De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

9 minuten leestijd

Cand. J. Geene, voorganger in de Julianakapel (hervormd-gereformeerd) te Oude Pekela, schreef voor de Universitaire Faculteit voor Protestantse Godgeleerdheid te Brussel een scriptie ter verkrijging van Licentiaat In de Protestantse Godgeleerdheid. De titel is Beminden om der vaderen wille; 'een bijdrage tot de visie op de Joden in de Nadere Reformatie n.a.v. Rom. 11 : 25-32'.
Het geschrift bevat een aantal sprekende citaten van theologen vroeger en nu:

• 'En ach! als de Heere de kerk van Nederland, ook eens zal verwerpen en verstrooijen, gelijk het Joodsche volk, dan zullen wij, zo eene vaste en zekere belofte van God niet hebben, als zij hebben dat Hij ons, na vele dagen, nog eens weder zal bekeeren en aannemen.'
Th. van der Groe

'Maar daar is een toekomst voor dit volk! Deze namelijk, dat het eens de kroon op de Kerk en de kroon op het werk Gods van alle eeuwen zal zijn.'
W.L. Tukker

• 'Zou in de chaos van de tegenwoordige volkerenwereld en in het ontzaglijk verval van het christendom Israël een nieuw middelpunt van genezing der volkeren kunnen worden en niet alleen van genezing der volkeren, maar ook van de kerk en de christenheid?'
Dr. A.A. van Ruler

Verder loopt de studie uit op de volgende stellingen van Geene zelf:

1. In Rom. 11 : 26 bedoelt 'heel Israël' het volk der Joden.
2. Het is ongerijmd in de brieven van Paulus anti-Joodse tendenzen te willen aanwijzen, daar hij juist vermaant zich niet in hoogmoed boven de Joden te verheffen.
3. De beweging der N.R. had een meer dan gewone belangstelling voor het Jodendom vanuit het geloof in de vastheid van Gods verkiezing en beloften.
4. Het zicht op de onverbrekelijke trouw aan Israël, heeft iemand als J.C. Voetius er niet van kunnen weerhouden deze trouw in maatschappelijk opzicht te negeren. Hier heeft de onderscheiding tussen kerkelijk en theologisch anti-judaïsme (semitisme) zin.
5. De aandacht voor Israël bij verschillende vertegenwoordigers der N.R. mag bij hun navolgers in de twintigste eeuw niet leiden tot verheerlijking van het verleden, maar moet veeleer brengen tot de belijdenis de trouw van Israëls God te hebben veracht En wel tegen licht en beter weten in.
6. Zowel de Reformatie, als de Nadere Reformatie is via de Zuidelijke Nederlanden in de Noordelijke Nederlanden gekomen.
7. De term bevindelijke prediking is een pleonasme.
8. Veel prediking zou aan 'kracht' winnen, indien de prediker de woorden van O. Noordmans ter harte nam: Wij prediken niet over kwesties, ook niet over de kwestie van God, of van Jezus. In de prediking Is de zekerheid, die alleen aangevochten kan worden. (Twijfel en zekerheid; in Verzameld Werk II, p. 166.)
9. De aanduiding 'vrijwilliger in het pastoraat' is te sociologisch van aard.
10. Theologie-studenten Ijehoeven meer dan gewone pastorale begeleiding.


In Bijbel en wetenschap schreef drs. N.C. van Velzen (E.H.) het volgende over Werelddierendag (4 okt. I.I.):

'Op 4 oktotier hebben wij Werelddierendag gevierd. De poes kreeg wat lekkers, de hond werd verwend en de kinderen gaven het konijnehok een extra goede beurt. Zo zal het in veel gezinnen gegaan zijn. Onzin, hebben anderen wellicht gezegd, wij kunnen beter een Wereldmensendag vieren, want vele mensen op de wereld hebben het slechter dan onze huisdieren. En zeer protestants voelende mensen hebben moeite met 4 oktober, omdat op die datum de heilige Franciscus van Assisi herdacht wordt Paapse superstitiën, hoor ik deze of gene mompelen.

