Te koop gevraagd: een herberg!
(Even weg van de 'snelweg'...)
In de vakantie kreeg ik een boek van D. de Wit onder ogen. De Wit schrijft daarin over de kerkelijke situatie van Kootwijk in de 19e eeuw. Op boeiende wijze weet hij het plaatsje Kootwijk te schilderen als een klein gehucht, verscholen achter bossen en gelegen nabij uitgestrekte heidevelden en zandverstuivingen. Het moet er geweldig stil zijn geweest. Adembenemend stil! Voor onbekenden een onbereikbaar oord. Zelfs de Fransen wisten Cote-Vick (de voormalige naam van Kootwijk) destijds niet te vinden. Het verhaal gaat, dat de eigen inwoners, die terug van weg geweest, op huis aan trokken, hun eigen dorp nauwelijks konden vinden. Het gezegde: 'Met de zon in de rug, kom je wel weer terug', ging dus kennelijk voor hen niet op. Een dorpje op de Veluwe van enkele huizen destijds en een kerk. De Wit schrijft, dat in de 19e eeuw gedurende een lange periode de gemeente het zonder predikant moest doen. Niemand wilde naar Kootwijk. Er was nauwelijks te leven van een veel te geringe vergoeding. Ook al zou de predikant naast zijn ambt het beroep van agrariër uitoefenen, dan nog zou hij moeten leven onder erbarmelijke omstandigheden. Een handje vol mensen probeerde het kerkelijke leven gaande te houden. Toch zou Kootwijk later naam krijgen door het 'kerkje op de heuvel'. Kootwijk ging mee met de doleantie. Gedreven door de idieeën van dr. A. Kuyper en geadviseerd door mr. dr. Willem van den Berg, kon de toenmalige predikant Houtzagers het in de hervormde kerk van Kootwijk niet meer uithouden. Hij werd 'Gereformeeerd' predikant. Het kerkje op de heuvel staat er nog, met ernaast de thans leeg staande school met den Bijbel. Wat zal er destijds door Houtzagers christelijke onderwijs zijn gegeven! Het was niet voor niets een school met den Bijbel! Bijzonder onderwijs, in plaats van openbaar! Enkele honderden meters verder staat de hervormde kerk op de Brink. Toen, een eeuw en meer geleden, bezocht door enkele kerkgangers uit Kootwijk en omgeving. Nu een volk, dat wel erg vroeg moet zijn op zondag, wil men van een plaatsje verzekerd zijn. Het blijft een klein kerkje. Maar honger naar de Gereformeerde prediking is er! Het dorpje is klein en verscholen gebleven, met enkele 'herbergen' voor toeristen en fietsers! En de jachtopziener, die zit er ook wel vaak. Het zand is er ook (nog)! Je kunt er uren dwalen, zonder iemand tegen te komen. Een lustoord voor dichters en schilders en mensen, die de stilte aangrijpen om in stilheid tot God te roepen.
Op de plaats rust!
Er is vandaag naast honger naar het Woord van God, ook nog een andere honger. Er is bij veel mensen (ook kerkmensen) honger naar geborgenheid, liefde, aandacht en rust. Honger naar eten is er ook! Denk maar aan de vele schrijnende situaties in Afrika bijvoorbeeld. Er is honger naar onderdak, naar rust, veiligheid, naar een huis om in te wonen, a home to live! (Ik verwijs hier graag naar het HGJB-projekt!) Er is altijd behoefte geweest aan rustplaatsen. Aan plaatsen om op adem te komen. In de Bijbel lezen we er al van in de gelijkenis van de Barmhartige Samaritaan. Ook de Heere Jezus zocht de rust op om te bidden, om te rusten. Vandaag gaat het naast de lust om de Heere te vrezen, ook om de rust de Heere te vrezen.
Er is zoveel onrust, tijdsdruk en stress, dat er voor het vrezen van Hem vaak nauwelijks tijd en ruimte meer is. Dat moet ons ambtsdragers en allen die bezig zijn met vorming en toerusting van ambtsdragers en gemeenteleden te denken geven!
Blijft er naast de vele vergaderingen, deelname aan allerlei bijeenkomsten, instruktiedagen en cursussen nog rust over voor de stille omgang met God?
Ik keer nog even terug naar de stilte van de Veluwe. Vroeger, een eeuw geleden, kon je dat de hele Veluwe wel zeggen: 'Stilte'.
Stilte was er bijna overal. Vandaag is dat anders. Verschillende dorpen zijn bijna verstedelijkt. Wegen zijn aangelegd, militairen hebben er hun oefenterreinen, heidevelden zijn zandverstuivingen geworden en veel terrein is afgegrensd voor rekreatiedoeleinden. Campings en vakantieparken zijn er in overvloed! Gelukkig zijn bepaalde natuurterreinen gebleven. Grote stukken zijn nog in ongerepte staat... Er zijn nog plaatsen waar je kunt lopen en niets anders kunt horen dan het ruisen van de wind en hier en daar het geluid van wat vogels! Adembenemend op die plekken te zijn.
