De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Hervormde (wijk-)gemeenten in gefuseerde kerk

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Hervormde (wijk-)gemeenten in gefuseerde kerk

Concept ontwerp-Kerkorde S.O.W.

11 minuten leestijd

Het is zover. Er ligt een ontwerp-kerkorde ter tafel voor een eventuele gefuseerde kerk, een kerk waarin de Nederlandse Hervormde Kerk (N.H.K.), de Gereformeerde Kerken in Nederland (G.K.N.) en de Evangelisch Lutherse Kerk (E.L.K.) moeten opgaan. Gedurende bijna twee jaar heeft een commissie zich, in het afgetrokkene, gebogen over de tekst, die aan de afzonderlijke synoden zou worden aangeboden, als basis van het samen-kerk-zijn in de toekomst. Enige maanden voordat het ontwerp was vrijgegeven voor bespreking in de afzonderlijke synoden (in besloten zitting) was er een brede raadpleging geweest met vertegenwoordigers uit 'de breedte' van de onderscheiden kerken, om te toetsen of het ontwerp aan de synoden kon worden aangeboden. Ook ondergetekende was bij die raadpleging aanwezig. Het ontwerp, dat nu voorlag voor de afzonderlijke synoden, was na die samenspreking op onderscheiden punten bijgesteld. Nu, tijdens de besprekingen in de synoden van de drie kerken, kon er geen tittel of jota meer aan worden veranderd. Alles wat tegen dit ontwerp werd en wordt ingebracht wordt, om zo te zeggen, door de commissie, die de tekst vaststelde, 'meegenomen'. In een later stadium zal dan een definitieve tekst aan de synoden worden aangeboden, waarop dan een artikelsgewijze bespreking volgt in de synoden, met de gebruikelijke raadpleging van de classes.
Het moge in dit stadium dus volstrekt duidelijk zijn dat de voorliggende tekst niet meer is dan een concept-ontwerp.

Ook niet minder
De tekst van de kerkorde is intussen ook niet minder dan een ontwerp, omdat daarin namelijk de gefuseerde kerk van de toekomst wordt 'geregeld'. Met 'geregeld' wordt overigens meer gezegd en bedoeld dan dat de bedoelde kerkorde een aantal regels bevat. Het verschil tussen de vigerende kerkorden van de Nederlandse Hervormde Kerk en die van de Gereformeerde Kerken bestaat daarin, dat de kerkorde van de Gereformeerde Kerken veel meer regelgevend is dan die van de Nederlandse Hervormde Kerk, terwijl die van de Nederlandse Hervormde Kerk vooral ook een theologisch document is, waarin (in de zogeheten romeinse artikelen) de kerk heeft verwoord wat haar ecclesiologische uitgangspunten zijn. Lange tijd is er discussie geweest over de vraag of een ontwerpkerkorde voor een gefuseerde kerk moest worden opgezet naar gereformeerd model (een 'lege huls', die wordt opgevuld met allerlei bepalingen) of naar hervormd model, in de zin dus van een theologisch document.
Het laatste is het geworden. De commissie, die de tekst heeft vastgesteld, heeft zich lange tijd gebogen over een totale tekst, waaraan dan allerlei bepalingen zullen worden gehangen in zogeheten ordinanties.
In het hier volgende geven we een globale beoordeling zonder in extenso in te gaan op de vraag hoe het verder moet als deze kerkorde zou worden aangenomen.

