De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

8 minuten leestijd

Recent verscheen een uitgave bij Kok in Kampen, waarin alle Kerkzegels van de Gereformeerde Kerken in Nederland staan afgebeeld. We laten hier volgen wat wordt geschreven over 'Het kerkelijk zegelgebruik' waarna enkele kerkzegels zijn afgebeeld.

'Toen ten tijde van de Hervorming plaatselijk gemeenten werden geïnstitueerd, ontstond weldra de behoefte om uitgaande brieven en attestaties met een herkenningsteken te waarmerken. In verband met de godsdienstige strijd was het van groot belang dat de echtheid van deze door de kerkeraad uitgegeven documenten vaststond. In deze tijd was de zegelkunst echter wel over haar hoogtepunt heen, zodat er weinig meer van kunstzinnigheid sprake was.
De kerken der Hervorming ontleenden hun symbolen veelal aan bijbelteksten. Hierdoor werden de gelovigen er nog eens op gewezen de Bijbel te lezen en te onderzoeken. Behalve dit inhoudelijke verschil met de Rooms-Katholieke zegels was er ook nog het vormverschil. Katholieke zegels waren vaak in een ellips-vorm (in verband met de afbeelding van meestal staande heiligen), terwijl de protestantse zegels volstonden met de cirkelvorm (wellicht als zinnebeeld van Gods oneindigheid en eeuwigheid).
Vanaf het begin heeft de synode van de toenmalige Gereformeerde Kerk zich bemoeid met de totstandkoming en uitvoering van de provinciale en ook plaatselijke kerkelijke zegels. Na de invoering van de nieuwe organisatie in 1816 (Algemeen Reglement der Nederlandsche Hervormde Kerk) werd de behoefte aan een plaatselijk eigen kerkelijk zegel sterker gevoeld.
In deze tijd werden ook enige richtlijnen gegeven waaraan een kerkelijk zegel zou moeten voldoen. Later (Woldendorp, 1961) werden de richtlijnen nader uitgewerkt. We noemen hier een aantal:
1. Omdat het zegel een naam teken is, behoort normaliter de naam van de gemeente in het rand- of omschrift te worden vermeld. Onjuist is het om de naam der gemeente weg te laten. Het zegel is dan geen naamteken meer.
2. Regel is, dat in het midden van het zegel uitsluitend een afbeelding staat, veelal een symbool, en dat alles wat geschreven staat, het legendum dus, er omheen in de rand wordt geplaatst.
3. Het zegel moet het karakter dragen van de kerkelijke gemeente waarvan het de vertegenwoordiger is. Er moet verband zijn tussen de gemeente en haar zegel. Dat verband kan worden gevonden in een bepaalde eigenschap van de gemeente of de speciale taak, waarvoor deze zich geplaatst ziet. De eigenschap of die taak kan verband houden met de geografische ligging, b.v. aan een zee of op een heuvel.
4. Het zegel moet wijzen op Christus, op de inhoud van een bijbeltekst of op een sacrament. Op deze wijze kan van de afbeelding op het zegel, eventueel verduidelijkt door de in het omschrift vermelde tekst, verkondiging uitgaan.
5. De wijze van uitbeelding moet geen aanleiding zijn tot spotternij of de lachtlust opwekken.
6. Het symbool moet verstaanbaar zijn, ook voor hen, die geen klassieke opleiding hebben genoten. Zo zal een in het Latijn gesteld omschrift wel officieel en gekleed staan, doch slechts een voor een ieder begrijpelijk zegel zal de aanschouwer tot nadenken brengen en hem wellicht doen besluiten die tekst In de bijbel op te zoeken en in zijn verband te lezen.
14. Als de gemeente niets eigens heeft, neme men een silhouet (geen perspectief tekening) van haar kerkgebouw, mits het iets typisch heeft.
Wat betreft de uitvoering kan nog opgemerkt worden dat de kerkzegels in vroeger tijden vaak in lak werden gestempeld (enkele kerken doen dit tot op heden nog), later werd het zegel hoofdzakelijk in zwarte inkt gedrukt of gestempeld. Slechts een enkele kerk heeft een zegel in kleurendruk.'

[Zie afbeeldingen]


Eén van de regionale ambtsdragersvergaderingen van de Gereformeerde Bond werd gehouden in Zaandam in de Westzijdekerk. Deze kerk is echter beter bekend onder de naam 'Bullekerk'. Hier volgt de beschrijving van de historische achtergrond van deze naam, overgenomen uit het boekje 'De Kruyskerk van Westsaerdam', dat door de Kerkvoogdij van hervormd Zaandam recent is uitgegeven i.v.m. het 350-jarig bestaan van de kerk.

