Een Zoon is ons gegeven!
Profetisch geboortekaartje
'Een Profetisch geboortekaartje' — zo zouden de bekende woorden uit Jesaja 9 : 5 en 6 kunnen worden getypeerd.
Het gaat om een zoon. En dan niet zomaar een zoon, maar een prins. Een koninklijk kind. Er staat immers direkt bij dat de heerschappij op zijn schouder is. We moeten hierbij, denken aan een scepter of sleutel die koningen vroeger op hun schouder droegen als teken van hun vorstelijke waardigheid.
Het geboren kind, de gegeven zoon is koning. Wanneer we de profetie goed tot ons laten doordringen, blijkt al gauw dat we hier met hoofdletters moeten gaan schrijven.
Het gaat hier om 'de beloofde Messias' (A. Hellenbroek).
Geboren is 'Zijne koninklijke Hoogheid', de troonpretendent, de kroonprins.
Zijn koningschap is een eeuwig koningschap: 'aan de grootheid van deze heerschappij en van de vrede zal geen einde zijn op de troon van David en in zijn koninkrijk — om dat te bevestigen, en dat te sterken met gericht en met gerechtigheid, van nu aan tot in der eeuwigheid toe'.
Er is dus geen evenknie van deze geboren Koning. Zijn koningschap is onnavolgbaar.
De profeet Jesaja heeft wel een bijzonder scherp vergezicht gehad toen hij 7 eeuwen voor Christus' geboorte dit profetisch geboortebericht mocht schrijven. Het lijkt wel alsof hij in de geest al bij de kribbe van Bethlehem heeft gestaan... Ja, maar dan is het toch in Jesaja's profetisch visioen zó geweest dat volle nadruk ligt op de macht, de heerschappij van dit Kind. We zouden kunnen zeggen dat eerste komst en tweede komst, nederkomst en wederkomst van Christus samenvallen in dit perspectief. Daardoor worden wij eraan herinnerd, dat wij bij de viering van het Kerstfeest niet uit het oog moeten verliezen dat het 'hulpeloos Kind, heilig Kind' de grote Zoon van David is. De kribbe staat in de schaduw van het kruis, maar ook in het perspectief van de kroon. Christus' komst in Bethlehem mag niet losgemaakt worden van Zijn voortdurend komen en onderweg zijn naar de voltooiing van het koninkrijk Gods. Jesaja's profetisch geboortekaartje helpt ons eraan herinneren dat gedenken nooit zonder verwachten kan zijn en dat de roep 'Maranatha' en de bede 'Uw koninkrijk kome' ook voluit op het Kerstfeest thuis horen.
Een Kind is ons gegeven, zeker, maar dit Kind is de Zoon, de Sterke, de Held die verlossen zal.
Veelzeggende namen
De grote Zoon van David krijgt namen mee die Zijn hoogheid uitzeggen.
Wonderlijke raad. Sterke God. Vader der eeuwigheid. Vredevorst. Dat zijn niet alleen maar 'epitheta ornantia', bijnamen en titels die als versiering dienen, franje dus. Neen, deze namen kenschetsen de Koning en Zijn rijk.
Verschillende uitlegkundigen zijn van mening dat bij deze tekst een vergelijking kan worden getrokken met een bepaald Egyptisch gebruik. Wanneer in Egypte een nieuwe farao werd ingehuldigd, kreeg hij een verheven naam die meestal uit vijf onderdelen bestond. Deze meervoudige naam gaf aan dat de farao een wereldwijde heerschappij werd toegedacht. Wanneer nu de gegeven Zoon op Davids troon ook zo'n vier- of vijfvoudige naam ontvangt, is Hij daarmee getekend als de Koning der koningen en de Heer der heren.
Hij is 'wonderlijke Raad' (Luther: Wunderrat), die het ongehoorde uitdenkt en tot stand brengt. Zo wordt ook van de Heere zelf gezegd: 'Hij is wonderlijk van raad. Hij is groot van daad' (Jes. 28 : 29).
