Martin Bucer, een vergeten reformator (1)
De vijfhonderdste geboortedag van de Straatsburgse reformator Martin Bucer gaat niet onopgemerkt voorbij. Op verschillende manieren wordt dit jaar aandacht besteed aan zijn leven en werk. Zowel in binnen- als buitenland worden congressen gehouden, waarop zijn theologische inzichten centraal staan. In Straatsburg, de stad waar Bucer een kwart eeuw lang zijn beste krachten aan de zaak van de Reformatie heeft gegeven, werd niet alleen een groot symposium over hem georganiseerd, maar is vanaf 15 juli ook een tentoonstelling te bezichtigen, die geheel gewijd is aan zijn persoon en zijn betekenis voor de zaak van de Hervorming. Diverse publicaties over hem zagen in de afgelopen maanden het licht en wie de boekaankondigingen in allerlei bladen volgt, heeft gemerkt, dat er nog meer op stapel staat.
Een voetnoot in de geschiedenis?
Vijf eeuwen na dato staat Bucer kennelijk volop in de belangstelling. Dat is weleens anders geweest. Lange tijd is hij tamelijk onbekend gebleven. In tal van handboeken voor de kerkgeschiedenis wordt wenig of geen afzonderlijke aandacht aan hem besteed. Het stiefkind onder de hervormers, zo is Bucer weleens door iemand genoemd. Weinig meer dan 'een voetnoot in de geschiedenis van de Reformatie', zoals een Engelse kerkhistoricus het uitdrukte. Tot aan de laatste eeuwwisseling viel hij buiten het gezichtsveld. Daarna kwam er een kentering. De Duitse kerkhistoricus A. Lang was de eerste die rond 1900 een lijvig werk over Bucers theologie op tafel legde. Daarmee opende deze geleerde een imposante reeks publicaties over de Straatsburger, die in de afgelopen decennia het licht zagen. In tal van landen is het Bucer-onderzoek op gang gekomen, niet in het minst gestimuleerd door de verschijning van de verzamelde werken van de hervormer, waarmee in de jaren vijftig een begin werd gemaakt. Momenteel is nog lang niet alles verschenen, maar de delen die wel voorhanden zijn, hebben al heel wat verrassende inzichten opgeleverd. In deze artikelenserie willen we aandacht geven aan het leven van deze 'vergeten reformator', waarbij we gaandeweg ook de vinger leggen bij enkele van zijn theologische inzichten.
In het klooster
Op 11 november 1491 ziet Martin Bucer het levenslicht te Schlettstadt (op z'n Frans Sélestat) in de Elzas. Zijn vader Claus is kuiper van beroep, terwijl moeder Eva als vroedvrouw wat bijverdient. Zij hebben het bepaald niet breed, met als gevolg dat de kleine Martin in armoedige omstandigheden opgroeit. Van zijn kinderjaren weten we overigens weinig. Zijn ouders vertrekken op een dag naar Straatsburg in de hoop hun levensstandaard daar wat te kunnen verbeteren. Martin blijft achter bij zijn grootvader in Schlettstadt, vermoedelijk om hem te kunnen laten studeren aan de fameuze Latijnse school. Op 15-jarige leeftijd meldt Martin zich aan bij het klooster van de Dominicanen van zijn geboorteplaats. Het is echter geen vrijwillige keus. Bucer zegt er later zelf van: Aan mij is het spreekwoord waarheid geworden, dat de vertwijfeling iemand tot een monnik maakt'. Vertwijfeling. Is het Bucer net zo vergaan als Luther, die uit pure gewetensnood bij het klooster aanklopt? Nee, bij Bucer wringt de schoen ergens anders. Willen arme jongens in deze tijd studeren, dan is het kloosterleven daarvoor de enige weg. Het is puur om deze reden, dat de leergierige knaap zich aansluit bij de Orde van de Predikheren, die grote nadruk legde op studie en toerusting terwille van de prediking en de bestrijding van de ketterij.