Fundamentele kritiek
Als het over het belijdende karakter van de ontwerptekst gaat valt direct dezelfde fundamentele kritiek te leveren als op de hervormde kerkorde, die als 'nieuwe kerkorde' in 1951 werd aangenomen. In 1951 werd gesteld (art. X), dat de Nederlandse Hervormde Kerk belijdt 'in gemeenschap' met de belijdenis der vaderen. Daarop is toen van hervormd-gereformeerde zijde 'nee' gezegd.
Dit 'nee' was (overigens pas in tweede instantie) gebaseerd op de wijze, waarop o.a. de vrijzinnigen hadden verwoord hoe zij 'gemeenschap' verstonden, namelijk: respect voor het verleden, maar vandaag gaat het om andere zaken en belijden we dus anders.
Desalniettemin hebben we, ook als hervormd-gereformeerden, onder deze kerkorde geleefd. Intussen werden echter, met déze kerkorde als basis, de Dordtse Leerregels terzijde gezet, namelijk in een herderlijk schrijven over 'De uitverkiezing'. De jaren door hebben we dan ook als hervormd-gereformeerden de kerk in gebreke gesteld, omdat 'gemeenschap met de belijdenis der vaderen' niet kon verhinderen dat de belijdenis der vaderen soms met voeten werd getreden.
Het kan dan ook niet verwonderlijk zijn, dat in de ontwerp-kerkorde voor een gefuseerde kerk men ten aanzien van het belijden ook niet verder komt dan 'in gemeenschap'. Kennelijk hebben 'gereformeerden' vandaag ook geen behoefte meer aan binding aan de gereformeerde belijdenis. De beoogde kerkorde belijdt dan ook 'in gemeenschap met de belijdenis', waarbij overigens wel als novum geldt, dat het niet gaat om de belijdenis van de vaderen maar (vanwege de 'moederen') om de belijdenis van het voorgeslacht. Hier dient zich de vraag aan –door mij in allerlei verbanden verwoord –wat we onder dat voorgeslacht dienen te ver staan. Gaat dat terug tot b.v. Abraham? Of heeft het voorgeslacht ook gereformeerde betekenis!


Feit is wel, dat deze kerkorde veel minder triomfantelijk is met betrekking tot het zogeheten apostolaat. Ging in de hervormde kerkorde het apostolaat (art. VIII) vooràf aan het belijden (art. X), nu zijn apostolaat en belijden in één artikel bijeengebracht, hoewel de verwoording zodanig is, dat tòch nog het apostolaat aan het belijden vooraf gaat. Artikel I, 3 (stylistisch m.i. onhoudbaar) luidt namelijk:
'Betrokken in Gods toewending tot de wereld, belijdt de kerk in gehoorzaamheid aan de Heilige Schrift als enige bron en norm van de kerkelijke verkondiging en dienst, de drieënige God, Vader, Zoon Heilige Geest.'

Principe
Dat de 'gemeenschap' met de belijdenis der vaderen echt tot principe is geworden, d.w.z. dat deze formulering een vrijblijvende omgang met de belijdenis verwoordt, blijkt uit het feit, dat 'de kerk erkent de betekenis van de Konkordie van Leuenberg (curs. van mij, v.d.G.) voor de samenbinding van de lutherse en de gereformeerde traditie'. Deze konkordie wordt in één adem genoemd met 'de apostolische geloofsbelijdenis, de geloofsbelijdenis van Nicea, de catechismus van Luther, die van Heidelberg en die van Genève, en de Nederlandse Geloofsbelijdenis met de Dordtse Leerregels, door de Reformatie aan de kerk geschonken', samen overigens met de geloofsbelijdenis van Athanasius, 'waardoor de kerk zich verbonden weet met de algemene christelijke kerk' en 'de onveranderde Augsburgse Confessie'. Deze brede accolade is alleen mogelijk wanneer men alle confessies gelijkelijk waardeert en men er in het heden het zijne van denkt.


Duidelijk is dan ook, dat deze kerkorde niet opkomt uit de gereformeerde confessie maar deze benadert uit een algemeen confessioneel gevoelen.

