Boekbespreking
Herman Franke, Twee eeuwen gevangen, misdaad en straf in Nederland, Uitgave Spectrum B.V. (Aula-reeks), Utrecht, 920 pag., ƒ 69,—.
In een zeer omvangrijke studie heeft de auteur vastgelegd de geschiedenis van het gevangeniswezen in Nederland vanaf het einde van de 18e eeuw. Daarbij wordt het gevangeniswezen beschreven, het emancipatieproces van gevangenen, terwijl ook allerlei denkbeelden over misdaad en straf de revue passeren.
Eerst wordt behandeld 'het akelige kerkerleven' in de periode 1775-1825, waarbij zelfs gevangenen mochten worden bezocht als kermisattractie. In die tijd maakte in Engeland John Howard, uit de wereld van quakers en baptisten, naam door zich sterk te maken voor de verbetering van het gevangeniswezen. Hij werkte mee aan de eerste Penetentiary Act (1779). Toen Howard Nederland bezocht kon hij overigens zijn ogen niet geloven dat de gevangenistoestanden daar zo veel beter waren dan in andere landen van Europa ('zo rustig en de meesten van hen zo schoon'). Of hij echter objectief kon oordelen wordt twijfelachtig geacht.
Het tweede hoofdstuk handelt over 'dood, discipline en verderf in overvolle gevangenisfabrieken' (1821-1850). Een Spaans bezoeker ergerde zich 'aan de behaagzucht, koketterie en hartstochten der opgesloten vrouwen', die opgesloten zaten in een voormalig klooster in Gouda. Hij wilde hun mutsje afgeschaft zien en hen laten kaalknippen.
Na enkele hoofdstukken waarin gevangenismethoden en praktijken worden behandeld, volgt een hoofdstuk 'Verdriet en waanzin: de tragische werkelijkheid van het cellulaire leven' (1886-1914).
In dat hoofdstuk komt een paragraaf voor, getiteld 'Kerkelijke troost en zondagse verveling tijdens "menschwaardige behandeling'". Het gaat er dan vooral om dat veel gevangenen troost zochten in zondagse kerkgang. Volgens dominee Dekker genoten zij vooral van het zingen, omdat ze in hun cel niet eens mochten fluiten. Ook mochten de gevangenen dan brieven schrijven of portretten bij zich hebben van hun gezin.
Vervolgens wordt aan de orde gesteld of gevangenen 'wilsvrij en zondaar of geboren misdadigers' zijn. Dan komen uiteenlopende mensvisies en navenante bejegeningen van gevangenen aan de orde. In deze hoofdstukken wordt evenwel duidelijk zichtbaar dat in de loop van de tijd bejegening van gevangenen 'humaner' wordt. Aan de orde komt dan bijv. het recht op sexuele omgang met de levensgezellin.
In hoofdstuk XI komen aan de orde de ingrijpende hervormingen na de bezetting, zoals de opheffing van het celstelsel, 'Vrijheid in gevangenschap', democratisering, maar ook 'stijgende zelfmoordcijfers'. Daarna volgen in een slothoofdstuk nog historisch-sociologische verklaringen en een aantal samenvattende conclusies.
Het zal duidelijk zijn, dat uit een dergelijk omvangrijk werk slechts een enkel punt kan worden aangestipt van wat zich in twee eeuwen gevangeniswezen af speelde. Alleen al het notenmateriaal, een bibliografie en een persoonsregister beslaan 120 pagina's.
De visie van de auteur zelf wordt duidelijk uit het motto dat hij aan zijn epiloog meegaf: 'de bestraffing van misdadigers heeft veel meer menselijk leed veroorzaakt dan de misdaden waarvoor zij gestraft werden'. Bestudering van de geschiedenis van het Nederlandse gevangeniswezen heeft hem duidelijk gemaakt, dat het nooit goed is als de ene mens aan de andere is overgeleverd en 'als het morele kapitaal vrijwel geheel in handen is van een kleine groep mensen'.
Desondanks acht hij wettelijke regeling van rechten en machtsnivellering als een groot goed! Hoewel ik deze visie begrijpen en tot zekere hoogte billijken kan, moet toch ook worden gezegd dat de mens aan normen gebonden is, die (wat ons betreft) bepaald worden door het Woord Gods en de heilzame geboden daarin op mens en samenleving. Dat die visie in dit boek ontbreekt is één. Dat niet wordt uitgewerkt hoe humaniteit en democratie zich met elkaar verhouden is twee. Voor het overige gaf de auteur ons een intens boeiende historische documentaire, die uitermate goed leesbaar is.
