De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Aleid Schilder aan het dwalen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Aleid Schilder aan het dwalen

6 minuten leestijd

Bij de titel
De titel is niet bedoeld om mevrouw Aleid Schilder (ik laat het mevrouw nu verder weg) te diskwalificeren. Het tegendeel is het geval. Zij heeft voor haar tweewekelijkse column in 'Trouw' zelf de titel Dwalen gekozen. Een aantal van die stukjes is nu gebundeld, uitgegeven door Kok Kampen. In totaal zijn het 33 korte hoofdstukjes. Een enkele ervan heb ik in 'Trouw' gelezen. Ik kan niet nagaan of ze alle eerder zijn geplaatst en of er nog veranderingen in zijn aangebracht. Ik vermoed dat dit niet het geval is. Mevrouw Mary Michon heeft een kort voorwoord geschreven. Zij heeft iets verteld over haar relatie tot Aleid Schilder en over wat zij het boeiende in haar vriendin vindt.

Een manier van leven
Maar nu de titel. Het boekje draagt dus dezelfde titel als de rubriek in 'Trouw'. Aleid Schilder geeft met 'dwalen' een typering van haar manier van in het leven staan en gaan. Ze heeft, zoals uit het stukje 'Afscheid' (blz. 76-78) blijkt, afscheid genomen van wat haar vroeger als zekerheid werd voorgehouden. Uit het boekje blijkt — het is sterk autobiografisch — dat ze na een periode van weerzin tegen God, kerk en godsdienst, toch weer religieus is (geworden).
Opmerkelijk is het echter dat de titel Dwalen niet zozeer betrekking heeft op die tussenperiode. Neen, ze gebruikt het (werk)woord vooral voor de periode waarin ze nu verkeert. Ik geef een wat lang citaat. In dit citaat is de boodschap van heel het boekje samengevat. 'Er is een grondig afscheid nodig van die stellige uitverkorenheid, inclusief het ervaren van gemis, woede en verdriet — rouw dus — alvorens ruimte kan ontstaan voor onzeker-weten en voor groepen die minder van het eigen gelijk zijn overtuigd. Pas later kun je de verrijking beleven. Niet alleen emotioneel, doordat je diepte hebt doorleefd. Ook rationeel betekent het rijkdom door een overtuiging of ideaal te zijn heengegaan en te kunnen en mogen "weten" dat op deze wereld niet zoiets bestaat als De Waarheid, maar dat je dwalende jóuw weg en waarheid kunt zoeken.' (blz. 77 v.).

