Een huis om in te wonen
Een project: geen prestatie, maar een relatie!
In het komende voorjaar is de jeugd van de HGJB bezig met een nieuw project. Dit project gaat over de relatie tussen ons en de jeugd van enkele christelijke kerken in zuidelijk Afrika. De naam van het project zal inmiddels al wel enigszins bekend zijn geworden: 'Een huis om in te wonen – A home to live'. Het is opgezet met hulp van de GZB en het Hervormde Werelddiaconaat. Zo'n project is in eerste instantie iets waar de jeugd van de clubs en de jongeren in hun groepen mee bezig zijn. Maar zij willen graag dat de hele gemeente, dus ook de volwassenen en de ouderen, hierin betrokken zullen zijn. Dat het ook uw project zal zijn.
Hoe kunt u mee doen met ons project?
In de huiskamer
Ten eerste door uw belangstelling te tonen. Straks komen de kinderen en jongeren van de club thuis met verhalen over hun leeftijdsgenoten in de landen Malawi, Zimbabwe en Namibië. Laat dan zien door uw belangstelling voor wat ze te vertellen hebben dat de mensen-dáár u ook ter harte gaan.
Maar al te vaak vinden mensen uit de derde wereld onbegrip bij ons westerlingen. Wordt er niet vaak gezegd: 'Ach ja, die armoede daarginds, dat is me wat. Maar ja, wat doe je eraan, je kunt ze tòch niet echt helpen...'. U zult het met me eens zijn, dat wij zo niet mogen redeneren. Want wij zijn toch ook de 'hoeders' van die broeders en zusters daarginds?
Onze zorg voor hen begint met het openen van ons hart voor hen. Dat begint thuis in het gesprek met uw kinderen over het project en de mensen daarachter.
In de gemeente
Op vele verschillende manieren zullen dit voorjaar verhalen over Afrika in onze gemeenten te horen zijn.
Diana Verburg, Jeanet Schroevers, Teus Visser en Jacko van der Stege, vier HGJB-jongeren, waren in augustus op bezoek bij hun leeftijdsgenoten in Zimbabwe en Namibië. Vanaf januari a.s. zullen ze op jeugdavonden en gemeente-avonden komen vertellen van hun ervaringen daar (zie inzet). In januari hopen D.V. vier jongeren uit Zimbabwe, Grace Manika, Faith Mutizwa, Elson Rufu en Cephas Zendatwaye, in Nederland te zijn voor een tegenbezoek. Ze zullen onze jeugd op verschillende plaatsen ontmoeten en hen vragen hun verhaal door te geven in hun gemeenten (zie inzet).
Ook hier geldt opnieuw: laat door uw aanwezigheid en belangstelling zien dat het uitermate belangrijk is wat de jeugd bezig is te doen. Kom naar gemeente-avonden! Werk mee aan het welslagen van een financiële actie in uw gemeente voor de projectdoelen (zie inzet)! Niet om nu eens te tonen hoe ontzettend veel geld wij bij elkaar kunnen brengen (onze prestatie), maar om onze liefde en zorg te tonen voor het jeugdwerk van de kerken in zuidelijk Afrika, met wie in Christus verbonden zijn (onze relatie).
De mensen in Afrika, mede-schepselen en mede-christenen, vragen geen prestatie van ons maar zouden graag zien dat wij hen echt willen leren kennen en daarom hun zorgen willen meedragen.
Wat zou het prachtig zijn als ze daarginds in zuidelijk Afrika zouden kunnen zeggen: 'De mensen in Nederland hebben door hun grote belangstelling getoond dat ze naast ons staan. Naast ons in onze zorgen: rond het probleem van de jeugdwerkloosheid, rond de armoede van onze landen, rond de dreiging van de ziekte aids, rond het tekort aan predikanten. En naast ons in onze vreugde over de groei van onze kerken, over de vrijheid die ons land heeft verworven enz.
Laat u als gemeente zien, dat u naast hen staat?
In de binnenkamer
Vaak wordt gedacht dat het bij een project vooral gaat om geld. Bijna automatisch vragen we naar het gironummer om met onze gift de zorgen van de mensen daarginds te helpen verlichten.
Maar is dat nu wat allereerst van ons wordt gevraagd? Het kan toch niet alleen gaan om een open portemonnee? Het moet toch gaan om ons open hart? Om onze waarachtige solidariteit?
Wie het lot van de mensen in Afrika werkelijk ter harte gaat, die zal dit vooral tonen in het gebed voor hen. Laten wij de voorbede voor de christenen in de drie genoemde landen niet vergeten. In onze persoonlijk dagelijkse gebeden. In onze gebeden als gemeente.
En om echt voor hen te kunnen bidden moeten we hun zorgen eerst echt kennen. Zeker is dat er in de drie genoemde landen ook voor ons wordt gebeden. Voor ònze zorgen: om de enorme afname van het geloof in God in West-Europa, om de grote eenzaamheid waarin veel mensen verkeren, om de individualisering, om de milieu-crisis, om het verdwijnen van de jeugd uit de kerken, enz.