J. van der Graaf
Pinksterproject In Beweging. Uitgave van Kok-Educatief en CPS. Samengesteld o.l.v. Tjaart Hollenbeek Brouwer, Otto Mulder en Jaap Verkerk. Prijs ƒ 59,90.
Dit project, verschenen in een smaakvolle kopieerband, is bestemd voor de vier weken voor Pinksteren. Kenmerkend is het werken met symbolen, gebaseerd op de bijbelse voorstellingswijzen van de Heilige Geest.
Enkele jaren geleden is dit project op een aantal p.c.-scholen in Meppel gerealiseerd en nu voor bredere verspreiding klaar gemaakt. Het materiaal is in de eerste plaats bestemd voor de basisschool-leerkrachten.
Praktisch roept dit project, voor gebruik op bijbelgetrouwe p.c/ref.-scholen, problemen op gezien de gebruikte liederen, de bijbelvertaling, de geest waaruit de 'voorbeeldgebeden' geschreven zijn, de verwerkingsvormen, zoals dramatiseren, enz.
De gebruikte literatuur is eenzijdig, waarom worden er geen verwijzingen e.d. genomen uit bronnen vanuit de gereformeerde gezindt.
Op zich geeft dit project wel aan, dat het de samenstellers (en dat is terecht) ernst is om kinderen, die van huis uit weinig antenne hebben voor dit heilsfeit, te betrekken bij de bezinning op de uitstorting van de Heilige Geest.
Bij de keuze van de bijbelverhalen had er meer aandacht gevraagd moeten worden voor de geschiedenissen in Handelingen 1 en 2; Johannes 14 t/m 16 ontbreken geheel.
Juist in die gedeelten, spreekt Jezus over de Trooster Die komen zal.
I.A. Kole, Berkenwoude
Christelijk Lektuur Centrum (red.). Uitgelezen 11; reacties op boeken, 136 pag., ƒ 24,90, Ned. Bibl. en Lektuur Centrum, Den Haag 1990.
De goed lopende reeks 'Uitgelezen' is uitgebreid met een elfde deel en het twaalfde is in aantocht. Dit elfde deel bevat een bespreking van het literaire werk van auteurs/dichters die in de eerste vijf delen reeds aan de orde kwamen en die sedert 1980 nieuw werk hebben gepubliceerd dat 'nieuwe ontwikkelingen, groei of rijping' vertoont. Besproken worden: Bernlef, Claus, El. Eybers, Gerhardt, Van der Graft, Maria de Groot, Hamelink, 't Hart, Oek de Jong, Kopland, Krol en Nooteboom.
Met dankbaarheid constateer ik allereerst dat opnieuw aan een aantal christelijke auteurs/ dichters — hoe verschillend hun plaats binnen het christendom ook moge zijn — een royale plaats is gegeven. Ik denk o.m. aan Guillaume van der Graft en Ida Gerhardt.
De reeks beoogt op bevattelijke wijze voor een breed publiek de moderne literatuur te doorlichten, met ruime aandacht voor thematiek en achterliggende 'visie' (op leven, dood en hiernamaals).
Zonder te moraliseren komt in de meeste bijdragen de achterliggende levensbeschouwing duidelijk uit de verf. In het opstel over Bernlef lees ik bijvoorbeeld: 'de mens is in principe op zichzelf teruggeworpen' en 'wat de mens in dit leven (en daarna) overblijft, is niet anders dan een leegte of de stilte'. En in het opstel over Kopland: 'Er is alleen iriaar fysica, er bestaat geen metafysica'. Dit is duidelijk genoeg en op die duidelijkheid heeft het beoogde publiek, onder meer leerlingen bij het voortgezet onderwijs, recht. Die helderheid trof ik ook in andere opstellen aan — zoals die over Claus en Oek de Jong — terwijl sommigen voor mij op dit punt wat vaag bleven. Na het lezen van het opstel over Hamelink bijvoorbeeld, dat goed laat uitkomen dat de bijbel in diens werk een belangrijke rol speelt, blijft de lezer toch met de vraag zitten of de bijbel voor de auteur een 'cultuurboek' is, met 'sacrale' verhalen en 'mythen', òf dat dit boek de 'zoekende mens' méér te bieden heeft, een perspectief dat over de dood heenreikt.
Helderheid, wat iets anders is dan stichtelijkheid, is hier geboden, gelet op het beoogde publiek en mede gelet op het feit dat de reeks uitgaat van het Christelijk Lektuur Centrum.
Het lijkt me een punt van blijvende aandacht.
J. de Gier, Ede
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 mei 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 mei 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's