De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Hoort u bij de Kruis-kerk?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Hoort u bij de Kruis-kerk?

8 minuten leestijd

'Ik ben met Christus gekruist; en ik leef, doch niet meer ik maar Christus leeft in mij; en hetgeen ik nu in het vlees leef, dat leef ik door het geloof van de Zoon van God, Die mij liefgehad heeft en Zichzelf voor mij overgegeven heeft.'Galaten 2 : 20.

In de dagen van de apostel Paulus dreigden er in de gemeenten van Galatië twee christelijke kerken te ontstaan. In de Gemeente door de prediking van de apostel Paulus gesticht, stond het Evangelie van de gekruisigde Christus centraal. De boodschap was: 'Door genade alleen, door Christus alleen en door het geloof alleen.' Deze prediking had rijke vruchten afgeworpen. Velen kwamen tot geloof en bekering. Door de geloofsgemeenschap met de gekruisigde en opgestane Christus, mochten ze leven uit Zijn gerechtigheid en heiligheid.
Na zijn vertrek kwamen er andere leraars uit Jeruzalem over. Die spraken een andere taal. Ze brachten, naar ze zeiden, hetzelfde Evangelie, maar met wat meer nuances. Het waardevolle in Israëls eredienst uit de tijd van Mozes, mocht je niet zomaar afschaffen. Paulus was wat al te radicaal geweest. Het was een beste man hoor, daar niet van. Maar toch wel erg eenzijdig. 'Jezus Christus en Dien gekruisigd.' Zo preekte Paulus direct na zijn bekering. En vijfentwintig jaar later preekte hij nog zo.
Als iemand dat eenzijdig noemt, is het wel de vraag of hij Christus en de onvervangbare waarde van Zijn plaatsvervangend lijden en sterven ooit recht heeft leren kennen.
Wat mij betreft, zegt de apostel, ik ben met dit Evangelie vergroeid en aan deze Christus heb ik voor eens en voor altijd mijn hart verloren.
'Ik ben met Christus gekruisigd.'
De apostel is bij wijze van spreken door de Heere God Zelf weggehaald uit de Kerk van Mozes en Gamaliël. Daar lag hij als in aanbidding terneer voor de voeten van deze geleerde en vrome rabbi. Hij dronk zijn woorden over de oeroude ceremoniën van Mozes, over de waarde van besnijdenis en vasten, gretig in. Zo meende hij te leven voor God. Ondertussen was hij in die tijd een grote vijand van de Heere Jezus Christus, Het was een godsdienst zonder Christus. En daar kom je voor eeuwig mee om. Misschien zijn er ook onder de lezers van de Waarheidsvriend zulke mensen. Dan moet u vooral niet boos worden, maar vraagt u zich liever af: 'Ben ik het Heere?'
Hoe kan het anders worden?
Wanneer het de Heere behaagt Zijn Zoon, Jezus Christus in ons te openbaren.
Dat betekent een totale ommekeer in ons leven. Dan komen we met Saulus terecht aan de voet van Golgotha.
Wat Christus eenmaal op Golgotha geleden heeft en volbracht heeft, dat leert de Heilige Geest ons door de evangelieverkondiging in ons hart verstaan en met ons hart gelovig aannemen.
'Met Christus gekruisigd en ik leef.'
Dat is het geheim van Paulus' leven geworden. Is het ook het geheim van uw leven? Met Christus gekruisigd! Hij moest op Golgotha voor mij de vloekdood ondergaan. Wat een Evangelie!
Het betekent sterven aan iedere gedachte om alsnog door wetsonderhouding rechtvaardig voor God te kunnen worden. We moeten het grondig leren, dat er ook in het nieuwe leven, het leven der dankbaarheid maar één weg is, om heilig voor God te leven. Door Christus alleen. Hij alleen, is mijn gerechtigheid en mijn heiligheid voor God. Zelfs Petrus had daar nog moeite mee. Hij kwam ook onder de indruk van een eredienst, waarbij de ceremoniën een grote plaats innamen.
Ja, we moeten onze armoede en ellende inleven juist in het leven der dankbaarheid, de heiliging.
Misschien leert u het nooit zo radicaal als Paulus en Kohlbrugge het geleerd hebben. Maar we zullen nimmer tot geloofszekerheid of heilszekerheid komen zolang we hier blijven hinken op twee gedachten.
'Ik leef, doch niet meer ik, maar Christus leeft in mij!' Dat is de geloofsjubel van de mens die het van de Heere geleerd heeft uit Zijn onfeilbaar getuigenis, dat ook zijn heiligheid enkel ligt in het volbrachte werk van Christus op Golgotha. Paulus had het zo grondig geleerd in zijn leven, dat hij schrijft: 'Ik ben altijd droevig en toch altijd blijde.' Het is de gezindheid van het nieuwe hart dat met Christus gekruisigd is, maar ook met Hem is opgestaan tot een nieuw leven. Droevig zo dikwijls als de Heilige Geest mijn oog richt op wat het de Heiland gekost heeft om deze gerechtigheid en heiligheid voor mij te verwerven. Want Hij is om onze overtredingen verwond, om onze ongerechtigheden werd Hij verbrijzeld. Wie zou niet wenen? En ons hart schreit tranen, zo dikwijls de Heilige Geest ons erbij bepaalt. Maar Hij is op Pasen heerlijk opgewekt tot onze rechtvaardigheid en heiligheid. Jaren geleden hoorde ik op een Tweede Paasdag, in een overvolle bus van de lijndienst op Utrecht een eenvoudige man tegen zijn vriend blij getuigen hoe hij Pasen gevierd had: Christus is mij geschonken, tot een volkomen verlossing! Het was doodstil in de bus; iedereen luisterde.
