De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Opbouw van de gemeente in een tijd van geestelijke verschraling (1)

Bekijk het origineel

Opbouw van de gemeente in een tijd van geestelijke verschraling (1)

Ambtsdragersvergadering (G.B.) september 1991

10 minuten leestijd

Inleiding
'Gemeente-opbouw is allerwegen een programwoord, bijna een toverwoord', zo sprak prof. Te Velde bij de openlijke aanvaarding van het ambt van hoogleraar aan de Theologische Universiteit te Kampen. Aan de Sociale Academie 'De Vijverberg' in Ede wordt een cursus kerkelijk management aangeboden.
Het blijkt dat we als hervormd-gereformeerden met ons thema 'bij-de-tijd' zijn. Dat is goed en nodig. We worden immers geroepen vanuit het oude geloof op de vragen van deze tijd antwoorden te geven.
De actualiteit van hetbijbels-gereformeerd belijden moet onder ons aan de oppervlakte komen. Het moet gehoord en gezien worden.
Bij alles wat er verschijnt m.b.t. 'gemeenteopbouw' is er veel kaf onder het koren. Vele concepten die de laatste halve eeuw op tafel gelegd zijn, wijken af van de enige norm: de Heilige Schrift.
Sommige zijn geesteloos, om niet te zeggen: goddeloos.
Men wil bouwen. We vragen: op welk fundament?
Men wil verbouwen. Echter, wanneer de verbouwingsopruiming wordt aangekondigd, houd je je hart vast wat er allemaal van de hand gedaan wordt.
Bezinning is nodig. Bezinning rondom Schrift en Belijdenis. Het zal ons te doen moeten zijn om Gereformeerde gemeenteopbouw. Ook in deze is een nieuwe oriëntatie op de Reformatie noodzakelijk.
We willen het thema vanavond aan de orde stellen aan de hand van een aantal punten.

1. Motieven
Wanneer we vragen naar de oorzaken waarom vandaag de dag gemeente-opbouw zo in de belangstelling staat, zien we dat vooral negatieve factoren een rol spelen.
1.1. Negatief
Grote nadruk wordt gelegd op de verschillen tussen de tijd van het Nieuwe Testament en onze tijd. De nieuwtestamentische gemeente vormde een minderheid in een wereld die goeddeels nog vóór de ontmoeting met het evangelie stond. De gemeente vandaag staat in een cultuur die gekarakteriseerd kan worden als post-christelijk. Ze leeft in een geseculariseerd klimaat, in een wereld die bewust zonder God wil zijn. De betekenis hiervan wordt maar al te weinig beseft. Vele christenen zijn tegenover de tijdgeest slap en weerloos. Door deze slapheid en weerloosheid weten vele ouderen weinig over te dragen aan het navolgende geslacht. Het gevolg is dat jongeren zich afwenden van confessie, traditie, moraal en gezag. De algemene tendens is dat de kerken leeglopen.
Hoe zullen wij gemeente-zijn in deze tijd. Dat is de vraag. De gemeente die zo hopeloos verdeeld is. De gemeente, waar de polarisatie toeneemt.
We bevinden ons in een crisis, die de crisis is van de oude Europese cultuur, die in heel de samenleving diep ingrijpt en haar radicaal aan het veranderen is. Het alledaagse levenwordt onttrokken aan de invloedssfeer van de kerk. Wie in 'God' wil geloven, die kan gerust zijn gang gaan. Maar voor het publieke leven is Hij er niet meer. De religie verhuist naar de privésfeer. Christenen mogen in Gods-naam hun stempel niet meer op het leven zetten. Dat is discriminatie.
God is een factor geworden in een wereld, waar de mens centraal staat. De kerk telt nauwelijks meer mee in het publieke leven. Ze is niet meer relevant. Ze heeft geen boodschap meer, waar het grote 20e-eeuwse publiek op zit te wachten. De mens duldt geen gezag van bovenaf.
Pascal heeft geschreven: het is de kwaal van de mens te geloven, dat hij van nature de waarheid bezit.
De Heilige Geest leert ons belijden dat wij van nature haters zijn van de God der waarheid. Wedergeboorte is levensnoodzakelijk. Geboren worden uit de God der waarheid. Echter: voor velen is God dood en 'moeder de kerk' op sterven na dood.
Hoe zullen wij gemeente zijn en de gemeente bouwen in deze geseculariseerde wereld?
Op zoek naar wat die secularisatie is, zijn er termen gevonden 'Godsverduistering' is zo'n term, geïntroduceerd door de joodse godsdienstfilosoof Martin Buber.
Godsverduistering is niet hetzelfde als wat de God-is-dood-theologie aan de orde stelde. De Godsverduistering is radicaler. God Zelf is de afwezige voor het besef van de mensen. Hij is er niet alleen niet meer. Hij behoeft er ook niet meer te zijn. Mensen kunnen zonder Hem. Bij alles wat gebeurt, wordt God er buiten gehouden. Zijn naam wordt niet meer genoemd.
Het is haast overbodig om u er op te wijzen dat dit klimaat waarin wij als gemeente leven, grote invloed heeft. Op de ouderen maar niet in het minst op de jongeren, die vaak als eersten met allerlei veranderingen te maken hebben.
Opbouw van de gemeente in een tijd van geestelijke verschraling.
Geestelijke verschraling wanneer we het geheel van de kerk overzien, maar niet in het minst de gemeenten van hervormd-gereformeerd signatuur. We noemden zojuist: afkeer van confessie, traditie, moraal en gezag. Dé waarheid bestaat niet meer. Ambtsdragers, die in alle ootmoed 'in de waarheid wandelen' omdat ze 'uit de waarheid zijn' worden niet meer serieus genomen. Op de meerdere vergaderingen van de kerk wordt men 'aangehoord'. Wie het woord 'verlegenheid' – in bepaalde zin – maar veel gebruikt, vindt gehoor. Wie de twijfel verheerlijkt, wordt beroemd. Beroemd. Benoemd. Van kansel en katheder klinkt het: hier sta ik, het kan ook anders. Twijfel is de hoogte zekerheid.

