De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De prediking van dr. H. Goedhart

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De prediking van dr. H. Goedhart

Doorleefd onderwijs (1)

10 minuten leestijd

Inleiding
In enkele artikelen wil ik proberen iets door te geven van het 'doorleefde onderwijs' van dr. H. Goedhart in leven hervormd predikant in Reeuwijk, Middelharnis en Rotterdam-Delfshaven en later docent in Limuru (Kenia) en korte tijd in Ede. Daarbij maak ik gebruik van in mijn bezit zijnde preken, bijbellezingen, artikelen en schetsen, maar óók van persoonlijke herinneringen.
Waarom nu aandacht voor zijn onderwijs? Omdat zijn prediking — gestempeld door de reformatie en de beste vertegenwoordigers van de nadere reformatie en zeker niet zonder invloed van ds. I. Kievit van Baarn — een duidelijk eigen gezicht had. Er was niet alleen sprake van een zeer grondige exegese, maar ook van een brede toepassing van Gods Woord. Daarbij werd het maatschappelijke leven en wat daarmee samenhangt niet vergeten, maar werd ook diep geboord in het geestelijke leven. En geestelijk leven was vooral leven uit en leven met de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Er was geen sprake van 'gemeente-theologie'. Integendeel, de misstanden in het godsdienstige en geestelijke leven zowel naar links als rechts werden uit de Schriften aangewezen. Leer en leven gingen hand in hand. Grote nadruk werd gelegd op de zekerheid van het heil in Christus.

Geloofszekerheid
Onlangs las ik in een krant een verslag van een lezing van ds. Murray, waarin gewezen werd op het grote belang van de prediking van de geloofszekerheid. Ik citeer: 'Hij hield de conferentiegangers voor dat de predikers die het meest mogen betekenen voor de kerk des Heeren diegenen plegen te zijn die de meeste zekerheid des geloofs hebben, en dat houdt ook in dat zij het meest de gemeenschap met God beoefenen.'
Toen ik dat las, dacht ik onmiddellijk terug aan de intree-preek in Delfshaven over Romeinen 15 : 29: en ik weet, dat ik tot u komende, met volle zegen van het evangelie van Christus komen zal.' Deze preek was vol overtuiging en zekerheid, die van binnenuit kwam omdat ze van Boven kwam. Toen een vriend na de dienst mij een vraag over de preek stelde, antwoordde ik: Daar heb ik nu eigenlijk al zo lang op gewacht. Dit is het!
Een enkel jaar later op Kerstavond in Delfshavens oude kerk werd de zekerheid geboren, toen de Rechter de Gever werd van Zijn Zoon in de onvergetelijke preek over Johannes 1. Zekerheid in de Eniggeborene, vol van genade en waarheid. Dan hebben we het niet meer van horen zeggen, maar het zelf uit Zijn Mond gehoord. Deze zekerheid — van een geheel andere orde dan zelfverzekerdheid — was typisch voor zijn prediking. Geen enkele grond vóór en buiten Christus. Uit een preek over 2 Thess. 2 : 16 en 17 citeer ik: Hij heeft ons liefgehad. Er is niemand op aarde, die onder woorden kan brengen, wat de inhoud van deze korte uitdrukking is. God heeft ons liefgehad! Ons — die vijanden waren door het verstand in de boze werken. God, de heilige en de rechtvaardige. Wie hiervan iets ondervindt, wie de liefde Gods kent in zijn leven, kan niet anders dan beschaamd, verwonderd, diep gelukzalig het hoofd buigen. Hij heeft ons alzo liefgehad, dat Hij Zijn eniggeboren zoon gezonden heeft, gegeven heeft tot in de dood. In de eeuwigheid, toen wij nog niet bestonden, heeft Hij ons liefgehad in Zijn eeuwig voornemen, in Zijn verheven en aanbiddelijk raadsplan. Wij zien het, maar doorgronden het niet en nooit... Hij liet de evangelieboodschap tot ons komen. Waarom tot ons, terwijl anderen ervan verstoken bleven? Omdat Hij ons heeft liefgehad, zonder dat er in ons enige aanleiding was. Hij deed ons het Woord horen en geloven. Dat is God tot wie Paulus bidt om troost en kracht voor de gemeente. Hij riep de zijnen uit de duisternis tot het licht. In Zijn onnaspeurlijke liefde heeft Hij ons bekendgemaakt onze vijandschap door Zijn Heilige Geest. Het was Zijn liefde, die ons toonde, dat Hij een grimmig Rechter moest zijn. Het was Zijn liefde, die ons in berouw deed buigen. Toen wij weenden over onze zonden, was het Zijn goddelijke liefde, die onze tranen vloeien deed. Dat wisten we toen niet, maar — Gode zij eeuwig eer — we weten het nu... Zijn liefde trok ons en we kwamen tot Christus. In Zijn verzoenend lijden en sterven zijn onze zonden bedekt, weggenomen voor eeuwig. Door Zijn opstanding zijn wij gerechtvaardigd voor Hem. Hij heeft ons liefgehad en Zijn Heilige Geest gegeven, die ons heiligde tot lidmaten van Zijn Eniggeboren Zoon. Er is zaligheid in onze ziel, niet om de gaven, niet om de redding uit het verderf alleen, maar tenslotte hierom: God heeft ons lief­ gehad! En daarin heeft Hij ons gegeven: troost voor het heden en hoop voor de toekomst.'

