Torenspitsen-gemeenteflitsen
HERVORMD OUD-ALBLAS
Aan Alblas zijn de namen verbonden van de geslachten Alblas, Hallincq, van der Mijle en (ten laatste) Blussé. Vanaf 1273 is Tablas of Alblaes lange tijd de Parochie-Kerk van de Waert geweest, verbonden aan het Capittel van St. Maria te Utrecht. Van het toenmalige kerkgebouw (aan de Noordzijde?) is in Dordt een tekening bewaard gebleven. In 1393 wordt de huidige toren gefundeerd. De kerk is van later datum, heeft te lijden gehad onder stormen, onweer en brand; en heeft zijn huidige vorm gekregen in 1841, met dien verstande dat er in 1853 een uitbreiding met 200 zitplaatsen heeft plaatsgevonden. In 1967 vond er restauratie plaats.
In 1584 kreeg Alblas haar eerste hervormde predikant: Johannes Blokkius (Blokhuis). Oud-Alblas moest hem delen met Alblasserdam, waar hij woonachtig was.
In 1600 werden de beide kerkelijke Gemeenten gescheiden. Het tableau met namen en jaartallen van predikanten vertoont het gebruikelijke beeld: zij stonden hier langer of korter. In de loop der eeuwen heeft de Alblasserwaard ('één grote badkuip') veel te lijden gehad van dijkdoorbraken met als gevolg: overstromingen. In 1953 werd de 33e geregistreerd. De bevolking van Oud-Alblas (toen ± 800 inwoners, werkzaam in o.a. visvangst, hennep- en veeteelt, alsmede onderhoud van dijken) heeft veel te lijden gehad onder deze rampen. Armoede en ellende waren het gevolg; predikanten zagen soms aanleiding tot boete- resp. dankpredikatiën.
Intussen was het gereformeerd gehalte der Gemeente niet meer wat het geweest was. In het begin van de 19e eeuw ontstond beroering rond de gezangenkwestie (weglopen, niet meezingen) maar m.n. rond Afscheiding en Doleantie rezen er spanningen. Ds. H.P. Scholte (predikant te Gorinchem) hield 14 augustus 1836 tweemaal een godsdienst-oefening in een boerenschuur (1 Petr. 2 : 9 en 2 Petr. 2 : 1) met ± 350 mensen. De roep tot Afscheiding vond uiteindelijk echter weinig gehoor in Alblas. Maar in 1853 komt wél ds. J.J. Knap naar Oud-Alblas, in 1856 opgevolgd door ds. A.P. du Cloux. Zij die bleven... En enige jaren na de Doleantie schrijft ds. J.D. de Lint van Wijngaarden over wijlen ouderling Jan Vlot: '... voor de gemeente tot grote steun. Hij ging de woelingen met kracht tegen en zo werd dan door Gods goedheid de dreigende scheuring in haar geboorte gesmoord.'
En zo heeft Alblas tot op de dag van vandaag één Kerk. Op een bevolkingsaantal van ruim 2.000 zielen zijn er bijna 1.600 hervormden en vele tientallen kerken elders. Duidelijk een 'kerks' dorp, derhalve. De Kerk zit zondags dan ook vol, twee keer. Maar in aanmerking genomen dat het inwonersaantal in de laatste decennia verdubbeld is, terwijl het aantal kerkgangers nominaal gelijk is gebleven, moet je ook hier met zorg een procentuele afname in kerkbezoek constateren: slechts ongeveer de helft van de hervormden is meelevend. Predikanten komen en gaan, de Gemeente blijft. Tot op de dag van vandaag ook in Alblas.
Eén Kerk. Een ideale, zij het soms spanning barende situatie. De Gemeente heeft iets van een veelkleurig palet: ouderwets en modern, 'licht' en 'zwaar', traditionalisme en de invloed van de evangelische beweging; alles zit in die ene Gemeente. Daarin mag het Werk voortgang hebben.
Vanuit de liefde tot die gehele Gemeente, het geheel in het oog houdend, ga je de weg die je vanuit het gereformeerd belijden meent te moeten en te kunnen gaan. Geen geringe belasting: dorpsdominee in een Gemeente van stedelijke omvang. Tegelijk betekent dat: een hechte, vaste kern van Gemeente-leden waar je op kunt 'bouwen'. Ruim 100 catechisanten; vele clubs en kringen waarin de verscheidenheid van de Gemeente zich manifesteert. Het verenigingsleven bloeit en met diepe dankbaarheid mag je constateren dat de grenzen tussen de diverse verenigingen niet meer zo waterdicht zijn als weleer. Je oor te luisteren leggend bij de jeugd is er hoop voor de toekomst: ze zijn bezig met Gods Woord en je mag hoop hebben dat de Heilige Geest bezig is met hen. Soms mag je de ritselingen van dat Werk bespeuren. 'In Oud-Alblas was vanouds veel geestelijk leven', zo zei iemand kort geleden. Het is niet uitgestorven. Het jeugdwerk is bijzonder goed gestructueerd opgezet. Onlangs werd er weer een Bijbelstudie-groep opgestart. Met veel animo is men daar begonnen met de studie van Prediker. Ook op het diakonale vlak waren er ontwikkelingen: door een plaatselijke werkgroep Hulp Oost-Europa (wijlen onze oud-predikant J. van Rootselaar stond destijds aan de wieg van die Stichting) worden transporten naar Roemenië verzorgd. Deze en dergelijke activiteiten (b.v. ook de jaarlijkse rommelmarkt) werken samenbindend en trekken ook mensen aan die anders niet zo direct bij het kerkewerk betrokken zijn. Zo zijn velen bezig in het Gemeente-werk, met grote trouw en inzet. Om je heen staat een biddende Gemeente. Je kunt het Woord kwijt; er is afname; in de Kerkeraad is er vaak een goed na-gesprek. Dat Woord er dan maar inwerpen, biddend om de doorwerking van Gods Geest. Want ook Alblas is een Gemeente buiten het paradijs; blz. 121 van het boek 'Zij die bleven' zou ook heden geschreven kunnen worden. We brengen vele uren per week door in 'Beréa', ons kerkelijk centrum dat aan alle eisen voldoet. Daar worden dagelijks de Schriften onderzocht en dat is goed. Soms vraag je je echter af of al onze kerkelijke activiteiten niet een godsdienstig excuus vormen om de stilte der binnenkamer te ontlopen...
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 februari 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 februari 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's