Boekbespreking
Psyche en Geloof, een nieuw tijdschrift van een nieuwe vereniging.
Op 30 november 1989 werd te Amersfoort de Christelijke Vereniging voor Psychiaters, Psychologen en Psychotherapeuten opgericht (CVPPP). Daarmee werd voor de genoemde beroepsgroepen een platform gecreëerd voor studie en reflectie over ons doen en laten op de grondslag van 'de Bijbel, het betrouwbare en door de Heilige Geest geïnspireerde Woord van God, die norm en richtsnoer is voor ons leven', zoals het statuut van de vereniging vaststelt (art. 2.3.).
Niet dat er nog niets was op het terrein van geestelijke gezondheid(szorg) en christelijk geloof. Het Katholiek Studiecentrum voor Geestelijke Volksgezondheid is al jaren een platform en houdt zich op intensieve en vruchtbare wijze met deze thematiek bezig. Jaarlijks verschijnt er een brochure met vrijwel altijd belangwekkend materiaal. Jaarlijks is er een studiemiddag.
De nieuwe vereniging (vanuit protestantschristelijke huize, reformatorisch en evangelisch) biedt om zo te zeggen een toespitsing en intensivering, die wij, werkers op het terrein van de geestelijke gezondheidszorg, node misten.
Ik citeer opnieuw uit de statuten:
De vereniging stelt zich ten doel:
a) Het overeenkomstig de grondslag bestuderen van de verhouding tussen een christelijk geloofsleven en het psychisch functioneren bij de mens.
b) Het vanuit christelijke uitgangspunten reflecteren op theorieën en onderzoek in de psychologie en de psychiatrie.
c) Het vanuit christelijk perspectief bestuderen van psychotherapeutische en psychiatrische behandelmethoden, en van het hanteren in psychotherapie van religieuze problematiek.
d) Het stimuleren en creëren van mogelijkheden van kontakt en uitwisseling tussen de leden.
e) Het bekend maken van de verworven inzichten aan een breder publiek (art. 2.1.).
Dit is zonder meer een veelomvattend programma. Maar de vereniging is aan het werk gegaan. Het laatste punt (punt e) heeft inmiddels gestalte gekregen in de vorm van een nieuw tijdschrift: Psyche en Geloof. Een dubbelnummer van het tijdschrift (2e jrg. nr. 2/3, mei 1991), werd bij wijze van introductie in brede kring verstuurd, niet alleen aan instanties op het terrein van de geestelijke gezondheidszorg, maar ook op kerkelijk terrein. Zo kwam het ook bij de redactie van 'De Waarheidsvriend'. Vandaar deze bespreking. Meteen is maar gezegd, dat de vereniging en het tijdschrift steunabonnementen heel goed kunnen gebruiken. Het tijdschrift verschijnt vier keer per jaar.
De scribenten in het tijdschrift zijn overigens niet gehouden om lid te zijn van de vereniging, behoeven geen vakgenoten te zijn, zijn zelfs niet verplicht de grondslag te onderschrijven.
Na het redactioneel (drs. De Ronde) volgt een artikel over de relatie tussen geestelijke gezondheid en godsdienst; een zeer complexe relatie, die zowel positieve als negatieve aspecten omvat. Beide schrijvers (dr. Pieper, dr. Van Uden) zijn als docenten onder meer verbonden aan de Universiteit voor Theologie en Pastoraat te Heerlen.
In dit nummer schrijven ook twee theologen: drs. Van der Wolf, docent aan 'De Vijverberg' in Ede en studentenpastor drs. Van der Voet, leraar godsdienst aan het Ichthus-college in Veenendaal. Van der Wolf gaat uitvoerig in op de dieptepsychologische bijbelexegese van de rooms-katholieke priester, psychoanalyticus en docent in Paderbom (Duitsland) Eugen Drewermann. Zijn boek 'Beelden van verlossing. Toelichting op het Evangelie van Marcus' (Den Haag 1990) werd in De Waarheidsvriend al door dr. Noordegraaf besproken (nr. 4, blz. 51, 1991).
Persoonlijk vind ik het artikel van Van der Voet een hoogtepunt in dit nummer. Door hem wordt een probleem uit de doeken gedaan, dat in de geestelijke gezondheidszorg altijd al gespeeld heeft, maar te weinig werkelijke aandacht heeft gekregen. Het gaat om het punt, dat uitspraken over psychische gezondheid eigenlijk altijd een moreel oordeel in zich hebben zonder dat dit onderkend wordt en zonder dat nagegaan wordt of dat (logisch) ook kan. Is een uitspraak over wat psychisch gezond is, gelijk aan een uitspraak over wat moreel goed is? Van der Voet laat zien dat dit twee zaken zijn, die ten onrechte door elkaar gehaald worden. De volgende uitspraak: Buitenechtelijke geslachtsgemeenschap is gezond en dus (moreel) goed, is een drogreden. Van der Voet laat zien waarom! Vervolgens wordt duidelijk, dat het belangrijk is, normen te expliciteren. En daarmee zijn we weer terug bij de rol van de levensbeschouwing en het geloofsleven, die immers de normen en waarden aanreiken. Hier ligt belangrijk materiaal voor verdere bezinning. Van der Voet laat daarmee ook zien, dat wanneer (Utrechtse) theologen hun 'Elementair begrip van de ethiek' (J. de Graaf, 1972) en hun 'Wijsgerige begripsanalyse' (V. Brummer, 1975) bijhouden, ze vanuit hun specifieke deskundigheid op dit en andere aangelegen punten een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan discussies, die in de vereniging gevoerd zullen worden.
Drs. Filius (voorzitter van het bestuur van de vereniging) schrijft over 'Ongewenste intimiteiten in de christelijke hulpverlening'. Twee boekbesprekingen sluiten het dubbelnummer af.
De vereniging wil geen besloten hobby-club voor vakgenoten zijn. De naam van de vereniging verwijst naar het spanningsveld, dat zich steeds sterker opdringt op het terrein van de geestelijke gezondheidszorg: de spanning tussen levensbeschouwing en professionaliteit. Trekken we de cirkel nog wijder, dan komen we terecht bij de crisis, waarin we ons als cultuur en als kerken bevinden. Het einde van het autonome subject is nabij of heeft zich reeds voltrokken. De brede vraag naar levensbeschouwing zou voortkomen uit de verwarring, die is ontstaan. Maar ondertussen is gebleken, dat het aanhangen van absolute waarheid ook geen uitkomst heeft geboden.
Want zekerheden worden daar niet groter door, eerder kleiner. (Geloofszekerheid is volgens sommigen een schaars goed geworden). Met de titel van het tijdschrift kan men dit de crisis van psyche en geloof noemen.
Kortom, we willen orns in de vereniging vooral met plezier intens bezighouden met ons vak met het oog op de meest wezenlijke vragen, waarvoor mensen gesteld worden, zoals die verwoord worden door het Woord. Ook de (kritische) belangstelling en aandacht van de kring rond De Waarheidsvriend is daarbij meer dan welkom.
Tenslotte, de eindredacteur dr. G. Glas promoveerde onlangs op een proefschrift over angstconcepten in de psychiatrie. Ik wil u de 15e stelling bij het proefschrift niet onthouden: Orthodox-protestantse instellingen voor geestelijke volksgezondheid bieden pas dan een echt alternatief, als ze hun eigen verleden vanaf 1884 niet herhalen, maar verwerken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 september 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 september 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's