De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Kerknieuws

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kerknieuws

19 minuten leestijd

VERSLAG VAN DE AFSCHEIDSDIENST VAN DS. C.G. GELUK ALS PREDIKANT­ DIRECTEUR VAN DE HGJB
Op vrijdag 25 september jl. vond de afscheidsdienst plaats van ds. C.G. Geluk in de Jacobikerk in Utecht vanwege zijn vertrek naar de hervormde gemeente van Huizen. Het was 11 jaar geleden dat hij in dezelfde kerk bevestigd werd als predikant-directeur van de HGJB. Zijn werk nam een aanvang in de dienst van het Woord uit Judas : 20 waarin opgewekt wordt op het juiste fundament te bouwen. Het afscheid vond ook plaats in de dienst van het Woord. Centraal stond de tekst uit 2 Petrus 3 : 18: … wast op in de genade en kennis van onze Heere en Zaligmaker Jezus Christus'. Het thema was 'groeien in het geloof', hetgeen volgens de scheidende predikant belangrijk is in deze tijd van secularisatie. Ondanks alle kerkverlating en de geruisloze gevolgen van de secularisatie is de Kerk niet dood en gaat ze niet dood. De kerk groeit in het licht van de belofte en de geschiedenis, niet in het licht van de tijd. God is getrouw en de Heilige Geest woont in het midden van Christus' gemeente. Er komt veel op de kerk af daarom roept Petrus ook op in vers 17 tegenstand te bieden aan de verleiding zodat we niet uit onze vastigheid vallen en de groei gestuit wordt.
De inhoud van de groei is allereerst een opwassen in de genade van onze Heere Jezus Christus. Duidelijk is dat genade onverdiend en onvoorwaardelijk is. Het laat ook de realiteit van zonde en schuld zien. Genade omvat redding, bevrijding, vernieuwing en toekomst. Het is dan ook geen groei in rechtvaardiging maar wel groei in een leven met God. Het is niet gezond als de groei in de ontwikkelingsfase van een zuigeling blijft steken. Belangrijk is het in afhankelijkheid te putten uit de Bron van het Ieven.
Ten tweede is groei een opwassin in de kennis van onze Zaligmaker Jezus Christus. Het gaat hierin dan ook om de kennis van God en Christus. Deze kennis is persoonlijk en doen we op in de persoonlijke ontmoeting met Christus. In deze ontmoeting doe je zelfkennis op, steeds meer, maar ook ontstaat er toewijding en gehoorzaamheid aan Gods geboden. In deze ontmoeting ontstaat het '… opdat ik Hem kenne, en de kracht van Zijn opstanding'. Steeds hogere gedachten van Hem hebben en een gerichtheid op Christus.
Is niet het grote probleem van de secularisatie dat er zoveel baby's zijn in het geloof. In de Kerk en in het jeugdwerk hebben we volwassen christenen nodig die vast staan in geloof en niet heen en weer bewogen worden als een baar der zee gelijk. Mensen die niet uitvallen uit hun vastigheid, maar geleid door de Geest bereid zijn zich door de Schrift te laten corrigeren en jongeren te leiden zodat ze niet in geestelijke groei belemmerd worden.
In deze wereld van zonde, haat en onrecht is er naast groei ook verwachting. Groei loopt uit op lofprijzing, verwachtende de dag van Zijn heerlijkheid.
Na de prediking werd de scheidende predikantdirecteur met zijn gezin toegesproken door drs. C. van Duyn, voorzitter van het Centraal Bestuur van de HGJB. Centraal in deze toespraak stond 1 Petrus 5 : 10: 'De God nu aller genade, Die ons geroepen heeft tot Zijn eeuwige heerlijkheid in Christus Jezus, nadat wij een enig tijds zullen geleden hebben, Dezelve volmake, bevestige, versterke en fondere ulieden'. Hierna werd de familie Geluk de zegenbede uit psalm 134 : 3 toegezongen. Tenslotte legde ds. Geluk de zegen op de gemeente die bestond uit velen van de HGJB-familie.

