De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

’Bijbel en ervaring’

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

’Bijbel en ervaring’

Gesprekken over een theologisch leven (prof. dr. H. Jonker ✝︎)

8 minuten leestijd

Ervaring in een grenssituatie Ziekenhuizen kende ik van pastorale bezoeken, niet als patiënt. Dat werd plotseling anders tijdens mijn emeritaat. Ik ben in Berg en Bosch viermaal opgenomen geweest. Tweemaal voor een ernstige operatie in 1985 en 1987 en tweemaal ben ik er meer dood dan levend binnengedragen; dat gebeurde in 1986 en 1989. Het gaat mij om die laatste twee keer. De medische complicaties laten we in het midden, belangrijk is wat me daar als Christus-ervaring is overkomen. De eerste keer vond dat dus plaats in 1986. Ik had zondag 15 juni, een zeer warme zondag, 's morgens in het wijkgebouw Leemkuul van de Hervormde Gemeente Ermelo gepreekt over het wollen vlies van Gideon uit Richteren 6 : 33-40. Om half tien was ik al met de auto weggegaan uit Bilthoven. Maar bij Amersfoort was er toen een wegomlegging en stonden er files. Ik kwam zo'n twintig minuten te laat in Ermelo aan. Maar de gemeente zal rustig te wachten. De dominee kan het zeker niet vinden, was de algemene gedachte. Voor een stil luisterend gehoor preekte ik typologisch over het mij opgegeven Schriftgedeelte: het wollen vlies vol dauw en de aarde droog, daarna het vlies droog en de ganse aarde vol dauw. Ik zag daarin merkwaardige typologische trekken in Gods handelen in Jezus Christus en betrok het geheel op 2 Korinthiërs 8 : 9. Daar zegt de apostel Paulus: 'Want gij weet de genade van onze Here Jezus Christus, dat Hij om uwentwil is arm geworden, daar Hij rijk was, opdat gij door Zijn armoede rijk zoudt worden'. Ik verkondigde de God van de geconcentreerde tegenstellingen: licht en duister, dood en leven, ondergang en opstanding, droogte en dauw. God zal Israël zijn als de dauw, en ik tekende de dauw als een genadegave uit de hemel in de dorre woestijn. Later heb ik de preek nog op een bandje beluisterd, door de goede zorgen van Ermelo aan mij toegezonden. Ik hoorde hoe ik toen bad voor de zieken in ziekenhuizen en ziekenkamers, ik dacht aan anderen, niet aan mijzelf, ik was toch gezond? Die nacht werd ik neergeveld, de volgende morgen per brancard als een ding vervoerd naar Berg en Bosch. Ik transpireerde als nooit tevoren, slechts tien centimeter was er tussen mijn hoofd en het plafond van de ambulancewagen. Het was alsof ik al in een doodkist lag. Een week lang lag ik als het ware op het droge land, de woestijn vol vijanden, het droge land waar niemand lafenis kan krijgen, voor de poorten van de dood. Maar toen ben ik vertroost door mijn eigen preek uit Ermelo. Het wollen vlies droog en het ganse land vol dauw. Christus arm geworden, daar Hij rijk was, opdat wij door Zijn armoede rijk zouden worden. Toen mocht ik daar mijn naam invullen, kon mijzelf aan Hem toevertrouwen, toen werd alles licht. En de Here God heeft mij opgewekt om nog een tijdje te leven. Typisch, ik preekte voor anderen, maar God paste het toe in mijn eigen existentie. Openbaring en ervaring vielen samen!, een wonderlijk geheimenis! Het verliep alles zo eenvoudig en gewoon. In Amsterdam bezocht ik eens een stervende vrouw. Zij zag een lichtend kruis aan het voeteneinde van haar bed. Dat heb ik niet meegemaakt, geen lichtende verschijning van Christus of zoiets. Voor mij waren de bijbelse woorden aangaande Christus genoeg, ze gingen in mijn bestaan in, ze werden tot ervaren waarheid.

'Contacten met boeren en daggelders — een typisch woord voor landarbeiders in de jaren veertig — in de Alblasserwaard, de boeren en kaashandelaren in Bodegraven, de Amsterdammers en de collega's van het predikanten-ministerie, de universitaire gemeenschap in Utrecht, mijn tochten naar Verdun en Parijs, mijn ervaringen als patiënt in Leersum en Berg en Bosch hebben zeer sterk mijn theologische ontwikkeling bepaald.'

Met deze passage uit het boek 'Bijbel en Ervaring' is wel de lijn gegeven van de 'gesprekken over een theologisch leven', zoals die gevoerd werden door dr. E.S. Klein Kranenburg met wijlen prof. dr. H(endrik) Jonker. De gesprekken werden gevoerd in de lente en zomer van 1990 bij Jonker thuis en tenslotte in het ziekenhuis, waar hij eind 1990 is overleden.


