Verbondsgeheimenissen (1)
Het Verbond – waardering – overwaardering – onderwaardering
Op de vrijdagen 4 en 11 december l.l. werden op 12 plaatsen weer de regionale ambtsdragersvergaderingen van de Gereformeerde Bond gehouden. Het thema was: 'Het Verbond – waardering – overwaardering – onderwaardering.In Veenendaal en Middelharnis werd het woord gevoerd door ds. H. Visser te Katwijk aan Zee. Zijn lezing plaatsen we in drie afleveringen.
Inleiding
Wanneer wij ons in het spoor van de Schrift en in afhankelijkheid van de leiding van Gods Geest, willen oriënteren op het Verbond van God, dan willen wij ons realiseren dat het Verbond van God een onuitsprekelijk geheimenis is.
Een goddelijke verborgenheid. In de taal van het Nieuwe Testament een mustérion, een mysterie.
De wijzen en verstandigen verborgen. Ons menselijk verstand is, sinds wij de rechte kennis van God, door onze heilloze val in Adam verloren hebben, verduisterd.
Elke poging tot 'verstandelijk' verstaan van Gods verbondsgeheimen is tevoren tot mislukken gedoemd. Wie heeft de zin des Heeren, de gedachte en de bedoeling van God gekend, gelijk God die vastlegde in Zijn eeuwige Raad? Geen weldenkend mens.
Wie het geheim geen geheim kan laten, het niet gelóóft, niet in het geloof aanvaardt en aanbidt, gaat te werk als de onbesneden Filistijnen, die Simsons raadsel zeven dagen over en weer wierpen en er mee in de knoop raakten, zonder er achter te komen 'dat er spijze uitging van de eter en zoetigheid van de sterke'.
Zonder door een door de wedergeboorte besneden hart komt men er niet achter dat hèt leven en de liefde van Gods Vaderhart klopt in het Verbond der genade.
De geschiedenis van kerk en theologie dient helaas (althans ten dele) om dit te bewijzen. Wat God bedoelt als een vrucht 'zoet voor het gehemelte', is en wordt nog steeds gemaakt tot een bittere twistappel.
Het Verbond van God bedoelt binding, band aan God en aan elkaar, in enigheid van het ware geloof. Maar uitgerekend binnen de kaders van de gereformeerde theologie is het Verbond aanleiding geworden en zodoende misbruikt om kerkscheuringen te rechtvaardigen. Door de eeuwen heen – en met name in de vorige eeuw, wordt er meer over het Verbond getwist dan er uit geleefd. Hier ligt de oorzaak van grote verwijdering, waaraan het geheel van de Gereformeerde Gezindte vandaag nog steeds mank gaat.
Allerlei controversen overwoekeren als onkruid het erf des verbonds.
In sommige kerken en kringen verdwijnt het Verbond in de mist van een rationalistisch denken en predikt men een uitverkiezingsidee die uitloopt op een onderwaardering van het Verbond. Ter anderer zijde – maar even rationalistisch – trekt men uit het Verbond een aantal vanzelfsprekende conclusies. Men is gedoopt, men behoort tot de gemeente, en persoonlijke verkiezing, de noodzaak van geloof en wedergeboorte, de eis tot bekering, worden als niet ter zake doende beschouwd. Op die manier wordt het Verbond overgewaardeerd ten koste van het geheimenis. Dit leidt tot verbondsautomatisme.
Wij zijn het zaad van Abraham, zeiden de Joden tot Jezus, er is voor ons geen vuiltje aan de lucht. Ieder tracht zijn eigen gelijk te halen met behulp van een meer eigenaardig dan eigen beroep op de Schrift. Als nu één ding ons met name bezwaart en dient te verontrusten is het wel het gevaar dat het scheepje van de kerk strandt òf op de Scylla van de onderwaardering, òf op de Charibdis van de overwaardering van het Verbond.
Wijlen ds. G. Boere gaf destijds als remedie: 'Wanneer de levende en bewogen verbondsbetrekking in het oog gehouden ware, dan hadden wij minder scholastiek en minder stelsels, en minder versteende gemeenten, waarbij de ouderen bevriezen en de jeugd ontkerstent op een verschrikkelijke manier, maar meer leven uit de God des verbonds' (Vast en Zeker, aspecten van het Verbond Gods, Kampen 1974, blz. 162).
Leven uit de God des Verbonds. Aan deze gedachte willen wij nu een nadere uitwerking geven en beginnen daarom bij
De God des Verbonds
De Schrift bezingt op verhoogde toon God als de God van het Verbond.
Sla uw Psalmboek maar op. Zij is vol van de lof om de rijkdom van het Verbond van God uit te jubelen. Het Verbond Gods is een lied om te zingen. Het is Gods bondslied. Het zingt van de hoogte, de diepte, de lengte en de breedte van Gods Verbond.
Hier wordt niet getheologiseerd, ook niet getheoretiseerd over het Verbond, koud en kil, maar gezongen van de bloedwarme liefde van de Verbondsgod.
De hoogte van het Verbond reikt tot de drieënige God zelf.
Tot in de eeuwige vrederaad, ook wel het verbond der verlossing genoemd.
Volmaakter verbondsleven dan ervan eeuwigheid in God was is niet denkbaar.
