Boekbespreking
Ds. Joh. de Wolf, Schaduwen van het Licht, Bijbelstudie over het boek Leviticus, 96 blz.. Uitgeverij De Vuurbaak, Barneveld 1989, ƒ 12,75.
Wie met vakantie gaat en elke dag een stukje van zijn tijd wil besteden aan bijbelstudie, vindt in dit handzame boekje een betrouwbare gids als men zich wil verdiepen in Leviticus. Het is meer een inleiding dan een verklaring van tekst tot tekst. Dat heeft z'n voor- en nadelen. Men krijgt een goed overzicht van de onderwerpen die in dit bijbelboek aan de orde komen: de offers, de priesters, rein en onrein, huwelijk en seksualiteit, sabbat, sabbatjaar en jubeljaar, feesten in het kerkelijk jaar, belofte en dreiging. Wil men echter dieper ingaan op een bepaalde perikoop of tekst, dan zal men een ander werk moeten raadplegen. Elk hoofdstuk bevat tips voor verdere studie en discussievragen.
De titel van het werk gaat terug op het woord van Paulus dat de spijswetten en de liturgische kalender van Israël 'een schaduw der toekomende dingen' zijn, maar dat 'het lichaam van Christus is'.
Toch vraag ik me af of de schrijver niet hier en daar de òmgekeerde weg bewandelt en bezig is het boek Leviticus als het ware te 'kerstenen'. Gaat men — zeker ook in relatie tot Israël — niet te ver als men boven Leviticus 23 schrijft 'feesten in het kerkelijk jaar'?
Welke consequenties getrokken moeten worden uit wat in Leviticus 18 en 20 geleerd wordt over huwelijk en seksualiteit voor ons leven hier en nu, komt duidelijk aan de orde. Maar wat is — juist nu Christus de vervulling van de wet is — de betekenis van sabbat- en jubeljaar voor onze houding in het sociaal-economisch verkeer?
W.R. van der Zee, Wie gelooft staat op. Zeven verhalen over een profeet. Uitgeverij Boekencentrum B.V., 's-Gravenhage 1990, 60 blz., ƒ 13,50.
In dit boekje is een zevental radiovoordrachten over de profeet Jeremia gebundeld. Ze behandelen zijn roeping (1 : 1-19), de tempelprediking (7 : 1-15), zijn zielestrijd (20 : 7-18), de koop van een akker (32 : 1-15), zijn brief aan de ballingen in Babel (29 : 1-14), zijn onderhoud met koning Zedekia (38 : 14-28) en de profetie voor Baruch (45 : 1-5).
In deze voordrachten neemt het gedachtengoed van de schrijver een grote plaats in. Ik denk aan zijn opvattingen over het conciliair proces en het beeld dat hij tekent van God. Wat dit laatste betreft, daarin volgt hij het voetspoor van Bonhoeffer: 'Alle mensen gaan in hun nood tot God en verwachten Zijn hulp. Maar christenen gaan tot God in Zijn nood, in Zijn lijden. God lijdt' (55). Daardoor blijft voor mijn gevoel de profeet zelf onderbelicht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juni 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juni 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's