De auberge Zuid Ginkel ligt tussen Ede en Arnhem. Vlak bij het natuurterrein Planken Wambuis en gelegen tussen de Ginkelse heide en de Edese heide. Er tegenover staat de prachtige Schaapskooi, van waaruit nog elke dag de schaapsherder met zijn kudde, de grote en stille heide opgaat. De 'auberge' — nu specialiteiten restaurant — herinnert aan de tijd van vroeger. Eens was deze 'auberge' een herberg, een pleisterplaats voor doortrekkende reizigers in dit wel haast onherbergzame oord. Toen waren er de 'pannegies', waaruit overheerlijk eten voor vermoeide en hongerige mensen kon worden opgeschept.
Ik kan me zo voorstellen, dat Ds. Otto Heldering op weg van Zetten naar Hoenderloo, hier ook wel neergestreken is om op adem te komen en uit te rusten. Om vervolgens een oase te scheppen voor de arme bevolking van Hoenderloo, om hen zo van water te voorzien. Wat zullen die mensen daar toen blij mee zijn geweest. Deze oase was echter meer dan alleen een plek om water te putten. De put vormde ook een pleisterplaats, een gemeenschapsruimte. Er kwam onderling sociaal verkeer. Behoefte om elkaar (uit de put) te helpen, te ondersteunen en van dienst te zijn. Onderlinge ervaringen werden uitgewisseld. Mensen, die eerst vreemd voor elkaar waren werden broeders en zusters.
Zo kan een eenvoudige waterput van groot belang zijn voor heel veel meer dan alleen water. Dat geldt ook voor een herberg. In eerste instantie gaat het om brood, een bed voor de nacht, een plaats om te rusten. Maar het gaat in een herberg niet om water en brood alleen. Het gaat om meer. Meestal werden onderling boodschappen doorgegeven. Herbergen waren vroeger ook 'nieuwsplaatsen'. Goed nieuws en slecht nieuws. Het werd aan elkaar doorgegeven. Wellicht werd er ook gesproken over de Goede boodschap van God. Aan de verschillende tafels werd over van allies en nog wat gesproken. Degene die het meeste wist, was de herbergier.
Hem kon je vertrouwen, met hem ook was het mogelijk een vertrouwensrelatie te krijgen!
En... 'Zoals de waard is, vertrouwt hij zijn gasten'.
Herbergen nu
De herbergen van toen, zijn de specialiteitenrestaurants van nu. De mensen zijn er van harte welkom voor een uitgebreid à la carte-menu met wild uit de achtertuin. Maar... zonder een portemonee kom je niet veel verder dan de mat, waarop het 'welkom' met de voeten wordt afgeveegd.
De herbergen van toen waren er ook voor berooiden en zij, die geen enkel thuis kenden, voor wie niemand een 'praatpaal' was. Voor hen gaf een herberg even sfeer en geborgenheid en vooral ook even de ruimte om 'gehoord' te worden. In de gelijkenis van de Barmhartige Samaritaan is het de Samaritaan, die als diaken een medemens naar de herberg brengt en de herbergier de opdracht geeft om het gevallen slachtoffer te verzorgen. Inderdaad! Diakenen vandaag behoeven niet alles te doen! Wel gaan zij op zoek naar mensen, die slachtoffer zijn geworden van heel veel wat in deze tijd mis is. Ik noem: de verslaafden, de WAO-ers, de asielzoekers, de 'relatiegestoorden', de overspannen broeders en zusters, de eenzamen, de zgn. 'randgroepjongeren', mensen, die aan de onderkant van de samenleving leven, seksueel misbruikte mensen enz. enz. Diakenen mogen hen leiden tot herbergen. Zijn die er dan? Eigenlijk maar enkele, dus veel te weinig!
Een missie
De IZB voert een missie uit om alle kerkeraden, predikanten en diakonieën ervan te overtuigen, dat een herberg vandaag broodnodig is. Ik hoop dat deze missie geen omissie wordt. Geloven kost wat! Als het om de penningen gaat, is de missie bijvoorbaat al geslaagd. Er is geld in overvloed! Geloven is echter ook meer dan geld geven alleen. Geloven is ook een zeker weten, dat we er met elkaar voor kunnen zorgen dat er een herberg komt, maar ook dat we in staat zijn als gemeente – hoe klein ook – zelf een herbergfunktie te kunnen vervullen. 'Vergeet de herbergzaamheid niet', lezen we in de Hebreeënbrief. Vergader dan penningen als gemeente en schenk uw 'gastvrijheid' op deze wijze eens weg!
Dan kan er straks op de deurmat van de herberg 'Welkom' staan. Waar je zelfs zonder 'voetenvegen' en een goed gevulde portemonnee binnen mag. Een herberg plus! Wellicht maar dan eerste opvang of E.H.B.O.-post. Een herberg van waaruit er ook een heenwijzen zál zijn naar Jezus!
Opdat er weer rust en lust màg zijn om de Heere te vrezen en... te dienen...
Te koop gevraagd een herberg, herbergen! Om even weg te zijn van de 'snelweg' van het leven.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 november 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 november 1991
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's