Boekbespreking
Evert W. van der Pol: Een nieuw gezang – Opwekkingslied en gospelmuziek, uitg. Merweboek, Sliedrecht, 199 blz., prijs ƒ 16,90.
De evangelische beweging is uit de schaduw en de marge van de grote kerken getreden en dat ze er is, laat ze vooral hóren. Zo begint Evert van der Poll zijn voorwoord van de bundel van tien gesprekken die hij had met mensen die allen iets van doen hadden en hebben in hun leven en werken met het 'nieuwe zingen'. Geestelijke muziek maar dan in nieuwe verpakking. Dat nieuwe zingen vindt intussen bij duizenden weerklank. Niet alleen in de kring van de evangelische beweging, maar evenzeer binnen de traditionele kerken. De invloeden zijn zeker ook in de kring van gemeenten behorend tot de gereformeerde bond te merken. Ouderen zongen èn zingen nog graag uit de bundel van Johannes de Heer. Jongeren kunnen zich beter vinden in de bundel Opwekkingsliederen en Glorieklokken. De behoefte en het verlangen onlangs nog in ons blad geuit om ook het nieuwtestamentisch lied te zingen in de samenkomsten van de gemeente heeft daar, zij het zijdelings, alles mee te maken.
Zingen heeft een functie in zichzelf, doet iets, ook als er geen verkondiging op volgt, aldus Charles Groot.
God kan het lied gebruiken om het hart van mensen te raken. Het kan je leven veranderen. In het zingen kunnen we ook onze emoties kwijt. Door samen te zingen, kunnen wij zowel met onze emotie als met ons verstand op God afgestemd raken (Wiesje Hoekendijk). Zingen is als het eggen van de akker om zo de grond open te maken voor het zaad. Lied en verkondiging staan in regelrecht verband met elkaar. Augustinus wordt door twee geïnterviewden geciteerd met zijn uitspraak: Zingen is tweemaal bidden. Het valt niet te ontkennen dat in onze eigen traditie muziek en zang als mogelijkheden om gevoelens en emoties te uiten in de samenkomsten van de gemeente niet optimaal benut zijn en worden. Dat hangt uiteraard samen met het hoofdaccent op de prediking. Vrees dat deze verdrongen wordt, bepaalt de keus voor een sobere liturgie. Toch steekt er wel enige waarheid in wat Bart van Empel (Youth for Christ) opmerkt: het is de armoede van de kerken dat wij niet meer hebben aan te bieden dan wat wij hun op een gemiddelde zondag voorschotelen. De jongeren die naar de kerk gaan, doen het ermee, maar de kerken doen hun tekort. Er is veel te weinig emotie in de liederen. Hoe het ook zij, er ligt in ieder geval een grote discrepantie tussen de muzikale ervaringswereld van de meeste jongeren èn de mogelijkheden die ze binnen de kerken ontvangen. Geen wonder dat bijvoorbeeld EO-jongerendagen. Windroosweekenden en conferenties zo'n grote aftrek vinden. Interessant vond ik het gesprek met Gert van den Bos. Hij krijgt regelmatig het verwijt te horen dat hij jongeren vervreemdt van de gemeenten waarait ze komen en dat het Windrooswerk jongeren meer bij hun tradide vandaan haalt dan dat het hen erbij betrekt. Zijn antwoord luidt als volgt: 'Mensen die dit zeggen, realiseren zich onvoldoende dat wij met tal van jongeren worden geconfronteerd die allang over de grenzsen van hun traditie hebben heengekeken vóórdat ze bij De Windroos kwamen (…). Deze jongeren leren die opwekkingsliederen niet bij De Windroos, maar bij de EO of elders en nemen ze vervolgens mee naar onze weekends. Ze komen bij ons omdat die liederen bij ons wel, maar in hun gemeenten niet of onvoldoende aan bod komen. Dat werkt dus precies andersom dan onze achterban denkt, aldus de reactie van Gert van den Bos op genoemd verwijt. Ik denk dat hij gelijk heeft. Als deze jongeren de uitlaatklep van De Windroos niet hadden, zouden er nog veel meer naar de evangelische hoek verdwijnen. Van den Bos acht het wonderlijk dat door een deel van onze achterban vrij kritiekloos alles van de EO geslikt wordt (Ronduitweekenden, jongerendagen, praise-avonden), terwijl diezelfde ouders vaak wel kritiek hebben op wat bijvoorbeeld bij De Windroos gebeurt. Dat zoveel ouders hun kinderen verbieden naar de disco te gaan maar wel toestemming geven voor EO-jongerendag of een praise-avond, terwijl ook daar de muziek volop eigentijds is, wekt bevreemding. Dat wat velen bij de EO accepteren, daar wordt vervolgens in eigen gemeente volstrekt geen ruimte voor gegeven.
Overigens wordt er in deze bundel ook stevige kritiek geleverd op de theologie van de evangelische gemeenten. Leen La Rivière van Continental Sound is er zelfs van overtuigd dat de toekomst niet ligt binnen de evangelische gemeenten maar binnen de traditionele kerken, mits deze open willen staan voor de nieuwe impuls vanuit de evangelische beweging. Anders zullen ook de kerken te gronde gaan aan hun eigen incompetentie en starheid, aldus La Rivière. Hij vindt de theologie van de evangelische gemeenten te mager. Ze biedt geen echt hoopvolle antwoorden. Ondanks veel aandacht uiteraard voor het opwekkingslied, viel het me op dat toch door verschillende geïnterviewden de onvervangbare waarde van de psalmen wordt genoemd en geroemd. Dat doet een reformatorisch hart uiteraard goed, al ben ik me er tegelijk van bewust dat die psalmen dan wel anders berijmd gezongen willen worden dan in de in veel opzichten versleten, hier en daar duidelijk theologisch aanvechtbare berijming van 1773. Maar polarisafie en geestelijke armoede hebben er helaas voor gezorgd dat een berijming die bij verschijnen terecht bekritiseerd werd, thans tot de sjibboleths behoort onder hen die zich reformatorisch noemen.
Ik heb met grote belangstelling kennis genomen van deze bundel gesprekken, dat moge duidelijk geworden zijn. Jammer dat deze uitgave niet beter gecorrigeerd is op storende zetfouten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 oktober 1992
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 oktober 1992
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's