Erasmus en Luther
Na tien jaar verwisselt Bucer het klooster van Schlettstadt voor dat van Heidelberg. Tevens laat hij zich hier inschrijven aan de Universiteit van deze stad. Hier kan hij zijn grote liefde voor de klassieke schrijvers uitleven. Maar behalve de geschriften van filosofen als Aristoteles, krijgt hij ook de werken van Erasmus onder ogen. Deze kennismaking met het Humanisme zal een onuitwisbaar spoor in zijn leven trekken. Meer en meer raakt hij geboeid door de erasmiaanse ideeën en hij heeft er al zijn geld voor over om de boeken van deze Rotterdamse geleerde te bemachtigen.
Een ander beslissend moment in zijn ontwikkelingsgang is de ontmoeting met de reformator van Wittenberg tijdens de Heidelbergse disputatie in april 1518. De beide mannen hebben elkaar op een namiddag ook persoonlijk gesproken. Maar vooral heeft Bucer goed geluisterd naar wat Maarten Luther daar te zeggen had. Met stijgende verwondering hoort Bucer hoe Luther zich afzet tegen de leer van de vrije wil, zoals deze in de rooms-katholieke kerk van zijn dagen opgeld deed. De zonde heeft de mens niet slechts ten dele aangetast, maar tot in de wortels van het bestaan. Tegenover deze radicale verdorvenheid is alleen de genade van Christus opgewassen. Hem wijst Luther aan als het enige middel tot behoud. Bucer weet zich op slag gewonnen voor deze theologie van het kruis ('theologia crucis') en vanaf dat moment is hij in feite de zaak van Hervorming toegedaan. De evangelische en humanistische lijn blijven evenwel nog door elkaar lopen. Later zal het Evangelie het steeds sterker van het Humanisme gaan winnen, al blijft de invloed van Erasmus tot het einde toe merkbaar bij Bucer, met name in zijn grote nadruk op de ethiek, op de heiliging van het leven.
Huwelijk
De doorwerking van Luthers inzichten maakt het Bucer steeds moeilijker in het klooster te blijven. De monnikspij gaat al meer knellen en dat leidt er in 1521 toe, dat hij aan de paus ontheffing vraagt van zijn kloostergelofte. Omdat hij kan aantonen, dat hij vanwege bijzondere omstandigheden bij de Dominicanen was ingetreden, wordt hem deze dispensatie verleend en gaat hij voortaan als wereldlijk priester door het leven. Een jaar later gaat hij nog een stap verder en breekt hij met het celibataire leven door te trouwen met Elisabeth Silbereisen, een gewezen non. Met haar zal hij twintig jaar lief en leed delen. Met veel achting en liefde spreekt Bucer over haar en hun huwelijk. Net zo min als Luther schaamt hij zich ervoor, te erkennen dat hij niet zonder vrouw kan. Maar vooral: op grond van de Bijbel kan Bucer geen enkel argument vinden, waarom geestelijken niet zouden mogen trouwen. Integendeel, naar zijn vaste overtuiging heeft God het huwelijk als goede gave geschonken aan de mensheid, inclusief de ambtsdragers. Veel priesters uit zijn omgeving volgen al spoedig zijn voorbeeld en gaan eveneens een huwelijk aan. Bucer heeft menigeen persoonlijk aangespoord om te trouwen, onder wie ook de reformator van Genève, Johannes Calvijn.
Nachtelijke vlucht
Ondertussen groeit bij Bucer de overtuiging in de eindtijd te leven. Hij voelt zich al meer gedrongen tot een duidelijke beslissing te komen. In het licht van de wederkomst is het van beide één: men schaart zich aan de zijde van Christus en leeft uit Zijn Geest, of men staat aan de kant van Christus' grote tegenstander, de antichrist.
Bucer zelf komt tot een steeds overtuigder keuze voor de Hervorming, hetgeen onder meer blijkt uit een preek die hij in 1523 houdt in Weissenburg, gelegen op zo'n zestig kilometer afstand van Straatsburg. Met klem en kracht houdt hij deze gemeente voor, dat de Bijbel het enige richtsnoer is voor het christenleven. Daarom moeten niet alleen de geestelijken, maar ook de gewone mensen, de leken, deze kennen en bestuderen. Het centrum van de Bijbel is de boodschap van Gods openbaring in Jezus Christus. In Hem ziet God de mens liefdevol en barmhartig aan. Deze duidelijke, evangelische boodschap laat de kerkmensen in Weissenbach niet onberoerd. Bucers optreden verwekt veel onrust in de stad en leidt er uiteindelijk toe, dat hij moet vluchten. Midden in de nacht gaat hij er vandoor, samen met zijn zwangere vrouw. Hun reisdoel is nu Straatsburg, de plaats, waar ze een groot deel van hun leven zullen doorbrengen.
