De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Meditatie

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Meditatie

7 minuten leestijd

'En Hij zal U een grote toegeruste opperkamer wijzen. Bereid het aldaar.' Lucas 22 : 12

In de geschiedenis van onze tekst schittert ook de straal van Christus' bijzondere Almacht.
Wij weten niet wie die man was over wie Jezus het heeft. Volgens oude christelijke tradities was deze, Johannes Marcus, de evangelist Marcus, de zoon van een zekere Maria, die een groot huis in Jeruzalem had. Daar kwamen later de eerste christenen samen.
Als dit inderdaad waar is, openen zich hier schone perspectieven. Dan blijkt ook hier, dat hoewel de gemeente van Jezus vooral bestaat uit niet veel welgestelden, toch ook rijken hun bezit ter beschikking stelden in Zijn dienst. Johannes Marcus was een neef van Barnabas, later een reisgenoot van Paulus. Deze laatste was een Leviet. Was Marcus dit ook? Welnu, de Levieten deden dienst bij de rituelen in de tempel, ook bij de viering van het Pascha. Als nu Marcus de beheerder van het huis is geweest en bovendien Leviet, wat heeft hij dan de schoonste Levietendienst mogen verrichten. Het Pascha voorbereiden voor Jezus. Die als het Lam Gods heel de offerdienst gaat vervullen en effectief maken.
Of die huisbewaarder inderdaad Marcus is geweest, is onzeker. Zeker is, dat hij direct bereid was om voor Jezus en Diens discipelen dat bovenvertrek disponibel te stellen. Dat was op zichzelf iets groots. Tevoren had Jezus bij Zijn intocht in Jeruzalem als de Koning Israëls eveneens Zijn discipelen erop uit gestuurd om een ezelin voor Hem te requireren. Ook toen was de eigenaar terstond bereid. Hier gaat Jezus zich terugtrekken in de intieme sfeer — alleen met Zijn discipelen — om met hen het Pascha te eten. Als de Priester, Wiens weg straks leiden zal naar het kruis, waar Hij zich als het Lam zal laten offeren. Wat is ook die man in de tekst terstond bereid om zijn huis open te stellen. Klinken die woorden: 'De Meester zegt, waar is de eetzaal?', op een bijzondere wijze door in Zijn hart? Wat hij doet is moedig. Er heerste immers in Jeruzalem een gespannen sfeer, wat samenhing met Jezus' intocht. Zijn persoon en prediking! Toch doet hij dat! Hierin toont onze Borg en Middelaar Zijn bijzondere macht. Hoe diep ging het alles bij die man? In elk geval is hij in zijn bereidheid, — welke niet zonder gevaar was — een levend bewijs daarvan. Christus is als Hij wil machtig, mensen, ja, vijanden, te veranderen in vrienden en onderdanen. Hij bewerkt hen zo, dat zij hun huis en ook hun hart voor Hem openstellen.
Ook òns leven kan een teken zijn of worden van die macht van Christus. Met name betoont Hij die in de herschepping van ons hart en van heel ons leven. En wat zijn er gesloten vestingen. Maar Hij breekt ze open!
Het gebeurt maar niet zo, dat wij oprecht bedroefd zijn om onze zonden, daarin geen lust meer hebben en oprecht vragen naar de Heere en Zijn dienst. Het gaat niet zo maar, dat wij heilbegerig bezig zijn met Zijn Woord en worstelen om genade aan Gods troon. Het spreekt niet vanzelf, dat wij als schuldige zondaren vluchten tot Christus, al onze houvasten overboord werpen en ons in oprecht geloof aan Hem overgeven en Christus en Zijn dienst ons lief worden boven alles. Van nature is hiervan bij ons geen sprake. Dan houden de boze en de zonde, de afgoden van deze tijd, ons in hun dienst.
Wij kiezen daarvoor, zelfs tegen beter weten in. Wij zijn blind voor het schuldige en dodelijke hiervan. Het is Christus' macht, die dit bij ons radikaal verandert. Die macht is Hem reeds van eeuwigheid gegeven. Ze kreeg een bijzondere vaste rechtsgrond in Zijn offer aan het kruis. Hoe oefent Hij nu die macht uit als onze Heiland, door Zijn Woord en Geest!
