De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Met het oog op de jongeren

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Met het oog op de jongeren

6 minuten leestijd

De toekomst tegemoet!
Spreken we met onze kinderen over de jongste dag? Tijdens een gesprek met jongeren bleek, dat ze bekend zijn met de eerste dag, de Scheppingsdag. Maar de jongste dag...? Velen weten hier geen raad mee. Tussen deze twee polen van de wereldgeschiedenis bevinden we ons op dit moment. Op de tijdbalk, die we ons kunnen voorstellen tussen de eerste en de jongste dag, staat ook vandaag aangegeven. Juist met betrekking tot vandaag heeft onze God ons iets heel indringends te zeggen. Dat kunnen we lezen in Hebreeën 3 vers 7 en 8a: 'Daarom, gelijk de Heilige Geest zegt: Heden, indien gij Zijn stem hoort, zo verhardt uw harten niet.' In deze tekst gaat het uitgerekend over vandaag: heden!

De laatste dag
Deze aarde heeft haar langste tijd gehad. We leven in de laatste dagen. Dat is niet zo maar een opvatting van mensen, maar dat is de Boodschap vanuit Gods Woord. De laatste dagen zijn begonnen op de Pinksterdag. Al die wonderen in Jeruzalem hebben hun verklaring in Gods Woord: In het laatste der dagen, zegt God, zal Ik uitstorten van Mijn Geest op alle vlees.
De laatste dagen zijn dus ingezet bij de komst van de Geest. Ze worden gevuld met het werk van de Geest. Ze worden beëindigd wanneer de Geest Zijn werk volbracht heeft. De Geest van Christus kwam op aarde op de Pinksterdag. De Geest blijft op aarde, totdat de jongste dag zal aanbreken.

Het werk van Gods Geest
De Geest is op deze aarde om het werk van Christus toe te passen. Dat zagen we op de eerste Pinksterdag: in een keer worden 3000 mensen toegebracht. Op die dag citeert Petrus de woorden die Joël profeteerde: 'Ik zal uitstorten van Mijn Geest op alle vlees'. Dat betekent dat alle oudtestamentische onderscheidingen zijn weggevallen: niet alleen Israël, maar alle volken. We kunnen erover lezen in Psalm 87. Niet alleen de profeten- en priesterstand ontvangen de Geest, velen gaan spreken van God. Niet alleen ouderen, maar vooral ook jongeren. Niet alleen mannen, maar ook vrouwen. Er bestaan geen grenzen meer. De brede stroom van de Geest gaat z'n weg.

Onze kinderen
De Geest heeft ook onze kinderen op het oog. Ik wil dit vergelijken met de loop van een rivier. Elke rivier heeft een bedding. Sommige rivieren treden op bepaalde tijden van het jaar buiten hun oevers, maar dit zijn uitzonderingen. De normale loop van de rivier is de bedding. Wat is nu de bedding van de stroom van de Heilige Geest? Dat zijn 'uw zonen en uw dochters'.
Jesaja zegt: 'Op uw zaad'. 'U komt de belofte toe en uw kinderen', zei Petrus. De Heere zei tegen Abraham: 'Ik ben uw God en de God van uw zaad'. De dichter van Psalm 45 zingt: 'In de plaats van de vaderen zullen de zonen zijn'. En in Psalm 146 lezen we: 'Uw God, o Sion, is van geslacht tot geslacht'.
Hier is sprake van de brede bedding van de Geest. Betreft dit ook onze kinderen?

