'Een troostvolle reactie op de kerstboodschap'
'Doch Maria bewaarde deze woorden alle te zamen, overleggende die in haar hart.' Luk. 2 : 19
Kerstfeest 1991 is voorbij
Na al de drukte van de feestdagen is 't nu weer stil. Het leven van alle dag gaat verder. Verder met zijn moeite, met zijn vreugde. Toch is het goed nog eens in herinnering te brengen 't belangrijkste waarom het ging op 't Kerstfeest. Opnieuw hoorden wij de boodschap: 'U is heden geboren de Zaligmaker'. Wat is nu onze reactie op dat heerlijk Evangelie? De evangelisten geven ons ook allerlei reacties door. Toen koning Herodes hoorde dat de Koning der joden was geboren, werd hij ontroerd. Hij ontstelde omdat hij zijn troon zag wankelen. Daarom trachtte hij het Kind te doden. En gaf opdracht tot de gruwelijke kindermoord te Bethlehem. De inwoners van Jeruzalem ontroerden met hem (Math. 2 : 3). Zij vreesden nieuwe verwikkelingen. Maar dachten niet aan de rijke vervulling van Gods beloften. De herders snelden naar Bethlehem om te zien het Woord dat hun was verkondigd. 'En als zij Het gezien hadden, maakten zij alom bekend het woord dat hun van dat Kindeken gezegd was'. Simeon zong zijn loflied: 'Mijn ogen hebben Uw Zaligheid gezien'. Anna, de oude profetes, 'sprak van Hem tot allen, die verlossing in Jeruzalem verwachtten'.
In Luk. 2 : 19 lezen we de reactie van Maria. Echt, een troostvolle reactie. 'Doch Maria bewaarde deze woorden'. De tekst is duidelijk een tegenstelling met het voorgaande. 'Doch'. In vers 18 lezen we de reactie van de inwoners van Bethlehem. 'Allen die het hoorden, verwonderden zich over hetgeen hun werd gezegd van de herders'. Maar het bleef bij hen bij een verwondering. Zelfs een vluchtige verwondering. Het bracht hen niet in de stal om het Kind te aanbidden. Nee, ze bleven op de straten van Bethlehem. Hoe is dat nu met ons? In alle toonaarden is 't ons verkondigd: 'Ik verkondig u grote blijdschap, want u is heden geboren de Zaligmaker'. Heeft het ons hart geraakt? zodat we met de herders ons hebben gehaast naar Behtlehem? Dan kunnen we nu troostvol verder. Ook in het nieuwe jaar. Of… was er misschien niet eens verwondering? Denk er wel om, wanneer we aan dit Kind achteloos voorbij gaan, kunnen we niet getroost leven. En ook niet eenmaal zalig sterven. Let er eens op wat we van Maria lezen. Bij haar laat de kerstboodschap een troostvolle reactie na. 'Doch Maria bewaarde deze woorden'. Deze woorden. Dus wat de Herders haar hadden verteld. De heerlijkheid Gods had ze omschenen. De Engel zei: 'Ik verkondig u grote blijdschap'. Machtig klonk het lied der engelen: Ere zij God in de hoogste hemelen. Welnu, dat alles liet haar niet onbewogen. Ze beluisterde daarin Gods boodschap aangaande haar Kind. Ze bewaarde die woorden. Letterlijk vertaald, ze hield alles zorgvuldig bij elkaar. Zo dus dat er niets van teloor ging. 'Alle tezamen'. Ze aanvaardde ze als één getuigenis Gods. Zie, dat is nu kenmerk van 't geloof. Het geloof neemt heel 't Woord Gods aan. Houdt het voor waar. Zodat het er door wordt gesterkt en bemoedigd. Ook bij Maria. Ze bewaarde deze woorden. Als een kostbare schat borg ze die op in haar hart. Is dat uw reactie? Klonk 't u als muziek in de oren: 'U is heden geboren de Zaligmaker'. Wel dan is die Heiland u alles. Moogt u met Maria juichen: 'Mijn ziel mag blij de Heer, mijn Zaligmaker noemen'. En hebt u de woorden van dat Evangelie ingedronken als verkwikkend water. Laat u toch ook niets aan u voorbijgaan. Met zorg houdt u bij elkaar alles wat u van dit Kind wordt gezegd. Als een kostbare schat sluit u 't op in uw hart. En bent u er mee bezig. Evenals Maria.