'Wereld'
Ook onder ons is er veel meer 'wereld' dan we meestal vermoeden. We moeten daaraan ontdekt worden. God Zelf moet er – ook bij ons – aan te pas komen. Het klimaat waarin we leven, de machten waaronder we leven zijn het, die de doorbraak van Woord en Geest blokkeren.
Geestelijke verschraling in de kerk, in de gemeente, op de scholen, in de gezinnen (ook die van ambtsdragers). Geestelijke verschraling in eigen hart. Zijn we als ambtsdragers modellen voor de gemeente? Voorbeeldig in het doen van goede werken, zuiver in de leer, oprecht van hart en wandel?
Wat spelen de zorgvuldigheden van het moderne leven ons parten. Jachtig is ons leven. Van alle markten moeten we thuis zijn.
Rijker wordt de gemeente aan mannen en vrouwen, die altijd leren en beleren, maar tot de kennis van Christus geraakt men niet.
Armer wordt de gemeente aan mannen en vrouwen die zich gedurig oefenen in de verborgenheden van het geloof. Mensen met een bijbelse nuchterheid, een heldere geestelijke kennis waar je als ouderen en jongeren graag eens even binnenstapt met je vragen aangaande dit leven en het toekomende. Mannen en vrouwen als Aquila en Priscilla, die anderen 'de weg Gods' nauwkeuriger weten uit te leggen.
Handhaving van het gezag van de Schrift en de Belijdenis is nodig. Maar wat te zeggen als dat alles maar een uitwendige zaak is?
Schriftkritiek wijzen we radicaal af.
Maar wat te zeggen van een levenswandel die één grote kritiek is op het Woord des Heeren?
Men zegt dat als gevolg van de 'cultuuromslag' het Woord Gods niet meer zo landt zoals dat vroeger het geval was.
Het menstype van nu zou anders zijn dan van enkele decennia geleden. Oppervlakkig gezien willen we het beamen. Fundamenteel genomen wijzen we het radicaal af. We zullen, juist als ambtsdragers, ontdekkend bezig moeten zijn. Met de Schrift in de hand moeten aantonen dat de mens voor Gods aangezicht gedaagd sinds Genesis 3 dezelfde is. De vraag is of we nog wel ontmaskerend bezig zijn. Zijn we zelf ont-maskerd?
Wanneer we spreken over onze tijd als een tijd van geestelijke verschraling in de gemeente, moeten we dan niet vrezen voor de praktijk van het uitdoven, het uitblussen van de Geest?
Zijn we als ambtsdragers wel instrumenten van de Geest? Zijn we werkelijk 'boodschappenjongens' van de Meester, die gedreven door Zijn Geest slechts het Woord van de Meester doorgeven?
Wordt de stem van de Herder gehoord wanneer wij preken en spreken?
Men zegt dat in prediking en pastoraat het zo ontbreekt aan een spreken in betoning van geest en kracht. Het lijkt onder ons veelal nog wel schriftuurlijk-bevindelijk, maar schijn is nog geen zijn!
Ook wanneer alles 'waar' is wat gehoord wordt, kan het nog zo schraal, zo rationeel zijn.
Tenslotte wat dit punt betreft: geestelijke verschraling als gevolg van uitslijting van het zondebesef De leer van de rechtvaardiging van de goddeloze wordt hier en daar tot 'de rechtvaardiging van de goddeloosheid'. Goddeloosheid is de aanduiding van een zaak die het tegenovergestelde is van 'godsvrucht'. Goddeloosheid wil zeggen: geen eerbied, geen respect hebben voor God, voor wat Hij verordend en ingesteld heeft.
De vraag wordt gesteld: wat is zonde? Er wordt nog wat genoemd. De één weet het erger te maken dan de ander. Maar wie komt na een lange lijst toe aan de wortelzonde? Het ongeloof!?
Uitsluiting van zondebesef. Vervaging van christelijke waarden en normen. Andries Knevel heeft duidelijk aangetoond dat de media, inzonderheid de t.v., één van de grootste oorzaken is.
Het verontrust mij, dat velen (noodgedwongen) het boekje weliswaar prijzen, maar toch weer gaan relativeren en nuanceren. We zijn Knevel dankbaar voor deze eye-opener. Ik vrees dat ook zijn stem zal zijn als van één die roept in de woestijn. Over verschraling gesproken!