BEVESTIGING EN INTREDE DS. J. VAN BEELEN TE RANDWIJK
Na een vakaturetijd van ruim een jaar ontving de Hervormde Gemeente van Randwijk op woensdag 30 sept. in de persoon van ds. J. van Beelen weer een eigen prediker. Daarmee kwam tevens een einde aan het consulentschap van ds. J. Geene van Zetten/Andelst.
In een druk bezette middagdienst predikte ds. J.R. Volk uit Katwijk aan Zee naar aanleiding van Daniël 10. Vers 19 vormde het centrale thema van de preek, die als titel zou kunnen krijgen: Eerst horen, dan spreken. Ds. Volk, een geestelijke vriend van kandidaat Van Beelen, vestigde de aandacht op twee kernpunten: de menselijke zwakheid bij het staan in het ambt en het doel van het ambt.
De menselijke zwakheid komt voort uit het zien op onszelf in de dienst van God, waarin Woord en Sacrament bediend moeten en mogen worden, maar ook het weten dat het Woord niet altijd in een ontvankelijke gemeente landt. De derde reden is de verschijning van de Heere Jezus die zo overweldigend is voor Daniël.
Daniël, een zondig mens, ziet na zijn weken van vasten en het Pascha iets van de strijd tussen Christus en Satan. Hij ziet Christus als het offer door Wie verlossing voor Israël mogelijk wordt. Dit gezicht overrompelt hem, zodat hij niet in staat is te staan of spreken. Daarom geeft de Heere Jezus hem kracht om te gaan horen van Gods liefde en wijsheid in Christus' werk. Dan komt ook pas het doel van het ambt in zicht: in priesterlijke zorg en bewogenheid de boodschap van geloof en bekering aan jong en oud doorgeven. De openbaring van de Heere Jezus aan Daniël heeft dus het volk ten doel. Dat volk moet om Christus' wil behouden worden, zodat Adamskinderen straks eeuwig Gods lof mogen bezingen. Ds. Volk eindigde met de appellerende vraag: Zult u daar straks bij zijn?
Na de prediking volgde de lezing van het bevestigingsformulier en in gewijde stilte volgde de beantwoording van de bevestigingsvragen door kand. Van Beelen. Indrukwekkend was voor de kerkgangers de handoplegging door een 13-tal predikanten. Hieraan namen deel ds. J.R. Volk, ds. J. Geene, ds. H. Visser, ds. S. de Jong, ds. J. Kot, ds. H. Faas, ds. W. van de Brink, ds. A. van de Beek, ds. W.L. Smelt, ds. W. Meijer, ds. M.A. Kuyt, ds. C. van de Berg en ds. A. van Zwet.
De jonge predikant werd door de gemeente toegezongen uit Psalm 20 : 1, waarop ds. Volk in een persoonlijk getinte toespraak de nieuwe voorganger herinnerde aan zijn jarenlang uitzien naar dit ogenblik. Kerkeraad en gemeente werden opgeroepen de dominee voldoende tijd voor studie te gunnen.
De Intrededienst was 's avonds zeer druk bezet. Na de gebruikelijke liturgische aanvang, werd de Schriftlezing gedaan uit Hebreeën 13 : 1-21. De tekstkeuze van ds. Van Beelen valt op vers 13 en 14. Als in een fijne pentekening stelde de dominee de gemeente voor ogen, hoe het in ons leven gaat, wanneer we niet Christus in Zijn kruislijden volgen, maar binnen de vermeende veiligheid van eigen bouwsels blijven. Dit volgen van de Heere Jezus roept verachting en smaad op. De wereld verwijt de ware christen de werkelijkheid te ontvluchten waar sport, vakanties e.d. levensvulling zijn. De levensweg echter is, die buiten de legerplaats voert, naar het kruis, waar Christus duur voor de zonde betaalde. Op Golgotha staat het kruis van de hoop. Het uitgaan buiten de legerplaats levert ook strijd op. Geen strijd tegen de medemens maar òm de medemens, zodat ook hij behouden wordt. Dan gaat het tegen eigen hoogmoed; tegen uiterlijk vertoon. Dan is er ook zelfbeschuldiging: we praten wel graag over Christus' navolging maar we willen geen navolgers zijn. Hij wil kracht geven aan wie niet kan en wil. Dan mogen we eindigen met het lied: Zij zal ons niet berouwen de keus van 't smalle pad. Wij kennen de Getrouwe, die ons heeft liefgehad. Vest al uw hoop op Hem. Dat ieder 't aangezichte, zich naar de Godsstad richte. Daar ligt Jeruzalem.
Na de prediking bedankte ds. Van Beelen allen die zich ingezet hebben rond het beroepingswerk en verhuizing. Consulent ds. J. Geene heette hem welkom in kring en classis. Uit beider woorden klonk ernstige bezorgdheid over de nieuwe kerkorde. Ouderling D. van Voorthuysen heette ds. Van Beelen met zijn gezin welkom in de gemeente en liet de gemeente nog zingen uit Psalm 99 : 5, 7 en 8. Tenslotte mocht de predikant voor het eerst zijn gemeente de hogepriesterlijke zegen opleggen. Zowel door predikant als gemeente mocht de gemeenschap der heiligen ervaren worden.