De naam
Daarom is ook de naam, die beoogd wordt voor een eventuele S.O.W.-kerk, oneigenlijk. 'Verenigde Reformatorische Kerk in Nederland' heeft de pretentie aan zich van binding aan de gereformeerde, reformatorische belijdenis. Niets is minder waar. De 'gereformeerden', met de Doleantie van 1886 samengebracht onder deze naam, begeren dit voorvoegsel vandaag gans niet meer. Zij vooral hechten niet meer aan deze betiteling, zo min als zij hechten aan de binding aan de confessie. Zij lopen zelfs voorop als het erover gaat deze kwalificatie achter zich te laten. Daarom is de benaming 'Verenigd Reformatorisch' oneigenlijk. We willen niet samen terug tot de reformatorische belijdenis. Dat is ten diepste mijn verzet tegen de nu beoogde naam. De hoge pretentie reformatorisch zal de nieuwe kerk – als die er ooit komt – niet waar (kunnen) maken. We krijgen straks bovendien een versmalde reformatorische gezindte, tegenover een breed oecumenische reformatorische kerk. 'Reformatorisch' staat straks tegenover 'reformatorisch'. En de Reformatie zelve dreigt buiten beeld te geraken.


Deze kerkorde zal, zoals de hervormde kerkorde van 1951, daarom in principe moeten worden afgewezen. Ze kan geen basis zijn voor een gereformeerde kerk, die gebaseerd is op 'Schrift en belijdenis'. De vraag is echter wel of deze kerkorde daarin afwijkt van de hervormde kerkorde van 1951, die als model is gekozen.

Neerwaarts
Er zit in deze kerkorde intussen wel een ­neerwaartse tendens. De nieuwe kerk mag dan presbyteriaal-synodaal heten, ten aanzien van het ambt bij voorbeeld is deze orde onder de maat. Dat komt met name tot en uitdrukking in de paragraaf over 'opzicht en tucht'. De kerk houdt weliswaar 'opzicht over de verkondiging, de catechese en de opleiding', maar het specifieke van de ouderling (die naar gereformeerd principe 'zit op de leer') ontbreekt. Bovendien is er sprake van ontkoppeling van ambt en belijdenis. In principe kunnen ook personen, die geen belijdenis des geloofs hebben afgelegd, tot ambtsdrager bevestigd worden. Hun 'ja-woord' bij de bevestiging geldt dan als geloofsbelijdenis. Zo is er ook sprake van een ontkoppeling van belijdenis (doen) en avondmaal. De kindercommunie is dan ook in feite kerkelijk geregeld.


Huwelijk
In het kader van dit ene artikel kan ik onmogelijk alle punten aangeven, die verzet oproepen. Ingrijpend is, dat in deze kerkorde geen paragraaf over het huwelijk voorkomt. Het was in deze: alles of niets. Het huwelijk alléén was in de commissie, die het ontwerp-kerkorde maakte, kennelijk niet haalbaar. Dan moesten ook worden genoemd 'andere levensverbintenissen als verbond van liefde en trouw, die voor Gods Aangezicht kunnen worden ingezegend in het midden van de gemeente'. Er is nu een knoop doorgehakt door de hele paragraaf weg te laten. Maar als intussen onder de paragraaf 'De eredienst' ook trouwdiensten worden genoemd, dan is de bevestiging van genoemde 'andere levensverbintenissen' niet uitgesloten. Waarvan acte!

De gemeente
Wezenlijk in het geheel is de plaats van de gemeente. In 1986, toen de zogeheten Intentieverklaring werd aangenomen, waarin werd gesteld, dat de Nederlandse Hervormde Kerk en de Gereformeerde Kerken 'in staat van hereniging' waren, is ook vastgelegd, dat gemeenten niet tot samengaan (federatie) zouden kunnen worden gedwongen. Dit zou het geval zijn zolang er sprake was van federatief samengaan. Hoe het zou zijn bij fusie van de kerken zou blijken uit de kerkorde, die voor de gefuseerde kerk maatgevend zou zijn. Welnu, in de ontwerp-kerkorde, die nu voorligt, is de dwang om te fuseren op gemeentelijk vlak óók uitgesloten. Wèlke naam de eventueel gefuseerde kerk ook krijgen zal, vastgelegd wordt, dat ook in de gefuseerde kerk hervormde gemeenten alsook gereformeerde kerken en evangelisch lutherse gemeenten blijven zullen. In de nog op te stellen ordinanties zal 'hervormde gemeente' ook – zo is in de Raad van Deputaten S.O.W. notulair vastgelegd – nader worden uitgewerkt naar wijk-gemeenten en buitengewone wijkgemeenten. Als zodanig is de druk van de ketel. Op plaatselijk vlak zal geen dwang tot fusie gelden. Hervormde gemeenten, die niet met de plaatselijke gemeente van de Gereformeerde Kerken samen willen of kunnen gaan, zullen voortbestaan zoals ze op dit moment functioneren. Deze regeling is ongetwijfeld het resultaat van jarenlange inzet van de kant van de hervormd-gereformeerden om gevrijgewaard te blijven van elke vorm van dwang tot samengaan.


