaal, die via het Rode Kruis geboden wordt, mogen we niet onderschatten van welk een grote betekenis de kerkelijke hulpverlening is, niet in het minst ook die van de particuliere organisaties, die de helpende hand van de christelijke gemeente al tientallen malen hebben getoond, toen er verder geen helpers waren. Het moet intussen ook beschamend zijn voor velen, met name in de brede oecumemische wereld, dat, nu de vrijheid rijst voor de Oostbloklanden, ook kerkleidingen in vrijheid (kunnen) worden gekozen. De kerken wierpen — met name in Roemenië is dit het geval — de kerkleidingen, die collaboreerden met de verziekte overheden, van zich. Het zijn intussen dezelfde kerkleidingen, waarmee oecumenisch werd geheuld, kerkleidingen, die een verhindering waren om protesten over de noodtoestand (juist ook voor de kerk) in de Oostbloklanden te laten horen in wereldverband.

Revolutie
We hebben de adem ingehouden als we zagen waartoe een gemarteld volk in staat bleek te zijn. Intussen zijn we misschien wel eens vergeten dat het hier om een echte revolutie, een pure omwenteling vanuit het volk ging. Niet een legerleiding op zich nam de macht over, nee het volk ging de straat op en wierp zijn regering van zich en berechtte de beruchte leiders.
We staan hier voor het moeilijke probleem van de wettigheid van de revolutie bij het licht van de Schrift. De Bijbel is er vol van dat door God de koningen regeren, goede en slechte. 'Zijn koninkrijk heerst over alles' (Ps. 103 : 19). Overheden zijn Gods dienaressen (Rom. 13.). Maar dan dient ook beseft te worden dat ze dienaressen Gods zijn het volk ten goede. Hoeveel overheden zijn, de geschiedenis door, niet het volk ten kwade geweest. Ze waren in plaats van dienaressen Gods de verpersoonlijking van het beest (Openb. 13).
In de tijd dat de reformatoren ook nadachten over de wettigheid van opstanden, heeft Calvijn gezegd, dat God soms door op zichzelf ongeoorloofde opstanden slechte overheden door betere heeft vervangen. Altijd weer staan we voor de vraag van de wettige overheid.
De Duitse bezetter was in de Tweede Wereldoorlog geen wettige overheid. Onze overheid zat in Londen.
Hoe labiel is verder de situatie niet in allerlei landen in de wereld. In vele landen is de ene overheid door een coupe weer vervangen door een andere. Zijn dan de overheden, die door een staatsgreep zijn ontstaan, opeens weer de wettige overheden, waartegen geen (contra)revolutie mag worden gevoerd?
Maar wat Oost-Europa betreft, daarvan moeten we toch zeggen dat de overheden satelliet-overheden waren? Ze wortelden niet in de historie van die Oosteuropese volkeren maar liepen aan de leiband van Moskou. En dat ze het volk niet ten goede waren is wel overduidelijk gebleken. Ze hebben hun eigen volk vaak onderdrukt, uitgemergeld, beroofd. Op beschamende wijze is naar buiten gekomen hoe leiders zich gigantisch verrijkten onder een socialistische (communistische) dekmantel, terwijl het volk honger leed.

We hebben daarom on-ingehouden kunnen juichen en kunnen meevieren en ook meehuilen toen het volk de barricaden op ging. Er is bevrijding gekomen van dwingelandij, zoals we dat zelf hebben beleefd in de meidagen van 1945.
Ook de kerk mag in de nieuwe vrijheid delen. Het is te hopen — en daarvoor bidden we — dat er sprake mag zijn van goede leiding en sturing door mensen, die de nieu­we vrijheid aankunnen en met beheersing zullen gebruiken.

