Dienend getuigen – Getuigend dienen
Nog niet zolang geleden besprak ik met enkele jongeren op een avond over het onderwerp 'jeugddiakonaat' de vraag, of de dienst aan de naaste ook echt wel een getuigenis kan zijn van de liefde Gods. Deze vraag maakte veel los bij de jongeren. Iemand merkte op: 'Naastenliefde is een kwestie van instelling, dat doe je, of dat doe je niet'. Een ander reageerde met de opmerking: 'Wat is dan het onderscheid tussen medemenselijkheid en diakonaat' (dienen vanuit het geloof). Tenslotte een derde reactie: "Waaruit blijkt het gij geheel anders, waarover Paulus spreekt in onze dienst aan de naaste?" Voldoende vragen om hierover een enkele opmerking te maken. De kernvraag is eigenlijk: 'Gaat er vanuit onze naastenliefde, getuigenis van uit en kan ons getuigenis (van de hoop die in ons is) volstaan met een daad (zonder het Woord)'?
Geloof zonder werken
Jakobus zegt heel duidelijk, dat er geen geloof kan zijn zonder de werken. Het geloof zonder de werken is dood. De werken komen als het goed is voort uit het geloof. Geloven kan niet op grond van de werken. Maarten Luther was het, die de werken in een heel ander licht heeft gezet. Het lijkt allemaal even duidelijk en overbodig aan deze vragen aandacht te schenken. Toch is het gesprek hierover zoals bovenstaand is weergegeven niet eenvoudig. Moet je dan eerst geloven, bekeerd zijn om je naaste lief te hebben? Blijkt in de praktijk vaak niet, dat niet-gelovigen soms veel humaner zijn dan christenen? We zeggen het weleens: "Van hem of haar, deze of gene instelling kun je veel leren".
Een andere moeilijkheid is, dat er weleens de angst aanwezig is, dat naastenliefde of diakonale hulp zonder daarbij het Woord te laten spreken, niet gezien wordt als "goede werken" waarvan Jakobus spreekt, maar gezien wordt als humanitaire hulp op horizontalistische basis.
Hulpverlening is dan radicaal veraardst en staat niet in het kader van Gods Koninkrijk. Inderdaad is er het gevaar, dat diakonale hulp of naastenliefde plaats kan vinden met het oog op een paradijs hier op de aarde. Het onderscheid tussen deze hulp en de hulpverlening vanuit humanitaire organisaties is dan ook niet zo groot. Hulpverlening vanuit het geloof heeft een veel diepere dimensie. Deze hulp is immers gericht met het oog op de komst van Gods Koninkrijk. En dat reikt veel verder dan het hier en het nu! Die hulpverlening is grensoverschrijdend.
Hoe ziet het nu met onze dienst als getuigenis van het geloof? Met de werken, die voortkomen uit dàt geloof? Wat zijn dat dan voor werken? Laat ik allereerst maar opmerken, dat we op dit terrein maar niet al te veel pretenties moeten hebben als christenen. Er gaat nog wel eens wat mis met die liefdedienst. 'We zijn', zo verkondigde eens een predikant, 'eerder geneigd elkaars oren te wassen, dan elkaars voeten.' Inderdaad moeten we stellen, dat het voetenwassen, een neerbuigende houding aannemen naar de ander, ons niet zo best ligt. Dat zit van nature niet in ons! We hebben Gods genade en liefde nodig om het wèl te doen, om ècht te leren zien door de ogen van de onderliggende. Die daad getuigt!
Omdat deze daad namelijk niet los staat van God zelf en Zijn Woord. Die daad komt voort uit het 'Doet gij desgelijks!' Zo'n daad kost ook iets van onszelf: een offer, afstappen van ons voetstuk, de ander uitnemender achten dan onszelf en meer dan dat. Een voorbeeld van iemand uit Brazilië maakt duidelijk dat het zelfs nog meer kan kosten.
Een bewuste keus
Het is Dona Domingas, een vrouw verdreven uit het Amazonegebied. Zij zegt: 'Ik heb van m'n zevende jaar moeten werken bij de rijken. Ik kreeg bij alles de schuld. Ik deed niets goed. Het eten? Er mankeerde altijd wel wat aan. Al het heerlijke dat over was moest ik op een schaal doen en opvoeren aan de hond. Wat daarvan dan over was, kreeg ik. De armen in mijn land worden onderdrukt. Onze strijd is werken om te overleven. De indianen moeten weg uit het Amazonegebied. De bomen worden er gekapt voor de hardhoutindustrie. Grote groepen van het platteland komen naar de stad om er te overleven. Er is niemand, die naar deze grote groepen omziet. Er is armoede, veel armoede. We leven in krotten en kartonnen huisjes. Ik probeer me in te zetten voor de armen. Dat heeft me mijn huwelijk gekost. M'n man vond dat ik maar één recht had en dat was te zorgen voor hem. Ik moest gaan werken dan kon hij drank kopen. Ik koos voor het lot van m'n arme naaste'.
