De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Dit is het!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dit is het!

8 minuten leestijd

Maar dit is het, wat gesproken is door de profeet Joël: En het zal zijn in de laatste dagen, zegt God, Ik zal uitstorten van Mijn Geest op alle vlees... Handelingen 2 : 16, 17a

Pinksteren is het feest van de Geest van God. Het is Zijn dag. Het geluid dat geschiedt vanuit de hemel is geen loos alarm. De Geest zelf spreekt. Hij vindt weerklank in de harten van de wachtende Pinkstergemeente. Het geluid verdicht zich tot stemmen, tot woorden, die de Geest geeft uit te spreken. De apostelen spreken de grote werken Gods. Dat is de weergave, niet slechts van het geluid dat zij opvingen, maar van de Geest, die zij ontvingen. Weergave van de vervulling met de Hellige Geest.
Maar de Heilige Geest ontmoet ook weerstand. Lawaaierig klinkt de spot van sommigen die het geluid van de Geest hoorden: trek je niets aan van wat die lui daar zeggen, zij zijn dronken. Zal het lawaai der spotters het geluid van de Geest overstemmen?
In elk geval zetten deze spotters de stoorzender onmiddellijk in werking.
Ze blijken geen antenne te hebben voor de woorden van de Geest. Rap hebben zij hun oordeel bij de hand: overdreven gedoe!
Maar de Geest laat zich niet weghonen. Hij stelde Petrus, met de elven op hun voeten, een gans klein getal. Hij zorgde voor een weerwoord. Petrus verhief zijn stem, jawel, maar de Geest sprak door hem. Of u het geloven wilt of niet, maar dit is het!
Een woord als een vaardige slag met het zwaard des Geestes, hetwelk is Gods Woord.
Weerlegging van de spot. Waar u het werk Van de Geest voor houdt of voor uitmaakt, dat is het niet.
Kwam de spot van de kant der wereld, het zou te begrijpen zijn, al is het af te keuren. De tegenwind waait helaas uit een andere richting, uit de godsdienstige hoek.
Zo ziet u maar, u kunt zo dicht bij het vuur van de Geest zitten, dat de vonken zomaar kunnen overslaan, en toch het werk van de Geest blameren.
Hoevelen steken zich juist onder de verkondiging van het Evangelie niet in een brandvrij uniform, zodat ze wel uitkijken dat ze niet aangestoken worden door het vuur van de Geest? Ze worden niet eens jaloers als de Heilige Geest de eerste vonkjes van verlangen naar God wekt in een kinderhart; of een brandende begeerte schept in het hart van jonge mensen; of het hart van Gods kinderen vervult met vrede en blijdschap, door de Heilige Geest.
Hoe hatelijk wordt er dan soms gereageerd, waar men hartelijk verblijd moest wezen.
Men haalt nogal eens de schouders op voor het werk van de Geest: tè jong, tè ondiep, tè gemakkelijk, tè gelovig. Mag ik eens pleiten voor wat meer gehoor met het oog op de apostolische vermaning: Blust de Geest niet uit? Door altijd maar te zeggen wat het niet is, kom je er nooit achter wat het wél is. Wat het laatste betreft blijft men het antwoord schuldig.
Petrus, vervuld met de Heilige Geest zegt duidelijk: Maar dit is het! De Geest zuivert Zijn werk van alle blaam.
Dit is het! Daarmee raakt Petrus de kern van de komst van de Geest. Ziet u het niet? De kern is dat de Geest de Schrift opent, het geopenbaarde Woord van God.
De Geest verklaart het Woord, God vervult Zijn belofte van eeuwen her.
God heeft woord en trouw gehouden. Vervulling met de Heilige Geest is onthulling van het profetisch Woord. Er is veel geestelijk rumoer, men roept hier is de Geest, daar is de Geest, bij òns moet je zijn, wij hebben de Geest. Veel storm in kleine glaasjes water.
Er is lawaai genoeg. En het zal wel blijken dat dit hèt niet is. Omdat het Woord zonder de Geest altijd een gesloten boek blijft, en omdat je zonder het Woord tenslotte in de geestdrijverij verzeild raakt. Zò is het echt niet. Het is nog altijd zo, dat de Geest zich wenst te binden en te houden aan Zijn eigen Woord.
Vandaar dat Petrus aandacht vraagt voor wat gesproken is door de profeet Joël, Gods Pinksterprofeet: Het zal zijn in de laatste dagen, zegt God.
De Pinkstergemeente heeft God als Zegsman en de Pinkstergeest doet ons God kennen als Waarmaker van Zijn Woord. Krachtig en machtig klinkt het geluid van de Geest.
Het zàl zijn. Hier is tegengif tegen alle twijfel, die de vader der leugen in het hart zaait. U zit er mee? Het zal wel, zeggen de spot­ters. Waar is nu uw God hoor ik ze dikwijls vragen? Is dat wel voor mij? O Heilige Geest u bent toch de Trooster van de aangevochtenen. Wil mij, aangevochten mensenkind door de Pinkstergeest leren om mij met heel mijn twijfelzieke en twijfelzuchtige bestaan op Gods Woord en beloften te werpen.
