Boekbespreking
Robin Lane Fox, De Bijbel: waarheid en verdichting, Agon, 1991, 508 pag., ƒ 59,50.
'Wat is waarheid', deze vraag die Pilatus stelde aan Jezus is de leidraad van een boek over de Bijbel, geschreven door een historicus die zichzelf openlijk als atheïst presenteert. Hij wil de historische betrouwbaarheid van de Bijbel vanuit zijn discipline aan een toets onderwerpen. Die toets valt voor hen die de Bijbel als Woord van God erkennen uiteraard niet gunstig uit, dat was wel te verwachten. De culturele 'waardering' die er verder voor dit 'oude boek' overblijft mag ons niet misleiden. Ten diepste is deze studie vanuit vooringenomenheid geschreven. Wie voor zichzelf, wetenschappelijk of niet, heeft uitgemaakt dat er geen God is. Die op wondere wijze mensen gebruikt heeft om Zijn Woord te schrijven, en die het kwetsbare proces van overlevering van de Heilige Schrift door Zijn bijzondere voorzienige zorg in goede banen heeft geleid, die kan niet anders dan tot een dergelijke beoordeling van de Heilige Schrift komen. De schrijver is net als Pilatus heel dicht bij de Waarheid, hij schrijft een dik boek over de Bijbel, maar tegelijk is hij er ontzettend ver vandaan, want hij is er niet echt in geïnteresseerd. Jezus zegt: 'Een ieder die uit de waarheid is, hoort mijn stem'. Dat laatste ontbreekt bij de auteur, en daarom kan er alleen maar een boek ontstaan zoals het nu voor ons ligt. Totaal onherkenbaar voor diegenen die in de Bijbel het Woord mogen lezen en horen van de levende en sprekende God. Er is ten diepste ook geen discussie mogelijk tussen degenen die door Fox 'fundamentalisten' worden genoemd omdat ze de Bijbel als onfeilbaar Woord van God zien, en de even 'fundamentalistische' wetenschap. De uitgangspunten verschillen zo radicaal, dat er wederzijds alleen maar vervreemding kan zijn. Dit boek is wel een illustratie van wat er overblijft als we het geloof missen, dat de HEERE spreekt in Zijn Woord en door Zijn Geest. Een hoogst interessant cultureel document dat veel literaire waardering kan oogsten. Maar het is niet meer wat het krachtens het getuigenis van de Schriften, Joh. 20 : 31, wil zijn. Er wordt overigens niet zoveel nieuws naar voren gebracht. Uitgaande van de historische kritiek op het scheppingsverhaal en de geboortegeschiedenis van Jezus, vertelt de schrijver aan de hand van de historisch-kritische methode zijn verhaal over het ontstaan van de Bijbel. Allerlei elementen uit de kritische bijbelwetenschap worden op populaire wijze verwoord. De toon is nogal eens ironisch en laatdunkend. De zogenaamde 'fundamentalisten' – daarmee worden allen zonder onderscheid op één hoop geveegd die de Bijbel als het betrouwbare Woord van God gelovend aanvaarden – worden op geen enkele manier serieus genomen en komen alleen ter sprake als de schrijver ze nodig heeft om zijn eigen waarheid nog eens te onderstrepen door te zeggen hoe simpel ze zijn. Soms komt hij zelfs, wellicht zonder het in de gaten te hebben, blasfemisch over, bijv. in wat hij meent te moeten schrijven over de Drieeënheid op blz. 129. Dergelijke passages zijn eigenlijk al meer dan genoeg om het boek naast je neer te leggen. Voor de volledigheid volgt nu in overzicht wat u er nog meer in vinden kunt. Het derde hoofddeel houdt zich uitvoerig bezig met een kritische analyse van de betrouwbaarheid van de bijbelse geschiedschrijving, waarvan, behoudens enkele onderdelen, naar te verwachten was niet veel echte historie overblijft. Archeologische argumenten en vergelijking met buitenbijbelse bronnen komen hierbij uitvoerig ter sprake. De mogelijkheid van profetie als voorzegging van ware gebeurtenissen wordt ten enen male ontkend. Het is duidelijk dat een en ander precies past in de vooronderstelling van de auteur dat er geen God is Die zich openbaart aan mensen.
Het laatste deel is de afronding waarin de uitkomst is, dat de Bijbel alleen als vertelling van waarde is, religieuze overtuigingen kunnen in dit stuk literatuur hun uitwerking hebben, en hebben zo de eeuwen door hun betekenis gehad en tot de dag van heden, meer ook niet. Hoe onthullend dat Fox aan het eind Petrus' verloochening van Jezus als antwoord ziet op de vraag van Pilatus: 'Wat is waarheid'.
Wie wil weten hoe onherkenbaar de Bijbel wordt als hij, bij alle bijbelkennis die er bij de schrijver onmiskenbaar is, met de vooringenomenheid van het ongeloof wordt gelezen, zou dit boek eens kunnen doornemen. De lezing van dit boek heeft me moeite gekost, maar toch niet ontmoedigd. De Bijbel heeft wel meer kritiek doorstaan. Het is me alleen maar meer duidelijk geworden hoezeer de Bijbel een wonder is, waarin God zich door feilbare mensen heen, betrouwbaar en waarachtig aan ons openbaart, en hoezeer het nodig is te geloven in de werking van de Heilige Geest. We zouden wel met de schrijver in uitvoerige discussie kunnen gaan, maar of dat veel zou helpen weet ik niet. Fox is een dit boek lang bezig geweest het antwoord op Pilatus' vraag in te vullen. Pilatus verwachtte er eigenlijk geen antwoord op, hij maakt zich superieur van de Waarheid af. Dat doet Fox in dit boek ook. De Heere Jezus gaf destijds, staande voor Pilatus, op deze vraag geen antwoord. Het is voor ons wellicht het beste om Hem, ook wat dit boek betreft, daarin te volgen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 april 1992
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 april 1992
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's