Madrid en Jeruzalem
Een verwachting uitspreken met betrekking tot het vredesoverleg in Madrid is nauwelijks mogelijk, want de politieke tonelen wisselen met de dag. Het is al een wonder, dat men samengekomen is. We mogen alleen hoop hebben op vrede. Vrede in het Midden-Oosten. Vrede ook en vooral voor Jeruzalem. Op de zondagen wordt in de samenkomsten van veel gemeenten voorbede gedaan voor Jeruzalem, gedachtig aan het woord van psalm 122. Maar Jeruzalem is zozeer centrum en brandhaard in het Midden-Oosten, dat we zeggen kunnen dat, wanneer het in Jeruzalem vrede is, het voor het Midden-Oosten vrede zal zijn. Toen Israëls generaal Mosje Dajan, bij het eind van de zesdaagse oorlog na de inname van Jeruzalem bij de Klaagmuur stond, heeft hij gezegd: dit geven we nooit meer terug; maar Jeruzalem zal wel een stad zijn, waar volkeren en godsdiensten in vrede kunnen samenleven. Van die vrede is de laatste jaren weinig gebleken. Maar wat niet is kan nog komen.
Waarom brandpunt
Waarom is Jeruzalem brandpunt? Onder andere ook omdat de drie grote religies — jodendom, christendom en islam — er samenwonen. En religie en politiek zijn nu eenmaal in het Midden-Oosten sterk verweven. Ieder claimt die stad, soms als 'heilige stad.' Christenen zeker maar niet van een heilige stad spreken. Dat geldt alleen voor het Jeruzalem dat boven is. Bovendien spreekt de Schrift alleen dáár van heilige grond, waar God Zich openbaart, bij het brandende braambos. Daar moeten de schoenen van de voeten.
Maar God heeft Zich wel geopenbaard in die concrete stad Jeruzalem. Van Jeruzalem zei de Heere zelfs, dat er sinds de uittocht uit Egypte voor Hem geen andere plaats was om een huis te bouwen, dat Zijn Naam daar zou wezen, dan Jeruzalem. Hij verkoos die stad om er temidden van Zijn volk te wonen (2 Kron. 6 : 5). Daar was de tempel. Aan die stad ligt voor de joden derhalve een bijzondere geschiedenis ten grondslag.
Maar intussen is Jeruzalem ook een 'heilige stad' geworden voor de islam. Daar heet Mohammed ten hemel gevaren te zijn, vanaf de plaats op het tempelplein waar nu de Rotskoepel staat, de plaats waar Abraham Izak zou hebben geofferd. Daarom is de plek, waar de klaagmuur grenst aan het tempelplein, met de moslimse heiligdommen, hèt concentratiepunt van Jeruzalem. Daar botsen de religies. En dat heeft — of men het aldaar nu echt religieus wenst te duiden of louter historisch — grote politieke consequenties.
Daar claimen de joden hun hoofdstad, ten spijt de ontkenning daarvan door de wereld.
Daar claimt de islam het recht op de stad, als hoofdstad voor de palestijnse staat.
Jeruzalem, capitool voor Israël en voor de palestijnen, zo luidt het devies aan de twee kanten van de strijdlinie. En daarom zal er vooral nog wel heel wat water door de Jordaan stromen vóórdat er een oplossing voor Jeruzalem is gevonden in het nu aan de orde zijnde vredesproces. Maar dat het ooit nog een gedéélde stad zal worden lijkt onwaarschijnlijk. Of het moet langs de weg van nieuwe (godsdienst)strijd gebeuren.
Stel dat de joden het in hun hoofd zouden halen de tempel te gaan herbouwen. Daar peinst het overgrote deel van joden niet over. Dat is dan ook niet aan de orde. Dat zou namelijk moeten gebeuren op de plek waar de moslims hun heiligdommen hebben. Het zou een ramp in de geschiedenis zijn; leiden tot een echte godsdienstoorlog. Wel zijn bepaalde christenen in dit opzicht joodser dan de joden. Wat in Israël nauwelijks leeft accentueren bepaalde christenen heel sterk. De tempel zal herbouwd (moeten) worden. Zo leeft het gelukkig in Israël niet.
Maar terùggave van de herwonnen stad zit er bij Israël zeker niet in. Daarvoor is de stad historisch teveel met het land en met het volk in het land verweven. In Israël wordt dan ook wel gezegd, dat voor de islam de stad Jeruzalem niet de éérste heilige stad is (dat is Mekka) maar voor de joden is er geen twééde stad als Jeruzalem.
Maar overigens wonen er in Jeruzalem wel joden èn palestijnen, die intussen mèt elkaar niet kunnen. En er zal toch iets moeten gebeuren wil het ooit vrede zijn in Jeruzalem. Zoals het nu is — is gewòrden — kan het óók niet blijven. Dat houdt op den duur niemand vol. De sfeer van vijandschap moet tot toenemende verharding en verruwing leiden.
Jeruzalem dan maar onder internationaal bestuur? Het is een optie, die zeker voor Israël onaanvaardbaar lijkt. De stad is immers al (bij wet) uitgeroepen tot 'eeuwig ongedeelde stad'? De geleerden zijn het er echter niet over eens of internationaal bestuur met bestuursmandaat voor Israël een haalbare kaart is. De tijd zal het leren.
Vooralsnog is Jeruzalem de lastige steen. Als we evenwel bidden om de vrede van Jeruzalem dan mag ook ingewacht worden een ongedachte oplossing van de Andere Zijde, waarbij mensen overigens wel worden ingeschakeld.