AFSCHEID DS. G.J. VAN STEEG VAN VRIEZENVEEN
In een druk bezochte dienst in de Grote Kerk op zondagmiddag 27 september jl. nam ds. G.J. van Steeg afscheid van de hervormde gemeente Vriezenveen. Hij diende deze gemeente vanaf 27 april 1980, derhalve 12 jaar en 5 maanden. In deze periode heeft hij voor een drietal beroepen bedankt, maar het vierde beroep, van wijkgemeente 8 van de hervormde gemeente Veenendaal, meende hij te moeten aannemen.
Voor de afscheidsdienst had hij als tekst gekozen 2 Tim. 2 : 8: Houd in gedachtenis, dat Jezus Christus uit de doden is opgewekt. Welke is uit het zaad van David, naar mijn evangelie. Hij zag daarin een bemoedigende oproep.
Zou dat nu waar zijn, dat de kansen voor het evangelie in onze tijd minder zijn dan vroeger? Zo begon hij zijn preek. Als je de statistieken moet geloven, staan de kansen voor de kerk niet gunstig. Maar móet je die geloven? Ze geven een momentopname, maar vertellen niet alles. Ze zeggen b.v. niet dat de kansen voor het evangelie nooit gunstig zijn geweest. Waren de verstrooide christenen in Handelingen meer dan druppels op een gloeiende plaat? En zelfs toen de kerken overal nog vol zaten, waren toen de kansen voor het evangelie groot? Of moet je eerlijk zeggen, dat de kans toen ook groot was, dat de mensen meeliepen met de massa?
Is er werkelijk reden om de moed voor de gemeente te verliezen? Of is er ook nog iets meer te zeggen?
Houd in gedachtenis, dat Jezus Christus uit de doden is opgewekt. Die woorden lezen wij vanmiddag. Als een bemoediging. Woorden, die Paulus schreef aan zijn jonge vriend en broeder Timotheüs, die het moeilijk had. Hij ook al!
Efeze, de gemeente waaraan Timotheüs leiding moest geven, is een door en door heidense stad. Bepaald geen voedingsbodem voor het evangelie. Timotheüs heeft te maken met dezelfde soort vragen als wij. Daar is zoveel menselijks in de gemeente, er is verdeeldheid. Timotheüs zit er mee. Op de een of andere manier heeft Paulus van die vragen gehoord. Hij kan niet naar Timotheüs toe, want hij zit gevangen. Daarom schrijft hij hem. Die woorden van de tekst. Als een bemoediging. Is gedenken een bemoediging? Gedenken is weemoedig omzien naar wat niet meer is, ook in de kerk soms. Niet zo bemoedigend dus. En toch gebruikt Paulus dat woord. Bewust. Vanuit zijn joodse achtergrond. Daar liggen de wortels van dit woord. Israël gedenkt op Pascha. Dan wordt het verhaal weer verteld van die donkere nacht uit Israëls geschiedenis. Niet als een verhaal uit een ver verleden, maar hoogst aktueel. En opnieuw ervaren ze het wonder, dat God een weg baant waar geen weg is. Dat is gedenken. Letterlijk her-in-ne-ren. Opnieuw te binnen brengen. Opnieuw de pijn van toen ervaren. Maar dan ook opnieuw het wonder beleven hoe de Heere uitkomst gaf. En dan de lofzang aanheffen: Ik zal niet sterven, maar leven en de daden van de Heere vertellen! Niet alleen toen. Ook nu. Ook straks. Want zijn we met deze God ooit beschaamd uitgekomen? Houd in gedachtenis Jezus Christus.
Houd Hem in gedachtenis. Ook voor uzelf. Voor uw geloofsleven. Let op Hem. Op Zijn Naam vooral. Jezus, Hij zal Zijn volk zalig maken van hun zonden. Heeft Hij die Naam niet waargemaakt? Hij betaalde wat wij nooit betalen kunnen. Hij deed verzoening. En God heeft het aanvaard. Hij is uit de doden opgewekt. Zo worden wij geroepen om te gáán. Bemoedigd. Achter Hem.
Houd in gedachtenis, Jezus Christus, uit de doden opgewekt, naar mijn evangelie. Even wordt Paulus heel persoonlijk. Het is ook heel persoonlijk. Zo heeft Paulus zelfde kracht van de Opgestane ervaren. En zo heb ik het met u mogen merken. Jezus Christus leeft. De Heere doet grote dingen! Daarom zingen we toch maar weer dat lied, dat we zo vaak gezongen hebben:
O, mijn ziel, wat buigt g'u neder.
Ja, dat ook! Voor onze God hoeven we ons niet groter te houden dan we zijn. Maar we zingen groot van Hèm: de Heere zal uitkomst geven! Een lied op een verhoogde toon. Een lied in één kruis. Want onze lofzang is verankerd in dat ene kruis van onze Heere Jezus Christus. Ds. Van Steeg besloot zijn preek als volgt:
En als onze lippen de dienst weigeren om de lof van onze God te zingen, omdat onze ziel de toonhoogte niet kan vinden – Gode zij dank, dat er dàn een gemeente is, en was!, die doorzingt. Die je meeneemt in het lied. Die je opheft en neerlegt voor Hem, Die Jezus Christus uit de doden heeft opgewekt en Die daarom al de Zijnen niet uit Zijn hand laat vallen! Na beëindiging van de eredienst richtte. ds. Van Steeg zich tot een aantal personen en colleges.
Daarna werd hij toegesproken namens de burgerlijke gemeente door drs. D.J. van der Zaag, burgemeester en door de consulent, ds. K.F.W. Borsje, die dit ook deed namens de collega's en de bredere kerkelijke colleges. Laatste spreker was de scriba van wijkgemeente 2, ouderling A. Schipper, die de gemeente de familie Van Steeg liet toezingen de verzen 3 en 25 van Psalm 119.

