Samen Eten
Van Overzee
n.a.v. Hand. 2 : 46
Het is bemoedigend post van overzee te krijgen. Te merken dat er verbondenheid is tussen daar en hier, doet ons goed. Een vrouw schreef ons vanuit haar kamer in een bejaardentehuis: 'Als ik over die grote nood lees, die er in Peru is, dan krijg ik zo'n machteloos gevoel en dan rijzen er vragen omhoog: waarom toch? Dan zitten we koffie te drinken en je hoort gemopper over het eten. Er mankeert volgens de mensen hier van alles aan. Ik werd het zat en zei: Het zou heel goed zijn als we eens in de derde wereld gingen kijken, dan zouden we het waarderen hoe geweldig goed we 't hier hebben. Ik kreeg 't volgende antwoord: Wij wonen hier en we hebben verder niet met daar te maken. Ik ben bang dat er velen zijn die zo denken en de woorden dankbaar en tevreden niet meer kennen'. Tja...
Als je momenteel onze gemeente bezoekt zul je er 's middags zo'n 200 kinderen aantreffen die — dankzij hulp van de Noorse regering — één maaltijd per dag ontvangen. Ontroerend gezicht: al die smoezelige kindersnoetjes, allemaal op de knieën voor de bankjes op het schoolplein. Uit enorme pannen wordt opgeschept. Het lijkt wel een kinderfeest. In deze crisistijd in de kerk samen eten is een teken van het koninkrijk Gods. Een teken dat de ellende weerspreekt en het Woord naspreekt dat zegt, dat er onder ons geen arme mag zijn (Deut. 15 : 4).
Het viel mij op bij de voorbereiding van een Avondmaalspreek over Hand. 2 : 46, dat het samen eten met verheuging en eenvoudigheid des harten één van de weersprekende tekenen is van God en één van de welsprekende antwoorden van de eerste christengemeente op de crisistijd die men beleefde. Mij hielp een vergelijking van de instelling van het Paschamaal in Ex. 12 en 13, het maaltijd vieren van de eerste christengemeente en ons samen eten in de kerk. Het valt op, dat de waarde van het samen eten oplicht tegen de donkere achtergrond van de crisistijd. De pascha-maaltijd vindt plaats op het eind van de serie van de 10 plagen, zweepslagen of rampen die over Egypte gaan. Het samen eten achter de met bloed bestreken deurposten was Góds gebod èn antwoord op haar bedreigde bestaan. Zo alleen is redding. Het samen eten van de eerste christenen las ik daarom ook weer tegen de achtergrond van de donkere wolken die zich over Israël samenpakten en van de bliksem van Gods toorn over de zonde op Golgotha. Het volharden o.a. in het samen eten is het antwoord van de Geest op de nood der tijden. Zó worden mensen gered (vs. 47 slot). Het citaat van Joël in de preek van Petrus gaf me te denken. De uitstorting van de Geest staat ook tegen de achtergrond van de negatieve tekenen: bloed, vuur en rookdamp; de zon die veranderd wordt in duisternis en de maan in bloed. Alleen wie voor de komst van de te vrezen dag des Heeren de Naam des Heeren aanroept, zal gered worden, (vs. 21).
En nu in Peru eten we weer samen: een 'olla comun' (= een gezamenlijke pot) midden in een crisistijd, d.i. een tijd die om een beslissing roept. Veel mogelijkheden zijn er nu ook juist weer om te evangeliseren. We herkennen ons in Hand. 2 en worden er ook door aangespoord om vol te houden. Jezus Christus wil present zijn als wij samen eten met verheuging! De Heilige Geest heeft ook dit uitgestort wat we kunnen zien en horen: samen eten met verheuging en eenvoudigheid des harten. Dit samen eten kan op drie soorten maaltijden slaan: de gewone dagelijkse maaltijden thuis, de liefdemaaltijden van de gemeenteleden en de maaltijden des Heeren.
Heerlijk is het om hier mee te maken dat het Heilig Avondmaal niet los staat van andere maaltijden. Zo kan het Heilig Avondmaal de andere maaltijden heiligen. Zo kunnen we leren eten met verheuging en eenvoud des harten in plaats van met gemopper en hoogmoed. De Heilige Geest leert ons zo dankbaarheid. Dankbaarheid: een schaars woord. Niet te koop. Wel te krijgen. Gratis. Wie eenvoudig van hart is gemaakt, heeft niet zoveel noten meer op zijn zang, leert wat ontvangen is en leert God ervoor te eren. Het wordt tijd dat we weer opnieuw leren onze dagelijkse maaltijden met het Heilig Avondmaal in verband te brengen. Een vorm die ons kan helpen is het leren samen eten in de kerk. Of vaker samen eten met anderen. Niet alleen met je beste vrienden. Een gast aan tafel kan betekenen, dat de Geest ons gaat bewerken.
Omgekeerd kan het vaker samen eten onze vieringen van het Heilig Avondmaal ook verrijken. De onderlinge gemeenschap, die bestaat bij de gratie van de gemeenschap met Christus, kan dieper beleefd worden als we tijdens het Avondmaal elkaar aan durven kijken, als we met en voor elkaar kunnen bidden en als we onze dankbaarheid kunnen uiten. Samen als broeders en zusters van hetzelfde huisgezin Gods. Als we elkaar kennen van het met elkaar eten in onze huizen, zullen we ook dieper de maaltijd des Heeren vieren in het huis Gods. Er gaat zo'n geweldige troost vanuit om midden in de crisistijd met elkaar de maaltijd te vieren. Als teken dat het woeden van het ongeloof, het waaien van de koude wind van de secularisatie en de economische en ecologische rampen weerspreekt. Alleen als we samen leren eten met gejuich en eenvoudigheid des harten, kunnen we volharden tot de dag des Heeren komt. Dan zullen alle geredde 'simpele zielen' de bruiloft van het Lam vieren. Dan zal er geen honger en geen dorst meer zijn! 'Gezellig' en 'gezaligd' samen eten liggen dichter bij elkaar dan we wellicht denken.
Als we hier en daar het wonder van Gods genade voor zondaars en bedelaars maar dieper leren verstaan.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 november 1990
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 november 1990
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's