’De helft is mij niet aangezegd’ (1)
(meer zicht op het Koninkrijk Gods en Zijn reikwijdte)
(meer zicht op het Koninkrijk Gods en Zijn reikwijdte)
Toen de koningin van Scheba het gerucht hoorde over koning Salomo ging ze op reis naar Jeruzalem. En toen zij daar de wijsheid van Salomo, zijn paleis en zijn tempel zag, zei ze: 'Het woord is waarheid geweest, dat ik in mijn land gehoord heb', maar de werkelijkheid is toch nog mooier. 'De helft is mij niet aangezegd.'
Zo kan het ons ook vergaan — ons christenen uit de heidenen — als wij op zoek gaan in de Schriften van het Nieuwe Testament en ontdekken wat in de Evangeliën geschreven staat en gesproken wordt door de Heere Jezus over het 'Koninkrijk van God'. 'De helft is mij niet aangezegd.'
1. De aankondiging van het Koninkrijk
Wij hebben gehoord dat de Heere Jezus bekering en geloof predikte. Maar hebben wij ons gerealiseerd, dat deze ter sprake komen met het oog op het Koninkrijk? Jezus predikte: 'het Koninkrijk Gods is nabij gekomen; bekeert u en gelooft het Evangelie' (Marcus 1). Eerst stelt Jezus dat langverwachte Rijk in het vooruitzicht en zo maakt Hij letterlijk de mensen gáánde. Want onbekeerd kun je dat Rijk niet ingaan.
De Zaligsprekingen in het begin van de Bergrede zijn ons kerkgangers zeer vertrouwd en bij alle Godzoekers geliefd (zalig die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid!). Maar hebben wij ons gerealiseerd dat ze beginnen en eindigen met het Koninkrijk? 'Zalig zijn de armen van geest, want hunner is het Koninkrijk der Hemelen', is de eerste en de laatste luidt: 'zalig zijn die vervolgd worden om der gerechtigheid wil, want hunner is het Koninkrijk der Hemelen' (Mattheüs 5).
En de hele Bergrede gaat verder over de vraag wie dat Rijk zullen ingaan. Daarom moet onze gerechtigheid overvloediger zijn dan die der Farizeeën. En hoe leerde Jezus ons bidden in de bergrede? In het 'Onze Vader' bidden wij om de komst van het Koninkrijk bovenal. En wat dat is zegt de aansluitende bede: 'Uw wil geschiede, gelijk in de hemel alzo ook op aarde'. Het Koninkrijk Gods is dus — kort en goed — 'de hemel op aarde'.
Daar hopen wij op, want 'van U is het Koninkrijk' en de bijbehorende kracht en heerlijkheid. Het is enerzijds toekomstmuziek, en anderzijds al werkelijkheid. 'Kome' en 'is'!
Nu rijst de vraag hoever zich dat Rijk uitstrekt. Dat is een discussiepunt in de kerk: de reikwijdte van het Rijk. Beperkt zich dat tot de gelovigen, tot de wedergeborenen? Jezus zegt immers: 'Tenzij iemand wederom geboren worde, hij kan het Koninkrijk Gods niet zien'. Maar in genoemde bergrede is er wel degelijk ook de uitstraling naar buiten: 'Gij zijt het zout der aarde. Gij zijt het licht der wereld'. De erfgenamen van het Rijk beïnvloeden dus de hele aarde en de hele wereld! Bederfwerend. Smaakgevend. Lichtgevend.
En zoals de hemelse Vader Zijn zon doet opgaan over bozen en goeden, zo mogen de kinderen van die Vader vriend èn vijand liefhebben. Opdat vijanden vrienden worden. Dat doorbreekt in elk geval het gangbare 'vijand-beeld'. Aan de vruchten kent men de boom, en die vruchten zijn er voor binnen-en buitenstaanders. Dat betekent m.i. concreet bij zending en evangelisatie, dat wij èn de noodzaak van de wedergeboorte hebben te prediken èn de uitstraling naar alle terreinen van het leven hebben te betrachten.
2. De Zichtbaarheid van het Koninkrijk
Wij hebben gehoord dat de Heere Jezus ook wonderen deed: genezingen van zieken, natuurwonderen ook (b.v. vermenigvuldiging der broden). Maar hebben wij ons gerealiseerd dat deze wonderen tekenen zijn van het Koninkrijk Gods? Daarin wordt dus al iets zichtbaar van dat Rijk, waarin niemand zal zeggen 'ik ben ziek' of 'ik heb honger'. De wonderen herinneren ons ook aan de goede Schepping. Als Jezus een doofstomme geneest, zeggen de mensen verbaasd: 'Hij heeft alles wel gedaan' en dat herinnert ons aan Genesis 1. Het gaat in het Rijk dus om herstel van de Schepping, om herschepping. De duivel, die in de schepping heeft ingebroken, wordt uitgeworpen. 'Maar indien Ik door de Geest Gods de duivelen uitwerp, zo is dan het Koninkrijk Gods tot u gekomen', zegt Jezus (Mattheüs 12). De meest verrassende uitspraak over de nabijheid van het Rijk (die staat tevenover andere, die het uitblijven van het Rijk uitleggen).