O lieve Geest, leer me het af door steeds maar 'het zal wel' te zeggen.
'De indien's, de ja-maar's, en de misschien's zijn gewisse rovers des vredes en der vertroosting. Twijfelingen steken de ziel als wespen' (Spurgeon).
Wie zal het ontkennen? Wie zal mij er afhelpen? Wie anders dan de Trooster, de Heilige Geest, die Christus u zenden zal van de Vader.
Zenden zal, ja! Maar vandaag is het Pinksteren, en dus moet ik zeggen, die mij gezonden is!
Het 'zal zijn' is heden werkelijkheid. Gods beloften staan altijd op naam en datum. De datum is genoemd: In de laatste dagen, zegt God!
Gods dagen zijn dagen die de eeuwen omspannen. Aangebroken zijn ze op de dag toen Christus ten hemel voer, in vervulling gaan zij sinds de Geest is uitgestort en voltooid zullen ze worden in Christus' wederkomst.
Bange dagen enerzijds. Onze dagen horen erbij. Overal hoor je godonterende geluiden. Dagen vol van lieden die roekeloos met God en godsdienst spotten.
Spotters hebben het hoogste woord en de grootste mond. Getalsmatig zijn ze ver in de meerderheid. Waar blijft de dag van Zijn toekomst, riepen ze in Petrus' tijd en in onze dagen niet minder. Laatste dagen, om te huiveren. Atoomwolken, gifwolken zaaien dood en verderf. De aarde wordt onleefbaar, het water ondrinkbaar. Kankerverwekkende stoffen in steeds dichtere concentraties van voedsel en water. De liefde raakt verkild. De wanhoop neemt het hoogste woord. Dagen waarin de mensharten bezwijken van vrees.
De sporen van de Geest lijken overwoekerd door het bederf van het vlees, en hier en daar schijnen ze schier uitgewist. Hoe weinig speuren we, ook waar het godsdienstig nog iets lijkt, van de vreze Gods? Ik denk aan het woord van Jezus: Indien God de dagen niet zou verkorten, geen vlees zou behouden worden. Intussen brengt de Zoon des mensen Zijn hemelse wolkenwagen in gereedheid. Wel neemt de Heilige Geest het laatste woord en meldt ons heerlijke dagen anderzijds.
Juist in de laatste dagen, zegt God, zal Ik uitstorten van Mijn Geest op alle vlees.
Dat is nu de eigen taal van de Geest. Hij wordt gezonden van de Vader en de Zoon. Hij wordt gegeven door de Vader op de bede van de Zoon. Vooral en bovenal wordt Hij uitgestort. Vrijmacht en almacht paren zich aan elkaar. De volheid des Geestes is de Geest in Zijn volheid. Vrijmachtig stroomt de Geest. Hij wacht niet op ons welkom.
Almachtig breekt Hij zich baan. Hij kan teer neerdalen als een dauw. Hij kan ook stromen als een rivier. Zoals het water van een stormvloed voor een dijkdoorbraak zorgt, er gaten in slaat, niet te keren of te stuiten is, maar naar binnen gulpt, zo stroomt de Heilige Geest van boven naar beneden. Met dit verschil dat een overstroming vanwege een stormvloed, dood en verderf zaait, maar de Geest met het leven dat uit God is neerdaalt. De stromen van de Geest zoeken de diepste plaatsen.
Dit is het. Het is het helemáál. Petrus her­kent het, de anderen ervaren het met hem. En u? Als de Geest komt maakt Hij Gods Woord waar.
God stort Hem uit op alle vlees en stoort er Zich niet aan, hoe verloren, verdord en verdorven dit vlees ook is.
Want dàt is even verloren! Het woord vlees brengt ons onze vergankelijkheid in herinnering. Meer nog, onze verlorenheid. Dat doet de Geest ook. De bedding uitgraven in je leven, opdat de stromen des levens de ziel zullen vullen, tot overlopens toe.
Alle vlees heeft zijn weg voor God verdorven. In mijn vlees woont geen goed. Het bedenken des vleses is vijandschap tegen God. Meer niet!
't Wordt er ook niet beter op. Nooit!
Daarom als de Geest uitgestort wordt, word je er alleen maar beter van. Dat wel!
De Geest buigt diep, bukt laag. Hij komt op àlle vlees.
Als dat geen blijk van eeuwige, verkiezende liefde is, wat is het dan nog wel?
Dit ìs het toch zeker!
De diepste diepte waar u alleen nog maar verloren ligt is voor de Geest niet onbereikbaar. Alomvattend mateloos is de liefde die God door Zijn Geest uitstort in het zondaarshart.
Nu weet ik dat er niemand in de hemel, noch op de aarde is, die mij liever heeft dan Christus Jezus. Daalt de Heilige Geest op vlees, dan worden wij van dood levend. Hij ontledigt en maakt vol. Hij verheerlijkt Christus, Die in het vlees kwam en ons de levendmakende Geest verwierf, de Pinkstergeest, door welke wij leren roepen als een echo der ziel: Abba Vader!
Dit is het, want God zègt het.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 juni 1990

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Dit is het!

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 juni 1990

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's