In een preek over Coloss. 1 : 14 'in Wie wij de verlossing hebben door Zijn bloed, namelijk de vergeving der zonden' wordt uitvoerig over dat 'hebben' gesproken. Het is niet een aardse manier van hebben, het is niet een systeem, het is niet vol van twijfel. Hebben is een vaste grond onder de bevende voeten hebben. Het hebben van rust in de beloften. God beloofde het. Zijn beloften zijn verankerd in Christus. Niet wij hebben de verlossing omdat we het verdiend hebben, maar omdat Christus Zijn bloed gegeven heeft. De gelovige heeft alles in God door Christus. En dat wordt beleefd. We zijn door het geloof verlost van angst en zonde, van hulpeloosheid en vrees — ook van de vrees zich te bedriegen — met God bedrogen uitkomen is onmogelijk.
Sommigen hebben hem weleens verweten — maar dat gebeurt meestal achter je rug — dat hij te veel predikte voor Gods volk. Gode zij dank, dat deed hij ook. Maar hij predikte hen niet naar de mond. Ik citeer: Ook voor geredde zielen moet worden gepredikt. Zij hebben nodig schriftuurlijke onderwijzing, leiding, bescherming tegen dwaalgeesten. vermaning. Gods volk wordt vaak vergeten, omdat men vreemd is aan geestelijk leven. Hier ligt voor de prediker een schone taak. Ook zij hebben de prediking nodig. Niemand verheffe zich er boven.' En in dezelfde preek over 1 Corinthe 1 : 23 en 24 wordt toch de gemeente in al haar geschakeerdheid niet vergeten. Gods kinderen in een ongelovige gestalte worden vermaand om het niet te zoeken in vertrouwen op wetsvervulling, op ervaringen en op een 'overgeestelijk' leven, waarin de Schrift van haar kracht, de eis van haar klem, de belofte van haar troost. God van Zijn eer beroofd wordt. Degenen die het 'ervoor houden', die in eigen kracht geloven, wordt verkondigd dat het kruis van Christus voor hen een dwaasheid is. De prediking was duidelijk en onderscheidend. Je zou het doorleefd onderwijs kunnen noemen. Ik citeer: Dan zouden wij niet moeten weten, hoe zalig het is met God te verkeren, vertrouwelijk met Hem te zijn en het moede hoofd te laten rusten aan Vaders hart. Dan zouden wij niet moeten weten wat een vrede het geeft een verzoenende Heere aan te hangen, die de schuld heeft vergeven en vergeeft, die ons hier reeds iets doet smaken van Zijn goedheid. Er zijn geen woorden voor om de innerlijke vreugde te schetsen, die zulk een gemeenschap met God geeft aan het gemoed van de zwervende christen op aarde. Zo krijgen wij bevinding van Gods wegen, die wij immers hebben leren kennen, naar Zijn genadebevel: en Hem in al uw wegen...'
Tot in zijn laatste preek over Mattheüs 13 : 44-46 — gehouden kort voor zijn overlijden — straalt de geloofszekerheid door. Eén van de kenmerken daarvan is de vreugde in God. 'We moeten die blijdschap in het geloof niet verwaarlozen. Dat is een belangrijk kenmerk. Het gaat er in de Bijbel zo dikwijls over. We verheugen ons over Jezus, zoals die ploeger over die schat en de koopman over de parel. Ik loof Hem en ik ben verheugd in Hem. Want ik ben tot Hem getrokken! En Hij was het, die trok. En ik werd van de zonde verlost. En Hij was het, die mij verloste. Ik werd rechtvaardig voor God en ik kwam in gemeenschap met God te staan. Want Hij was het, Die stierf aan het kruis. Ik ben vreugdevol in de Heere, want ik ben Gods kind. En Hij, de Heere Jezus Christus, leidt mij!'
Het mag duidelijk zijn, dat in een prediking waarin de geloofszekerheid geen ondergeschoven positie innam, de rechtvaardiging meer dan eens ter sprake kwam. Hoe zou dat in een Bijbelse prediking ook anders kunnen?