Wat fijn dat we ons zo door elkaar gedragen mogen weten. Want 'het gebed van de rechtvaardige vermag veel' omdat God er kracht aan verleent (Jac. 5 : 16).
Hierbij behoort ook het danken voor elkaar. Ik ben benieuwd voor welke dingen wij Gods straks na afloop van het project zullen kunnen danken, omdat wat Hij ons gaf door middel van een Afrikaanse zuster of broeder in Jezus Christus.
In de winkel
Als er in ons gezin iemand problemen heeft met bepaalde soorten voedsel (b.v. geen alcohol mag drinken, of geen zout mag eten) dan zullen we thuis daarmee rekening proberen te houden. Uit solidariteit met hem of haar drinken we dan zelf ook niet of eten allemaal een beetje minder zout.
Zo kunnen we ook solidair zijn met onze Afrikaanse medemensen.
Hoewel Malawi, Zimbabwe en Namibië niet tot de allerarmste landen van de wereld behoren, toch kunnen de mensen daar niet zoveel kopen als wij hier. Er zijn daar geen winkels vol met eten, kleren, apparatuur, meubels, auto's, enz. enz.
Wie enig inzicht heeft in dat verschil in materiële welvaart tussen de derde wereld en de westerse wereld, die zal weten, dat deze verdeling ook ècht onrechtvaardig is: Wij zijn zo omdat... zij zo arm zijn!
Solidair zijn met onze Afrikaanse medemensen wil dus zeggen: wij doen het met wat minder zodat er voor hen wat meer is. Echt samen delen dus.
Dat delen gebeurt maar een heel klein beetje achter ons chequeboek, maar dat gebeurt vooral in de winkel. Uit zorg en liefde voor onze Afrikaanse broeders en zusters kopen wij dan wat minder. We vernieuwen b.v. onze keuken niet. Of we laten die mooie bloes nog maar even hangen. Want wij krijgen de grondstoffen die nodig zijn om die nieuwe keuken en de bloes te maken veel te goedkoop. De houthakkers, de katoenverbouwers, de koffieplanters en werkers in de goud- en diamantmijnen in zuidelijk Afrika hebben toch recht op meer dan het hongerloon dat ze nu ontvangen, vindt u niet? In de wereldhandelsverhoudingen moet eerst maar eens grondig iets veranderen. Trouwens wat dacht u van de gretigheid waarmee wij de dure aardolieproducten verbruiken in onze fabrieken, onze auto's en vliegtuigen? Zij daarginds in Afrika zouden ook wel wat meer kunnen gebruiken, maar ja... als je arm bent...
God liefhebben bevenal en onze (verre) naaste liefhebben als onszelf. We horen het iedere zondag in de kerk. Doen we het ook? In onze huiskamer? In ons gebed? In de winkel?
Want 'niet een iegelijk, die tot Mij zegt: Heere, Heere! zal ingaan in het Koninkrijk der hemelen, maar die daar doet de wil Mijns Vaders Die in de hemelen is' (Matth. 7 : 22). Let wel: Dat Koninkrijk waarin de rechtvaardigheid Gods heerst is er al. De vraag is of de Heere òns daarin gebruiken wil.
Inzet
• Een jeugdavond of gemeenteavond organiseren met medewerking van de jongeren die in augustus Afrika bezochten? U kunt hiervoor een afspraak maken op het volgende adres: Machteld van Dam, Hobbemastraat 32, 3583 CZ Utrecht, tel. 030-543439.
• Wie persoonlijk de vier jongeren uit Zimbabwe wil ontmoeten krijgt hiervoor de gelegenheid op zaterdag 4 januari 1992 op de jongerenzendingsdag te Barneveld, op dinsdagavond 8 januari tijdens een regionale jongerenavond te Krimpen a.d. IJssel (info tel. 01823-3122) en op donderdagavond 16 januari tijdens een jongerenavond in Mastenbroek (info tel. 030-543439).
• De opbrengst van de financiële actie die verbonden is aan dit project is bestemd voor:
- steun aan het christelijk onderwijs van de Presbyteriaanse kerk van Centraal Afrika in Malawi;
- steun aan het vormingswerk voor meisjes en jonge vrouwen door middel van het Vormingscentrum te Malingunde opgezet vanuit dezelfde kerk;
- bouw en inrichting van kerkelijk jeugdvormingscentrum te Harare vanuit de hervormde kerk van Zimbabwe;
- ontwikkeling van projecten voor werkgelegenheid van jongeren in Namibië, opgezet door de gezamenlijke kerken van dat land;
- realiseren van enkele ontmoetingen tussen Afrikaanse jongeren uit de drie genoemde landen en jongeren van de HGJB.
• Wilt u meer informatie ontvangen over dit HGJB-project, dan kunt u die krijgen bij onze werkcentra. Telefoon Landelijk Centrum 030-2285402. U kunt de financiële actie verbonden aan dit project steunen door uw gift op giro 398081 t.n.v. HGJB, Bilthoven, met vermelding van 'Een huis om in te wonen'.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 januari 1992
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 januari 1992
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's