Intussen zeggen we, na het bewogen uiteinde van de jaren tachtig, dat Gods Koninkrijk over alles heerst. God leidde ook in deze schokkende weken de geschiedenis. We mogen bovenal Hem danken voor de wending in het lot van de Oosteuropese volkeren en Hem bidden om een goede voortgang op de weg van de vrijheid. Hoezeer ook de leiding des Heeren in het wereldbestuur zich aan onze waarneming onttrekt, de Schrift zegt, dat God staat in de vergadering der goden, dat wil zeggen van de overheden. Zo weten we ook datgene wat in het Oostblok gebeurt in Zijn handen.

De Naam in de politiek
Moeten we juist niet als christenheid nadrukkelijker belijden, dat God het is, die de geschiedenis leidt en derhalve ook het politieke gebeuren in Zijn hand heeft? Wij hebben in Nederland, in onderscheiding van vele andere landen in de wereld, christelijke politieke partijen. Als we de pretentie durven hebben de Naam van Christus aan een politieke partij te verbinden, zou dat dan niet dáárin ook tot uitdrukking komen, dat we ons voor de belijdenis van de Naam, voor het noemen van de Godsnaam niet schamen in de politiek? Hoe weinig nog worden ook christenpolitici betrapt op het publiekelijk noemen van de Naam, laat staan op het citeren van de Schriften in deze. De politiek is dóór en dóór verzakelijkt. Dat het politieke gebeuren zich Coram Deo voltrekt wordt nog maar zelden publiekelijk gezegd.
We realiseren ons overigens best, dat met het noemen van Gods Naam in de politiek, ook een grote verantwoordelijkheid ontstaat. We realiseren ons ook best, dat Gods Naam vaak door het slijk is gehaald, b.v. vanwege een oneigenlijk gebruik van geld, met God op het randschrift van de gulden; of een gruwelijk gebruik van militaire macht, met de Naam op de koppelriemen; of een politiek handelen, dat gespeend was aan gerechtigheid ontleend aan goddelijk recht, terwijl de Naam des Heeren met de lippen werd beleden. Maar dat neemt niet weg, dat juist de christen-politicus nòchtans belijden zal dat 'Zijn koninkrijk heerst over alles'. Dat stelt zijn bezig zijn juist onder grote Hoogspanning.


In de regeringsverklaring van het kabinet Lubbers-Kok heeft ook het noemen van de Naam ter discussie gestaan. Lubbers was aanwezig bij de presentatie van een boek, dat gepresenteerd werd ter gelegenheid van de vijfenzevenstigste verjaardag van de rooms-katholieke theoloog prof. dr. E. Schillebeeckx. 'Mensen als verhaal van God' is de titel van dat boek. De ministerpresident — zo onthulde Schillebeeckx in Hervormd Nederland — kon de presentatie zelf niet meer bijwonen maar kreeg nog wel een persmap mee, waarin die zin ook voorkwam. En zo werd een soort slotzin geboren voor de regeringsverklaring: 'Mensen zijn de woorden, waarmee God Zijn verhaal vertelt'. Toen begon echter het touwtrekken tussen Lubbers en Kok. Voor de PvdA is kennelijk het noemen van de Godsnaam een problematische zaak. Uit­ eindelijk werd het: 'Mensen vormen de woorden in het verhaal van de geschiedenis. Anderen zullen zeggen: in Gods verhaal'.
Als we het nu helemáál op de keper beschouwen moeten we zeggen, dat de mens voorop gaat in deze verklaring. En dat moest dan nog afgevlakt worden door de geschiedenis nog aan 'Gods verhaal' te laten vooraf gaan. Nú was het derhalve zo, dat de Naam bij wijze van compromis in de regeringsverklaring kwam. Wordt zo christelijke politiek — om het bekende woord van Van Ruler te gebruiken — toch niet een zouteloos zaakje?

Beleden
Toegegeven, de Naam des Heeren werd genoemd en als zodanig beleden. Als de genoemde formulering wil zeggen, dat ook de politicus een instrument in Gods handen is, dan valt dat slechts te beamen. Maar God is méér dan wij mensen van Hem tonen. 'Zijn koninkrijk heerst over alles'!