Ook bij de wonderen stellen wij de vraag, hoever zich nu dat Rijk uitstrekt. Het is duidelijk dat Jezus enerzijds geloof vroeg (alles is mogelijk voor degene die gelóóft), maar anderzijds dat wondergeloof nog geen zaligmakend geloof hoeft in te houden: intussen deed Jezus ook wonderen buiten de kring der gelovigen. De genezing van de tien melaatsen is daarvan het beste voorbeeld (Lucas 17). Slechts één genezen melaatse kwam terug. En Jezus zei: 'Zijn niet de tien gereinigd, en waar zijn de negen?' Waarom komen zij niet bedanken? Waarom gaan zij met de gave naar huis zonder de Gever te eren? Dit leert ons, dat Jezus Zijn wondermacht verder uitstrekte dan de kring der discipelen. Het is voor die anderen iets dat 'tegen hen zal getuigen'! Maar het leert de discipelen om rijk en ruim te denken over de koninklijke macht van de Meester.
Dat betekent m.i. concreet voor zending en evangelisatie dat wij in de medische zending, in onze zendingshospitalen, allen mogen en moeten helpen die om hulp komen en daarin een teken mogen stellen van Gods Rijk. Die uitstraling weer! Dat betekent ook dat wij woord en daad niet moeten losmaken: waar zijn al die mensen gebleven, die genezing ontvingen? Laat niemand de gaven aanpakken zonder de Gever! Dat is 'secularisatie'! Daaraan hebben wij ons in de westerse cultuur zelf zo gruwelijk schuldig gemaakt.
In het christelijke westen, ja in het protestantse westen, is de natuurwetenschap, de medische wetenschap, überhaupt ontstaan. Dat is niet toevallig! Maar hoezeer is de bevrijdende uitwerking los van God geraakt en soms zelfs tegen God in gegaan.
3. De Verborgenheid van het Koninkrijk
Wij hebben — naast de wonderen van de Heiland — gehoord van Zijn gelijkenissen. Maar hebben wij ons gerealiseerd dat deze gelijkenissen gelijkenissen zijn van het Koninkrijk? Toch zegt Jezus dat telkens: 'Het Koninkrijk Gods is gelijk aan...' een zaaier, een schat, een parel, een zuurdesem, enz. En hebben wij ons wel eens gerealiseerd dat vele gelijkenissen juist weer de verbòrgenheid van dat Rijk illustreren. Lees Mattheüs 13 er maar op na. Het zaad valt in de akker (de wereld) maar is voorlopig niet te zien. De schat zit in de akker 'verborgen' — totdat iemand de schat ontdekt. Het visnet gaat het diepe water in en daar stroomt het vol, totdat het opgehaald wordt. Het zuurdesem zit 'verborgen' in het deeg. Het gaat in deze gelijkenissen om de 'verborgenheden'. Dat is het slagwoord: verborgen.
Vergist u niet. Verkijk je niet. Je ziet er vaak niets van. Het nieuws van het Rijk staat niet op de voorpagina van de krant en komt niet op het journaal. Maar het is er wel. Alleen — verborgen. Eéns komt het openbaar. Eéns komt de oogst, bij de voleinding der wereld. Het Koninkrijk Gods werkt ondergronds door.
Ook bij de gelijkenissen stellen wij de vraag, hoever zich nu dat Rijk uitstrekt, dat verborgen Rijk! Van Herman Bavinck is het prachtige woord: 'Het Koninkrijk Gods is wel aan eene parel gelijk, tegen welker waarde de gansche wereld niet opweegt, maar het is ook gelijk aan een zuurdesem, die het gansche deeg doorzuurt. Het geloof is de weg der zaligheid niet slechts, het is ook de overwinning der wereld.' (De zekerheids des geloofs, pag. 104).
Dit betekent mi. concreet voor zending en evangelisatie dat het zuurdesem een hele cultuur kan doortrekken. In de missiologie noemt men dat 'permeatie'. Zo is het aantal christenen in India klein, maar hun invloed is groter dan het getal doet vermoeden. Zelfs Ghandi, die geen christen werd, erkende die invloed op zijn denken, b.v. over kasten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 april 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 april 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's