Heroriëntatie
Alles wat tot dusver naar voren is gebracht heeft in veel kerkgemeenschappen geleid tot diepgaande bezinning op het gemeente-zijn. Er is heroriëntatie op gang gekomen. Het plaatje van de kerk wordt allerwegen gehouden tegen het licht(!) van onze moderne tijd en men zegt: zo kan het niet meer. We zitten vastgeroest in verouderde vormen en achterhaalde structuren, die weinig mensen meer aanspreken. Zeker de jongeren niet meer. Het is tijd voor renovatie. De negatieve ontwikkeling moet gestopt worden. Ze moet zo mogelijk omgebogen tot een positieve ontwikkeling.
En toch, wanneer we slechts om al deze negatieve motieven ons zouden bezighouden met gemeente-opbouw, zou dat niet recht zijn.
Alsof gemeente-opbouw niet nodig zou zijn als de kerk de wind in de zeilen had.
Neen. Met alle nadruk willen we stellen dat opbouw van de gemeente altijd en in alle omstandigheden noodzakelijk is. Zolang de christelijke gemeente bestaat, is er opbouwwerk gedaan.
De gemeente van vandaag zullen we stel­len in het licht (!!) van Gods Woord. Dan komt openbaar wat openbaar moet komen; en nog veel meer...
1.2. Positief
We dienen de gemeente op te bouwen vanuit een positieve motivering. Tussen Pinksteren en wederkomst is Christus door Zijn Geest en Woord bezig Zich een (bruids)gemeente te vergaderen. Hij zal haar eenmaal zonder vlek of rimpel, als een prachtige bruid aan de Vader voorstellen. Echter: het is nog niet zo ver. Er wordt nog aan gewerkt. Ambtsdragers worden genoemd: Gods mede-arbeiders. Onze handen gelegd in Zijn handen, ons hart aangelegd op zijn hart, zo zullen we be-gaaf-de medearbeiders Gods zijn. Ook in onze tijd, tijd van geestelijke verschraling. De tijd waarvan in de Heilige Schrijft gesproken wordt: het laatste der dagen (Matth. 24). De tijd waarvan Christus heeft gezegd: zal Ik dan nog dat geloof (gekenmerkt door volhardend gebed) vinden op de aarde (Luk. 18). De tijd van de openbaring van de mens der wetteloosheid, de zoon des verderfs (2 Thess. 2). De tijd van de grote weeën (Openb. 9). De tijd waarin mensen kittelachtig van gehoor zullen zijn en men een top-tien van herders en leraars erop na zal houden (2 Tim. 4).
Wat te doen in deze tijd?
De apostel Judas schrijft: Maar geliefden, bouwt gij uzelf (en anderen) op uw allerheiligst geloof, biddende in de Heilige Geest; Bewaart uzelf (en anderen) in de liefde Gods, verwachtende de barmhartigheid van onze Heere Jezus Christus ten eeuwigen leven (vs. 20, 21).
Zolang Christus nog niet verschijnt op de wolken des hemels is er werk aan de kerk.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 november 1991

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Opbouw van de gemeente in een tijd van geestelijke verschraling (1)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 november 1991

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's