Twee volkeren
Hoe men nu ook verder nu over Israël en zijn toekomst moge denken, feit is dat het palestijnse volk niet minder een volk is dan het volk der joden. Het is wel alleréérst een onmiskenbaar feit, dat de palestijnen zich onmogelijk hebben gemaakt tijdens de Golfoorlog, toen de PLO de zijde van Saddam Hussein koos en het volk juichte, omdat de scuds op Tel Aviv vielen. Dit alles vergeet de wereld kennelijk weer snel, want in de kortste keren lijkt de zaak van de palestijnen ook in Madrid in hoog tempo opgewaardeerd te zijn. Daarbij zal wel mede een rol spelen, dat de PLO geen gesprekspartner is in Madrid. Maar de palestijnen zijn er wel bij. En dat is wenselijk. Want het gaat wel om een heel volk met enkele miljoenen mensen.
Persoonlijk ben ik onder de indruk gekomen van de deplorabele, uitzichtloze situatie, waarin het palestijnse volk is komen te verkeren na het debâcle tijdens de Golfcrisis. Het mocht opmerkelijk heten, dat palestijnse jongeren(!) in de Gazastrook vredestakken boden aan Israëlische militairen. Daar is het het meest problematisch. Dat schrijf ik hier gewoon om puur menselijke redenen, niet om af te dingen op de eerste oorzaak van het conflict en van de bezettingen door Israël in het jongste verleden. Want die ligt m.i. onmiskenbaar en eenzijdig bij de arabische volkeren en daarin ook bij de palestijnen, gezien de voortdurende arabische agressie.
Maar als twee volkeren niet meer binnen dezelfde grenzen samen kunnen leven moet er, wil verder bloedvergieten worden voorkomen, een oplossing komen voor een andere vreedzame coëxistentie in het Midden-Oosten. Het zou in dit verband symbolisch kunnen zijn, dat er in Madrid een jordaans-palestijnse delegatie vertoeft. Dat zou een voorbode kunnen zijn van een oplossing (federaal) in Jordanië zelf, waar meer dan de helft van de bevolking al uit palestijnen bestaat. De ruil van land voor vrede lijkt in ieder geval veel van haar mogelijkheid en aantrekkelijkheid te hebben verloren. En àls (nog) deze in het geding is dan lijkt participatie van Jordanië daarvan niet meer uit te sluiten te zijn.
'Groot Israël'?
Ik heb er nooit een geheim van gemaakt, dat de zogeheten 'Groot-Israël visie' niet te delen. Ook wie uitgaat van een bijbels (historisch) recht op het land (Palestina) voor de joden, loopt toch aan tegen wisselende grenzen in de Bijbel. Per uiterste consequentie zou Israël direct naar Damascus moeten opstomen.
Als Israël echter principieel de grenzen verlegt, strijdt dat mijns inziens met normen van recht en gerechtigheid (verg. Hosea 5 : 10). Maar daarmee is nog niet gezegd, dat Israël nu opeens de bezette gebieden moet teruggeven. Wie heeft daarop nu echt historisch recht? Die vraag is nog niet zo eenvoudig te beantwoorden.
Aan Shamir (en de zijnen) wordt zulk een principiële Groot Israëlgedachte ook toegeschreven in de publieke opinie. Met zoveel woorden stond dat ook in een artikel in Hervormd Nederland van vorige week. Dat mag echter voor Shamirs voorganger Menachem Begin hebben gegolden, het geldt niet voor Shamir. Het was de orthodox-joodse rabbijn L.B. van der Kamp, die dezer dagen in Trouw schreef, dat Shamir niet religieus is. Zijn motieven om de bezette gebieden niet terug te geven — en kennelijk ook die van Van de Kamp — zijn politiek van aard. Het gaat hem om de veiligheid van zijn land en de grenzen ervan. En heeft hij, gezien de harde opstelling van de omringende volkeren sinds de vestiging van de staat Israël, niet alle reden daartoe? Alleen Egypte sloot vrede. En de PLO wil bij statuut (tot heden) Israël de zee indrijven.
Ook wat de Groot Israëlgedachte betreft gaan echter bepaalde christenen, met name rondom de Christelijke Ambassade in Jeruzalem, soms verder dan vele joden. Deze Groot-Israëlvisie draagt intussen dunkt mij weinig bij aan vrede in die regio.
In de publieke opinie in de wereld is langzaam maar zeker eenzijdig verzet gegroeid tegen de onwil van Israël om de bezette gebieden terug te geven. Maar het gaat ook om een even hardnekkige onwil van de arabische volkeren om vrede te sluiten.
Daarom lijkt de vrede in het Midden-Oosten ook nog ver. Maar hiermee zijn we ook weer terug bij het begin. Want ooit sloten Sadat en Begin (!) vrede. Zo kunnen ook vandaag de harten van enkelen in Madrid, of waar dan ook geconfereerd wordt, genéígd worden tot vrede.
Als het dan in Jeruzalem vrede zal zijn, dan ook in het Midden-Oosten. En als het in het Midden-Oosten vrede is, dan ook in de wereld(?). Want we hebben ruim een jaar geleden ons hart toch vastgehouden?
Als er gebeden is en wordt om vrede, dan zal ook gehoopt mogen worden op een rechtvaardige oplossing voor twee volkeren.
Maar als we het scherp stellen is het zo in Madrid: het gáát om vrede maar het drááit om Jeruzalem.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 november 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 november 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's