De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Twee Apeldoornse felicitaties

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Twee Apeldoornse felicitaties

8 minuten leestijd

Bijna tegelijkertijd, en in nagenoeg dezelfde uitvoering, verscheen er onlangs een tweetal bundels met opstellen die aangeboden werden aan twee hoogleraren van de Theologische Universiteit van de Christelijke Gereformeerde Kerken te Apeldoorn. Prof. dr. W.H. Velema mocht zijn zilveren jubileum als hoogleraar gedenken en kreeg een bundel opstellen aangeboden die door collega's, vrienden en leerlingen als blijk van waardering was samengesteld. Zijn collega, prof. dr. W. van 't Spijker vierde zijn vijfenzestigste verjaardag, en zijn vrienden en collega's zagen daarin een goede aanleiding om een aantal opstellen over de geschiedenis van het gereformeerd protestantisme van zijn hand te bundelen en hem het eigen werk ter felicitatie aan te bieden. Uiteraard zijn beide bundels ook voorzien van een register van allen die deze heuglijke gebeurtenissen een geluk- en zegenwens waard vonden.

Ethiek
De inhoud van de bundels geeft ons een goede gelegenheid om de beide professoren te leren kennen. In het boek dat aan Velema is aangeboden vinden we de betekenis en de vrucht van deze veelzijdige hoogleraar weerspiegeld door een twaalftal auteurs, die in hun bijdragen aansluiten bij en reageren op de vele facetten van de theologische werkzaamheden van Velema, die in de afgelopen vijfentwintig jaar zo intensief gebleken is, en waarvan hij in vele publikaties blijk gaf. Het aardige van zo'n opzet is dat je door deze artikelen indirect nog eens onder de indruk komt van het vele en diverse wat deze hoogleraar in zich mag verenigen. Wij kennen hem als de hoogleraar ethiek, in die hoedanigheid is hij meen ik het meest ook buiten zijn directe kerkelijke kring bekend. Een aantal auteurs sluit met hun opstel hierbij aan. Ik denk aan de bijdrage van drs. L.W. Bilkes over de heilsfeiten en de Wet, dat diepgaand de ethische consequenties van Gods heilshandelen in Christus in het leven van de christen bespreekt, verder schrijft dr. J. Douma over 'Het proprium in de christelijke moraal en ethiek', waarin hij de ontken­ning van het 'eigene' van de christelijke ethiek door diegenen die de autonomie van de moraal verdedigen weerspreekt. Ook drs. K. Exalto sluit bij de 'ethische kant' van Velema aan door in zijn kerkhistorische bijdrage in te gaan op de verhouding van Wet en Evangelie bij Luther, n.a.v. diens 'Wider die Antinomer'. Dr. L. Floor verenigt het Nieuwe Testament en ethiek door een fijnzinnig opstel over 'Wet en evangelie in de brief van Jakobus', terwijl dr. J. van Genderen vanuit zijn dogmatische benadering schrijft over 'De heilszekerheid in samenhang met de rechtvaardiging en de heiliging'.

Praktische theologie en prediking
Ook de ambtelijke vakken vormen een deel van Velema's leeropdracht. Het opstel van dr. T. Brienen, 'De spanning rond de plaats van de diaconiologie in Kuypers concept van theologische encyclopedie' bevindt zich in de buurt van de praktischtheologische zijde van Velema. Verder vinden we ook nog de bijdrage van dr. A. Noordegraaf, getiteld 'Gastvrijheid. Bijbels-theologische aspecten en praktischtheologische overwegingen bij een diakonaal thema', dat zowel aansluiting heeft bij het ambtelijke als bij de ethiek. Dr. B.J. Oosterhoff doet recht aan het confessionele karakter van dit alles door zijn bijdrage over 'Dienstbaarheid van de belijdenis'.
De homiletiek heeft duidelijk de liefde van professor Velema. De historische bijdrage van dr. W. van 't Spijker over 'Ursinus praedicator' sluit daar goed bij aan, en geeft een boeiende verhandeling van de verhouding van doctrina en exegese met het oog op de prediking. Dr. C. Trimp schrijft over 'Narratieve homiletiek?', waarbij het vraagteken heel duidelijk wordt gezet bij de theologie en de prediking van het 'verhaal', zoals die tegenwoordig bijv. opgeld doen in de Amsterdamse school. Narratieve prediking, zoals die bijv. te vinden is bij ds. Nico ter Linden blijkt 'op alle punten een moderne versie van de vrijzinnige ervaringstheologie van F. Schleiermacher' te zijn. Wie de historiciteit vervluchtigt zal geen weerstand kunnen bieden aan herlevend docetisme en houdt maar een schrale troost over, aldus dit zeer heldere en waardevolle opstel. In het laatste hoofdstuk van de feestbundel geeft dr. J. de Vuyst 'Enkele hermeneutische opmerkingen over apokalyptische stoffen'.
Het enige opstel dat ik nog niet noemde, 'last but not least' is de bijdrage van dr. R.H. Bremmer, die op zijn eigen boeiende wijze de kerkgeschiedenis beschrijft van de geboorteplaats van Velema: 'Aan de basis. 's-Gravenzande: een hoofdstuk lokale kerkgeschiedenis', dat tevens laat zien waar Velema vandaan is gekomen.

