De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Een Calvinist op eigen houtje (1)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een Calvinist op eigen houtje (1)

Proefschrift over Hugo Visscher 1864-1947

9 minuten leestijd

Promotie
Het was een bewogen dag, waarop de Ned. Herv. predikant van De Bilt, drs. B.J. Wiegeraad promoveerde: 17 januari 1991. De oorlog tussen de geallieerden en Irakezen was juist uitgebroken. Uit de dissertatie van Wiegeraad zou blijken, dat Hugo Visscher met betrekking tot het Duitse nationaal-socialisme in en voor de Tweede Wereldoorlog een veel besproken man zou zijn.

Boek
De dissertatie van Wiegeraad is een keurige uitgave. Uitgeverij J.J. Groen heeft een aantrekkelijk boek geleverd. Overzichtelijk is de indeling. In drie delen is het boek onderverdeeld: een historisch, systematisch en een evaluerend deel.

De levensloop van prof. dr. H. Visscher
a. Predikant
De promovendus brengt ons in het eerste deel van zijn proefschrift Hugo Visscher helder voor de geest. Dit historische deel laat zich het meest plezierig lezen. Tijdens de studie in de theologie ging in een crisissituatie 'het licht' voor Hugo Visscher op. Middellijkerwijs heeft de studie over Calvijn deze wending in zijn geestelijk leven gegeven. Op 5 oktober 1894, op dertigjarige leeftijd, werd zijn theologische studie bekroond met een promotie. 'Guilemus Amesius, zijn leven en werken', was het onderwerp van deze promotie. Op dat mo­ment stond Visscher reeds in zijn tweede gemeente. Zegveld. Delft werd zijn derde gemeente. Naast zijn heldere stijl van preken viel zijn sociale bewogenheid op.

b. Hoogleraar
Zijn benoeming toen hij als predikant in zijn vierde gemeente Ouderkerk aan de IJssel stond, tot staatshoogleraar aan de Rijksuniversiteit te Utrecht, had veel voeten in de aarde. De bekende gereformeerde A. Kuyper, die toen minister-president was, heeft deze benoeming doorgezet. Alleen de ethische hoogleraar J.H. Gunning was verheugd. Visscher doceerde ethiek en godsdienstwetenschap en wijsbegeerte van de godsdienst. Zijn hoogleraarschap heeft in Utrecht een zwaar stempel gezet, want binnen negen jaar was de theologische faculteit van geloofsrichting veranderd. Ethische professoren maakten plaats voor mannen van meer gereformeerde signatuur. Hij was een belezen en briljant geleerde. Dit blijkt ook uit de zestien theologen, die bij hem promoveerden over uiteenlopende etische, filosifische en kerkhistorische onderwerpen. Zeven van hen proveerden cum laude. Op 1 oktober 1931 ontvangt hij eervol ontslag als gewoon hoogleraar. Van 1931 tot 1937 bekleedt hij een bijzonder hoogleraarschap vanwege de Gereformeerde Bond.

c. Politicus
Visscher was een onrustig man. Niet een gemeente heeft hij lang gediend. Tijdens zijn hoogleraarschap vraagt hij om een bijzonder hoogleraarschap, of verandering van leeropdracht. In 1922 wordt hij lid van de Tweede Kamer voor de ARP. Prof. dr. A. Kuyper dacht hiermee een goede zet gedaan te hebben in de richting van de Hervormd Gereformeerden. Van tijd tot tijd zorgt Visscher voor de nodige problemen. Zijn grootste teleurstelling was, dat hij gepasseerd werd voor de ministerpost van onderwijs. Na enkele conflictueuze gebeurtenissen bedankt hij in 1935 voor de ARP. Hij vond de koers te weinig principieel. Hij richt met enkele volgelingen de Christelijke Nationale Aktie op, waarin hij de lijn van Groen van Prinsterer wilde volgen. In 1937 deed de CNA met de verkiezingen mee, maar lijsttrekker Visscher haalde de helft van de kiesdeler en kwam niet in de volksvertegenwoordiging terecht. Eind 1940 bedankte hij voor de CNA. Zijn politieke belangstelling was ontsproten aan zijn grote culturele interesse en de ontwikkelingen die zich voordeden in kerk, staat en maatschappij. Hij wilde aan dit gebeuren mede leiding geven vanuit het Woord van God.