De rechtvaardiging
In één van zijn talloze bijbellezingen besprak hij n.a.v. Romeinen 5 : 1 de vraag: Is de rechtvaardigmaking noodzakelijk?
Rechtvaardigmaking of zoals hij liever sprak rechtvaardiging is de rechtvaardigverklaring door God van een schuldige zondaar alleen om de verdienste van Christus. In het kader van slechts enkele artikelen kan ik niet weergeven wat gezegd wordt over de verdorvenheid van de mens, de rechtvaardigheid Gods en de vrijspraak van de Rechter en gehoorzaamheid van Christus. Waar het mij om gaat is dit, dat vanuit de Schrift wordt aangetoond dat de rechtvaardiging èn van Gods kant bezien èn van onze kant bezien onmisbaar is.
Van Gods kant gezien is de rechtvaardiging noodzakelijk vanwege Zijn toorn tegen de zonde. Zijn evangelie-bevel en vanwege de toestand van vijandschap tegen God. En van de zijde van de zondaar bezien is zij nodig niet alleen vanwege de schuld, maar ook vanwege de zelfhandhaving. Het gaat erom, dat een vijand van God een kind van de Koning wordt. Die noodzakelijke verandering vindt plaats in de rechtvaardiging, die zo helder en klaar geleerd wordt in b.v. art. 23 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis en Westminster Catechismus en vooral in de Schrift. 'Hoe beklagenswaardig is de kerk van heden, waar dit licht zo menigmaal ontbreekt en men hoe langer hoe meer, onder diepzinnige en schijnvrome voorwendsels de mens vertroost buiten schuldvergeving en geloof in Christus om.'
In mijn inleiding schreef ik, dat de prediking van dr. Goedhart gestempeld was o.a. door de reformatoren en de beste vertegenwoordigers van de nadere reformatie, die geen grond legden in de zogenaamde toeleidende weg. Is er dan geen toeleidende weg? Er zijn naar de Schrift toeleidende wegen, wegen waarlangs zondaren tot het geloof komen. En dat mag best in de prediking doorklinken en dat deed het ook. Maar in de toeleidende weg (waar de zondaar overigens geen verstand van heeft!) ligt geen grond. Een prediking die stelt: je bent op de weg, alleen je weet het nog niet, is zielsmisleidend. In zijn boekje 'Het wezen des geloofs' verwijst dr. Goedhart naar J. Owen, die zegt: 'Wanneer dan mensen vallen onder geestelijke overtuigingen en beroeringen van gemoed en geweten, uit hoofde van hun zonde en schuld, moet het ons werk niet zijn hen te vertroosten, waardoor zielen in die toestand misleid worden, maar hen voort te leiden om te geloven, opdat zij uit het geloof gerechtvaardigd zijnde, vrede met God verkrijgen, hetwelk is hun eigenlijke vertroosting.' (in zijn werk over de Heilige Geest, boek IV, hoofdstuk 3, par. 3)
In een bijbellezing over Lukas 4 : 18 en 19 onder de titel 'Mag men verslagen zielen troosten?' worden behartenswaardige opmerkingen gemaakt over hoe men zielen in de prediking kan misleiden en leiden. Daarin haalt hij een aantal voorbeelden aan, ontleend aan het boekje 'Een Leidsman tot Christus of hoe men zielen moet besturen die werkzaam zijn tot bekering' van dr. S. Stoddard, een boekje waarvan hij zelf schrijft het in veler handen te wensen. En ik wil dat graag krachtig onderstrepen.
Het luistert in de prediking nauw, ja zeer nauw. Het gaat in feite om waarachtige geloofsbevinding of niet.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 augustus 1990

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

De prediking van dr. H. Goedhart

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 augustus 1990

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's