ZONDAGSSCHOOL 'DE ZAAIER' VIERT 100-JARIG BESTAAN
Zaterdag 24 oktober gaat zondagsschool 'De Zaaier' haar 100-jarig bestaan vieren. Dit gebeurt in een jubileumsamenkomst in de Nederlands Hervormde kerk. Naast de ouders, de kinderen, oud-leidinggevenden zijn ook andere belangstellenen van harte welkom.
De samenkomst begint om 15.00 uur. Gesproken wordt door de erevoorzitter van het hoofdbestuur van de Nederlands Hervormde Zondagsscholenbond op Gereformeerde Grondslag ds. W. Vroegindeweij. Ds. G. Hendriks, de plaatselijk predikant, opent en sluit de bijeenkomst.
Op 4 oktober 1892 deelt het toenmalige hoofd, dhr. C. Brouwer het bestuur van de christelijke schoolvereniging mee, dat hij voornemens was een zondagsschool op te richten. 'Hij vraagt de vergadering of hij daartoe de school mag gebruiken. Na enige besprekingen over het nut en over de tijd wanneer, wordt met algemene stemmen besloten de school toe te staan.
Er is altijd wel een band geweest tussen de zondagsschool en het christelijk onderwijs. Veel aanstaande onderwijzers gaven hun eerste vertellingen op de zondagsschool. De kinderen werden geheel of gedeeltelijk ondergebracht in de gebouwen van de christelijke school. Ook nu nog komen de kinderen samen in de Koningin Wilhelminaschool.
Lange tijd was het echter niet mogelijk om in een gebouw te worden ondergebracht. Een gedeelte ging naar verenigingsgebouw 'Berea' en een deel zat in de, nu inmiddels gesloopte, LA-VO school. Dit gescheiden optrekken gaf in die jaren veel problemen. Niet altijd hadden onderwijzers zin om ook 's zondags nog les te geven. In een brief van 29 december 1886 schreef een sollicitant, dat hij absoluut geen avondschool en ook geen zondagsschool wilde gaan houden. Hij hoefde daar eigenlijk ook niet bang voor te zijn, want er bestond helemaal geen zondagsschool in Ouderkerk.
Uit een brief van 10 oktober 1919 krijgen we de indruk dat het geven van les aan de zondagsschool min of meer een verplichting is geworden.
Een onderwijzer en twee onderwijzeressen verzoeken in deze brief het schoolbestuur 'om ontheven te worden van de verplichting tot het geven van zondagsschoolonderwijs'. Aan dit verzoek kon door het bestuur niet voldaan worden. Men had de zondagsschool meteen kunnen opheffen, wegens gebrek aan personeel. Het personeel werd dus verplicht te vertellen.
In de notulen van zaterdag 25 maart 1905 ('s middags 13.30 uur!!) lezen we: 'Door de secretaris wordt medegedeeld dat deze vergadering is belegd, omdat een verzoek is ingekomen van den heer Brouwer om in de lokalen van de school die niet bezet zijn, zondagsschool te mogen houden.'
Dit is eigenaardig, want er was toch al een zondagsschool! De notulen tonen aan wat er gebeurd is: 'Brouwer verzoekt even het woord, en zegt dat hij is aangezocht door enige kerkeraadsleden en ook door particulieren om weer een zondagsschool op te richten. Hij verklaart daar wel weer voor te vinden te zijn, mits er maar weer geen predikant komt die de zondagsschool weer opdoekt(!). Nu hij verzekering heeft van de kerkeraad, dat zij dit niet van plan is, is hij besloten te beginnen.'
In deze vergadering wordt door dhr. J.M. Hoogendijk gevraagd of de zondagsschool onder kerkelijk toezicht zal staan. Dit is niet de bedoeling van dhr. Brouwer. De zondagsschool zal door hem en enige helpers gehouden worden. Belangstellenden zijn uiteraard welkom. Dhr. Hoogendijk stelt dan voor om deze zondagsschool te combineren met de zondagsschool die is opgericht door de Gereformeerde Kerk, en 'de zondagsschool gezamenlijk in de school te houden'.
Dhr. Brouwer is hiertegen omdat hij bang is dat de leidinggevenden, met alle respect voor de mensen, niet bekwaam zullen zijn om aan zoveel kinderen goed en degelijk onderwijs te geven. Als het voorstel in stemming wordt gebracht, blijkt er geen meerderheid voor samenwerking te zijn. Wel mag de zondagsschool haar taak weer opnemen in de christelijke school.
Toch hebben later ook veel kinderen uit de Gereformeerde kerk de zondagsschool bezocht. Ook voelden diverse mensen uit de Gereformeerde kerk zich geroepen leiding te geven op de zondagsschool. In dit verband moet zeker mevr. Van Duijvendijk genoemd worden, die 40 jaar belangeloos de kinderen uit de Bijbel vertelde. Zij werd hiervoor onderscheiden in de orde van Oranje Nassau.
Ook werd tot 1954 het Kerstfeest gevierd in de Gereformeerde Kerk aan de dijk. Na de watersnoodramp week men noodgedwongen uit naar de Hervormde Kerk. Hoewel de zondagsschool openstaat voor kinderen uit alle gezindten, bezoeken nu niet veel kinderen uit de Gereformeerde Kerk de zondagsschool.
De zondagsschool bleef lang onafhankelijk opereren, maar is nu onderdeel van het Nederlands Hervormde jeugdwerk.
In de loop van de tijd is er veel veranderd, ook op de zondagsschool. In 1944 bijvoorbeeld werkte men met 6 klassen. In elke klas waren twee meesters of juffen. Nu komt het ook wel voor dat een meester een groep(je) alleen heeft. Gedurende het laatste kwartier van het zondagsschooluur mocht er niet gezongen worden. Wellicht was het zingen storend voor de klas ernaast.
Evenals nu leerden de kinderen een versje en een tekst uit het hoofd. Wanneer een kind het versje niet kende, werd het teruggezet naar 'een der laagste klassen'. Trad dan nog geen verbetering op, dan werden de ouders door de voorzitter bezocht.
Ook het aantal kinderen verschilde nogal. In 1949 zaten er 250 kinderen op de zondagsschool, in 1984 nog maar 58. Nu zitten er gelukkig weer zo'n 100 kinderen op de zondagsschool. Er is dus weer sprake van een stijgende lijn.
Zondagsschoolmeesters voor het leven, ze zijn ook in Ouderkerk werkzaam geweest. Op 12 januari 1973 trok dhr. W. Geneugelijk zich terug als voorzitter van 'De Zaaier'. Hij had er toen 42 jaar trouwe dienst opzitten. 27 jaar verrichtte hij arbeid op dorp en 16 jaar op de Lageweg. Ook hij werd voor al deze arbeid beloond met een ridderorde. Op 5 januari 1984 besloot dhr. J. Horsman zich terug te trekken uit het zondagsschoolwerk. Hij had er toen 43 jaar opzitten. Toch kan hij er niet van loskomen, want elke zondag zien we hem na afloop weer verschijnen. Soms staat hij weer voor een groep. De kinderen vinden dit fijn, want meester Horsman brengt een grote tas met heerlijke koeken mee naar de zondagsschool. Wie goed luistert, ontvangt wat. Ook hij ontving een ridderorde.
Vele kinderen zaten op de zondagsschool, kerkelijk of onkerkelijk. Nu bestaat de jeugd hoofdzakelijk uit kinderen van kerkelijk meelevende ouders. Maar alle kinderen blijven welkom. Niet voor niets heeft de zondagsschool zich ten doel gesteld de kinderen te wijzen op Jezus, die gesproken heeft: 'Laat de kinderen tot Mij komen en verhindert ze niet want dezulken is het Koninkrijk Gods'.