Zo bewerkt Hij nu het anders onmogelijke: zondaren uit die verderfelijke dienst verlossen en hen brengen onder Zijn genadeheerschappij.
Ons leven geeft getuigenis van deze macht. Wat is ze ook ontdekkend, veroordelend, doch vooral vol van Zijn liefde. Zo wekt ze ook wederliefde bij ons tot Hem en Zijn dienst en de dienst van Zijn Vader, die om Zijnentwil onze genadige Vader wil zijn. De zegen in die dienst gelegen gaat alles te boven.
Maar ze brengt ons ook in een bijzondere strijd, innerlijk en naar buiten. Voortdurend hebben wij dan te maken met de antimachten, de boze en onze karakterzon­den. Daarbij komen uit de huidige samenleving allerlei vragen op ons af, die ons voor belangrijke beslissingen plaatsen. Daar is eveneens de geest van de tijd die zich almeer losmaakt van het Woord en de dienst des Heeren.
Het ontmoedigt ons, dat wij in deze strijd vaak onderliggen? Welke bemoediging ligt er echter in het feit, dat wij mogen weten en geloven, dat Christus' macht ook in dit opzicht geheel enig en volkomen is. Het is vaak nuttig dat wij in satans zeef gezift worden. Altijd is onze Heiland de boze een slag voor met Zijn gebed, opdat ons geloof niet zou ophouden. Hij richt ons op als wij wankelen en sterkt ons, als wij verslappen. Ja, Hij doet dit wanneer wij schuldbelijdend, het weer bij Hem zoeken.
En als zorgen, ziekten, zelfs de dood ons leven binnenkomen, dan wil Hij het juist waar maken, dat Hij ook dan machtig is, ons ten goede en tot Zijn eer. Dan baant Hij wegen, zelfs door de dood heen. Hoe nodig blijft het, dat wij Hem oprecht vragen om steeds een afhankelijk leven van Hem te leiden bij Woord en sacrament, in aanhoudend gebed.
Laten wij bij dit alles niet vergeten wat die man in onze tekst deed! Christus wil Zijn bijzondere macht als onze Zaligmaker toch ook hierin verheerlijken, dat Hij ons bereid maakt om onze tijd en gaven te stellen in Zijn dienst. Dit als uitvloeisel van het feit, dat wij onszelf geven aan Hem, Die zich eerst gaf voor ons!
Misschien is het bij u nog zo anders, dan bij die man in de tekst? Is er in Uw huis nog helemaal geen plaats voor Hem? Het staat er nog zo vol met alles en nog wat! Hij kan er zo niet meer bij! Uw leven is nog zo bezet met de tijdelijke dingen en met de begeerten van uw onveranderde hart dat niet echt naar Hem uitgaat. Laat staan, dat u er iets, ja, alles voor over zoudt hebben om Hem een plaats te geven. Maar Hij wil nog in zulke harten, — waarom niet in uw hart? — binnenkomen met Zijn Woord en Geest. Ontdekkend, richtend, doch als de Zaligmaker! Verhard u dan niet! Smeek Hem of Hij ook in uw hart zo wil werken, dat Hij daar een open deur en een plaats vindt!
Wij denken nog eens aan de bijzondere Macht van Christus. Hoevelen gaan nog voort in dit leven terwijl in hun huis en hart geen plaats is voor Hem? Daar is grote afval. Maar daar zijn ook de jonge ge­meenten, tekenen van de werking van Zijn Geest. Nog moet de eindstrijd gestreden worden. Maakt de boze zijn legermachten daartoe gereed? Wat betekent in verband hiermee de spanningsvolle situatie in het Midden-Oosten, waar Israël bijzonder bij betrokken is. Maar dit bemoedigt ons en doet ons niet bij de pakken neerzitten: op de troon zit Christus, onze Zaligmaker!
Hem is alle macht gegeven. Nog brengt Hij zijn volk toe. Eens gaat Zijn gericht over zijn vijanden. Hij herschept ook deze wereld tot Gods kroondomein. Daar wordt het grote Avondmaal gehouden. Zult u ook daarbij zijn?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 februari 1991

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Meditatie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 februari 1991

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's