In Hem verbonden zich Vader, Zoon en Heilige Geest tot eeuwige zaligheid van Zijn kerk. In die verbondsonderhandelingen sprak de Vader tot de Zoon: 'Ik zal u geven tot een verbonds des volks' (Jes. 42 : 6). Hier zijn wij bij de afspraak, die er ligt tussen de Vader en de Zoon, waar de Vader Christus als Middelaar van het Verbond verkiest en Hem de vleeswording en de dienst der verzoening opdraagt; en wie verzoening zegt, zegt tegelijk bloedstorting. Dat bedoelde ik met bloedwarme liefde.
Immers de Middelaar, Jezus Christus, heeft het Verbond der genade en der verzoening met Zijn dood en bloedstorting besloten, bekrachtigd en bevestigd, toen Hij aan het kruis riep: 'Het is volbracht'. We hebben dus tegelijk het Verbond in de Middelaar en de Middelaar in het Verbond te zoeken. Doen we dat niet dan blijkt onze beschouwing van het Verbond bloedarm, en stelt het Verbond zonder de Middelaar niet met al voor. Niet alleen de Vader en de Zoon, maar ook de Heilige Geest is ten volle bij deze eeuwige verbondsonderhandelingen betrokken. Hij nam op Zich het grote werk van de bijeenvergadering der Kerk en de mededeling van alle door Christus verworven weldaden, aan de harten der uitverkorenen toe te passen.
De Geest, Die Ik u, zegt Christus, van de Vader zenden zal, zal Mij verheerlijken. Kom, heffen wij de lofzang aan: ''k Mag met gelovig roemen, U mijn Verbondsgod noemen'.
De diepte van Gods Verbond
Het gaat in het Verbond Gods van hoog naar laag. Van de Hoogte van Gods eeuwig welbehagen, naar de diepte van het verloren mensengeslacht. Afdalend tot de vreemdelingen, van de verbonden der belofte, naar mensen, die tengevolge van Adams val zonder God en zonder hoop in de wereld zijn. Van ons allen geldt immers, zij hebben het Verbond gebroken, de band met de levende God doorgesneden, gelijk Adam.
Als u mij vraagt, wat maakt de diepte van Gods Verbond uit, dan is het dit, dat het een genadeverbond is. Het genadekarakter van dit Verbond neemt gestalte aan in de openbaring daarvan. Zo mogen we het genadeverbond verstaan als de uitvoering van het eeuwige verbond des vredes. God eist niet van ons uit eigener beweging tot Hem op te klimmen en zo tot Zijn verbondsgeheimen door te dringen.
Genade legt ontdekkend de klemtoon op onze onmogelijkheid daartoe. We zijn zo geestelijk dood in de zonden en de misdaden dat we uit onszelf geen vin kunnen verroeren. Maar God daalt neer, uit Eigener beweging, uit vrijmachtig welbehagen, en altijd weer op Eigen initiatief.
Zo is het Verbond de wijze waarop God Zich aan mensen bekend maakt.
Hier raken wij aan het tere geheim van Gods verkiezing.
Heel het Oude en het Nieuwe Testament is één doorlopende openbaring van verkiezing en verbond. Verkiezing als Gods uitgangspunt.
Daarom is het genadeverbond ook éénzijdig. Het gaat van God uit, nooit van de mens. Het Woord der openbaring verschaft ons hier opening.
Zoekt Adam God, nadat hij het Verbond verbroken heeft? Nee andersom. God zoekt Adam. Vraagt Abraham naar God? Nee, de Heere zegt: Ik zal mijn verbond oprichten tussen Mij en tussen u, om u te zijn tot een God en uw zaad na u (Gen. 17 : 17). Laat Israël zich met God in? Nee het laat het heel de geschiedenis door afweten wat God betreft. Daarom zegt Mozes in Deut. 7 : 7: 'De HEERE heeft geen lust tot u gehad, noch u verkoren, om uw veelheid boven alle andere volken, want gij waar het weinigste van alle volken'.
Getalsmatig betekenden zij eigenlijk niets. Geestelijke kwaliteiten hadden zij nog minder. Een in de woestijn weggegooide vondeling, vertrapt in haar geboortebloed, letterlijk een verschoppeling. Toch keek de HEERE naar u om. Verklaar dat maar eens.
God verklaart Zichzelf: 'Maar omdat de HEERE u liefhad. Daarom kwam Ik met u in een verbond' (vs. 8).
Diezelfde verkiezende liefde valt ook de gemeente van het Nieuwe Testament te beurt. De verkiezing Gods is van voor de grondlegging der wereld geschiedt in Christus, zo lezen wij in Efeze 1 : 4. Zij geschiedt buiten de mens om, maar de uitwerking van de verkiezende liefde Gods is dat deze genadestroom vloeit door de bedding van het Verbond. Zodat verkiezing met name de verwerkelijking krijgt in het Verbond. En dus is verkiezing en Verbond geen tweesporenbeleid van God, maar een eenheid. In beide schittert Gods diep-neerbuigende genade.
Verbond en verkiezing een lied om te zingen. 'Door U, door U alleen, om 't eeuwig welbehagen'.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 september 1992
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 september 1992
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's