STICHTING VERPLEEGHUIS SALEM
De voorzitter van het bestuur van de Stichting Verpleeghuis Salem te Ridderkerk, uitgaande van de gereformeerde gezindte, ds. E.F. Vergunst, heeft op 30 september 1992 de officiële eerste paal geslagen voor het te Ridderkerk te bouwen verpleeghuis Salem.
Het verpleeghuis zal verrijzen aan de Vlietlaan 4, hoek Rotterdamseweg te Ridderkerk en zal naar verwachting eind 1993 gereed zijn. Het nieuwe gebouw zal plaats bieden aan in totaal 150 bewoners. Voor mensen met een lichamelijke handicap zijn 60 bedden beschikbaar, terwijl er 90 bedden zullen zijn voor psycho-geriatrische patiënten.
Het verpleeghuis zal bestaan uit een centraal hoofdgebouw met vijf woon- en verpleegvleugels, waarvan er drie op de begane grond en twee op de verdiepingen zijn geprojecteerd. Elke verpleegvleugel telt 30 bedden.
In het bouwontwerp is bijzonder veel aandacht besteed aan de privacy van de bewoners. Er zullen alleen één- en tweepersoonskamers worden gerealiseerd, waarvan de laatste desgewenst door middel van het wegschuiven van een vouwwand in vierpersoonskamers kunnen worden veranderd.
In het bestuur van de Stichting Verpleeghuis Salem participeren de Nederlandse Hervormde Kerk (op Ger. grondslag), de Gereformeerde Gemeenten, de Christelijke Gereformeerde Kerken, de Oud Gereformeerde Gemeenten in Nederland en de Gereformeerde Gemeenten in Nederland.
Het verpleeghuis Salem is in de eerste plaats bedoeld voor de Gereformeerde gezindte in de regio Zuid-Holland.
Het bestuur heeft als algemeen directeur van het verpleeghuis benoemd dhr. M.W. Wijzenbroek te Dordrecht. Dhr. Wijzenbroek is 38 jaar en behoort kerkelijk tot de Gereformeerde Gemeenten. Tot zijn indiensttreding op 1 oktober jl. vervulde dhr. Wijzenbroek de functie van coördinerend hoofd Kliniek van het Drechtstedenziekenhuis (voorheen Refajaziekenhuis) te Dordrecht.

