De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

4 minuten leestijd

Het Jodendom kent onderscheiden stromingen. In zijn boek 'De aarde is des Heren' vertelt Abraham Joshua Heschel over de Hasidim, die altijd hebben beweerd, dat de vreugden van deze wereld niet de hoogst bereikbare zijn en die een sterk verlangen hadden naar de vreugde van de komende wereld. Heschel vertelt:

'Tijdens zijn leven op aarde is de mens in staat om zowel deze wereld als de komende wereld te ervaren en nooit moet men de wereldse vreugden houden voor de hoogste, noch de aarde voor de hemel. Er is een verhaal over een melammed, die een voettocht maakte om zijn rebbe te bezoeken, die in een verafgelegen stad woonde. Het was winter. De wandeling was vermoeiend en het weer was grimmig. Opeens kwam de rijkste man van zijn stad voorbij in een weelderig rijtuig, getrokken door vier paarden, met twee reserve paarden achter de koets. Toen hij de melammed zag voortsjokken met zijn pak op zijn rug, beval hij de koetsier te stoppen en vroeg hij: "Waar ga je naar toe?"
De onderwijzer vertelde het hem.
"Goed", zei de rijke man, "stap in mijn rijtuig. Ik zal je daarheen brengen."
"Niets op tegen", zei de onderwijzer.
Het was bepaald een genot om in de koets te zitten; er waren veel warme, wollen dekens. Bovendien zei de rijke man tegen hem: "Wil je misschien een borrel?" En zo verwarmde de
melammed zich met een beetje brandewijn en een stuk koek. Daarna kreeg hij een stuk gebraden gans en nog een slok brandewijn. Kortom hij voelde zich als een vorst. Opeens wendde hij zich tot de rijke man: "Vertel mij alstublieft wat uw wereldse genoegens zijn".
De rijke man keek hem verbaasd aan. "Heb je dat niet gezien? Het rijtuig en de paarden en het dure voedsel dat ik mij zelfs op reis kan veroorloven. Wil je soms zeggen dat dit alles nog niet voldoende werelds genoegen is voor iemand als jij?"
"Neen", zei de melammed plagend, "deze zijn uw hemelse genoegens, het toppunt van uw genoegens, maar waar zijn uw genoegens van deze wereld?" '


In het kerkblad van de hervormde gemeente Rockanje troffen we een meditatie op rijm n.a.v. Romeinen 11 : 36 onder de titel 'Hoe onnaspeurlijk zijn Zijn wegen':

Wij zijn als mens zo gauw geneigd
om snel te reageren
En om, als God iets heeft bepaald
het anders te proberen
En als er dan een storm ontstaat
of onbegrepen tijden
Dan heeft men dat dan heel erg vaak
toch aan zichzelf te wijten
God laat Zich niet door u of mij
of wie dan ook dirigeren
Het is voor wie van Hem wil zijn
toch iets wat men moet leren
Hij weet en kent zo goed het hart
vol afleidingen en dwalen
En, mogelijk na goed begin
toch weer geneigd tot falen
Dan brengt die storm, soms een orkaan
het hartste hart tot denken
En heel voorzichtig wil men dan
zichzelf aan God gaan schenken
Dan breekt het nieuwe leven aan
door niets te evenaren
Waarin God Zelf met grote trouw
De Zijnen wil bewaren
Want onnaspeurlijk blijft Zijn kracht
Zijn liefde, hulp en sterkte
Geen groter rijkdom vindt de mens
waar Hij dat in bewerkte


In Zoeklicht stond 'Trouw is...':

Trouw is: een vrouw, die haar man, een dronkaard, trouw blijft, zelfs afraden alle kennissen haar aan scheiding aan te vragen.

Trouw is: een verpleegster, die bij een zeer besmettelijke ziekte toch haar werk nauwgezet blijft doen.

Trouw is: de evangelist, die zijn werk met grote plichtsbetrachting blijft doen, ook al ziet hij lange tijd geen vrucht.

Trouw is: de zieke, die ondanks zijn uitzichtloosheid, toch de Heere blijft vertrouwen en op zijn ziekbed een getuige van de Heere is.

Trouw is: een eezame, zonder vrienden of familie, die niet klaagt, maar geduldig zijn weg met de Heere vervolgt.

Trouw is: in het gebed blijven volharden, ook al zie je niets van de verhoring.

Trouw is: in stilheid je werk voor de Heere blijven doen, ook al valt niemand dit op, en wordt het door niemand gewaardeerd.

Trouw is: de Heere blijven vertrouwen, terwijl alles tegenloopt en alles je bij de handen afbreekt.

Trouw is: zeggen: Heere, ik begrijp U niet, maar ik vertrouw U wel.


Hoewel de Gereformeerde Bond geen politieke relaties heeft, willen we hier toch uitdrukkelijk vermelden, dat ons redactielid mr. G. Holdijk vorige week, op de dag van onze jaarvergadering, verzekerd werd van een plaats in de Eerste Kamer, namelijk voor de S.G.P. We wensen de heer Holdijk, die tevens onze juridisch-deskundige is, alle wijsheid toe, die bij als senator nodig zal hebben.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 juni 1991

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 juni 1991

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's