Goddelijke opdracht
Mijn vader was tamelijk anti-papistisch, maar met Werelddierendag had hij geen moeite, integendeel, van jongsaf heeft hij mij liefde voor dieren bijgebracht. Hij deed dat op zijn eigen onnavolgbare wijze. Doorkneed als hij was in de Schrift, leerde hij mij waar in de Bijbel opgeroepen wordt om dieren te beschermen. Die lessen gaf hij terloops, zomaar op straat. Een voorbeeld: kort na de Tweede Wereldoorlog zag je in Rotterdam, waar ik mijn jeugd heb doorgebracht, nog veel paard-en-wagens. Onze schilleboer kwam altijd langs de deur met een gammele kar waarvoor een schonkig paardje stond. Als zijn paard niet snel genoeg opschoot, stond hij te vloeken en sloeg hij het beestje onbarmhartig met de zweep. Als mijn vader dat zag, citeerde hij Spr. 12 : 10: "De rechtvaardige kent het leven zijner beesten, maar de barmhartigheden der goddelozen zijn wreed". Denk erom, zei hij later tegen mij, dat je dieren nooit vertrapt op mishandelt. Wij weten dat "het ganse schepsel te zamen zucht en te zamen als in barensnood is tot nu toe" (Rom. 8 : 22), voegde hij eraan toe, een diepzinnig woord dat ik als kind nog niet goed begreep. Zo leerde hij mij de Goddelijke opdracht om goed te zijn voor de dieren.

Franciscus van Assisi
Op een keer kwam ik van de markt thuis met een boek over Franciscus van Assisi, Ein Streiter Jesu Christus heette het. Kun je dat lezen, vroeg mijn vader argwanend? Het was Duits, en bovendien gedrukt in de oude Frakturletter. Het ziet er nogal rooms uit, zei hij, nadat hij de plaatjes had bekeken. Ik stelde hem gerust met de mededeling, dat het een protestants boek was in een serie 'Christliche Lebensbilder', waarin ook William Booth en Nikolaus von Zinzendorf waren opgenomen.
Ik heb veel uit dat boek geleerd, ook over dierenbescherming. Later heb ik meer boeken over Franciscus gekocht. We hebben veel te gauw de neiging om Franciscus af te doen als een wat typisch roomse, kinderlijke figuur waar we als protestanten geen boodschap aan hebben. Ik citeer ter overweging het volgende uit een studie van A. van Corstanje, Franciscus, bijbel der armen (1976): "De dierenverhalen uit het leven van Franciscus hebben nog steeds niet de aandacht gekregen die ze verdienen. Ze worden meestal behandeld als lieve trekjes van zijn natuurverbondenheid of als sprookjes voor de jeugd. Misschien worden wij er vandaag weer gevoelig voor, nu steeds meer diersoorten met ondergang worden bedreigd en het hele ecologische systeem in de war raakt.
Franciscus leert ons dat de schepselen er niet allereerst zijn om geëxploiteerd en geconsumeerd te worden, maar dat ze naar God verwijzen."'


In In die Skriflig (Tijdschrift van Die Gereformeerde Teologiese Vereniging, Zuid-Afrika) troffen we het volgende in een bijdrage van J.H. van Wijk over 'Teologie en Renaissance':

'Moet ons met Jodocus van Lodenstein (1620-1677) saamstem dat "God alles en die mens niks" is (vgl. 1 Kor. 3 : 7)? Dit bring ons voor die teologiese vraagstelling te staan of daar vanuit 'n konkurrensiemotief, die mens óf God (vgl. Van der Walt, 1956), of vanuit 'n verbondsperspektief, die mens én God, gedink moet word. Inderdaad is dit moontlik dat van die mens te véél gedink kan word (outonomisme), maar daar kan ook van die mens te mín gedink word (vgl. Barth, 1960: 94 e.v.). Die gevolg is dat die mens verslaaf en mishandel kan word, dat daar teen hom gediskrimineer kan word, selfs deur Christene, en wel op so 'n wyse dat min van die menslike oorbly. Die Bybelse mensbeeld teken die mens ónder God maar bó die skepping, ja, as die kroon van die skepping, selfs as "byna goddelik" (Ps. 8 : 6). Wel word die mens ook in sy onmag en sonde uitgebeeld, maar dan ook in sy verlossing en heerlikheid. Nooit word ontken dat die mens, ook die gevalle mens, beeld van God is en dat hy God in hierdie wereld moet representeer en reflekteer nie.
Aan die ander kant is die Bybelse Godsbeeld ook nie onmenslik nie. Die Bybel vertel ons van die "filantropie" van God, sy mensliewendheid (Tit. 3 : 4), ja van sy liefde vir die kosmos (Joh. 3 : 16). God hoef dus nie onmenslik te word om nog God te bly nie. Hy het sy Seun laat mens word juis om die wêreld te red.
Ongetwyfeld, die mens kán hom teen God verhef, hy kan hom van God losmaak, soos in die atéïstiese humanisme inderdaad gebeur het, maar hy kan ook as verbondsmens God dien daarin dat hy die heil en welsyn van sy medemens soek. Dikwels het daar in die geskiedenis van die mensdom sekulêre bewegings ontstaan as 'n protes teen 'n kerk wat in vormdiens vasgeval en van naasteliefde en medemenslikheid vergeet het. Die Christelike leer is wel nie humanisties nie maar tog voluit humaan.'