Geschiedenis van de Reformatie
De feestbundel voor prof. dr. W. van 't Spijker heeft een ander karakter. Hierin zijn het de artikelen van de hoogleraar zelf, die ons een indruk geven van zijn werk en waarde voor de Kerk en de theologie, met name voor de geschiedenis van de Kerk. Het zal allen die Van 't Spijker enigszins kennen niet bevreemden dat de geschiedenis van de Reformatie daarbij een centrale plaats inneemt, en dat de betekenis van Martin Bucer in nagenoeg alle opstellen die hierover gaan telkens recht wordt gedaan. Het is de verdienste van Van 't Spijker dat deze tot voor kort wat minder bekende reformator tussen Luther en Calvijn in, onder ons het predikaat 'onbekend' aan het verliezen is. Verschillende thema's komen in de elf opstellen, waarvan ik alle titels hier nu niet noemen zal, aan de orde. De leer, vooral ook de exegese, de geschillen onderling binnen de Reformatie worden grondig onderzocht met grote kennis van zaken. Van 't Spijker heeft in zijn benadering van de thema's en figuren een grote helderheid, maar ook de diepte van de bronnen, hij weet ook de onderlinge relaties tussen de reformatorische hoofdpersonen en mogelijke invloeden duidelijk te maken. Ook de praktische relevantie van de kerkhistorische studie is in elk opstel te vinden. Mij sprak vooral aan wat hij schreef over 'Extra nos' en 'In nobis' bij Calvijn in pneumatologisch licht, dat nauwe relatie heeft met Van 't Spijkers aandacht voor de 'vroomheid', het geestelijke leven van de Reformatie. Verder meen ik een irenische tendens te bespeuren in de bespreking van de onderlinge verschillen in de Reformatie, geen vreemde trek van iemand die zich zo van harte met Bucer heeft beziggehouden.
De meeste opstellen nemen ons mee naar de eeuw van de Reformatie. De laatste twee gaan echter naar latere tijd. Van 't Spijker verloochent zijn afkomst niet als hij met liefde voor zijn kerkelijke wortels schrijft over 'Theologie en spiritualiteit van de afgescheidenen', waarbij de leer en het geestelijk leven van de afscheiding wordt getekend tegen de achtergrond van de liberale theologie aan de ene kant en de geest van het Réveil aan de andere kant. Vooral de positie van De Cock hierin, met zijn 'orthodoxie van het hart' wordt verhelderd, zijn onverkort handhaven van 'Dordt'. Tenslotte is er nog een hoofdstuk over de overgang van F.P.L.C. van Lingen van de dolerenden naar de Christelijke Gereformeerde Kerk met de titel 'Petahja (vrijgemaakte des Heeren), Spiegel van een vervreemding'. Aanvankelijk van harte dolerend en afwijzend staande t.o.v. de Christelijke Gereformeerde Kerken, maakte Van Lingen een verandering door, die hem van de dolerenden vervreemdde en hem o.a. tot Kuypers voorwerp van bestrijding maakte, waardoor hij uiteindelijk toch bij de Christelijke Gereformeerden zijn geestelijk onderdak vond. Het verschil tussen een herleefde gereformeerde orthodoxie als die van Kuyper en de vroomheid van de Nadere Reformatie (nadrukkelijk met wetenschap verbonden) betekende voor Van Lingen een keuze voor het laatste en daarmee de diepste reden van zijn kerkovergang. Vinden we hier in dit opstel van Van 't Spijker niet iets van de visie op de eigen positie van de Christelijke Gereformeerde kerken, binnen de gereformeerde traditie, zoals Van 't Spijker die ook nu nog zien wil?

Gereformeerde universitaire theologie
Tenslotte wensen we deze beide bundels vele lezers toe. Niet alleen de 'beroepstheologen', maar ook anderen, die theologisch geïnteresseerd zijn, kunnen er zeer zeker hun nut mee doen. Deze feestbundels zijn niet alleen een geschenk aan de twee hoogleraren van Apeldoorn, maar ook aan allen die ze in hun studie en bezinning willen verwerken. We mogen dankbaar zijn voor de wijze waarop ook vandaag de 'gereformeerde theologie' blijkens de werkzaamheid en invloed van o.a. Velema en Van 't Spijker een universitaire plaats heeft, en wij zouden wensen dat het niet alleen in Apeldoorn was dat ze zo'n prominente plaats kreeg. Deze theologie, bijbels, belijdend, historisch en duidelijk belijnd, hebben niet alleen de Christelijke Gereformeerde Kerken nodig, maar zal bijzonder heilzaam zijn voor alle kerken die 'gereformeerd' dienen te zijn. Ze is helaas op vele andere universitaire plaatsen maar mager vertegenwoordigd of wordt soms in het geheel gemist. Wij hopen dat de beide vertegenwoordigers van deze theologie, die een felicitatiebundel ontvingen, nog vele jaren van werkzaamheid zullen mogen ontvangen, opdat ze niet alleen voor Apeldoorn en de eigen kerken, maar ook voor velen daarbuiten tot stimulans en zegen mogen zijn, en dat het alles in een tijd van zoveel kerkelijke nood en verwarring dienen mag tot herstel en eenheid van de Kerk der Reformatie.

N.a.v. Ten dienste van het Woord, Opstellen aangeboden aan prof. dr. W.H. Velema, onder redactie van dr. J. van Genderen e.a., Uitgeversmaatschappij J.H. Kok, Kampen, 1991, 224 pagina's, ƒ 39,50 en Geest, Woord en Kerk; Opstellen over de geschiedenis van het gereformeerd protestantisme door dr. W. van 't Spijker, Uitgeversmaatschappij J.H. Kok, Kampen, 1991, 224 pagina's, prijs ƒ 39,50.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 januari 1992

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Twee Apeldoornse felicitaties

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 januari 1992

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's