De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De vrouw in het ambt

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De vrouw in het ambt

Een korte verantwoording

5 minuten leestijd

In de geschiedenis van de Gereformeerde Bond is het van tijd tot tijd voorgekomen, dat enkele of meerdere predikanten uit zijn midden zich publiekelijk keerden tegen de principiële koers, die de bond op bepaalde punten ging in de kerk. Soms leidde dat tot interne spanningen en confrontaties.
Doordat nu in het blad Kontextueel van tijd tot tijd standpunten worden vertolkt, die niet stroken met de koers, die de Gereformeerde Bond wil gaan, trekt dit blad sterk de aandacht. Gedurfde meningen, die in een bepaalde kring controversieel zijn, zijn nu eenmaal in trek bij de media, van welke achtergrond die media dan ook zijn mogen. Kontexueel zorgt vandaag voor gestructureerde oppositie tegen het beleid van de Gereformeerde Bond. Zo heeft Kontextueel op niet mis te verstane wijze de kwestie van de vrouw in het ambt opnieuw aan de orde gesteld. Tegelijkertijd werd dat gedaan door de aan Kontextueel verwante vereniging 'Ph. J. Hoedemaker'. De wijze, waarop de zaak aan de orde wordt gesteld, maakt de conclusie bij voorbaat duidelijk. De vrouw in het ambt moet kùnnen, mógen of móét zelfs. Zo heeft de pers uitvoerig melding gemaakt van wat op een bezinningsdag van 'Hoedemaker' aan de orde kwam en wat door Kontextueel is gebracht. Uit het loutere feit, dat zowel bij het één als bij het ander de Gereformeerde Bond onder kritiek werd gesteld, mag voldoende duidelijk zijn, dat het beleid van 'de bond' inzake de vrouw in het ambt niet onduidelijk is geweest en tot vandaag niet onduidelijk is. De vrouw in het ambt wordt op grond van Schrift en belijdenis door ons afgewezen. Dat is al direct, toen in de vijftiger jaren de discussies op gang kwamen binnen de Hervormde Kerk, verwoord in een boekje van dr. H. Goedhart, 'Een vrouw op de kansel? . In beleidsbrochures, zoals 'Positie en beleid' en 'Overweging inzake uitgangspunten en knelpunten' is één-en andermaal dat standpunt herhaald.
Enkele jaren geleden is voorts een zeer uitvoerige studie verschenen, 'Man en vrouw in bijbels perspectief', die wat de inhoud betreft brede aandacht heeft getrokken. Ook daarin werd de conclusie getrokken, dat de vrouw in het ambt op bijbelse gronden moet worden afgewezen. Wel werd het bijbels onderscheid aangebracht tussen ambten en bedieningen en werd ruimte gelaten voor inschakeling van de vrouw in de gemeente als het om bepaalde bedieningen gaat. Noch op het één, noch op het ander wil het hoofdbestuur vandaag terug of verder. Achter de doorwrochte denkarbeid in het verleden vanuit de Schrift gaan wij niet temg.

Toen in de vijftiger jaren de discussie inzake het ambt voor de vrouw speelde stond Schriftvisie tegenover Schriftvisie. De visie van de vigerende middenorthodoxie werd op grond van Schrift en belijdenis in hervormd gereformeerde kring afgewezen. Het is uitermate verdrietig dat we thans een dergelijke visie op de Schrift, op grond waarvan de vrouw in het ambt mogelijk wordt geacht, in hervormd gereformeerde kring zien opkomen. Wij wijzen die visie ook vandaag af.
In het geding is de gereformeerde ambtsleer. Deze is uit de veelheid van Schriftgegevens genomen en ook in de confessie vastgelegd. Wij zullen de argumenten niet nog eens op een rij zetten. Dat is in genoemde studies gedaan. Naar onze overtuiging is het, behalve door de Schrift tijdgebonden te verklaren, alléén mogelijk de vrouw in de ambten te accepteren als men het ambt zelf als een bediening gaat zien. Dat kan alléén wanneer gesteld wordt, dat in de Schrift de bedieningen het wezenlijke zijn en het ambt bijkomstig is, zoals in theologische publicaties wel wordt uiteengezet. Alleen door het ambt tot een bediening te maken schept men mimte voor de vrouw in het ambt. Wat men dan overhoudt is niet meer het bijbelse ambt. En met dit bijbelse ambt staat of valt het opzicht over de gemeente in gereformeerde zin. Het aanvaarden van de vrouw in het ambt betekent het prijs geven van de gereformeerde ambtsvisie.

Het moge intussen duidelijk zijn, dat de stem van Kontextueel in deze niet de stem van de Gereformeerde Bond is. De jaren door heeft het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond nimmer enige tegenspraak van de leden ontvangen op de jaarvergaderingen inzake het beleid, dat gevoerd werd ten aanzien van de vrouw in het ambt. Voor vrouwelijke ambtsdragers is in de kring van de Gereformeerde Bond geen ruimte. Dat is onverkort de overtuiging binnen het hoofdbestuur. Als de leden van de Gereformeerde Bond de lijn van Kontextueel willen gaan, zal dat wel blijken op de jaarvergaderingen. Maar naar het ons voorkomt zit men in geen enkele hervormd gereformeerde gemeente te wachten op een koerswijziging in deze. Wij hebben er pijn aan, dat we deze dingen op dit moment zo moeten zeggen. Maar waar uitdagend gesproken wordt mag ook een duidelijke reactie worden verwacht. Intussen snijden deze zaken pijnlijk in eigen vlees. Wat echter naar buiten toe van tijd tot tijd en als kritiek wordt geuit, moet ook naar binnen toe worden gezegd. Om niet het gevaar van een dubbele standaard te lopen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juli 1992

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De vrouw in het ambt

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juli 1992

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's