De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Actualiteit van het gereformeerd belijden (1)

Bekijk het origineel

Actualiteit van het gereformeerd belijden (1)

6 minuten leestijd

Op 13 februari l.1. hield prof. dr. C.A. Tukker van de hervormde classis Harderwijk een lezing over 'De actualiteit van het gereformeerd belijden'. We plaatsen deze bijdrage in twee afleveringen. Red.

Toen deze titel mij werd opgegeven door het moderamen van de classis Harderwijk, werd de wens erbij uitgesproken, dat ik het onderwerp op een niet-Polemische wijze zou behandelen. Dat polemische kan op mij slaan en het kan verband houden met het onderwerp. Het onderwerp heeft zich in verleden tijden geleend en leent zich nog tot een polemische toonaard, temeer daar gereformeerden — en hervormden zijn gereformeerden — meer dan andere benoembare christenen de neiging hebben om anderen niet-gereformeerd te noemen. De afgrenzing van wat gereformeerd is t.o.v. van wat het niet is, kan leiden tot polemiek.
In zo'n geval staat het echter te bezien wat gereformeerd inhoudt. Mijn leermeester dogmatiek K.H. Miskotte placht te zeggen: 'Je bent gereformeerd of je bent niets', maar hij haastte zich erachter te zeggen: 'Gereformeerd is een bijstelling bij katholiek'. U allen weet dat katholiek betekent: wat christelijk is, en dan over de hele wereld verbreid. In die zin behoeven we niet bang te zijn voor polemiek, want dan betreft gereformeerd niet een traditie die sedert de 16e eeuw bestaat, maar een die met het Evangelie gegeven is en in onze vroegchristelijke belijdenissen is verwoord.
Een tweede bepaling van wat deze inleiding bedoelt te zijn, is gegeven met het begrip 'belijdenissen' en het woord in de titel 'belijden'. Twee onderscheiden vakgebieden in de theologie houden zich met die woorden bezig: voor belijden is dat de Konfessionskunde — we hebben er niet eens een Hollands woord voor — en voor belijdenissen is dat de symboliek. Wij hebben het vanmorgen over de moeilijkste van die twee: het belijden als gereformeerd belijden.

1. Algemeen christelijk belijden — gereformeerd belijden
Het christelijk belijden in grote lijnen gekenschetst door twee punten: de Drieëenheid van God en de twee naturen van Jezus Christus. Dat hebben dus de christenen gemeen. U kunt het aflezen van de twaalf artikelen en nog duidelijker van de belijdenis van Nicea-Constantinopel en nog duidelijker van het Quicunque (het Athanasianum). De uitwerking van die twee punten gebeurt heel verschillend. Een lutheraan zal waarschijnlijk sterkere nadruk leggen op de Persoon en het werk van Jezus Christus en een calvinist of zwingliaan zal meer letten op de Persoon en het werk van de Vader als Schepper. Een oosters-orthodoxe zal zich in het wonder van de Drieëenheid zelf vermijen (hypostase weegt ook niet zo zwaar als ons 'persoon') en een charismatische christen, tot welke groep of gemeente ook behorend, zal vooral nadruk leggen op de Geest en Zijn werk. Wat de tweenaturenleer betreft, zal een oosters-orthodoxe de Goddelijke natuur van Christus benadrukken, terwijl het westen Zijn menselijke natuur minstens heel serieus neemt. Het is nu gereformeerd om waar mogelijk al die nadrukken samen te nemen. Waar mogelijk. Want er kunnen ook scheefgegroeide accenten, eenzijdigheden ontstaan. Juist in dat samenvattende en in dat denken vanuit verschillende onderdelen van de waarheid van God blijkt het gereformeerde belijden katholiek te zijn. En het is opdracht van dit gereformeerd-katholieke belijden om de eenheid van de delen der waarheid te bedenken en die eenheid te beoefenen in het kerkelijk leven. Voorbeeld is een brief van Calvijn aan Bucer i.v.m. de scheiding die zich terzake van het Avondmaal tussen Zwingli en Luther heeft voorgedaan. De brief dateert van 1538: 'Zijn (Luthers) fout is niet slechts zijn hoogmoedig smaden, maar ook zijn onwetendheid en groot zelfbedrog. Hoe dwaas ging hij bij het begin te werk, toen hij zei dat het brood het lichaam van Christus zelf is... Daarom als je bij Luther door gunst of aanzien iets kunt bereiken, zorg er dan voor dat hij zijn tegenstanders in de onzalige strijd liever aan Christus dan aan zijn eigen persoon onderwerpt... Hier gaat het erom dat ieder voor zich zijn dwaling eerlijk erkent... O, dat toch op mijn hoofd al die smaadwoorden konden vallen.
Dat dit gereformeerd belijden zo katholiek is, maakt tegelijk het betrekkelijke van het woord gereformeerd uit. Het reformata quia reformanda geeft er een grote bewegelijkheid aan binnen die hoofdpunten van christelijk belijden. En dit is de reden waarom bij tijd en wijle je mensen hoort zeggen, dat die en gene die niet de naam gereformeerd draagt, veel gereformeerder is dan een ander die dat etiket ongeveer van zijn geboorte heeft meegekregen. Gereformeerd is dus in de Konfessionskunde niet slechts een bijstelling bij katholiek, maar gereformeerd en katholiek vormen ook twee brandpunten in een ellips, nog liever twee polen waartussen de vonken overspringen. Ik mag dat zeggen, omdat er voor belijden en belijdenissen slechts één norm bestaat, namelijk de Bijbel. En de Bijbel is niet slechts norm, niet slechts canon fidei, als een wetboek, doch is een levende Stem die gehoord wil worden. Er springen slechts vonken over van de ene pool naar de andere, van het gereformeerde naar het katholieke en omgekeerd, wanneer naar die Stem gehoord wordt. Immers, dit gereformeerd belijden wil beleden worden. En de kracht van dit belijden kan slechts die Stem zijn, waar naar gehoord wordt. Status confessionis heeft een kerk, heeft een belijdenisartikel niet, indien de Stem des Heeren niet gehoord wordt.

2. De houding van belijden
Nu we al deze nuttige dingen hebben aan­gehoord, is het goed om aan onszelf vragen te stellen in de zin wat belijden voor en in ons is. De betekenis van belijden in de zin van belijden van het geloof wordt in het N.T. uitgedrukt door het werkwoord homologein — hetzelfde zeggen en samen zeggen. Ook wordt epangelleisthai gebruikt, evangeliseren, het Evangelie verkondigen. En het O.T. verbindt belijden en prijzen in het werkwoord jadah. De houding van belijden kan eenvoudig niet bestaan in ons leven, tenzij we God willen loven en grootmaken. Ze kan evenmin bestaan zonder dat het Evangelie uit ons belijden wordt opgevangen door anderen. En ze kan tenslotte ook niet bestaan, wanneer we zouden menen dat we ieder op ons eentje kunnen belijden. Ook wanneer christenen in een geïsoleerde positie worden gedreven en vaak onder druk belijden, dan vangt zo'n belijdenis aan met 'wij geloven'. In die ene en de stem die God hem of haar verleent, klinkt de stem van Christus' gemeente door en de Stem waar we het zoeven over hadden: de Stem van de Bijbel als viva vox ecclesiae.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 maart 1991

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Actualiteit van het gereformeerd belijden (1)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 maart 1991

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's