Hij is 'sterke God', wat wil zeggen dat de grote kracht van God in deze Koning present en belichaamd is. Zo is in Psalm 24 : 8 de Heere Zelf de sterke en geweldige in de strijd. Verder heet Hij 'Vader der eeuwigheid' of 'eeuwige Vader'. Waarschijnlijk moeten we dit duiden als: Degene aan Wie de toekomst is. Die de geschiedenis stuurt naar Zijn plan. De Vader der toekomende tijden. Ook dit kan alleen gezegd worden van God Zelf, die is en was en komen zal.
De namen vinden hun hoogtepunt in het laatste: 'Vredevorst'. Deze naam wordt dan ook verder uitgewerkt in vs. 6. Hij zorgt voor sjaloom, vrede in de volle bijbelse zin van het woord. Dat is niet minder dan het gave, gezegende leven, verzoend met God en met de naaste.
Deze Koning zal als de meerdere Salomo een echte Vredevorst zijn, die Zijn gezag niet behoeft te ontlenen aan machtsmiddelen en wapengeweld, maar Zijn troon doet rusten op 'gericht en gerechtigheid', op recht en trouw.
Veelzeggende namen. Maar er is geen woord teveel gezegd. 'Geen woord is toereikend om ons Zijn reddende kracht en verlossende liefde uit te drukken' (E.L. Smelik).
Zalig wie deze grote Koning erkent en dient. Rampzalig wie Hem miskent en verwerpt!
Gods ijver staat er borg voor
Wij zouden ons kunnen voorstellen dat aan Jesaja indertijd de kritische vraag is gesteld: 'waar haalt u het vandaan dat er zo'n groot Koning zal komen op de troon van David? Hoe komt u daarbij? Niets wijst daar toch op in de donkere tijd waarin wij leven?'
Een donkere tijd was het inderdaad. Met name in bepaalde noordelijke streken van Israël — Zebulon en Naftali — was er grote nood. De Assyrische vorst Tiglat Pileser III had in deze gebieden hevig huisgehouden met zijn legers. Plundering, brandschatting, deportatie van mensen was aan de orde van de dag geweest. Wanneer we ons deze historische achtergrond wat indenken, begrijpen we misschien wat beter hoe wonderlijk en onwerkelijk Jesaja's profetie van de grote Vredevorst op de troon van David heeft geklonken. Zal het volk dat in duisternis wandelt een groot licht zien? Zal er een licht schijnen over hen die wonen in het land van de schaduwen des doods? Zal het ontvolkte land, waar de bevolking is gedecimeerd door de deportaties, weer vol inwoners zijn? Zal er weer echt feest gevierd kunnen worden, zoals op een oogstdag of zoals wanneer de buit wordt verdeeld nadat de vijand overwonnen is? Zal er weer vrijheid zijn voor hen die als slaven gebonden zijn en die zuchten onder het zware juk van de onderdrukker?
Zal er overwinningsvreugde zijn als op Midiansdag, de dag toen de Midianieten door de richter Gideon en zijn mensen in Gods kracht verslagen waren? Zullen de stampende en dreunende soldatenlaarzen echt verdwijnen? Zullen ze mèt de officiersmantels in het vreugdevuur verbranden? Zal er werkelijk vrede komen onder een goede, rechtvaardige Koning op de troon van David? Is dat niet te mooi om waar te zijn?
Zulke vragen zijn ongetwijfeld op de profeet Jesaja afgevuurd. Wellicht hebben verscheidene mensen spottend gelachen om zijn boodschap of er onverschillig de schouders over opgehaald. Koning Achaz van Juda had er ook al heel weinig fiducie in. Maar Jesaja's antwoord op alle kritische vragen en schampere opmerkingen was: 'De ijver van de Heere der heirscharen zal zulks doen'.
De 'ijver', qinná, dat is: de inzet van de Heere, de getrouwe God van het verbond, voor Zijn volk. En dat is een machtige inzet die alle tegenkanting van de duisternis overwint. Hij is immers de Heere Sebaoth, de Heere der heirscharen, die legioenen van engelen tot Zijn beschikking heeft.
