De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

4 minuten leestijd

Drs. G. van Rongen, Met al de heiligen – liturgie in hemel en op aarde, deel III, 206 blz. ing. Vuurbaak Barneveld, ƒ 27,50.
Evenals de eerste band, deel I-II, van dit werk is ook dit gedeelte uitermate zorgvuldig gedocumenteerd. We mogen de schrijver daarvoor prijzen en niet minder de uitgever. Evenals de eerste band kost ook deze ƒ 27,50, hetgeen voor een boek van dit formaat en van deze inhoud goedkoop te noemen is. Een voorbeeld voor andere, niet nader te noemen, christelijke uitgevers. De Vuurbaak maakt ernst met het voornemen om goede lectuur binnen de mogelijkheden van het gewone gemeentelid te brengen. Het strekke ter navolging!

In dit deel wordt de gereformeerde liturgie in details beschreven onder de noemer 'Zijn gemeenschap'. De beschrijving van Van Rongen richt zich eenzijdig op de gereformeerd-vrijgemaakte liturgie, hetgeen geen verwijt is, want zo is het boek nu eenmaal aangekondigd, en vanuit die overtuiging is het geschreven. Slechts is jammer, dat de schrijver die voor nagenoeg alles oog heeft, voor enige rijkdom in ònze tijden dat bepaald niet heeft. Bij de beschrijving van het Votum valt op, dat de achtergrond in de zestiende-eeuwse nood der protestanten nagenoeg ontbreekt. Bij de Groet onderkent Van Rongen in de rechterhand niet de symboliek van de opgestane Christus Die de Zijnen groet met opgeheven rechterhand, zie verschillende vroegchristelijke fresco's. Het is verkwikkend om in het hoofdstuk over de Wetslezing te merken, dat Van Rongen ruimte laat voor de eerste functie der Wet, de elenchische, waarbij de Wet kenbron der ellende is. En het ware te wensen, dat alle gereformeerden over alle kerkmuren heen deze liturgische notie weer verstonden, beaamden en in praktijk brachten. Men kan van de schrijver verschillen in de overtuiging, dat de gebruikelijke vorm van het Apostolicum niet ouder is dan de vijfde of zesde eeuw, en zijn mening dat het Quicunque (Athanasius) ongeschikt is voor liturgisch gebruik, wordt zowel door het verleden als door het heden weersproken. Bij de uitleg van sacrament als krijgseed door Calvijn in het spoor van Cyprianus en Augustinus, is het wellicht dienstig erop te wijzen, dat de eerste uitspraken van Zwingli over de sacramenten hier letterlijk mee overeenkomen. Minder historisch nauwkeurig lijkt me, wat Van Rongen hier en daar over de Nadere Reformatie en het Piëtisme schrijft. Zo is het een volstrekte vertekening, wanneer hij Jacobus Koelman verdenkt van de achterliggende doperse gedachte van het inwendige licht bij het vrije gebed en het verzet tegen de formuliergebeden.
Evenals in Brienens Oriëntatie in de liturgie waardeert Van Rongen de synagogale invloed op de christelijke liturgie ongeveer uitsluitend als positief. Ik begrijp hier niets van. De Nieuw-testamentische theologie laat ons toch duidelijk zien, dat er tussen de intertestamentaire gegevens en het Nieuwe Testament meer dan één breuklijn loopt. Ik denk bijvoorbeeld aan Mattheüs 5. Verder is de geschiedenis van de Jeruzalemse gemeente rond en na 70, zoals Mulder die heeft beschreven, de aanleiding tot één grote jammerklacht. En dan spreek ik nog niet over al de theologische argumenten, die getuigen tegen een klakkeloos overnemen van liturgische entiteiten uit de synagoge(n) door de apostolische vaders en hun opvolgers. Zouden we ons niet ter harte moeten laten gaan, wat Hamack aan het slot van deel I van zijn grote Lehrbuch der Dogmengeschichte over de oorsprongen van dogma en liturgie schrijft?
Calvijn heeft niet over de Psalmen naast Evangelieperikopen in de zondagmorgendiensten gepreekt om de invoering van het zingen der berijmde psalmen te bevorderen, maar in aansluiting aan het psalmengebruik in de vroeg-christelijke gemeente en in de Middeleeuwen. En het doodverven van piëtistische liederen met de term subjectivisme lijkt me werkelijk nergens op te slaan.
Naast het feit, dat het boek kennelijk voor vrijgemaakt liturgisch gebruik is geschreven, is het ook voor elke niet-vrijgemaakte een bron van kennis van de liturgiegeschiedenis. Wij zijn er de auteur zeer dankbaar voor.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 juni 1992

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 juni 1992

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's