NAJAARSCONFERENTIE 'EVANGELIE EN MOSLIMS'
De Stichting Evangelie en Moslims, waarin GZB, IZB, Chr. Gereformeerde Kerken, Morgenlandzending en Nederlands Gereformeerde Kerken participeren, hoopt op zaterdag 21 november 1992 haar jaarlijkse conferentie te houden. De bijeenkomst staat in het teken van de tweede generatie migrantenjongeren in Nederland.
De dag begint met een bijbelstudie van drs. J.M. Mudde, bestuurslid van de stichting. Daarna zal drs. J. Beukema, oud-medewerker van de stichting en nu evangelist in Rotterdam-Delfshaven, een referaat houden over 'Migrantenjongeren: geloven ze (het) wel?' Hij zal vooral aandacht besteden aan de geloofsbeleving van islamitische jongeren.
's Middags zijn er keuzeprogramma's over:
– politie en buitenlandse jongeren;
– het wat, hoe en waarom van kinderwerk in Antwerpen;
– open huis voor jongeren in een oude stadswijk;
– het leren van Turkse en Arabische liederen.
De conferentie wordt gehouden in de Chr. Geref. Ichthuskerk, Grote Haag 154, Amersfoort, van 10.00 tot 15.30 uur. Er is een uitgebreide boekentafel. Aan het bijwonen van de conferentie zijn geen kosten verbonden. Wel dient men zelf een lunchpakket mee te nemen.
Voor informatie en aanmelding: 'Evangelie en Moslims', Joh. van Oldenbarneveltlaan 10, 3818 HB Amersfoort, tel. 033-611949.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 oktober 1992

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Kerknieuws

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 oktober 1992

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's