Als Krijgsman zal Hij ten strijde trekken tegen de vijanden,
Calvijn zegt het heel treffend in zijn commentaar: 'God is hartstochtelijk bezig voor het heil van de Kerk. Daarom houden de gelovigen niet op te blijven hopen — ook al gaan Gods beloften hun begrip ver te boven. De Heere zal gloeien van onvergetelijke liefde voor de gelovigen en zorgen voor hun heil.'
Zie, daar verwacht Jesaja het van. Van het welbehagen des Heeren, dat gelukkig zal voortgaan. Van de raad des Heeren, die zal bestaan. Van de liefdesijver des Heeren, die het doen zal.
Verborgen heerschappij
Het zal een beproeving zijn geweest voor Jesaja dat hij zelf de geboorte van het Kind en de troonsbestijging van de Zoon niet meer heeft mogen meemaken. Het heeft nog 7 eeuwen geduurd. Maar Jesaja is in het duister blijven hopen op het licht van Jahwe, de God van Israël. En hij is — ons ten voorbeeld — ook van dat licht blijven getuigen.
Als gemeente van Christus weten wij dat de ijver des Heeren het gedaan hééft.
Naast het profetisch geboortekaartje is het evangelische verhaal en de apostolische verkondiging komen te liggen. Wij vieren daarom met vreugdevolle dank het geboortefeest van onze Koning.
Toch is het ook nú, bijna 20 eeuwen ná Christus' geboorte, donker in de wereld. Ik behoef het woord 'Golfcrisis' maar neer te schrijven of 'hongerwinter' of 'rassenonlusten'. Met angst en beven kijken we naar een datum als 15 januari 1991. Gaan we een nieuwe wereldbrand tegemoet?
Kerstfeest 1989 vierden we in intense betrokkenheid bij de revolutie in Roemenië, waarvan ds. Laszlo Tökes nu gezegd heeft, dat er een nieuwe omwenteling op zal moeten volgen...
Kerstfeest 1990 vieren we met niet minder intense aandacht voor de oplopende spanning in het Golf-gebied.
Waar is nu de heerschappij van de gegeven Zoon uit Jesaja 9? Soms zie je er even iets van, vaker is het totaal verborgen.
Maar ook vandaag komt het aan op het vertrouwen dat de ijver van Jahwe het doen zal. Bethlehem, Golgotha, Arimathea's hof zijn bruggehoofden van de komende Koning. Zijn verhuld koningschap wordt straks onthuld. Een Zoon is ons gegeven — en Hij stáát voor Zijn zaak.
Jesaja dacht aan de zoon van David, maar mocht Hem zulke namen toekennen, dat Hij daarmee uitsteeg boven elke menselijke maat. De gegeven Zoon is Gods eigen Zoon.
Maar óns gegeven en daarom Immanuël. Een Koning die oneindig verheven is boven Zijn volk, maar tegelijkertijd innig verweven met Zijn volk. Een Koning, die ons 't zaligst lot ver boven alle goden kan schenken. Van Hem mogen we het verwachten, nu en in alle eeuwigheid.
Deze verwachting geeft ons de moed en de kracht om te volharden in Zijn dienst. Dat wil zeggen: in dienst van de vrede, in dienst van echte toekomst, waarin God de eer krijgt en mensen mogen opademen in sjaloom.
Gelovige kerstfeestviering is geen 'escape', geen ontsnappingspoging uit de kille buitenwereld in een knus onder-onsje.
Het wil juist een stimulans zijn tot bewogenheid mèt en inzet vóór de wereld in nood, doordat we er opnieuw van doordrongen zijn: een Zoon is ons gegeven — Hij gaat vooraan op de weg naar de VREDE.
Bijschrift foto: De wortel van Isaï (in de Dom te Worm);naar hert geslachtsregister van Mattheüs 1.
Een rozenstruik groeit van de slapende Isaï omhoog. Links, naast Davis met de kap, Petrus.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 december 1990
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 december 1990
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's