Wat een troostvolle reactie op de kerstboodschap. U bewaart deze woorden. Alle tezamen. Draagt ze mee het leven in. Het leven van alle dag. Met zijn zorg, zijn teleurstelling. En door die woorden wordt u vertroost. Dat 'bewaren' moeten we niet verwarren met wegsluiten. Opbergen. Om er niet meer naar om te kijken. Er zijn mensen die veel geld bezitten. Zorgvuldig bewaren ze 't. Ze bergen het weg. Ja, durven het niet eens naar de bank te brengen, opdat ze er rente van zouden trekken. Ze durven er bijna niet van te leven. En ze leiden met al hun geld vaak nog een arm en bekrompen leven. Het bewaren uit onze tekst is niet zo bedoeld. Telkens waar de Bijbel spreekt over 'bewaren' wordt niet een angstvallig wegbergen bedoeld. Uit vrees dat 't verloren gaat. 'Bewaren' is aktief bezig zijn met het Woord. De tekst zegt 't duidelijk. Ter verklaring wordt er aan toegevoegd: 'overleggende die in haar hart'. Zo was Maria werkzaam met die woorden. Eigenlijk staat er: 'die samenwerpende'.
Bedoeld is dan, het een met 't ander in verband brengen. Ja, zo was Maria bezig. In stille overpeinzing. Ze ging na wat de Heere had gezegd en gedaan. Ze overdacht Zijn weg. Zijn doel met haar leven. In dat werkzaam bezigzijn en overdenken van Gods Woord vond ze kracht en troost. Kon ze in stilheid en vertrouwen de Heere volgen op de weg die Hij voor haar uitstippelde. In het geloof volharden. 'Zie, de dienstmaagd des Heeren, mij geschiede naar Uw Woord'. Wat had ze die steun, die kracht nodig. De weg des geloofs was voor Maria een wondere weg. De Engel had gezegd. 'Wat uit u geborgen zal worden, zal Gods Zoon genoemd worden. Zijn Naam is Jezus, Zaligmaker.'
En nu… in een stal geboren. Is dat een Koning? De Koning? Ja, Maria. De Heere liet haar door de herders die woorden brengen. En hun woord is het amen op de boodschap van de engel Gabriël. Toch dit Kind de Zaligmaker. Ook haar Goël, haar Losser. Ongetwijfeld heeft 't woord van de herders haar ook gesterkt op vlucht naar Egypte. Kracht gegeven, toen ze later stond bij 't kruis. En zoals was voorgezegd, 't zwaard haar moederhart wondde. Ook toen mocht ze die woorden bewaren en overleggen in haar hart. Nog geeft 't werkzaam bezig zijn met Gods getuigenis kracht en troost. In uw eenzaamheid. In uw bitter verdriet geeft 't houvast. Wordt 't toch doorleefd: 'Uw Woord kan mij, ofschoon ik alles mis mijn hart en zinnen strelen.
Werkelijk, het bewaren en overleggen van dat Woord geeft een vruchtbaar en troostvol geestelijk leven. Zo zelfs dat we psalmen mogen zingen in de nacht van aanvechting. 'Doch gij mijn ziel, het ga zo 't wil, stel u gerust, zwijg Gode stil. Ik wacht op Hem, Zijn hulp zal blijken'. Wat rijk zoals Maria werkzaam te zijn met 't Woord van God.
Weet u, waarom er vaak zoveel donkerheid, dorheid is in het geestelijke leven? Wel, omdat er zo weinig (beter gezegd, te weinig) wordt geleefd uit het Woord. Terecht zingt toch de dichter: 'Uw Woord is mij een lamp voor mijn voet, mijn pad ten licht om 't donker op te klaren'. Daarom mogen wij de reactie van Maria wel ter harte nemen. Het bewaren en overdenken van Gods Woord en beloften behoeden ons voor verachtering in de genade. Geven groei in het geestelijk leven. Een opwassen in de kennis en genade van onze Heere Jezus Christus. Weet ook dit, wanneer we zo mogen bezig zijn, mogen we onze roeping en verkiezing vastmaken, zodat we nimmermeer struikelen. Het geeft een nabij leven met de Heere, onze God. Eigen onbekwaamheid, nietigheid, zondigheid worden te meer ingeleefd. En het anker der hoop mag te hechter worden vastgemaakt in de enige ankergrond, Christus, onze Heere. Zo geeft 't ons ook te rijker uitzicht op de toekomst. Naar Zijn Woord verwachten wij een nieuwe hemel en nieuwe aarde waarop gerechtigheid woont. Onze Heiland, Die eens kwam in diepe vernedering, komt terug in heerlijkheid. Het geloof gaat over in aanschouwen. Al Gods beloften worden werkelijkheid. Dan mogen we ons altijd verheugen in God des heils. Wat zal dat een feest zijn. Met Maria en allen, die Zijn verschijning in onverderfelijkheid hebben liefgekregen mogen we dan meezingen in de grote schare, het lied van 't Lam, Gij hebt ons Gode gekocht met Uw bloed.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 januari 1992
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 januari 1992
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's