Hoe leeft Paulus nu het leven van iedere dag? Dat vertelt hij ons ook. 'Hetgeen ik nu in het vlees leef, dat leef ik door het geloof van de Zoon van God.' Hoe moet een kind van God nu op aarde leven, nadat hij tot geloof in Christus gekomen is? Dat is moeilijk genoeg.
Paulus geeft hier een duidelijke leefregel en hoofdregel: Door het geloof van de Zoon van God.
Paulus schermt zich af tegen twee groepen mensen binnen de gemeenten: Mensen die door allerlei voorschriften en ceremoniële wetten ook na het geloof in Christus, in de wettische hoek blijven zitten. Het zijn de zwakken in het geloof, mensen die geloof en wet vermengen om zo rechtvaardig voor God te zijn. Pas op, waarschuwt de apostel, jullie lopen groot gevaar de genadegave van God teniet te doen. Ja maar wat moet je, als je iedere dag toch weer in zonde valt en de duivel en je geweten je aanklaagt?
Leef door het geloof van de Zoon van God, zo raadt de apostel zijn gemeente aan. De geloofsgemeenschap met Christus betekent dood zijn voor de wet! Da Costa zei dan ook terecht: 'In het Kruis zal ik eeuwig roemen en geen wet zal mij verdoemen.' Het zou Paulus uit het hart gegrepen zijn. En u?
Let op! Paulus heeft het over het geloof van de Zoon van God. Hij heeft het van de Heere Jezus gekregen. En Die houdt het ook in stand in zijn leven.
En zo dikwijls het hem vergund wordt op Christus te zien, roept hij in blijde verwondering uit: 'Ik dank God door onze Heere Jezus Christus.' Dankbaarheid een gave van God.
Ook dan blijft het nog moeilijk genoeg om je weg te vinden in deze wereld.
Maar Paulus' gouden regel was en bleef: Leef vanuit het geloof van de gekruisigde en opgestane Christus. Vooral leef dicht bij de Heere, dan ga je veilig.
Daarmee schermde hij zich ook af tegen andere valse broeders. Mensen die ogenschijnlijk aan zijn kant stonden. Als hij tegen de wettisch gezinden inging, kreeg Paulus van deze lieden luid applaus: 'Goed gezegd, Paulus,' riepen ze. 'Een christen is vrij van de wet.' Die wet is afgeschaft, daar hebben wij niets meer mee te maken. De apostel was niet blij met deze 'vrienden'. Ook Luther kreeg er in zijn leven mee te maken. En hij kreeg er grijze haren van. Mensen die de vrijheid van Christus' gemeente verwarren met revolutie en bandeloosheid. Vandaag is het niet anders.
Hoe moet je toch als christen, als gemeente van Jezus Christus leven in deze wereld?
Dicht achter Christus aan, Die mij liefgehad heeft en zich voor mij heeft overgegeven voor mijn zonde.
Daar mogen we nooit boven uitkomen. De Kruisgemeente van Christus begeert hier op aarde het Beeld van haar Heiland te vertonen. Leven voor God, vanuit Christus' kruis is de rechte levensheiliging. Christus leeft in mij. Zijn kracht mist de uitwerking niet in het leven van Zijn gemeente op aarde, als ze zich houdt aan Zijn Woord. Dat Woord gaat dan verlichtend en vermanend over ons leven. 'Laat die gezindheid in u zijn, die ook in Christus Jezus was.' Waar Hij de Wijnstok is, en wij als ranken zijn ingeënt in Hem, gaan we ook door Zijn Geest vruchten dragen. Dan ontbreekt ook het snoeimes niet. Hij reinigt opdat er meer vrucht gevonden wordt.
Horen we bij de Kruis-kerk?
Is Zijn kruis ons nog een ergernis of een dwaasheid? Of is het een begeerlijke zaak geworden?
De Kerk leeft hier door geloof en niet door aanschouwen. Dat geeft altijd de spanning, die aan het ware geloofsleven eigen is. Door het geloof mogen we zien op Christus. Luisteren naar Zijn woord. Dagelijks onze hand ophouden voor Zijn gaven. Zijn voetstappen drukken op de levensweg. Met onze mond drinken van het levenswater, dat Hij ons aanreikt in Zijn woord. Bij dat alles ons hart gericht houden naar de hemel, waar Hij is aan de rechterhand van Zijn Vader.
Horen we door genade bij de Kruis-kerk? Of houden we ons met Mozes en de ceremoniële wet op de been?
We roepen het u nog eenmaal toe: 'Laat u met God verzoenen. Laat u door Christus zaligen'. Het gaat niet om Mozes, niet om Israël, niet om Paulus, niet om u en mij, maar het gaat om Christus en in Christus om de drieënige God. Want uit Hem en door Hem en tot Hem, zijn alle dingen. Amen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 maart 1990

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Hoort u bij de Kruis-kerk?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 maart 1990

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's