De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Binnen verantwoorde grenzen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Binnen verantwoorde grenzen

Discussie rondom Hollanddorp

8 minuten leestijd

Nadat het Tweede Kamerlid J. Kohnstamm (D66) kritische vragen heeft gesteld omtrent de plaats van het zogeheten Holanddorp in Jeruzalem, is daarover allerwegen enige commotie ontstaan. Het Hollanddorp in Jeruzalem, liggend langs de weg naar Bethlehem, zou komen te liggen in bezet gebied. Dat te stellen is genoeg om allerwegen verzet los te maken.
Omdat het hier gaat om een christelijk initiatief, waarbij in Nederland de Stichting Christenen voor Israël nauw betrokken is, willen we aan deze zaak hier enige aandacht geven.

Probleem
Israël staat voor het gigantische probleem om honderdduizenden immigranten, komend uit de (voormalige) Sovjet Unie, op te vangen, dat wil zeggen aan woonruimte en aan werk te helpen. Er voltrekt zich zelfs een aardverschuiving in de bevolkingssamenstelling, als we namelijk bedenken, dat het aantal joden in Israël opeens met enkele tientallen procenten toeneemt. Welke uitwerking zal dat ook hebben inzake de politieke verhoudingen? Welke invloed zal dat verder ook hebben op de toch al zo slechte economische positie?
Om nu voor een eerste opvang van de immigranten te zorgen, is het initiatief genomen een aantal voorgefabriceerde huizen bijeen te brengen, waar de immigranten gedurende twee jaar verblijf kunnen houden, waarna ze vervolgens naar een meer definitieve behuizing kunnen gaan. De Stichting Christenen voor Israël beijvert zich om daarvoor de nodige miljoenen bijeen te brengen. De lokatie, die voor het Hollanddorp door de gemeente Jeruzalem is aangewezen, ligt evenwel voor een deel in het gebied, dat vóór de zesdaagse oorlog van 1967 door Jordanië was bezet. En dus ligt het — naar de mening van de opposanten — niet binnen de zogeheten groene zone, het gebied, dat bij de toewijzing van Palestina in 1948 aan de joden tot Israël zou behoren.
Ik laat nu maar buiten beschouwing, dat de heer Kohnstamm zo ver ging, dat hij in zijn Tweede Kamervragen de suggestie deed, dat de Nederlandse overheid de actie in Nederland zou moeten verbieden. Over vrijheid gesproken! De vraag is nochtans wel òf en in hoevèrre de gestelde vragen terecht waren.

Binnen welke grenzen?
We stuiten hier weer op de vraag binnen welke grenzen Israël recht heeft op het land. Wie uitgaat van een bijbels, in algemener zin om een historisch recht van de joden op het land van de vaderen, moet zich nochtans ook de vraag stellen: binnen welke grenzen? Hoe men deze vraag ook beantwoordt, feit is dat visies in deze ook vragen om politieke doorvertaling, liever nog om politieke erkenning. Als zodanig kan de beslissing van de Verenigde Naties in 1948 om aan de joden, na twintig eeuwen ballingschap, weer een plek om te wonen toe te kennen, daar waar de vaderen van ouds hebben gewoond, als een bevestiging van dat bijbels of historisch recht worden gezien. Ook in de volkerenwereld zal het ordelijk toegaan. Daarvoor is er politieke ordening. Daarvoor is er volkenrecht. Op deze wijze kan menselijke willekeur worden beteugeld en kan een samenleven van volkeren worden gerealiseerd, ondanks het door de zonde ontwrichte bestaan.
Dat het ooit zover kon komen, dat de joden weer hun oude land terugkregen en daar een staatkundige ordening voor het volksbestaan ontvingen, mag overigens wel mede worden toegeschreven aan (o.a.) christenzionisten in de Engelse regering, die namelijk in het begin van deze eeuw (1917) er de oorzaak van waren, dat in de zogeheten Belfour Declaration het recht van de joden op een nationaal tehuis werd erkend. Visies vragen om politieke doorvertaling. De Belfour verklaring was daarvoor wat Israël betreft een begin. Als zodanig mag het intussen wel leiding Gods in de geschiedenis heten dat, terwijl in de loop der geschiedenis ook andere volkeren van hun basis ver­ dreven werden, zonder er ooit meer terug te keren, de joden na eeuwen van omzwerven weer terug mochten keren. Een bijbelse visie op de terugkeer werd levend gehouden. Die terugkeer werd tenslotte echter ook politiek mogelijk gemaakt.


Nu leeft in en buiten Israël ook de zogeheten Groot Israëlgedachte. Dat betekent, dat Israël recht zou hebben op een veel groter gebied ('tussen Eufraat en Tigris') dan het nu bezit. In feite betekent dit, dat Israël recht zou hebben op een gebied, dat nog verder reikt dan de huidige bezette gebieden (de Westelijke Jordaanoever), namelijk tot in Jordanië toe. Deze gedachte was in Israël zelfde onlangs overleden oud premier Menachem Begin toegedaan, al heeft ook hij er niet de laatste consequentie uit getrokken. Die gedachte leeft ook bij de zogeheten christen-zionisten in de wereld. In Nederland leeft die gedachte ook in de kringen van Christenen voor Israël. Persoonlijk heb ik er nooit onduidelijkheid over laten bestaan, die visie niet te delen. Ik meen, dat het voldoende mag zijn, dat Israël dáár gevestigd werd, waar het land van de vaderen was, met grenzen, die niet vooraf vaststonden, omdat ze ook in de (bijbelse) geschiedenis wisselend waren. Bovendien, ook het Palestijnse volk heeft recht op een staat.
Maar zelfs al zou die visie een gefundeerd recht van bestaan hebben, dan zal verwezenlijking ervan toch langs politieke weg, ook volkenrechtelijk veràntwoord, moeten plaatsvinden. Dat daarbij ook christelijk bepaalde visies invloed kunnen hebben op het volkenrecht als zodanig, is zonneklaar. Ook volkenrecht wordt door mensen, met uiteenlopende overtuigingen en achtergronden, gemaakt.


