Jammerdal
Van Overzee
Wij leven in een tijd, gemeente...' Zo begon nogal eens een preek die ik vroeger hoorde. En dan kwam er een jammerverhaal over de kwade en goddeloze tijden die we beleefden, 'k Moet u eerlijk zeggen dat zulke preken mij zelden aanspraken. Of het nu voor mijn bekering was of erna. Zo vaak had ik het gevoel dat de predikant zelf nauwelijks echt in die verschrikkelijke tijd leefde. Hij beschreef haar als buitenstaander. De ellende staat van mens en wereld moest toch immers getekend worden. Of de waarachtige kennis van onze ellende erdoor verdiept werd, is voor mij de vraag. De dominee zag er meestal nogal welvarend uit en leek in zijn doen en laten weinig aan de wereldellende te lijden. Vele nette mensen waren het natuurlijk met de dominee eens: "t is toch wat', werd er hoofdschuddend gedacht.
Of het evangelisatorisch en zendings-elán om de gebeukten en gebukten (door onze slechte tijden) uit de goot te halen door zulke preken toenam, is ook nog maar zeer de vraag. Maar laat ik mijn eigen leven hier in Lima nu onder de loep nemen.
Rond oud en nieuw en de laatste dagen moest ik vaak denken aan de term 'jammerdal' of 'tranendal'. Ik zocht het op in de concordantie van de Bijbel, maar vond het niet. Wèl vond ik het in zondag 9 van de Heidelbergse Catechismus, waarin beleden wordt dat de almachtige God en Vader van Jezus Christus 'mij met alle nooddruft des lichaams en der ziel verzorgen en ook al het kwaad dat Hij mij in dit jammerdal toeschikt mij ten beste keren' zal. Peru een jammerdal. Ja, ik heb dat zeker leren beamen. Wat heb ik veel doffe ellende op een hoop gezien en gehoord. Zoveel, dat ik de laatste jaren zelden nog een krant koop. Wat mij persoonlijk het meest schokt, is dat je aan de ellende gewend kunt raken en van de doden niet meer opschrikt èn dat de meeste mensen ook vrolijk doorleven. Er zijn echter van die momenten dat je bij de harde feiten stilstaat: vanwege het bezoek van de chef van het IMF aan Peru (die natuurlijk meteen geridderd werd) is 't Lichtend Pad (LP) actiever dan ooit. Vele bomaanslagen zijn gepleegd, 't Licht en 't water is weer op rantsoen. De zieken in de ziekenhuizen kunnen niet meer gewassen worden. Vanwege een ruzie om water te bemachtigen, werd één persoon gedood en raakten zeven buren gewond. Vandaag heeft 't LP een 'paro armado' afgekondigd. Dat is een verplichte staking waarmee men het stadsvervoer stil legt. De bus die wèl rijdt, kan immers opgeblazen worden! Wij kregen als kerk ook een pamflet toegestrooid met 'waag het niet te werken'. De activiteiten in de kerk zijn dus vandaag stilgelegd. Ondertussen zijn vele straten van Tumbes (de meest noordelijke stad aan de kust) onder water gelopen en een hele woonwijk in Huánuco is onder de blubber terecht gekomen (door regenval zakken er dan stukken grond van de bergen naar beneden, die door de overvolle bergrivieren worden meegesleurd). In 't zuidelijk bergland regent het echter nog veel te weinig en dreigt de hele oogst te mislukken. Er is trouwens sowieso al minder aanvoer van groente naar de markten vanwege 't gebrek aan regen. In Lima is het b.v. heter dan normaal. De cholera neemt weer toe. Daarvoor is gelukkig wel hulp aanwezig. Krijg je echter een andere ziekte, dan ben je de pineut, want medicijnen zijn te duur. Laatst vroeg men ons hulp voor een jonge weduwe met vijf kinderen die aan een borstontsteking leed, geen werk heeft en dus... Ik doe nog een greep uit de krantenkoppen van vandaag: Een vrachtwagen met 40 ton zink zakte door een niet onderhouden brug heen; de drugsbestrijding gaat met Amerikaans geschut door (hoewel dit de drugshandel alleen maar in leven houdt: de prijzen blijven aantrekkelijk hoog en u denkt toch niet dat de door leger en politie in beslaggenomen drugs verbrand worden?!); een directeur van een hangslotenfabriek werd neergeknald; 300.000 vrouwen in Peru zijn zwanger van wie 60% ongewild of naar hun gevoel te vroeg; 60% van de meisjes onder de 19 jaar weten reeds uit eigen ervaring wat geslachtsverkeer is; drie politieagenten werden begraven die voor de Amerikaanse ambassade neergeschoten zijn. Verder gaan de feesten ter ere van de St. Valentijnsdag oftewel 'de dag van de verliefden' toch gewoon door; wordt een blikje Heinekenbier hier in de reclame aangeboden voor ƒ 2,–. Dit dankzij 't feit dat alle grenzen open zijn gegooid en de geïmporteerde producten de markt veroveren. Nieuwe auto's worden nu overal aangeboden. Een Hollandse geïmporteerde kaas van Coberco is net iets goedkoper in de aanbieding dan een in Peru gemaakte kaas! 't Ontbreekt weliswaar aan koopkrachtige kopers want de lonen en de dollar blijven erg laag. Maar dat mag de pret niet drukken, dat het IMF weer met Peru in zee wil. En dat er zo weer enig teken van hoop is voor de Peruaanse economie. Als je de afgod van de wereldeconomie en zijn marktwetten maar eerbiedigt, is er altijd eriige hoop, althans voor de rijkeren. Wel zal er op aanraden van het IMF meer belasting geheven moeten worden. Maar dankzij de enorme corruptie van het ambtenarenapparaat zullen de maatregelen wel weer meer gaan kosten dan ze opleveren.