d. Kerkpolitiek
Met het functioneren van de Hervormde Kerk in zijn dagen had Visscher geen vrede. Hij distantieerde zich van de confessionelen, die zich hadden georganiseerd in de Confessionele Vereniging, omdat ze teveel van de reorganisatie van de kerk verwachtten. De weg van Kuyper, van de Doleantie trok hem wel. Hij wilde een veel bredere opzet. Hem stond een 'nieuwe kerk' voor de geest, samengesteld uit levend gereformeerd volk. De kerk zou bestaat uit wedergeborenen die kwamen uit Hervormde Kerk en kerken van de Afscheiding en Doleantie.
Visscher heeft getracht op twee manieren dit ideaal te verwezenlijken. Ten eerste langs politieke weg. Hij wilde de overheid zo ver krijgen behulpzaam te zijn in het vestigen van een 'nieuwe kerk'. Hij heeft dit ten tweede langs een weg van de kerkpolitiek trachten te realiseren. Volgens Visscher zou het doel van de G.B. moeten zijn om te komen tot een nieuwe kerk', een gereformeerde kerk, die heel de gereformeerde gezindte zou omvatten.
Toen Hugo Visscher zag dat de meerderheid van het bestuur van de G.B. niet achter zijn plannen stond, heeft hij zowel in 1908 en na een vernieuwde toetreding opnieuw in 1937 voor het lidmaatschap van de G.B. bedankt. In 1908 deed hij dit omdat het duidelijk werd, dat de meerderheid van het bestuur van de G.B. zich niet los wilde maken van de Nederlandse Hervormde Kerk, maar haar wilde oprichten uit 'haar diepe val'. Rondom 1937 kwam opnieuw de reorganisatie van de vaderlandse kerk ter sprake met hen die zich verenigd hadden in 'Kerkherstel' voornamelijk bemand door confessionelen. In deze weg zag de meerderheid van het bestuur van de G.B. toch heil. Visscher bleef onwrikbaar aan zijn oude standpunt vasthouden en zag in een meegaan met een beweging als 'Kerkherstel' een beginselverloochening.

d. Organisator
Evenals Kuyper was Visscher een groot organisator. Hij is een van de initiatiefne­mers van de Gereformeerde Zendingsbond in de Hervormde Kerk. Hij woonde de eerste algemene vergadering op 6 februari 1901 bij en wilde de lijn van Voetius volgen, die zending van de kerk wilde laten uitgaan. Dat hij kort na de oprichting bedankte als bestuurslid, had te maken met zijn visie op het geheel van de kerk en de plaatselijke gemeente. In 1906 komt het tot de oprichting van de Gereformeerde Bond in de Nederlandse Hervormde Kerk, waarin Visscher de leiding had en waar hij tot een gereformeerde kerk wilde komen die heel de gereformeerde gezindte zou omvatten.
In 1910 komt het onder zijn supervisie ook tot een oprichten van een Jongelingsbond op G.G., waar plaatselijke verenigingen zich bij aan konden sluiten. Een nieuwe loot aan de tak van de bonden was het oprichten van de Mannenbond op G.G. in 1933, ook op instigatie van Visscher. In zijn visie moesten de 'bonden' de slagaders vormen voor het gereformeerde leven en pasten deze bonden bij zijn visie op de kerk. Bij het oprichten van de Bond voor Inwendige Zending werd Visscher ook betrokken.

e. Theoloog
Wie het systematische deel van Wiegeraads boek onder ogen krijgt, raakt onder de indruk van Visschers brede internationale theologische kennis, zowel op dogmatisch, als op godsdienstwetenschappelijk gebied. Saillante punten zijn het openbaringsbegrip waarin God zich door middel van twee openbaringsvormen openbaart, namelijk door de Heilige Schrift en door de geschiedenis en de mens die door middel van ontplooiing naar de eindbestemming voortschrijdt. De filosofische basisprincipes onder zijn theologisch denken, legt de schrijver van deze dissertatie tevens bloot. Veel heeft hij uit oude collegedictaten moeten opdiepen.

