Globaal bekeken
Horen we het ook eens van anderen. In Hervormd Nederland een stukje uit een zeker blad Tirade over een Eenling (nl. in een ziekenhuis), voor menigeen goed herkenbaar.
'Ik ben me in toenemende mate ervan bewust hier een eenling, zo niet een zonderling te zijn. Ik ben de enige die zeurt over de alom tegenwoordige popmuziek, over het lawaai van de televisie, over te veel licht in de slaapzaal, over de shagstank in de eetkamer, ik ben de enige die zich geluidloos met zeep, kwast en mes scheert (tussen zeven en acht is het één bzzz, bzzz, bzzz van de machientjes), ik ben de enige die boeken en liefst twee kranten leest. De enige die iets doet. Er wordt stilzwijgend van uitgegaan dat je niets doet, tv kijkt. En zo is het ook. De "gewone man" doet niets. Kijkt tv. Huivering beving me bij de gedachte aan het systeem democratie: al die runderkoppen hebben stemrecht!'
In Hervormd Nederland ook een stukje van een hoogleraar in de psychiatrie over 'dementie':
'Demente mensen zijn niet gek. Ze kunnen bijvoorbeeld nog heel goed over vroeger vertellen. Omdat ze geen nieuwe dingen meer kunnen meemaken, leven ze in het verleden. Als ze een wandeling maken, denken ze bijvoorbeeld dat ze in hun geboorteplaats zijn, of op weg van school naar huis. De meest vroege herinneringen blijven het langst bestaan.
Soms zijn demente mensen erg verdrietig, vooral in het begin van de ziekte. Dan merken ze dat ze de greep op het leven beginnen te verliezen. Ze lijken op drenkelingen die stukjes wrakhout zoeken om zich aan vast te klampen, de stukjes uit hun vroegere Ieven. Maar dat gaat voorbij. Demente mensen vergeten dat ze vergeten, dus ze weten ook niet of ze zich goed of slecht voelen.
Een van de weinige dingen die heel lang intact kunnen blijven bij een dementie is de behoefte aan zingeving. Dat vind ik het ontroerende in het contact met demente mensen. Als je vraagt wat doet u hier, zullen ze nooit zeggen: niks. Ze moeten de kinderen uit school halen of ze moeten boodschappen doen. Ik ben niet de dokter voor ze, maar ook geen vreemde. Ik ben de slager of de buurman of iemand anders uit de straat. Hun hele omgeving heeft zin vanuit een heel vroege situatie. Van daaruit beleven ze het nu. Het is een perfecte oplossing. Mensen kunnen niet in het niets leven.'
Hoe betrouwbaar is 'de politiek', wordt menigmaal gevraagd. Zo'n vraag wordt versterkt door 4 berichten in de kranten in één week:
• Zuidafrikaanse regering schenkt grote bedragen aan Inkatha.
• Surinaamse regering betrokken bij drugshandel.
• Engeland leverde tot drie dagen na het begin van de Golfoorlog nucleair materiaal aan Irak.
• Saddam Hoessein stak miljarden dollars in eigen zak uit oliewinsten.
Commentaar overbodig!
'Uit de pastorie' van wijkgemeente 1 te Nunspeet het volgende van de hand van ds. P.L de Jong, zoals het stond afgedrukt in Hervormd Nunspeet:
'Na vele weken koud en regenachtig weer is nu de zomer toch echt begonnen. Voor mij meestal het moment om nu maar echt te stoppen met bezoekwerk, omdat, uitzonderingen daar gelaten natuurlijk, nauwelijks meer iemand daar op zit te wachten. Luchtig gekleed verschijnt men veelal aan de deur en je denkt laat ik nu ook maar stoppen. In de kerkdiensten loopt de temperatuur snel op en onwillekeurig houd je de preek nog eenvoudiger als je gewoonlijk al probeert. Op zulke momenten denk ik soms even terug aan een oud-gereformeerde kerkdienst uit mijn jeugd, waarin voorging mijn oom ds. Joh. van der Poel, lange tijd predikant in Ede.
We waren in de buurt met vakantie en natuurlijk gingen we ook een keer bij ome Hannes ter kerk. Lang preken mocht hij toen al niet meer, vervelen deed je er overigens niet snel. Het kerkgebouw zat boordevol en de temperatuur steeg. Al prekend wiste hij met grote witte zakdoeken, waarvan hij er nogal wat bij zich bleek te hebben, regelmatig het zweet van zijn gezicht dan eens links, dan eens rechts op de rand van de kansel een zakdoek achterlatend, die daar dan alvast gereed lag als hij zich daar in de buurt bevond. Want zulke predikers benutten doorgaans snel heel de kansel. En die zijn meestal ruim opgezet al gaat het in de verkondiging er nauw aan toe.
Op een bepaald moment pakte hij weer zo'n klaarliggende inmiddels verfrommelde zakdoek, droogde zijn gezicht af en zei tegen een jongen vooraan: Warm hè? Hebben jullie het ook zo warm? Om daarna heel diepzinnig te vervolgen: Het is nog een zegen als de zomer in de zomer valt! Aan die uitspraak moest ik even denken, toen het in juni maar bleef regenen en regenen en je de indruk kreeg, dat de herfst al begonnen was. Maar nee, de zomer is toch gekomen. De boeren kunnen het hooi binnen halen. En in het dorp is menigeen druk met het controleren van de vakantiespullen. Warm? Ja, erg warm. Laten we, voorzover wij niet ziek zijn, er maar van genieten.
Het is toch nog een zegen, als de zomer in de zomer valt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 augustus 1991
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 augustus 1991
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's