Het Zuidafrikaans is een kostelijke taal. Dezer dagen ontving ik een boekje met Zuidafrikaanse woorden en hun vertaling. Het boekje heeft de aardige titel 'Lekkerleeslijs'. Hier volgen een aantal saillante voorbeelden.

appelkoosmaag = ingewandstoornis
beeldradio = televisie
bleskop = iemand met een kaal hoofd
blokkiesraaisel = kruiswoordraadsel
bokhaarsokkies = geitenharen sokken
bymekaarkomplek = verzamelplaats, ontmoetingsplaats
deurmekaarspul = mengelmoes, chaos
drukspyker = punaise
flaterwater = correctie-vloeistof
hysbak = lift
inklimgordel = step-in
inlêstrokie = stortingsbewijs
kameelperd = giraf
kieliebakkies = oksels
kleinkoppie = trek bang zijn
klinknaelbroek = spijkerbroek
krimpvarkie = egel
kroostrooster = baby-sitter
kuiergaste = logés, logeergasten, visite
lawaaiwater = sterke drank
lekkerluisterliedjie = chanson
lugwaardin = stewardess
mondwater-lekker = heel erg lekker
muurhorlosie = wandklok
naweekplasie = weekeindhuisje
opstopstoel = fauteuil
oupagrootjie = overgrootvader
saamtrek = bijeenkomst
skemerkelkie = cocktailparty, bitteruurtje
smulkroeg = snackbar
spuitvliegtuig = straaljager
stokkielekker = lolly
stootskraper = bulldozer
toeknoopbaadjie = vest van pak, kostuum
tongknoper = moeilijk uit te spreken woord
uitsaaikorporasie = omroeporganisatie
verkleurmannetjie = kameleon; iemand die met alle winden meewaait
voordeurklokkie = deurbel
watersuiping = drinkplaats voor dieren
windlawaai = opschepper
winkeltande = kunstgebit


Omdat in mijn hoofdartikel van twee weken geleden een verminkt cijfer met betrekking tot kerkgang in Nederland doorkwam volgt hier een stukje over zondags kerkbezoek in Nederland, ontleend aan Hervormd Nederland:

'Elk weekend gaan 2,7 miljoen mensen (22%) van 15 jaar en ouder naar de kerk. Dat is aanmerkelijk minder dan vroeger De daling is niet alleen te verklaren door kerkverlating. Ook het kerkbezoek van de kerkelijke Nederlanders zelf is sterk verminderd.
Al Is het kerkbezoek van alle kerkelijken bijeen genomen sterk teruggelopen, nadere uitsplitsing naar de verschillende kerkgenootschappen leert dat die teruggang vrijwel geheel op rekening van de katholieken komt. Was in 1960 's zondags nog ongeveer 83% van de katholieken in de kerk te vinden, in 1988 is dat nog maar 35%. Bij de hervormden is het kerkbezoek sinds 1960 toegenomen: ze gaan nu ongeveer even veel als de katholieken. Het kerkbezoek van de gereformeerden is slechts weinig verminderd. Ze zijn de meest frequente kerkbezoekers gebleven. Ongeveer 70% van de gereformeerden bezoekt 's zondags de kerk.
De verrassende toeneming in kerkbezoek van de hervormden is paradoxaal genoeg te verklaren uit de afkalving van deze kerk. De hervormde kerk bestaat uit een conglomeraat van zeer verschillende richtingen (modaliteiten) die lopen van zeer vrijzinnig (de vrijzinnig hervormden) tot zeer orthodox (de Gereformeerde Bond). Het zijn vooral de meer vrijzinnige leden, tevens de minst trouwe kerkbezoekers, die de kerk in de laatste decennia verlaten hebben. De kerk als geheel is daardoor relatief orthodoxer geworden, wat onder meer in het toegenomen kerkbezoek tot uiting komt. De gereformeerde bond binnen de hervormde kerk groeide bovendien ook absoluut gezien. Tussen 1972 en 1985 steeg zijn aantal predikantsplaatsen van 332 tot 393, respectievelijk 18 en 23% van het totaal aantal hervormde predikantsplaatsen.'

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 november 1990

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 november 1990

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's