Dit voorbeeld toont ons een bewuste keus. Het gericht zijn op de ander is niet alleen een kwestie van instelling, maar ook een bewuste keuze. Die keuze heeft weer alles te maken met onze levenshouding. Met onze praat en onze daad. Dienend getuigen is te zien aan onze ogen, onze mond, onze handen, en onze voeten. Het gaat om een houding waarvan Paulus spreekt als hij zegt: 'En de voeten geschoeid hebbende, met de bereidheid van het Evangelie'.
Waarom kiezen?
Waarom die bewuste keuze? Ik denk, dat het ten diepste gaat om het bewogen zijn om het lot, het behoud van die ander, zowel geestelijk als materieel. Omdat we weten, dat onze naaste ook schepsel van God is, en niets meer of minder zijn dan wijzelf zijn! We hebben de ander op het oog, omdat God de ander en onszelf op het oog heeft. Vanuit Zijn liefde, bewogenheid en ontferming voor ons, putten wij liefde voor de ander! Door die houding, verrijken we ons eigen geestelijk leven. We kiezen voor de ander in navolging van onze Heere God. Hij kiest elke dag weer opnieuw in Zijn algemene goedheid voor ons! Dat er nog zoveel barmhartigheid en gerechtigheid mag plaatsvinden op deze aarde, komt ten ene male nooit van ons. Het is Zijn eigen werk en Zijn genadige ontferming over deze wereld. Het is een wonder van genade, wanneer God ons gebruiken gaat in Zijn liefdedienst. Liefde voor de ander! Wonderlijk iets is dat! Niet te begrijpen! Hebben we niet van onszelf! Anders wordt het toch 'goede werken' doen op basis van humanitaire doeleinden. Door de verzoening met Christus, gaat er iets tintelen in ons leven van Zijn goedheid voor mensen, voor onze naasten, die wij daardoor op het oog krijgen. Op het oog voor de eeuwigheid en voor het hier en nu! Wijzen we heen naar het kruis op Golgotha, maar bieden ook tegelijkertijd ons 'rijdier' aan, zoals de Barmhartige Samaritaan de gewonde bracht naar de dichtstbijzijnde herberg!
Hoe kiezen?
Kiezen vanuit de liefde Gods. Liefde, die niet afgunstig is, maar lankmoedig, goedertieren en gericht op de ander. Liefde, die niet eerst m'n eigen straatje schoon veegt, maar het straatje van de ander. Kiezen vanuit Gods liefde is alle dingen verdragen, niet boos worden, niet onszelf zoeken, geen kwaad van de ander denken, niet verbitterd zijn, maar datgene wat ons handelen, denken, lopen, praten en werken verandert in het voordeel van de ander!
Daarvoor is veel gebed nodig. Vragen aan God: 'Leer mij o God van zaligheden, mijn leven in Uw dienst besteden'. Bidden om de leiding van Gods Geest, om kracht en wijsheid om niet het meest, maar het minst voor de ander te kunnen betekenen. Veel vraagt de Heere niet. De Heere overvraagt ons niet! We overvragen elkaar soms veel te veel in de kerk, binnen het diakonaat! In de weg van het gebed gaan onze ogen open voor kleine zaken, die klein lijken, maar voor de ander van levensbelang kunnen zijn. Kiezen voor de ander is het organiseren van ontmoetingen met de ander. Ontmoetingen zijn heel wezenlijk voor het dienend getuigen. Dat organiseren kost best moeite. Mag ook wel, want geloven kost ook wat.
Heel concreet: ons openstellen voor de naaste dichtbij en ver weg. Open-huis houden, of 'Open huizen' creëren. Iemand echt toelaten in je eigen leven d.m.v. een wederzijds gesprek, een ontmoeting van mens tot mens, van hart tot hart, waarbij je weten mag: niet twee zijn er hier aanwezig, maar God is erbij! En als het van God komt, dan is dienen werkelijk getuigend dienen! En dat is oneindig veel meer dan medemenselijkheid alleen! Vraag dat maar aan de buurman of buurvrouw! Overigens: zijn echte ontmoetingen in onze gemeenten niet weer heel hard nodig in deze tijd onder elkaar? Vooral tot opbouw van de gemeente, maar ook, ja dàt vooràl ook: voor de eenheid onderling?
Zou dàt ook de bedoeling zijn, van een kerkeraad, die onlangs besloot om op een gemeente-avond het onderwerp van de 'voorbede' eens aan de orde te stellen?
Bidden om de leiding van Gods Geest, Die leden van Zijn gemeente gaat bewerken om getuigend te dienen en dienend te getuigen. Want ook dat is een taak: bidden voor de ander en voor elkaar.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 juli 1990
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 juli 1990
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's