f. Publicist
Op wetenschappelijk terrein heeft Visscher niet zo veel gepubliceerd. In het begin van zijn professorale loopbaan publiceerde hij enkele godsdienstwetenschappelijke werken. Zijn professoraat, gecombineerd met zijn kamerlidmaatschap vormt een belemmering voor meer wetenschappelijke publicaties. Daarentegen heeft hij in het Gereformeerd Weekblad en De Waarheidsvriend veel geschreven en heeft hier leiding gegeven aan het gereformeerde volk in de Hervormde Kerk. Daar was een vraag om leiders, om sterke mannen. In deze mannen zien we realisering van gemeenschappelijke belangen. Zo komen ook Kuyper, Hoedemaker en Kersten ter sprake. Wiegeraad geeft tevens aan dat Visscher zeer geporteerd was van grote mannen en hun streven, grootheid als een ideaal zag. Leiders kregen in die tijd het vertrouwen van hun volgelingen. Van hen ging bezielende leiding uit. Hun woorden waren gezaghebbend en zetten een groot stempel op hun achterban. Visscher bepaalde zo voor een groot deel het gezicht van de G.B. De oudere broeders onder ons zullen zich de bondsdagen nog wel herinneren waarop Visscher sprak. Na zijn toespraak klonk een krachtig applaus. Voor hem bestond een sterke verering. Het gevaar bestond van het kritiekloos aanvaarden van zo'n leider. In zijn schrijven zien we ook zowel zijn bezielende invloed als zijn strijdbaar karakter. Zijn polemieken met de voorzitter van de G.B., ds. M. van Grieken en met het bestuurslid ds. J. Woelderink liegen er niet om. Hoe eenzamer Visscher wordt, des te scherper wordt zijn pen.

g. Nationaal-socialisme
Terecht schrijft Wiegeraad, dat Visscher aanvankelijk het nationaal-socialisme afwees, maar dat hij na 1935 een steeds welwillender houding hier tegenover aanneemt. We dienen onderscheid te maken tussen pro-Duits en nazi-Duitsland. Voordat er sprake was van een nationaal-socialisme in Duitsland, was Visscher pro-Duits. Dit laat zich mede verklaren door zijn kritiek op Engeland, dat zich zo schandelijk had gedragen in Zuid-Afrika in de Boerenoorlog. De promovendus verklaart de groei van de welwillende houding ten opzichte van het nationaal-socialisme mede uit zijn geschiedenisopvatting, waar hij sporen van de filosofie van Leibniz in bespeurt. Volgens deze filosoof ontwikkelt de wereldgeschiedenis zich, ondanks remmingen en achteruitgang, die van tijdelijke aard zijn, naar de voltooiing. Visscher ziet in Hitler een instrument in de handen van God, die wel remmend werkt, maar toch een bijdrage levert in de voltooiing van Gods plan. Het blijft helaas niet bij deze visie.
Wiegeraad laat zien, hoe Visscher wijzend op andere gedemocratiseerd geregeerde landen wijst, verreweg de voorkeur gaf aan het goed geregeerde Duitsland. Hugo Visscher ziet het nationaal-socialisme als de regeringsvorm bij uitstek tegenover ontaarde democratieën en het verfoeide communisme.
De Biltse predikant beschrijft ook hoe Visscher terechtkomt bij een scheiding van leer en leven. Predikanten moeten naar Visschers woorden zich niet bemoeien met de staat, de bezettende macht, maar de nadruk leggen op 'Gods verborgen omgang'. Waar deze visie van Visscher op uitgelopen is, heeft Wiegeraad niet verzwegen. Onthullend is de brief van Visscher gedateerd op 22 juli 1944, naar de uitgever van zijn boek: 'Ondergang van de Republiek van de Vereenigde Nederlanden', die voor een Duitse vertaling zou zorgen. Hij vraagt hierin of het voorwoord van zijn boek niet gedateerd kan worden op 20 juli. Toen vond namelijk een aanslag op Hitler plaats, die mislukte.
In het voorwoord van dit boek eindigt Visscher met de wens, dat de Führer de overwinning moge aanschouwen. Aangrijpender nog vind ik, dat Visscher na de oorlog geen berouw heeft getoond, zoals Wiegeraad uit brieven aan Visscher aantoont en zich niet heeft gedistantieerd van de dwaling zijns weegs, gepubliceerd in zijn laatste boek 'Ondergang van de republiek der Vereenigde Nederlanden' en getoond in de oorlogsjaren toen hij in 1943 adviseur van Mussert werd en lid van de Nederlandse Kultuurraad was.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 april 1991

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Een Calvinist op eigen houtje (1)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 april 1991

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's