Wie prof. Jonker van nabij heeft meegemaakt en gekend, herkent in dit boek feilloos de naad van Jonkers theologische arbeid, die gekenmerkt was door een wisselwerking van de theologie en het gewone leven. Als gemeentedominee was Jonker bezig met de gemeenteleden in het leven van elke dag. Maar verder was hij rusteloos bezig met existentiefllosofen als Karl Jaspers (daarover ging zijn proefschrift) en Kierkegaard en Hegel, met de Franse Revolutie en met de slag bij Verdun in de Eerste Wereldoorlog, met de ontwikkelingen in de frontlinie van de theologie en met de politieke ontwikkelingen in de wereld. Altijd weer daalde hij als praktisch theoloog echter af naar het gewone leven en zocht hij de mens achter de dingen. Dat was ook kenmerkend voor zijn 'Kroniek' in Theologia Reformata.

Onze eigen eerste ontmoeting dateert uit de tijd van het Getuigenis (1971) toen positie gekozen werd tegen een verpolitiekte, messiaanse theologie. Sindsdien hebben we vele gesprekken gevoerd, zodat de inhoud van de gesprekken, die dr. Klein Kranenburg heeft weergegeven heel herkenbaar was. Allerlei momenten, die ook in het vraaggesprek met prof. Jonker voor dit blad aan de orde waren (Whvr. d.d. 10 nov. 1988), zijn ook in deze bundel te vinden. Ongetwijfeld zal intussen ieder, die dit boek ter hand neemt, geboeid worden door dit theologisch leven van de mens Jonker.

Ervaring
De titel van dit boek ligt in het verlengde van de titel, die werd gegeven aan de afscheidsbundel, die prof. Jonker kreeg aangeboden, toen hij aftrad als hoogleraar. Ervaren waarheid.
Ervaring heeft Jonker altijd in onderscheiden zin opgevat, namelijk de gewone levenservaring, de grenservaring ('De mens in grenssituaties'), de religieuze ervaring en de geloofservaring; maar wel met elkaar verweven. 'Wordt men geraakt door het Evangelie, — zo zegt hij — dan kan men spreken van geloofservaring. Dit alles staat niet buiten het leven, maar wordt ervaren midden in het leven'. Zo kritiseert Jonker de 'steile dominee', die de bijbelse boodschap tijdloos brengt en de mensen niet ziet. Hij zegt, dat veel prediking in de lucht blijft hangen of boven de hoofden als een zeepbel uiteenspat, als daarin niet een brug geslagen wordt naar de vragen, waar de mensen werkelijk mee bezig zijn.
Zo, midden in het leven staande, behoeft men als gereformeerd theoloog de eigen identiteit niet te verliezen. Hij zegt:

'De essenties van het gereformeerd belijden heb ik behouden en verdedigd, zoals: eerbied voor de Heilige Schrift als Woord Gods, het respect voor de prediking, de verbondsopvatting, de verzoening door het bloed van Christus (Zondag 1 Heidelbergse Catechismus), de noodzaak van wedergeboorte en bekering, de geloofskennis van ellende, verlossing en dankbaarheid — de trits uit de Romeinenbrief van Paulus —, de bevinding, die wat anders is dan "bevindelijkheid". Ik doe maar een greep. Het zou te wensen zijn dat de gereformeerde gezindte tegenwoordig meer oog had voor het gemeenschappelijke, dat ze bezit dan voor de secundaire ondergeschikte geschilpunten, die haar gescheiden houden.'

De verkiezing
In dit rijtje ontbreekt de uitverkiezing. Dat is niet geheel zonder reden. In het boek zegt Jonker — uiterst eerlijk en openhartig — dat hij zich sinds 1944 niet meer heeft beziggehouden, 'noch in preken, noch in publicaties en evenmin op college' met de uitverkiezing. Vanuit bepaalde pastorale ervaringen in zijn eerste gemeente hield hij er 'een trauma' van over. In die tijd moest hij er ook bewust een week tussenuit om, gezien bepaalde kennelijke vergroeiingen in de gereformeerde traditie, over een en ander na te denken en in het reine te komen.
Men verdenke Jonker er intussen niet van dat hij de uitverkiezing niet zou hebben beleden. Hij bekent (slechts) die theologanten te hebben gemeden, die met eigen gedachtenspinsels bezig waren en het geheimenis stukredeneerden. Jonker zegt, dat 'ieder Godgelovige, die uitgaat van een werkzame God', te maken heeft met het probleem van Gods gave en 's mensen verantwoordelijkheid. 'Alleen de gereformeerde vaderen hebben het probleem, goed of verkeerd, "to the bottom" doordacht'.
'Zo mengt Jonker zich in deze gesprekken ook (wèl) in een discussie, die in 1989 is gevoerd tussen Graafland en Berkhof over dit thema, in het blad Kerk en Theologie. Hij vindt daarvan overigens, dat Christus zo weinig ter sprake komt, "zonder Wie niet zinvol over de verkiezing is te spreken".'


Dit alles lezende zou men met Jonker nog verder (hebben) willen spreken over deze hartader van de gereformeerde theologie, met name ook over de dubbele predestinatie en de hantering daarvan, met name in de prediking. Dit laatste — zo leert de praktijk — brengt kennelijk òf tot verwondering en aanbidding òf (in de vergroeiingen althans) tot fatalisme, wat nooit de bedoeling van de Schriften kan zijn.