Verder om wat dichter bij huis te komen: er is in de lEPP nog steeds geen echte vrede tussen een classis en enkele kerkeraadsleden van een gemeente. Ik heb nog nooit zoveel stijfhoofdigheid in zich christen noemende mensen bij elkaar gezien. In een andere gemeente zonder predikant beschuldigt de ene ouderling een andere. Er is dus nog steeds afgunst en machtsstrijd in de kerk.
Nog dichter bij huis: een van de zoons werd vanmorgen de 'Hollandse school' uitgestuurd. Het geduld van moeder schooljuf was op toen bleek dat zoonlief geen zin had en er dus met de pet naar gooide. Verder plasten de meisjes weer allebei in de broek om mijn verhaal over het jammerdal kracht bij te zetten.
En tenslotte eindig ik in huis: ondanks mijn goede onderwijzing tijdens de gezinsweek over het belang van Bijbellezen en gebed is het zo verdraaid moeilijk om zèlf de concentratie te vinden. Ik erger me alweer een week dat mijn bureau een chaos is en dat al lange tijd mijn boekenkast niet op orde is. Geen tijd is het excuus, 's Nachts slaap ik weer onrustig, want ondanks de wekelijkse kerkeraadsvergadering loop ik nog steeds achter met de correspondentie en zijn er nog vele i's waar de puntjes opgezet moeten worden. Verder staan er nog wat nieuwe toerustingscursussen op stapel. Zal ik echter de tijd krijgen om de lessen van te voren op papier te krijgen? Intussen faal ik nog stees (hoewel minder, want ik geef nu zelf aardrijkskunde en geschiedenis) in mijn vaderschap en waardeer ik alles wat mijn vrouw doet en is nooit genoeg. Door alles wat we onderweg hier meemaken, merken we hoe kort onze adem is, hoe weinig we van de echte liefde van 1 Cor. 13 in praktijk brengen en hoeveel gemeenteleden er nog een pastoraal bezoek nodig hebben.
Bovenal hoe weinig God aan zijn eer komt d.m.v. mij: Hoe snel schat ik Zijn heilswerk niet op waarde en staat Christus niet in 't centrum van mijn leven. Wat is het moeilijk om gehoorzaamheid te leren! Genoeg reden dacht ik zo om het de eenvoudige Heidelberger na te spreken dat we in een jammerdal leven. De zondigheid van de mens en van de structuren mag niet onderschat worden. In die zin ben ik het met degenen die zich ècht gekrookt en bezwaard en verontrust voelen eens. De vraag is hoe we ontdekkend moeten preken vandaag. Hoe kan de zondekennis en de honger naar de genade Gods toenemen? Door midden in dit jammerdal samen als gemeente de Bijbel goed te lezen en door de luiken van ons levenshuis niet dicht te doen voor wat er wèrkelijk gebeurt in deze wereld. Peru ligt op ons Hollandse bord. Er hoeven toch niet eerst meer rampen in Nederland zèlf te gebeuren, vóórdat we meer zondekennis en Christuskennis krijgen? Moet God ons ook zelf het koren, de wijn en de wol afnemen om ons te laten zien dat we dolblind achter de boelen – minnaars – afgoden van deze tijd aanlopen en onze God gewoon vergeten alsof het niets is? (Hosea 2 : 8) Voor ons hier gaat de Bijbel zo aanklagend èn vertroostend open en kan een pastoraal gesprek met een medereisgenoot naar de nimmereindigende eeuwigheid zo opbeuren, omdat de deur der hoop (Hosea 2 : 14) open gaat in dit jammerdal. Die hoop houdt ons – menigmaal gevloerden – op de been en haalt ons er doorheen! Of hiermee alles gezegd is? De kerk is toch niet alleen een ark die drenkelingen opvist? Waar liggen de oorzaken van het kwaad in dit jammerdal? Straft Gòd Peru? Waarom nu juist Peru? Is er iets tegen te doen? Deze vragen laat ik nu maar liggen. Wie altijd alles wil zeggen, zegt uiteindelijk niets meer. Wat ik maar zeggen wil, is dat we eraan ontdekt moeten worden dat we in een jammerdal leven en werkelijk Christus en de komst van het Koninkrijk nodig hebben.
Hoe gaan onze blinde zielsogen open? Door het profetische Woord ècht te horen èn door jezelf te geven in het evangelisatie- en zendingswerk of er in ieder geval hartelijk in mee te leven. Dit alles onder de voortdurende afsmeking van de doorwerking van de Heilige Geest.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 mei 1992
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 mei 1992
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's