Grote blijdschap, nu en straks!
Rond Advent en Kerst
want ziet, Ik verkondig u grote blijdschap... Lukas 2 : 10 midden
Kerst 1991... Wie in de grote wereld om zich heen kijkt, heeft bepaald geen reden tot grote vrolijkheid. Wie nog de woorden hoort klinken van onze vorstin in de troonrede: '1992 wordt een moeilijk jaar' zal ook al niet uitbundig jubelen. Zoveel mensen zijn er, die op de puinhopen van een stukgelopen huwelijk zitten, die verliezen van geliefden te betreuren hebben en als een berg tegen de feestdagen opzien, zeker geen vreugde bedrijven. Maar... toch is er adventsvreugde en grote kerstblijdschap in deze wereld, evenwel, ... van God uit, door Hem verkondigd.
Komt schikken we ons, als het moet ook ondanks onszelf en ondanks onze omstandigheden om te vernemen de aloude en altijd weer nieuwe tijding.
1. Deze blijdschap wordt vanuit de hemel bereid
En ziet, ... want ziet, ... dat klinkt kort achter elkander als de kerstboodschap wordt uitgezegd, 't Is ook heel bijzonder. Daarom: let op, geef uw ogen de kost! Neen niet uw lichamelijk oog. Dat ziet niets in het Kind van Bethlehem. Maar als u geestelijke ogen kreeg, als uw blinde zielsogen geopend werden, ja,... dan is 't anders. Span u dan in, 't is de moeite waard. Voordat de aarde er weet van krijgt, is de hemel in beweging. Kerstfeest begint... boven, bij God. 't Wordt eerst kerstfeest voor God dan ook kerstfeest voor en onder de mensen.
Engelen worden uitgezonden, neen zij brengen de Zaligmaker niet vanuit de hemel op de aarde, maar Zijn komst in het vlees bracht de engelen in beweging. Een hemelpredikant houdt op aarde de eerste kerstpreek. Een lichtende troongeest daalde af om in de velden van Bethlehem de tijding te brengen, dat het nu zover was. De volheid des tijds is gekomen. God heeft Zijn Zoon gezonden. De uitstralende luister van Gods deugden omgeeft herders, die de nachtwacht houden. Vrezen komt niet van pas, nu er stof tot vreugde is. Ik verkondig u... Hij stalt het geheimenis uit in zijn prediking. Ik verkondig u, eigenlijk: 'ik evangeliseer u', dat is goddelijke bekend making, prediking met de volmacht van God.
Eens moest God in de hof van Eden een cherub zenden, 'een brander', een hemelse vlammenwerper om de toegang af te snijden tot de levensboom. Nu komt er een blijdschapsprediker van boven in de velden van Efratha.
Vanuit de hemel is deze prediker beroepen naar de kleine gemeente in het open veld midden in de nacht.
Is 't onmogelijk kerstfeest te vieren? Zit u in moeite en verdriet? Zegt er een: och, u schreef over een stuk huwelijk, een smartelijk verlies, een wereld in nood, een land vol zorg, maar dat is het niet. Wat dan wel? Ik ben God kwijt, ik heb tegen de Heere gezondigd, mijn hart is zo onrein en verkeerd,... hoe kan het kerstfeest worden? Dat kan aan uw kant niet, poog het ook maar niet te maken. Maar het kan van Gods kant wel, want het komt rechtstreeks bij Hem vandaan. God is bevredigd in de zending van Zijn Zoon, Die Hem zal verheerlijken. Richt dan op de Heere de schreiende ogen. Worde dan tot God verheven het treurig hart. Dan gebeurt het.
2. Deze blijdschap wordt op aarde verkondigd
Hij weet waar hij zijn moet, die engel. In de naam van God komt hij naar beneden, op de planeet waar wij wonen, het blijde nieuws brengen.
U kreeg uw zoon of schoonzoon op bezoek, die 't zelf kwam vertellen of het per telefoon meldde: 'Wij hebben een kindje (erbij)'? En... ging u dadelijk kijken, mogelijk nog in de nacht?
God laat het persoonlijk weten. De blijdschap komt bij Hem vandaan. De blijdschap komt in de persoon van Zijn Zoon. De aarde gaat delen in het feest van de hemel. De aarde is nog bezet gebied. Satan, uit de hemel geworpen, is op de aarde en maakte de mens afvallig van God en ontrukte de mens als vriend aan de engelen. Maar de vijandelijke linies worden doorbroken. Het vredesoffensief, aangekondigd voor veertig eeuwen nog in het paradijs, is ingezet. Laat de nachtwacht worden gehouden, 't is op de aarde zo onveilig en donker, het wordt anders, eeuwig, goddelijk anders. In hemelse volmacht brengt de hemelbode de kerstblijdschap over aan een wereld, verloren in schuld. En de engelen galmen het uit zodra het amen klonk en de troongeest uitgesproken was. Want: Hij Die geboren is, verenigt de hemel en de aarde tezaam. Dat zal wat kosten aan Hem. Straks hangt Hij tussen de hemel en de aarde in aan het kruis, waar de houten kribbe al op wijst. Hij zal geheel bedroefd worden tot de dood toe, maar eeuwige blijdschap brengt Hij teweeg, waarvan hier melding is gemaakt.
Gaat u er al iets van zien? Gloort het licht in de nacht? Alzo lief heeft God de wereld gehad,... de invasie is er, ook de aarde wordt aan satans macht ontrukt en velen, die op de aarde zijn en komen. Er komt een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, waarop gerechtigheid zal wonen. Grote blijdschap nu reeds, en... straks...!
3. Deze blijdschap wordt in het hart gegeven
De engel gaat naar beneden, in brede wiekslag, zo snel hij kan, ze moeten het weten. Wie? De mensen! Want God neemt de engelen niet aan, maar het zaad Abrahams. En daar zit het zaad, bij het vuur, schamele herders bij de schapen in het open veld. De prediking heeft een adres: ik verkondig u...
Het waren zeker kinderen des verbonds, al behoorden ze tot de onderste lagen van de samenleving. Ze mochten bijvoorbeeld geen getuigen zijn in een rechtszaak. Kerstevangelie is het evangelie van Gods genadeverbond. Naar dat verbond krijgen de herders verlof heen te gaan naar Bethlehem om daar,... in de stal... de grote Herder der schapen te zien. Die ook het Lam Gods is. Genaderechten worden aan schuldigen verleend.
Ze waren wakker, ze hielden immers de nachtwacht, gedempt kunnen hun stemmen hebben geklonken. Zagen ze uit naar de komende Dag der genade? 't Duurde al zo lang. Zouden ze het nog beleven? Och dat Israëls verlossingen kwamen uit Sion. Maar nu is het opeens zover. God vermaakt aan arme, verdoemelijke zondaren bij testamentaire beschikking rechtens Zijn Kind en al wat Hij doet en geeft. Bij de boodschap werkt en schenkt Hij dadelijk het geloof. Ja, zou er bij de Heere iets aan mankeren? De zonde is de grote verstoorder en de rover van de blijdschap. Wilt u daarvan niet weten? Dan zult u de grote blijdschap missen. Maar wie er bij moet vallen en moet zeggen: 'Ja, daar zit het op vast, 't is eigen schuld', die wordt blij gemaakt van binnen in de ziel. Hij, Die geboren is, maakt alles goed, maakt het goed met God en maakt het goed voor mij. Engelen zongen, zongen vóór. Zou u het maar niet overnemen, nu, en straks voorgoed, als Hij nog een keer komen zal in heerlijkheid... ik, Heere, die al mijn blijdschap in U vind...!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 1991
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 1991
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's