'De stier van boer Jacob Egh brak los, omdat het beest schrok van jongens die in de buurt aan het vliegeren waren. Egh probeerde zijn stier te pakken te krijgen, maar dat lukte niet. Daarom greep hij een bootshaak, in de hoop het dier op die manier in het nauw te kunnen drijven en weer vast te zetten. Hij verwondde de stier echter, waarop het beest steeds woester werd. Jacob Egh moest zijn aanvallende rol opgeven, waarna de stier hem op de horens nam. Trijn Jans, de echtgenote van Jacob, kwam haar man te hulp. Haar verschijning op het veld mocht niet baten: de stier keerde zich tegen haar. Trijn was hoogzwanger en daardoor waarschijnlijk niet erg wendbaar. In ieder geval kon ook zij niet aan het woeste beest ontkomen. Zij werd eveneens op de horens genomen, waarbij haar onderbuik werd opengereten. Als gevolg daarvan werd het kind, als bij een keizersnee, geboren. Egh en zijn vrouw overleden aan de verwondingen van het ongeluk binnen anderhalve dag. Het kind werd in de Nieuwe Kerk ten doop gehouden door de Schout, maar overleed negen maanden later.
Het ongeluk heeft indertijd – het gebeurde in 1647 – veel beroering gewekt onder de Zaankanters. Het nieuws ging verder als een lopend vuur en werd over de hele wereld bekend. Het gebeuren werd op allerlei manieren vastgelegd. Er zijn kopergravures van gemaakt, het werd op koppen en schotels vastgelegd en er zijn zelfs in China borden gemaakt waarop het ongeluk is weergegeven. De geboorte van het jongetje zal daar niet vreemd aan zijn geweest, want waar tref je een ongeluk dat een levende ten gevolge heeft?
Feit blijft inmiddels, dat de Westzijderkerk aan dit nare voorval de bijnaam Bullekerk heeft overgehouden. De ouders van de boreling werden in de kerk begraven onder zeer grote belangstelling. Is het daarom dat de schilder vele tientallen mensen op de dijk vlak boven de rug van de stier schilderde? In de paar minuten waarin het drama zich voltrok kunnen er zich niet zoveel mensen op de dijk hebben verzameld.
De grafsteen waaronder Jacob Egh en zijn vrouw, en later hun zoontje, werden begraven ligt nog steeds in de kerk, direkt naast de oostelijke ingang. Er staan nog slechts vage omtrekken van een stier op.
Nog zoiets onbegrijpelijks. Tientallen mensen staan op de dijk de slachting te bekijken. Terwijl er links op het schilderij, op maar enkele meters afstand een paar mannen, met hun rug naar het strijdtoneel gekeerd, een praatje maken alsof er niets aan de hand is. Zij kunnen notabene de volgende slachtoffers zijn! En waarom doen ze niets om Jacob en Trijn te ontzetten?
Nee, de schilder was geen groot kunstenaar, zoals ook uit de vlakverdeling blijkt.'

[Zie foto]

De linker tekst luidt:
Op den 29 Augustus 1647 sijn Jacob Egh en Trijn Jans (echte man en wijf)
(woonende) in 't quartier van West-Zaandam aan de Zeeburgh (...) (doorde) Woetheijt van haar eijgen roode Stier, dewelke in 't veld aghte(r haar huijs)
(van 't) Zeel lôs geraakt was, in suicken voegen
Aangerand, Gestoten (en Gescheurd)
dat zij beijde daarvan zijn komen te overlijden op den (laatsten)
(Augustus) des voorschrevenen jaars, namentlijck de voornoemde Trijn Jans (vijf uren tijds)
(na) haar Man; zijn beijde ter Aarde bestelt alhier in de nieu(we Kerk)
Trijn Jans op het uijterste Swanger gaande wiert bij den (Stier) (op den) hoornen genomen, omhoog geworpen, en haar buijk van de linkerheup opgescheurt soo dat door dezelve opening de vrught (uyt) (haar) lighaam gerukt en in een waterplas geraakt was, leggen(de de moeder)
(en het) kind, beijde levendig ontrent een huijslengte v(an malkander).
verscheyden: Het Kindt alhier gedoopt sijnde met de naam (Jacob is) (van) den 23 may 1648 gestorven en bij zijn ouders Begraven.

De rechter tekst is een rijmwerkje:

(Ter eeuwiger) Geheugenisse
Als men schreef sestienhondert (zeven en veertig) Siet!
Is 't Augustus (20 en 9 te) Westzaandam geschiet
Dat een Stier (wreed) en boos (niet) eens maar menigmalen
(Zijn meester werpt omhoog en) doet hem aan veel qualen
(De vrouw komt om den) man te helpen uyt dees' noot.
(Hij doet haar des)gelijks en scheurt haar op de schoot
(Waardoor een jo)nge soon seer schielijk komt tevoren
(Lag van de Moe)r in 't veld vier vaam door des Stiers toren,
(Dees man en) sijne Vrouw na Sesendertig Uren,
(Moeste met groo)te pijn beijde de Doot besûren.
(En 't ongeboren Kind)t heeft geleeft Maande negen
(Is doen mede ge)rust, genietend 's Heeren zegen.

In sierlijk schuinschrift staat linksonder:
Door 't woede van een Stier Wierd Jacob's Eghte (wijf)
(Een k)raamv(rouw in het veld, een) weeuw en zielloos lijf

En rechtsonder:
Hieronder leijt de Moer en Vaer
en 't ongeboren bij makaar.
Y.P.C.


In een geschrift over New Age, uitgegeven door het Gereformeerd Confessioneel Beraad, troffen we de volgende 'Tabel van de belangrijkste verschillen tussen Bijbels christendom en New Age pantheïsme':

[Zie tabel]

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 oktober 1990

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 oktober 1990

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's