Kerstfeest... wat een vernedering!
'En in gedaante gevonden als een mens, heeft Hij Zichzelf vernederd' (Filipp. 2 : 8a)
Het kerstfeest als vernedering? Het opschrift boven dit artikel roept vast en zeker vragen op. Immers, wij zijn veelal niet gewend op deze wijze te spreken over de geboorte van Christus. Bovendien past dit in het geheel niet bij de waas van romantiek, die rond de kribbe is aangebracht en die ons het zicht op de Christus der Schriften dreigt te ontnemen. Toch is dit met zoveel woorden de inhoud van de kerstpreek van Paulus. in het gedeelte, dat ook bekend staat als de Christus-hymne (Filipp. 2 : 5-11). Heel de gang van de Heere Jezus in Zijn vernedering en verhoging wordt hier bezongen.
Kerstfeest als vernedering
Het Kerstevangelie naar de beschrijving van Paulus is ontdaan van alle sfeer en franje. Wat overblijft, is in enkele woorden te zeggen: Christus heeft Zichzelf vernederd, of— zoals het er ook staat — vernietigd. Letterlijk staat er 'ontledigd' (in het Grieks kenoosis).
De eeuwige Zoon van God, God uit God en Licht uit Licht, is van alle glans en luister ontdaan. Hij was in de gestaltenis Gods en is de mensen gelijk geworden. De gestaltenis Gods, dat is de eer en heerlijkheid, waarmee Hij bekleed is bij Zijn Vader. Zoals een aards koning met luister en staatsie is omgeven, maar dan overgelijkelijk meer heerlijk en hemels. En ziet, vanuit de hoge hemel kwam Hij neer! Zijn Goddelijke luister legde Hij af. Hij heeft Zijn majesteit verborgen (Calvijn). Hij werd begraven in het vlees (Luther). Hij werd mens. Minder nog, Hij werd dienstknecht, slaaf. Een Koningszoon wordt bedelaar. Zijn koningsmantel legde Hij af en hier op aarde wordt Hij in doeken gewonden. Straks nemen ze zelfs Zijn kleed en hangt Hij naakt aan het kruis. Zo gezien — en zo moeten wij het zien! — is Kerst een ontluisterende ontlediging. Christus' geboorte is reeds de eerste trap van Zijn vernedering. Hij werd een mens als wij.
En nog dieper werd Hij in het vlees getrokken. Paulus zegt dat Hij een slaaf werd, 'geworden onder de wet' (Gal. 4). Wat onterend, wat vernederend! Hij heeft gezwoegd onder Gods oordeel. De Man van Smarten hangt straks aan het vloekhout. Hier klinkt het heerlijk Evangelie door. 'Christus heeft ons verlost van de vloek der wet, een vloek geworden zijnde voor ons; want er is geschreven: vervloekt is een ieder die aan het hout hangt' (Gal. 3 : 13). Ziet u intussen de vernedering? De grote God werd dienaar van de mens, de minste van allen. Van die vernederende weg was Zijn geboorte de eerste stap. In dat verband zegt onze Heidelbergse Catechismus, dat Christus 'de ganse tijd van zijn leven op de aarde... de toorn Gods... gedragen heeft' (antw. 37).
Het lijden begint niet als de eerste geselslag Zijn rug striemt en de doornenkroon in Zijn hoofd wordt gepriemd. Heel Zijn leven was lijden, van kribbe tot kruis. Daarom is het waar, wat gezegd wordt: ribbe en kruis zijn van het hetzelfde hout gesneden.
Dat gevoelen zij in u
Wat heeft Hem gedreven dit pad de diepte in te gaan? Wat is van deze ontlediging het geheim? Paulus wijst ons op het gevoelen dat in Christus Jezus was. Hij bedoelt: het was Zijn gezindheid om de minste te zijn. Om Zichzelf geheel en al te geven. Onbegrijpelijke Goddelijke zondaarsliefde. Daar zijn geen woorden voor. Daar zijn wèl bewijzen van!
Het valt op, dat Paulus de lijnen doortrekt: diezelfde gezindheid zij in u! Hoe kan dat? Wie kan zich zo ontledigen als Christus? Wie kan zich zó vernederen tot aan de dood van het kruis toe? Niemand. Wij kunnen ons niet inleven in het diepste gevoelen van Jezus Christus, in Zijn plaatsvervangend Middelaarswerk. Zijn geboorte en Zijn leven waren uniek. Niemand kan en niemand mag en niemand hoeft die weg te gaan.
Maar wel houdt de apostel ons voor, dat het leven van de christen door het geloof nauw verbonden is met Christus. Die verbinding wordt gelegd door de Heilige Geest Zelf Hij, Die de Meeste was door de minste te worden, krijgt ook gestalte in ons hart. Het leven van Christus wordt door genade uitgewerkt in ons leven. De geboren en gekruiste Heere gaat in ons regeren. Wij worden gesteld op het pad van de navolging van Christus. Wat leren wij dan? Wel, om de meeste zijn door de minste te worden. Laat er geen twist zijn onder u, zegt Paulus, en geen eerzucht. Door ootmoedigheid achte de een de ander uitnemender dan zichzelf. Zo sprak en leefde onze Heere toch ook? Leert van Mij dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart (Matth. 11 : 28).
