Boekbespreking
Ds. Reinder Bruinsma, Wonderen; wat kunnen christenen daar nog mee?, uitg. J.H. Kok, Kampen, 104 blz., ƒ 19,50.
De schrijver, predikant bij de Zevendedags Adventisten, gaat uitvoerig in op de wonderen in de Bijbel en of we daar als christenen nog in kunnen geloven. Hij doet dat op goede bijbelse gronden. Hij draagt een aantal argumenten aan waardoor hij laat zien dat er meer is tussen hemel en aarde dan wat de natuurwetten aangeven. De wetenschappelijke bezwaren tegen wonderen lijken indrukwekkend, maar blijken helemaal niet zo wetenschappelijk te zijn. De fundamentele vraag is of men kiest voor een gesloten wereldbeeld waarin voor God of het bovennatuurlijke geen plaats is, of aanneemt dat er Iets of Iemand is 'buiten' of 'boven' de natuur. De schrijver gaat ook in op wonderen in de geschiedenis, van de primitieve tijd af tot nu toe. Wonderen gebeuren bij primitieve volken in Afrika (de schrijver was een aantal jaren zendingspredikant in Centraal- en West-Afrika), ze gebeurden in de oudheid, en ze gebeuren nog. De schrijver neemt het merendeel van de wonderen die gebeurden of nog gebeuren, ook al hebben ze niets met het christendom te maken, volstrekt serieus. Dat geldt bijvoorbeeld ook de genezingswonderen in Lourdes of in Pinksterkringen. Wonderen zijn in de Bijbel echter nooit een waterdichte garantie dat de enige ware God aan het werk is, zegt de schrijver. Hij gaat ook in op enkele opzienbarende gebeurtenissen op het gebied van waarzeggerij en bijzondere krachten en gaven. Hij zegt daarvan: veel van wat wij nu paranormaal noemen kan heel goed berusten op natuurlijke functies van de menselijke geest die ons tot dusverre nog goeddeels onbekend zijn, maar die niet per definitie bovennatuurlijk zijn en daarom behoeven te worden afgewezen. Een nuchter standpunt! Daarnaast zijn er bovennatuurlijke gebeurtenissen, die veroorzaakt worden door duistere machten die haaks staan op Gods heilzame werkzaamheid in de wereld, zegt de schrijver. Vandaar dat de titel van een van de hoofdstukken luidt: 'Beproeft de geesten...'
Een kritisch puntje is of de schrijver in zijn verklaring van de spijziging van de 5000 en 4000 niet te ver gaat. Hij zegt daarvan: de 5 broden en 12 manden (Matth. 14) doen denken aan de 5 boeken van Mozes en de 12 stammen van Israël, en de 7 broden en 7 manden (Matth. 15) aan de heidenwereld. Komt men zo niet van de geschiedenis in de allegorese?
Een goed bijbels boekje, dat ik gaarne heb gelezen en dat veel materiaal geeft, nuchter en helder geschreven, waar we onze winst mee kunnen doen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 maart 1992
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 maart 1992
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's