Bevrijdend in plaats van onderdrukkend geloof
Het zal de lezer niet verwonderen dat er op verschillende bladzijden zware kritiek geleverd wordt, op wat ik maar zal noemen het traditionele godsbeeld van de gereformeerde belijdenisgeschriften. Men zie vooral het 'zure' slot op blz. 90 van het artikel 'Ruimte voor vrouwen'.
Dwalen betekent voor Aleid Schilder ruimte zoeken en vinden, zich ontdoen van een onderdrukkend geloof en blij zijn in onzekerheid. Vooral dit laatste wordt benadrukt. Twee korte citaten: 'Dit geloven voelt niet aan als vlucht in zekerheid, het is tegelijk te zeker en te onzeker. Ik mag twijfelen en toch is het zo duidelijk, zo helder en verheugend. Bovendien bevredigt het mijn redenerend vermogen; allerlei oude puzzelstukken vallen passend in elkaar.' (blz. 68). 'De richting is wel duidelijk en de leidraad voor nu eveneens. Leidraad, geen draaiboek. Want absoluut is hier letterlijk niets.' (blz. 96).
De schrijfster beleeft kennelijk plezier aan haar dwalen. Toch kan men zich afvragen of er in dit woord niet meer zit dan de schrijfster ermee uitgedrukt wil hebben. Immers, blijkens het woordenboek (Van Dale) betekent dwalen op zijn gunstigst: zonder bepaald plan rondlopen; in ongunstige zin: ongemerkt zich verwijderen van, en zelfs een valse mening hebben, zich vergissen.
Wie dwaalt kan gemakkelijk afdwalen en verdwalen. Bovendien, de slotzin van het laatste citaat is niet waar. Er is ook voor haar immers wel iets absoluut, namelijk dat dwalen een zinvolle, vreugdevolle, en tot op zekere hoogte zekerheid scheppende levenshouding is.
Dit boekje is een geweldig autobiografisch en authentiek getuigenis van de zekerheid omtrent de onzekerheid. Dat is het gewaad waarin ze haar nieuwgevonden religie verhult èn openbaart. De schrijfster vertelt over allerlei alledaagse ervaringen en belevenissen. We krijgen een blik in haar agenda, in haar reizen, in de omgang met kinderen en familie.
Dit boekje zal veel hedendaagse mensen aanspreken, denk ik. Waarom? Omdat het zo vol staat van alledaagse ervaringen, van uitgesproken of verstolen protest tegen orthodox geloof. Wat mensen in verband met de Bijbel niet meer acceptabel of beleefbaar vinden, wordt opzij geschoven.
Het zal ook toespreken omdat het zo levensecht is (authentiek), tot en met het spreken over 'bijna ongesteld' (blz. 32). Mensen zullen in deze charmant en vaardig geschreven belevingen zichzelf herkennen en zich eraan optrekken.
Mijn moeite bestaat hierin, dat er in dit boek niet gesproken wordt over een Woord dat van andere kant, dat van God komt. Naar mijn stellige overtuiging kunnen wij met woorden van onszelf en van anderen niet toe. Hoezeer wij onszelf in hun authenticiteit herkennen, zij zijn onvoldoende. Alleen wat God tot ons spreekt, belovend en bevrijdend, rechtvaardig en genadig, dat biedt houvast. In een moeilijke weg heb ik zelf ervaren, hoe het donker alleen verdwijnt, als God met Zijn Woord het licht doet doorbreken. Om het wat toegespitst te zeggen: als een mens aan de grens van zijn leven komt, en hem wordt gevraagd: Waar kom je vandaan? kun je dan volstaan met te zeggen: Ik heb verrukkelijk gedwaald, want niets op deze aarde is immers absoluut?
Er is, Gode zij dank, een andere werkelijkheid! 'Ten dage dat ik riep, zo hebt Gij mij verhoord; Gij hebt mij versterkt met kracht in mijn ziel'. (Ps. 138 : 3). 'Ik heb het zelf uit Zijne mond gehoord.' God zoekt dwalende schapen op, om ze bij Hem te brengen.

Een persoonlijke opmerking
Met het bovenstaande zou ik deze bespreking kunnen besluiten. Toch wil ik er nog iets aan toevoegen. Aleid Schilder noemt de naam van Prof. Douma en van mij in zeer negatieve zin. Wij zouden ons standpunt vereenzelvigen met God. Prof. Douma in zijn boekje over aids, en ik in uitspraken over heroïnehoeren. Wij zouden veroordelend over hen gesproken hebben en de eerste steen (nog wel heel gemakkelijk) hebben geworpen (blz. 26). Prof. Douma kan voor zichzelf spreken. Wat mijzelf betreft, herinner ik mij dat ik eenmaal voor de radio en een keer voor de tv er toe uitgenodigd ben (!) om iets over heroïnehoeren te zeggen. De context van dat gesprek was niet een zedelijk oordeel over deze vrouwen te vellen, maar in te gaan op de vraag in hoeverre de samenleving iets mocht doen tegen het besmettingsgevaar dat zij voor anderen vertegenwoordigen. Alleen vanuit dat gezichtspunt heb ik iets over de relatie heroïnehoeren — samenleving gezegd.
Mevrouw Schilder schuift mij een houding in de schoenen, die de mijne niet is en waaraan ik ook nimmer uitdrukking heb gegeven. Er zijn meer media, waarin iemands naam misbruikt wordt. Het klinkt in de oren (en de ogen) van bepaalde mensen goed, om iemand van hoovaardij, zelfrechtvaardiging en dergelijke te beschuldigen. Het is altijd hetzelfde liedje! Soms voelt men zich vogelvrij verklaard! Het is nu eenmaal zo, dat wie dwalende is, minder trefbaar is dan wie een standpunt zoekt èn vindt. Toch brengt dit feit mij er niet toe met Aleid Schilder aan het dwalen te gaan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 september 1990

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Aleid Schilder aan het dwalen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 september 1990

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's