Dat het in deze allemaal nog niet zo gladjes ligt, blijkt wel uit het feit, dat Israël zelf niet tot annexatie, tot inlijving is overgegaan van de gebieden, die sinds de zesdaagse oorlog zijn bezet. Ook dat zou een aardverschuiving teweegbrengen in Israël zelf. Welke naam men aan deze gebieden ook wil geven, ze zijn geen regulier Israëldomein. Zou dan ook het Hollanddorp in die gebieden gelokaliseerd zijn, dan zouden vragen in deze voor honderd procent terecht zijn. Bovendien weet men niet hoe in de toekomst de politieke bal rollen zal. Dan zou het ook dáárom alleen al onverantwoord zijn om miljoenen te pompen in een project, waarvan de lokatie omstreden is. Men zou zich wel tienmaal dienen te bedenken alvorens men grote bedragen in gaat zamelen voor een project, dat men later wel eens kwijt zou kunnen raken.

Jeruzalem
Nu ligt evenwel de plek voor het Hollanddorp in Jeruzalem. Daarbij ligt het weliswaar, wat de grenzen van 1948 (dus van vóór 1967) betreft, in de gevoelige zone. Maar dat gebied wordt in Israël zelf wel als eigen gebied beschouwt. Jeruzalem is in Israël wel bij wet uitgeroepen tot 'eeuwig ongedeelde stad' en als zodanig worden de gebieden, die tot voor 1967 door Jordanië werden bezet, erbij gerekend. Jeruzalems burgemeester Teddy Kollek, die er nooit onduidelijkheid over heeft laten bestaan, dat hij de politiek om nederzettingen te vestigen op de Westbank afwijst, laat er dan ook evenmin onduidelijkheid over bestaan, dat de lokatie voor het Hollanddorp in een gebied ligt, dat tot Israël, want tot het ongedeelde Jeruzalem behoort. Persoonlijk accordeer ik van harte met die gedachte. Bij Israël (volk, land en staat) hoort een ongedeeld Jeruzalem, van oude tijden af de koningsstad. Ik realiseer me echter wel, dat men ook in deze een visie, een overtuiging kan hebben maar dat die óók politiek zal moeten worden bekrachtigd. Tot heden is het zo, dat de volkeren grosso modo het ongedeelde Jeruzalem niet hebben erkend als hoofdstad van Israël. Vandaar dat alle ambassades, ook de Nederlandse, zijn overgebracht naar Tel Aviv. En vandaar dat Jeruzalem bij het vredesoverleg inzake het Midden-Oosten een min of meer beslissende rol speelt.


Teddy Kollek, vertegenwoordiger van het binnen Israël zèlf politiek erkende ongedeelde Jeruzalem, heeft dus helemaal gelijk als hij ten opzichte van de lokatie voor het Hollanddorp de bezwaren weg wuift. Maar pok in deze geldt, dat gelijk hebben en gelijk krijgen er nog altijd twee zijn.
Mij dunkt dat christenen, die overtuigd zijn van de de diepere dimensie van de geschiedenis van het joodse volk, ook als natie, daar waar het mogelijk is het voortouw zouden moeten nemen om hun visie op een ongedeeld Jeruzalem ook politiek tot gelding te brengen. De vraag is of er fundamentele, historische redenen zijn aan te voeren om een ongedeeld Jeruzalem als hoofdstad van Israël aan te merken. Zo langzamerhand is wel de overtuiging gegroeid of aan het groeien, dat Jeruzalem ongedééld moet blijven. De vraag is of het ook de ongedeelde hoofdstad van Israël zal zijn.
De vragen, die Kohnstamm in de Tweede Kamer stelde, duiden erop dat hij van enige solidariteit in deze met Israël weinig blijkt geeft. Hij wordt kennelijk ook niet gehinderd door historisch besef in deze. Daartegenover staat evenwel, dat er soms ook sprake is van idealisme inzake Israël zonder politieke realiteitszin.

Conclusie
Dit alles zo zijnde zou het nochtans beter zijn geweest wanneer de lokatie voor het Hollanddorp gekozen was in een gebied, dat helemaal binnen de groene zone ligt. Dit om rumoer, zoals nu is ontstaan en dat altijd schadelijk is voor een actie, te voorkomen. Nu moeten bijvoorbeeld allerlei politiek verantwoordelijke personen spitsroeden lopen om hun adhesie aan dit op zich prachtig project gestalte te kunnen geven. Dat in het gebied, waarom het gaat, nauwelijks mensen (zeg dus ook Palestijnen) wonen, is op zich nog geen doorslaggevend argument voor het kiezen van een locatie.
Voor het geven van hulp mag echter wel een doorslaggevend argument zijn, dat het gaat om mensen, die weer thuis gekomen zijn en die met vereende krachten moeten worden geholpen aan huisvesting en aan werk. Daarom is te hopen, dat de storm, die rondom het Hollanddorp is opgestoken, toch een storm in een glas water zal zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 maart 1992

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Binnen verantwoorde grenzen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 maart 1992

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's