Twee korte reacties
Naar aanleiding van mijn artikel 'Zijn koninkrijk heerst over alles' (4 januari) kreeg ik, i.v.m. wat ik schreef over 'De Naam in de politiek' een reactie van 'een trouw Waarheidsvriendlezer', die overigens onbekend wenste te blijven. Ten aanzien van wat ik schreef over de regeringsverklaring ('mensen zijn Gods verhaal') had hij de Handelingen van de Tweede Kamer opgevraagd. Hij had alle passages, waarin de fractieleiders van de kleine partijen over God hadden gesproken aangestreept. Waarvan acte dus! Hun grondhouding in deze, alsook van enkele andere, was mij uiteraard niet onbekend.
Maar wat had ik geschreven? 'Hoe weinig nog worden ook christen-politici betrapt op het publiekelijk noemen van de Naam, laat staan het citeren van Schriftplaatsen in deze'. Ik schreef over het gebruik van de naam van Christus in de naam van de politieke partij en het zich toch schamen voor de Naam in het publieke leven. Als we beseffen dat de Tweede Kamer zestig zetels bevat, die worden ingenomen door christen-politici — en dan zwijg ik nog over de zetels van de bewindslieden —, dan is er alle reden het woord 'weinig', hierboven genoemd, te handhaven.
Intussen was het kamervoorzitter W. Deetman, die dezer dagen in een interview in het R.D. zich liet ontvallen, dat we meer christelijk getuigenis nodig hebben in de politiek. Waarvan eveneens acte.
Het tweede wat ik kort wil aanstippen ligt enigszins in de lijn van het bovenstaande. In De Waarheidsvriend van 14 december j.l. (over christelijke organisaties) schreef ik, dat ik nimmer heb kunnen begrijpen, hoe doorbraakmensen zich konden beroepen op dr. Ph.J. Hoedemaker. 'Weliswaar stond deze uiterst kritisch tegenover de antithesegedachte als beginsel van dr. Abraham Kuyper, maar centraal stond voor hem het onverkorte artikel 36 van de N.G.B. Het ging hem, als gezegd, om de theocratische gedachte: alles moet Hèm eren'.
In Evangelisch Commentaar nu schreef dr. A.A. Spijkerboer, dat hij mij wel denkt te kunnen uitleggen 'waarom mensen als Lieftinck, Van Rhijn en Van Walsum, die in de jaren dertig tot de jongeren in de Christelijke Historische Unie behoorden, na de bevrijding in 1945 "doorgebroken" en lid van de Partij van de Arbeid geworden zijn'.
Waar komt het antwoord van Spijkerboor kortweg op neer? 'Zij hadden in de jaren dertig met lede ogen aangezien hoe weinig de confessionele partijen deden om de ramp van de werkloosheid te keren'. En, meenden zij, 'welk recht heb je als christen je apart te organiseren en je van anderen af te scheiden?' Een verder antwoord moet ik bij Spijkerboer tevergeefs zoeken. Wel is nog vermeldenswaard, dat hij meent dat we nog steeds een christelijke natie vormen. De stille straten in dorpen en steden op zondagmorgen zijn stille getuigen van de Opstanding: 'Het feit ligt er nog steeds dat de Opstanding van Jezus Christus dan ons straatbeeld beheerst'.
Ik dank dr. Spijkerboer voor dit antwoord maar het is geen bèvredigend antwoord op mijn vraag. De praktische (hoewel ook principiële) argumenten voor bepaalde christenen die doorbraken (de sociale kwestie) realiseer ik me ook wel. Maar dan gaat het om een deelaspect van christelijke politiek, liever politiek in naam van de Naam. Maar waarom rept Spijkerboer met geen woord over het onverkorte artikel 36 van de N.G.B, zelve? Was dáárvoor dan plaats binnen de PvdA?
En dan ten aanzien van de toegift van Spijkerboer: het stille straatbeeld van de zondagmorgen heeft toch weinig te maken met 'alles moet Hem eren'.
En tenslotte, politici uit 'bloedgroepen' die art. 36 van de N.G.B, ernstig nemen zijn de laatste tijd meer bij de Hoedemakerherdenking betrokken geweest dan PvdA-ers. Heeft dat toch iets te zeggen? Het ging me om Hoedemaker èn art. 36. Waar zou hij zich vandaag thuis hebben gevoeld.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 januari 1990
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 januari 1990
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's