Ten tijde van de regeringsverklaring had ik een gesprek over één en ander met een hoogleraar aan de Hebreeuwse Universiteit in Jeruzalem. Hij zei me toen, dat in Israël na 1948 de discussie over het noemen van de Godsnaam in een regeringsverklaring in alle hevigheid is gevoerd tussen religieuze en niet-religieuze joden.
Nu zijn joden op zich al voorzichtig met het uitspreken van de Naam (G-d in onze taal). Zij spreken bij voorkeur over de Eeuwige. Het compromis, dat voor joodse regeringsverklaringen werd gevonden, was dat men God aanduidde als 'De Rotssteen van Israël'. We vinden die benaming in 2 Sam. 23:3. Als David daar zijn laatste woorden spreekt, zegt hij: De God Israels geeft gezegd, de Rotssteen Israels heeft tot mij gesproken: er zal een Heerser zijn over de mensen, een Rechtvaardige, een Heerser in de vreze Gods'. David belijdt hier — zo zeggen we, Nieuwtestamentisch — vlak voor zijn levenseinde dat de heerschappij aan de komende Christus zal zijn. Hij is Koning van het Rijk, dat heerst over alles.
Ook in Jes. 30:29 komen we die uitdrukking tegen. Jesaja spreekt daar over 'de berg des Heeren, de Rotssteen van Israël.' Calvijn zegt dat hier beleden wordt dat het volk Israels door Gods macht en hulp verlost was. 'Hiermee herinnert hij hen er aan, dat ze in de toekomst slechts veilig zullen zijn, als ze hun verwachting alleen op God vestigen'. Rotssteen Israels 'is een erenaam, die Hem slechts in waarheid en oprechtheid gegeven wordt door verslagen en nederige mensen, die alle vertrouwen op eigen kracht hebben laten varen'.
Dat is tòch andere taal dan dat mensen woorden zijn in Gods verhaal. God is voor het politieke handelen meer dan 'Inspiratiebron' (Schillebeeckx gebruikte deze uitdrukking). Hij is het die het wereldgebeuren in Zijn hand heeft en die het Koninkrijk in handen heeft gegeven van de Kurios, Jezus Christus. Deze zal het Koninkrijk aan het eind van de geschiedenis weer terug geven aan de Vader.

De negentiger jaren in
We gaan de negentiger jaren in met de belijdenis dat 'Zijn koningschap heerst over alles'. Zo beleefden we ook het eind van de tachtiger jaren, waarin bewaarheid werd dat andere woord uit Openbaring 13: wie in de gevangenis werpt gaat zelf in de gevangenis. De 'lijdzaamheid en het geloof der heiligen', waarover in dat Schriftgedeelte óók wordt gesproken, is intussen duidelijk aan het licht getreden.
In een wereld, waarin het Woord Gods schaars wordt, althans in onze westerse wereld, zullen we ook de Naam voluit náár de Schriften moeten uitzeggen, wil er kracht van het getuigenis uitgaan. Israël belijdt de Rotssteen van Israël. Alleen op die Rotssteen kan gebouwd worden. Ons politieke huis staat ook alleen maar vast als we Hem belijden als onze Vaste Burcht. Dat zou meer naar buiten mogen komen vanuit christelijk-politieke kring. Niet een God, die we belijden naast de geschiedenis, maar een God Wiens Hand we belijden in onze geschiedenis, is onze Rotssteen, onze Schuilplaats.
God schrijft het schrift der geschiedenis. Historie is zo gevulde, geleide geschiedenis. Daarom zei Groen van Prinsterer: een staatsman niet, een Evangeliebelijder. Voor Gods Naam mogen we ons niet schamen, ook in de politiek niet. Als dat in de politiek toch wel het geval zou zijn, zal de kerk de politiek eraan herinneren, dat Zijn koninkrijk heerst over alles.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 januari 1990

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Zijn koninkrijk heerst over alles

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 januari 1990

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's