Dankbaarheid over dit gegeven mag intussen de grote zorg, die blijft bestaan, niet verhelen. Want àls er een gefuseerde kerk komt zullen er ook gefuseerde classes zijn. De classis zal zelfs de belangrijkste grondvergadering van de kerk worden. Binnen de Nederlandse Hervormde Kerk zullen daarom zelfs de Provinciale Kerkvergaderingen moeten verdwijnen. Met het gevolg – dit zij tussen twee haakjes gezegd – dat de classis, die toch een geestelijke grondvergadering wil zijn, zal worden over-belast met een veelheid van practische zaken.
De grote vraag is daarom hoe de vele hervormde (wijk-)gemeenten, die dus in feite terzijde van S.O.W. zullen verder gaan, zullen kunnen fuctioneren. Naar het zich laat aanzien zullen vele hervormde (wijk-)gemeenten niet samengaan met Gereformeerde Kerken ter plaatse. Zullen ze dan classicaal toch niet in een dwangbuis komen? Als boven-plaatselijk alles gefuseerd is, welke betekenis heeft het hervormd-zijn dan nog plaatselijk?


Van essentieel belang is weliswaar, dat de bediening van Woord en Sacrament in de (hervormd-)gereformeerde traditie kan doorgaan. Aan de Woordbediening hangt immers de toekomst van de kerk. Maar bovenplaatselijk zal toch ook de kerk gestalte moeten hebben. Onzes inziens zijn in deze kerk dan ook op een ontoelaatbare wijze ecclesiologische knopen doorgehakt. In feite koerst de kerk, die in het ontwerpkerkorde wordt beoogd, namelijk in de richting van een congregationalistisch type.

Twee zielen
Daarom moet onzerzijds bij de beoordeling van deze ontwerp-kerkorde worden gezegd, dat er sprake is van ambivalentie, van twee zielen in één borst. Hervormde (wijk-)gemeenten zullen kunnen blijven voortbestaan maar ze behoren samen tot een nieuwe (gefuseerde) kerk.
Hoe zal dan ook – zo vragen we –, om al die gemeenten, die als hervormde gemeenten willen verder gaan (en dat zullen er vele meer zijn dan de ongeveer 450 hervormd-gereformeerde wijkgemeenten), een accolade worden geslagen? Als dat niet classicaal wordt geregeld is een unie van hervormde gemeenten onvermijdelijk.


Intussen zullen we, kerkelijk gezien deze problematiek niet mogen benaderen vanuit die classes, die 'uniform' hervormd-gereformeerd zijn. Als we alleen vanuit die optiek denken zal overigens in de gefuseerde kerk van de toekomst het hervormd-gereformeerde geluid spaarzamelijk zijn. Het gaat echter vooral om het gemeentezijn, om het kunnen functioneren naar Schrift en belijdenis van al die gemeenten samen, die in de traditie van de kerk der vaderen willen staan. De vraag is hoe de kerk der vaderen in alle hervormde gemeenten verder zal gaan.


Naar het zich laat aanzien loopt deze kerkorde in ieder geval uit op een kerkelijke boedelscheiding. Dat zou kunnen betekenen een modus vivendi, die in hervormd-gereformeerde kring altijd onder kritiek heeft gestaan. We zullen daarover in hervormd-gereformeerde kring diep moeten nadenken. Als we nog een 'kerk' beogen moeten we ons intussen wel bezinnen op de samenhang van gemeenten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 oktober 1992

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Hervormde (wijk-)gemeenten in gefuseerde kerk

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 oktober 1992

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's