Tekenen van de laatste dagen
De laatste dagen worden getekend door wonderen. De Heere heeft gezegd: 'En Ik zal wonderen geven in de hemel boven en tekenen op de aarde beneden'.
Wat wordt er met deze wonderen en tekenen bedoeld? Wanneer we hierover Gods Woord lezen, slaat de schrik ons om het hart: bloed, vuur, rookdamp, zonsverduistering en een bloedrode maan. Dat zijn tekenen van oorlog, branden, vulkanische uitbarstingen. Wanneer de Heere Jezus over de laatste dagen spreekt, wordt ons duidelijk dat er nauwelijks nog leven mogelijk zal zijn. Er zal grote vrees zijn onder de mensen op aarde. De verschrikkingen zullen steeds heviger worden. Een jongen vroeg me onlangs waarom nu juist deze verschrikkingen op z'n hevigst zijn, als de tijd van Christus wederkomst nadert.
Calvijn geeft op deze vraag het volgende antwoord: 'Des te meer de Vader in Christus goedertieren met ons handelt, des te meer neemt ook de goddeloosheid toe en breekt uit in openbare rebellie. Het moet ons dan ook niet verwonderen dat bij de verschijning van Christus ook de tekenen van Gods wraak toenemen.'
Gods wraak wordt opgeroepen door het verachten van Zijn goedheid. Dit is een boodschap, die ook wij zeer ter harte moeten nemen. Al deze dingen zullen ook meewerken ten goede voor allen die God liefhebben.

Op reis naar de hemel
Als we een klas met jongelui vragen: 'Wie wil er naar de hemel?', dan zullen waarschijnlijk alle vingers omhoog gaan. Zelfs als we het aan willekeurige voorbijgangers vragen, zullen veel mensen — kerkelijk of onkerkelijk — antwoorden, dat ze graag naar de hemel gaan. Naar de hemel, dat willen we allemaal.
Maar wat zoeken we daar? Wat verwachten we ervan? Velen geloven dat het een heerlijk paradijs is. Anderen menen, dat het een plaats is, waar vrede en liefde is. Als dat alles is, bedoelen we een hemel zoals wij mensen die bedacht hebben of zoals sommigen die op aarde willen stichten. Dan bedoelen we niet de hemel waar de Bijbel over spreekt.
Volgens de Bijbel is de hemel de plaats waar de Heere woont. Daar woont Hij in al Zijn goddelijke heerlijkheid. Het is niet onder woorden te brengen wat dat betekent.
Het is onjuist als we op zoek zijn naar de hemel van God en niet naar de God van de hemel. De Heere Jezus kwam naar deze aarde om zondaren bij Zich in de hemel te brengen. Daarom verliet Hij de hemel. Hij wilde door Zijn Vader verlaten zijn ('Mijn God, Mijn God, waarom hebt Gij Mij velaten?') om voor zondaren een plaats te bereiden in het huis met zijn vele woningen. Hij kan ervoor zorgen, dat we niet op zoek zijn naar de hemel, maar naar God. Wanneer we een plaats bij de Heere mogen beërven, dan kunnen we Hem volmaakt dienen en Hem eeuwig groot maken.
Hij heeft — alleen uit genade — ook een plaats bereid voor ons en onze kinderen. We mogen voor God belijden, dat we slechts hemelzoekers zijn. Onze God kan hierin verandering brengen, zodat we op zoek gaan naar Hem. 'Dat komt later wel', zeggen we. 'Nee', zegt de Geest, 'heden!'
Daarom is het hard nodig, dat wij en onze kinderen deze roepstem horen en leren verstaan. Daarom hebben we onderwijs nodig uit Gods Woord om Hem te leren kennen. Hij staat aan de deur van ons hart en roept het ons toe: 'Heden!'
Het heeft eeuwigheidswaarde om met onze kinderen te spreken over de jongste dag!
De volgende dichtregels geven dat weer:

Waken bij Zijn Woord en wetten,
en ook op de teek'nen letten,
nu vooral in deze tijd.
Nu de wettelozen groeien,
Jezus Woorden zelfs verfoeien,
en steeds feller Hem bestrijdt.

Wat een troost bij wakend bouwen,
onze zorg Hem toevertrouwen
in verdrukking die ons wacht.
Olie geeft Hij in de lampen
en volharding zelfs bij rampen,
door Zijn Geest, licht, moed en kracht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 mei 1991

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Met het oog op de jongeren

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 mei 1991

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's