Boekbespreking
Oecemenische ontdekkingen in het werk van O. Noordmans, onder redactie van G.W. Neven, J.H. Kok, Kampen, 1990, 124 blz. ƒ 24,50.
Nu er steeds meer van het werk van Noordmans in gebundelde vorm het licht ziet, komen er ook publicaties los over bepaalde aspecten uit zijn rijke gedachtenwereld. Dit boek richt zich vooral, de titel zegt het al, op de plaats van Noordmans in de oecumene en op zijn theologische bijdragen in de doordenking ervan. Een boekje dat, over het geheel genomen met vreugde gelezen is. Dit bundeltje gaat enerzijds terug op lezingen die in 1989 in Kampen werden gehouden, anderzijds op hetgeen uit studiegroepen in Kampen en op Hydepark werd geboren.
H.W.M. Rikhof schrijft eerst over Noordmans' artikel. Existentialisme als katholicisme, waarin diens houding ten aanzien van het gesprek Rome — reformatie aan de orde komt. Aangezien dit artikel een bespreking is van een boek uit klassiek rooms-katholieke hoek, is Noordmans' oordeel over de bruikbaarheid van begrippen als habitus en analogie negatief omdat ze worden afgelezen uit het menselijk zijn. Daar staat dan tegenover dat het Noordmans zelf is, die de mogelijkheid openlaat dat ooit de reformatie tot de Romana terugkeert en die spreekt van een anthropologie die desgewenst de theologie zou kunnen vervangen. Kritischer dan de schrijver van dit eerste artikel vragen we of Noordmans daarmee werkelijk zo dicht in de buurt van Thomas komt als deze voor waar wil hebben, en of de Thomas van Rikhof niet een wat vergoelijkte Thomas is, wat al te sterk geherinterpreteerd.
Het tweede artikel is van Margaretha H. Schenkeveld, en handelt over de literaire opstellen van Noordmans. Vanaf 1928 heeft Noordmans immers telkens litteraire artikelen gepubliceerd. Noordmans kleurt als een meester in hetgeen hij aan litteratuur onder ogen krijgt, ongeveer zoals de 'naïeve' bijbellezer zijn bijbel leest, zich weinig aantrekkend van historische critiek of dito situering. Dit doet dan denken aan de vrijheid die Noordmans ook in zijn meditaties neemt.
R. Hensen signaleert iets dergelijks op cultureel terrein, maar is minder mild in zijn oordeel. Noordmans veralgemeent zijn cultuur te veel, en let te weinig op de kritische stemmen uit die cultuur zelf, omdat hij zich te eenzijdig op de persoonlijke mens richt. Impliciet dus een pleidooi van Hensen de cultuurfilosofie theologisch wat meer serieus te nemen en niet uitsluitend met theologische waarde-oordelen te werken: er is méér dan zonde en genade alleen. Wij vragen dan: is ook de cultuurcritiek niet tevens een cultuurvrucht?
Het artikel van H.W. de Knijff over het calvinistische van Noordmans' visie op de oecumene vind ik een uitschieter, met name omdat de schrijver Noordmans' confrontatie met Newman aan de orde stelt. Het calvinistische ligt dan vooral in de wijze waarop bij Noordmans de bemiddeling van de heilsfeiten zich voltrekt: uitsluitend door de Heilige Geest. In verzet tegen humanisme blijkt Noordmans de stelling te wagen dat de reformatie ten diepste wortelt in de Romana voor zover deze niet zelf in humanisme is teruggevallen. Het wachten is zo op het wegvallen van de apostolische successie.
A. van der Kooi en G.W. Neven handelen over de betekenis van de liturgie bij Noordmans. Anders dan vaak gedacht wordt, met name door hen die Noordmans vanwege zijn nadruk op liturgische soberheid en op het Woord-karakter van de kerkdienst, spontaan in de hoek zetten van de calvinistische traditie, blijkt hier alles te scharnieren rondom de betekenis van de dood van Christus. Deze kan niet worden uitgebeeld, maar men kan er wel in beeldtaal van vertellen, in een verkondiging-in-meervoud. Het gaat Noordmans om het werkelijk doorgaan van het werk van Christus, ook in dood en graf, in tegenstelling tot een liturgie die tracht in beelden een leegte op te vullen die ten dienste is van na de dood van Christus. Zoals het Oosten in het mysterie vlucht, doet het Westen het dan in het spel dat de liturgische beweging van toen ons voorspeelde. In beide gevallen ligt achter de liturgie een in wezen niet overwonnen dood. Wij vragen: gaat het Noordmans niet meer om de verkondiging dan de schrijvers voor waar willen hebben?
Ik stipte slechts een paar zaken aan. Dit boekje doet trouwens zelf ook weinig meer: het is geen theologie van Noordmans. Wèl is het een bijdrage daaraan, hoewel tegelijkertijd de vraag rijst in hoeverre daarvan ooit sprake kan zijn, met zoveel elkaar doorkruisende gedachten en elkaar afwisselende ontwikkelingslijnen in de theologische arbeid van één leven.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 januari 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 januari 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's