Bakermat van de Reformatie
De vrije Rijksstad Straatsburg telde in die tijd zo'n 25.000 inwoners en behoorde tot de grootste steden van het Duitse Rijk. In economisch en cultureel opzicht werd de plaats gerekend tot de voornaamste centra van Europa. Wanneer Bucer midden mei 1523 in Straatsburg aankomt, is het vuur van de Reformatie al naar deze stad overgeslagen. Niet zonder reden wordt Straatsburg weleens getypeerd als de bakermat van de Reformatie. Als één der eerste vrijsteden van Europa heeft Straatsburg openlijk de zijde van de Hervorming gekozen.
Het is de prediking van Jean de Kaiserberg, die hier de weg baande voor de reformatorische boodschap. Bovendien hadden diverse boekjes van Luther hun weg gevonden onder de bevolking van de stad. De uitvinding van de boekdrukkunst maakte het in deze periode mogelijk, dat bepaalde opvattingen razendsnel over Europa verspreid werden. In 1519 komen zo'n zestal werkjes van de Wittenberger hervormer in Straatsburg van de persen en een jaar later zijn dat er al zestien. De grote stimulerende kracht van de Hervorming in Straatsburg is Matthias Zeil, de prediker van de Münstergemeente. Als één der eersten legt hij de Schriften uit in de geest van Luther. In de zomer van 1521 verklaart hij openlijk, voortaan alleen nog maar Gods Woord te willen verkondigen. Hij maakt dan een begin met de uitleg van de Romeinenbrief in reformatorische zin. Zeil is een echte volksprediker, die met zijn eenvoudige manier van spreken velen weet te boeien, niet alleen eenvoudige mensen, maar ook de meer ontwikkelde bewoners van de stad. Behalve deze welsprekendheid heeft hij ook mee, dat de Raad van de stad hem in veel opzichten gunstig gezind is.
Toch een plaats
Ondertussen lijkt het erop, dat er voor Bucer in Straatsburg geen plaats is. Men verleent hem weliswaar bescherming tegen vervolging, maar zijn herhaalde verzoek om het burgerrecht van de stad te verkrijgen, wordt één en andermaal afgewezen. Ook wordt hem niet toegestaan het Johannesevangelie publiekelijk uit te leggen. Bij Matthias Zeil thuis behandelt hij in kleine kring de brieven van Paulus en zijn gastheer laat hem onofficieel enige diensten verrichten. Maar daar blijft het bij. Een vaste aanstelling als predikant zit er niet in. Deze maanden van gedwongen niets-doen benut Bucer voor het schrijven van enkele publicaties, waarin hij zijn nieuwe inzichten vastlegt en tevens alle aantijgingen, die tegen hem worden ingebracht, weerlegt. Allerlei praatjes doen over de ex-monnik, nog wel met een ex-non getrouwd, de ronde. Of zijn verweer effect gehad heeft, weten we niet, maar vast staat dat hij na enige tijd een benoeming krijgt als evangelisch predikant. De gemeenteleden, met name het gilde van de gaardeniers, hebben erop aangedrongen dat Bucer hun voorganger zou worden. Nu kan hij zich helemaal gaan wijden aan de zaak waaraan hij zijn hart heeft verpand. Voorlopig zal zijn rol nog een ondergeschikte zijn. Matthias Zeil is nog steeds de meest gewaardeerde prediker in Straatsburg. Als het gaat om theologie en kerkpolitiek, heeft Wolfgang Capito veruit de meeste invloed en ook zijn collega Caspar Hedio staat vooralsnog in hoger aanzien dan Bucer. Maar binnen heel korte tijd zal de Elzasser zijn plaats weten te verwerven. Hoewel hij daar zelf volstrekt niet op uit is, wordt hij spoedig de onbetwiste leider van de reformatorische beweging in dit deel van Duitsland.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 oktober 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 oktober 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's