Opleiding
We hebben — om een ander moment uit dit boek te noemen — van nabij meegemaakt hoe Jonker de laatste jaren van zijn leven ingespannen mee bleef leven met de theologische opleiding van de aanstaande dienaren des Woords. Juist vanwege de wereld, waarin de predikant terechtkomt in zijn dagelijkse bediening, hechtte Jonker zeer aan een opleiding aan de openbare faculteiten. 'Hij komt dan in aanraking met de problematiek van de moderne cultuur. Als predikant zal hij er straks middenin komen te staan. 'Je draagt zelfs als theoloog — zo zegt hij — 'als een last de wereldvraagstukken je hele leven op je rug mee'. Moeite had Jonker daarom met de plannen van de Hervormde Kerk om te komen tot een eigen universiteit voor de opleiding van de dienaren des Woords (de IWOOT-plannen). Hij achtte de vorming aan een openbare school te verkiezen boven die aan een Theologische Hogeschool, volgens hem ten onrechte universiteit genoemd. In dit boek kan met het allemaal nog eens lezen.
In de dagen van de IWOOT-discussie hebben we uitvoerig met elkaar over deze zaak gesproken. Naar mijn overtuiging bracht prof. Jonker niet voldoende in rekening de snelle ontwikkelingen aan de openbare faculteiten, gezien de secularisatie ook in de (theologische) wetenschap en stond hem nog het oude (verouderde?) ideaal van de vroegere, hechte en goede saraenwerking, met name in Utrecht, tussen de kerkelijke opleiding en de staatsfaculteit voor ogen. Maar het wáárheidselement in zijn benadering was, dat ook de theologische vorming geschiedt in de contekst van een cultuur, waarin de dienaren des Woords hun arbeid doen en hun ervaring opdoen. In ieder geval is Jonker van de IWOOT-discussie niet echt vrolijk geworden.

Hoop
Intussen beleefde Jonker de ernst van de secularisatie heel existentieel. Maar nooit zonder hoop. Nehemia moest de muren van Jeruzalem bouwen onder heel moeilijke omstandigheden en onder groot verzet. Hij deed het niettemin in de verwachting, dat de God van de hemel het hem zou doen gelukken. Daarom is er ook vandaag 'geen plaats voor krampachtig activisme, evenmin voor heilloos defaitisme'.

Men moet zich dan ook door het verschijnsel kerkverlating niet laten verlammen. Dat ieder op zijn post blijft, is ook van het grootste belang voor de samenleving. Want als de duisternis het wint van het Licht heeft dat ook grote gevolgen voor 'het ethisch gehalte van de samenleving.' Daarom moeten we met 'de Zaak die Christus ons heeft opgedragen' bezig blijven, door goed en kwaad gerucht heen. Al besefte Jonker ook, dat de geschiedenis heeft geleerd, dat de kandelaar ook kan worden gedoofd.

Persoonlijk
Het laatste hoofdstuk van het boek — waaruit we uiteraard maar een greep kunnen doen — bevat een persoonlijk geloofsgetuigenis. Met aarzeling geeft hij prijs wat hij noemt zijn 'Christuservaring'. Hij doet het dáárom met aarzeling, omdat altijd de vraag gesteld kan worden: is het autenthiek, is het echt? Theologen zeggen al gauw: allemaal religieuze projectie! Hij wil zich ook niet vromer voordoen dan hij is. Maar de ervaring wàs echt. Datgene wat Jonker dan zei over zijn ervaring in Berg en Bosch, dient gelezen te worden zoals hij het zelf heeft verwoord. Daarom hebben we het niet samengevat maar hiernaast integraal afgedrukt.


Intussen zegt Jonker óók, dat het niet de bedoeling kan zijn, dat een prediker van allerlei uit zijn eigen bekeringsgeschiedenis gaat opdissen. Maar wel mag het zo zijn dat 'de doorleving van grenssituaties door de verkondiging heen verweven zit'. Hoe kan een prediker ook over de diepte van het ongeloof spreken, zegt hij, als hij de diepte ervan ook in eigen hart niet heeft gepeild en ondervonden?


Hiermee sluiten we deze wat meer uitgebreide aankondiging van het betreffende boek af. Al met al heeft dr. Klein Kranenburg — of liever prof. Jonker zelf, maar dan posthuum — ons een existentieel boek gegeven. Niet een boek, dat men lezen moet met een dogmatische meetlat ernaast. Wel een boek, waaruit voelbaar wordt een levenslange, existentiële worsteling met het leven, met de levenservaring in verschillende gestalten en daarin dan vooral de geloofservaring.
Een boek, dat intussen de lof zingt op Hem, die Triomfator over dood en graf is. Vaak haalde prof. Jonker aan — en het staat ook in dit boek — Jezus Christus 'Unica Spes', onze enige Hoop!

N.a.v.: Dr. H. Jonker en dr. E.S. Klein Kranenburg, Bijbel en Ervaring. Uitgave Boekencentrum, 's-Gravenhage, 192 pag., ƒ 35,75.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 december 1991

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

’Bijbel en ervaring’

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 december 1991

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's