Boekbespreking
Dr. A.N. Hendriks, Die alles in allen volmaakt, een bundel praktisch-theologische opstellen; Vijlbrief, Haarlem 1990; 138 p., ƒ 24,50.
De vrijgemaakte predikant (Amersfoort-centrum), dr. A.N. Hendriks heeft ons in bovengenoemd boekwerk opnieuw een bundel opstellen aangereikt, die eerder in verschillende bladen zijn gepubliceerd en die hij hiermee onder de aandacht brengt van een breder lezerspubliek. We zijn hem daar erg dankbaar voor. Het is bepaald de moeite waard om van zijn gedachten, in zeer doorzichtige taal vertolkt, kennis te nemen.
De thema's, die hij in dit geschrift aan de orde stelt, zijn alle meer praktisch-theologisch van aard; ze handelen over de gemeente en haar diakonaat, over de ambten in de gemeente, over de prediking en de actualiteit ervan en over gemeente-opbouw, een vak dat sinds kort ook aan de Theologische Universiteit te Kampen (door prof. dr. M. te Velde) wordt gedoceerd. Verder is er een hoofdstuk over de Christus-representatie van de ambtsdragers, dat nog niet eerder is gepubliceerd. Het tweede en derde hoofdstuk, resp. over 'de doop met de Heilige Geest, een tweede zegen?' en 'Levensheiliging, gave en opdracht', zijn meer bijbelstheologisch dan praktisch-theologisch van aard. Maar inhoudelijk mogen zij er ook helemaal zijn. Dat geldt in het bijzonder het laatstgenoemde hoofdstuk. In één woord: een schone uiteenzetting van wat de Schrift ons in deze leert met bovendien een sterke oriëntatie op de gereformeerde belijdenisgeschriften en — last but not least — met een klemmend appel op de christenheid vandaag.
Trouwens, dat is kenmerkend voor de manier waarop door Hendriks over de dingen wordt gedacht en geschreven. Wat ons in de Bijbel geleerd wordt en wat in onze belijdenis is verwoord, wil hij steeds afgegrensd hebben tegen hedendaagse misvattingen. Zo trof mij bv. een goed verweer tegen W. Zijlstra's theologie van het pastoraat in hoofdstuk 5 (over de Christusrepresentatie van de ambtsdragers). Zeer waardevol en instructief is ook wat Hendriks schrijft ook over de verhouding ambt en gemeente. Mij dunkt, de enige Bijbels verantwoorde wijze om ook recht over de opbouw van de gemeente te kunnen schrijven. Over de doop met de Heilige Geest — dat moet mij wel van het hart — zou hij nog een paar andere zaken aan de orde hebben kunnen stellen. Hoezeer het ook waar moge zijn, dat het heilshistorische van het Pinkstergebeuren in de doop met de Heilige Geest voorop mag worden gesteld en hoezeer het ook waar moge zijn, dat we in het boek Handelingen bij 'gedoopt worden met de Heilige Geest' met bijzondere (zendings-)situaties te doen hebben, het blijft een feit, dat er met Pinksteren iets is gebeurd, dat diepingrijpende (zeker ook heilsordelijke, dus voor het persoonlijke geestelijke leven van groot belang zijnde) gevolgen heeft.
En dat gebeuren kan slechts tot schade van het geloofsleven vandaag verwaarloosd worden. Er is geen automatisch verband tussen de waterdoop/het geloof aan de ene kant en de vervulling met de Heilige Geest aan de andere kant. Daar zit steeds het vrijmachtige, krachtdadige en doorbrekende werk van de Geest in de harten der gelovigen tussen. En zo gezien, is Pinksteren, zeker ook een model: 'Wordt vervuld met de Heilige Geest'.
Deze laatste opmerkingen doen overigens niets af van mijn grote waardering voor het in het boek van Hendriks gebodene. Zijn uitvoerige literatuurverwijzingen (in noten) getuigen van grote belezenheid. Ik neem aan, dat de vele publicaties uit Hervormd-Gereformeerde kring inzake de door Hendriks behandelde thema's, hem ook niet zijn ontgaan, al noemt hij er slechts enkele.
Graag zou ik deze bundel opstellen ter bestudering willen aanbevelen aan allen, die het heil en de toerusting van Gods gemeente ter harte gaan.
C. den Boer, Bennekom
Dr. Pieter J. Mulders, 'Arbeid om te leven en arbeidsleven', een theologisch-ethische verkenning van het fenomeen 'arbeid', in het bijzonder bij C.J. Dippel, A.Th. van Leeuwen, Hanna Ahrendt en E.F. Schumacber. Boekencentrum Den Haag, 1991. 411 blz., ƒ 59,—
De schrijver, oud-predikant van Haarlem, heeft zijn VUT-tijd gebruikt om te promoveren en om zijn levenslange sociologische en theologische belangstelling voor de arbeid ruim baan te geven.
Eerst biedt de schrijver ons een gecomprimeerd overzicht van hoe er over het fenomeen arbeid gedacht wordt vanaf het N.T. tot Marx. Daarna komen de in de ondertitel genoemde denkers afzonderlijk aan de orde. Dippel als de leerling van Barth die hij is. Van Leeuwen en Ahrend ('The human condition') die dichter tegen Marx aanleunen, en Schumacher met een sterk accent op de menswaardigheid en kleinschaligheid van de arbeidsverbanden. Achterin het boek is een onvoltooide bijdrage van Dippel over arbeid opgenomen, waarin we de Dippel herkennen uit zijn latere, wat meer pessimistische tijd. Deze verhoogt de waarde van dit boek.
Aan alle vier de behandelde econoom-theologen ontleent de schrijver iets positiefs. Moeten we hem situeren, dan leunt hij o.i. het dichtst tegen Dippel en Schumacher aan.
Blijft echter, dat de probleemstelling ons niet echt duidelijk is geworden. De titel is zo algemeen, dat niet helder is waarom juist deze mensen gekozen zijn, en op welk punt ze nu precies worden vergeleken, en waarom. Ik krijg de verhouding tussen 'arbeid' en 'baan hebben' moeilijk in beeld. Voorts, kan men over de arbeid spreken zonder het expliciet ook te hebben over de arbeiders, en over de vraag of er te veel ofte weinig zijn? Het werkeloosheidsprobleem blijft in dit boek buiten het blikveld. De werkelijkheid is rauwer dan in deze studie uitkomt. Hoezeer bijv. Dippel de arbeid ook zette in het perspectief van het koninkrijk van God, hij was en werd steeds kritischer over de albedillerigheid van de bestaande prestatiemaatschappij. Deze tonen hoor ik bij Mulders niet.
Ik trof in de handelseditie een lange lijst met errata aan. Was dit echt nodig? Mooi uitgegeven is deze wel.
S. Meyers, Zeist
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 augustus 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 augustus 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's