Zo worden wij dienstvaardig tot Gods eer en tot heil van de naaste. Onze hoogmoed wordt gekruist. Liever een lage plaats innemen dan op je strepen staan. Zwijgen in plaats van schelden, zegenen in plaats van vloeken. Liever de smaadheid van Christus dragen op het smalle pad, dan door velen gezien op de brede weg. Dat gaat tegen onze natuur in, maar genade doet ons zien op Jezus. Hij moet wassen, ik minder worden. De Heilige Geest schrijft het beeld van Christus in ons leven uit. De nederige geboorte van Christus trekt diepe sporen in ons leven. Zo betekent Kerstfeest ook in het christenleven vernedering. Dat gevoelen zij in u hetwelk in Christus Jezus was!
In leven en sterven
Hoe diep trekt de vernedering van Christus in het leven van de Zijnen door? Heel diep! Wij hoorden al van het lijden en de smaad om Christus' wil.
Indien gij gesmaad wordt om de Naam van Christus, zo zijt gij zalig! Herhaaldelijk klinkt het apostolisch vermaan: 'Geliefden, houdt u niet vreemd over de hitte van de verdrukking... alsof u iets vreemds overkwam (1 Petrus 4).
Het christenleven is menigmaal een kruisweg. Een vreemdeling op aarde wordt al spoedig als zonderling gebrandmerkt. Vreemdelingenhaat steekt de kop op. Vandaar dat velen in de navolging van Christus gebracht zijn tot het martelaarschap. Jezus' komst op aarde heeft voor vele christenen daadwerkelijk lijden met zich meegebracht. Christus heeft Zich ontledigd als Middelaar; vele christenen zijn in Zijn spoor vernederd tot de dood toe, als martelaar. Ook dat kon — èn kan! — deel zijn van de navolging van Christus. Paulus schrijft zijn brief uit de gevangenis te Rome met de dood voor ogen. 'Christus zal worden groot gemaakt in mijn lichaam, hetzij door het leven, hetzij door de dood' (Filipp. 1 : 20). Wat is het geheim van dit martelaarschap? Waren het standvastige geloofshelden; die in het uur van doodsangst bleven volharden? Nee, het is het wonder van Christus' vernedering, dat hen staande hield. Hij werd mens, Hij werd aller dienstknecht, Hij was gehoorzaam tot de dood aan het kruis. En het is die volstrekte en ongereserveerde gehoorzaamheid, die de Geest in mensenharten schrijft, ziende op Christus. Zo kunnen wij zeggen dat Christus' komst op aarde ook lijden met zich meebrengt. Als Kerstfeest het begin van Zijn lijden op aarde is, dan begint daar ook het lijden van de Kerk. Ontroerend zijn de getuigenissen van tallozen, die met Christus' liefde voor ogen en in het hart bereidwillig zijn gestorven.
Polycarpus
Eén voorbeeld lichten wij eruit. Het betreft de oude bisschop van Smyrna, Polycarpus geheten. Deze dienaar van Christus' kerk is tijdens hevige vervolgingen in de eerste eeuw, gevangen genomen. Als de proconsul, die hem verhoort, aandringt en zegt: 'Zweer en ik zal u vrijlaten, vervloek Christus!', antwoordt Polycarpus: 'Zes en tachtig jaar heb ik Hem gediend, en Hij heeft mij geen kwaad gedaan. Hoe kan ik mijn Koning, Die mij gered heeft, vervloeken?' Als het doodvonnis geveld is, heft hij het hoofd omhoog en spreekt: 'Ik loof U dat Gij mij deze dag en dit uur waardig gekeurd hebt om deel te krijgen met het getal van de martelaren aan de kelk van Uw Christus om op te staan tot het eeuwige leven met lichaam en ziel in de onvergankelijkheid van de Heilige Geest.'
En de uitkomst? Na Christus' diepe vernedering komt Zijn heerlijke verhoging. Een Naam boven alle Naam. Hij is de grote Leidsman van allen die Zijn weg van de vernedering leerden gaan. Na lijden komt heerlijkheid! 'Dit is een getrouw woord; want indien wij met Hem gestorven zijn, zo zullen wij ook met Hem leven. Indien wij verdragen, wij zullen ook met Hem heersen.' (2 Tim. 2 : 11, 12).
Na de vernedering komt de verhoging! Zo heeft Maria al gezongen: ... maar Hij verhoogt en hoedt
het nederig gemoed,
waarin Zijn Geest wil wonen.
Onderschrift foto:
De staatsgevangenis in Rome waar Paulus en Petrus gevangen hebben gezeten.
Uit: 'Beproeving en Getuigenis', Kok, Kampen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 1991
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 1991
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's