Globaal bekeken
In Trouw stond een boeiend artikel over herder Willem Schouten uit Elspeet, die met zijn kudde doolt over de Stakenburgerheide. Het artikel draagt als opschrift 'Psalmen zingen op de heide. Uit dit stuk de volgende passages over 'Wilhelmina' en over 'Stilte':
'Ik heb diverse schaapherders gekend. Willem Mouw, een oom van mijn collega Kos was tot 1954 herder in Elspeet. Een prachtig mens in zijn donkere kostuum, een zwart zijden petje op het hoofd op zijn oude fietsje. Hij was zeer gelovig, maar zondags na de kerkdienst ging hij toch met zijn schapen de hei op. Daar hield hij dan zondagsschool. De kinderen kwamen uit verre omtrek naar hem toe om te luisteren naar de prachtige bijbelverhalen die hij op de hei vertelde. Veel mensen wisten hem daar te vinden.'
Wilhelmina
'Prinses Wilhelmina onderhield in de tijd dat ze koningin was al nauw contact met Mouw. Ze zocht hem regelmatig op. Op de Elspeter hei zijn vele theologische gesprekken gevoerd tussen die twee. Mouw liet zich daar nooit over uit. Alleen heeft hij eens verteld dat, toen Wilhelmina op een zondagmiddag op de hei schilderde, hij haar verwijtend vroeg of ze de andere dagen van de week geen tijd had voor die liefhebberij. De zondag was daarin zijn ogen niet voor. Mouw was niet brutaal, maar zei recht voor zijn raap wat hij dacht en Wilhelmina accepteerde dat van hem.'
'Mouw werd voor de begrafenis van Wilhelmina persoonlijk uitgenodigd. Terwijl alles en iedereen in het wit moest verschijnen, kreeg hij permissie in zijn zwarte pak naar Delft te komen.'
Stilte
'De mensen ontvluchten de stilte omdat ze dan met zichzelf worden geconfronteerd. Hier op de hei kun je jezelf niet ontlopen. Je hebt de tijd om na te denken over zaken van leven en dood. Het is toch prachtig als je elke dag zo in de natuur mag leven? Ik heb de tijd weloverwogen beslissingen te nemen, na te denken over zaken die op mijn weg komen, maar ook mezelf kritisch onder de loep te nemen. En ik heb hier tijd om te zingen.'
Willem Schouten houdt van zingen. 'Dat deden we vroeger thuis al rond het orgel. Samenzang in de kerk vind ik ook prachtig. Daarin kun je je emoties kwijt. Voor een koor hebben ze me nooit kunnen strikken. Dat is een kunstje leren en dat opvoeren. Het is niet echt. De menselijke stem is een instrument dat je kunt gebruiken op het moment dat je daaraan behoefte hebt en al naar gelang je je voelt. Op de hei loop ik ook regelmatig te zingen, psalmen vooral, maar ook geestelijke liederen.'
De eeuwen door zijn er kluizenaars geweest. 'Wat bewoog iemand om kluizenaar te worden?' vraagt Niek Bakker in zijn recent verschenen boek 'Eiland van heiligen en geleerden' (uitgave Oosterbaan en Le Cointre, Goes), over de Kelten in Ierland. Hier volgt het verlangen van een Ierse kluizenaar uit de negende eeuw, 'Het lied van de kluizenaar':
Ik verlang. O Zoon van de levende God, aloude, eeuwige koning.
Naar een kleine hut verborgen in de wildernis als woning.
Een zilverkleurig meertje om aan de oever te zitten.
Een heldere poel om de zonden weg te wassen door de genade van de Heilige Geest.
Dichtbij, daar omheen, een prachtig bos,
Om de veelstemmige vogels te verzorgen,
die in haar beschutting schuilen.
Uitzicht op het zuiden voor warmte,
een beekje over de bodem.
Een uitgelezen land met veel goedgunstige gaven
zoals ze goed zijn voor iedere plant.
Enkele verstandige mensen – we tellen hun aantal –
Nederig en onderdanig, om de Koning te aanbidden: –
Vier keer drie, drie keer vier,
genoeg voor wat nodig is.
Twee keer zes in de kerk, noord en zuid: *
Naast mij zes paar,
Aanbidden voor altijd de Koning
die de zon laat schijnen.
Een fijne kerk met wit linnen altaarkleed,
een woning voor God in de hemel:
Ook de kaarsen die branden
boven de wit heldere Schriften.
Een huis voor allen om zorg te dragen voor het lichaam.
Zonder lastertaal, zonder grootspraak,
zonder te denken aan wat kwaad is.
Dit is wat ik zou gaan verzorgen,
ik zou kiezen, en zal het niet verbergen:
Geurige prei, kippen, gevlekte zalm, forel, bijen.
Kleding en voedsel genoeg voor mezelf
en onze roemrijke Koning.
En ik zal de tijd ervoor nemen om op iedere
plaats tot God te gaan om hem te aanbidden.
* De van natuursteen opgetrokken kerkjes die bewaard zijn gebleven zijn klein en het is wel zeker dat deze niet bestemd waren voor samenkomsten van de kerkelijke gemeente. De kleinste nog bestaande kerk kan zelfs nauwelijks de twaalf bevatten die in het kluizenaarslied worden genoemd.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 december 1990
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 december 1990
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's