In memoriam prof. dr. G.P. van Itterzon
Op 16 november l.l. is op 92-jarige leeftijd overleden prof. dr. G.P. van Itterzon, laatstelijk hoogleraar in de Kerkgeschiedenis aan de theologische faculteit van de Rijks Universiteit te Utrecht. Professor Van Itterzon had jarenlang een leidinggevende plaats in de Confessionele Vereniging en publiceerde regelmatig in het Hervormd Weekblad, waar hij vaak inging op vragen (uit brede kring) over kerkrechtelijke onderwerpen.
Prof. Van Itterzon kreeg in de 2e Wereldoorlog al bekendheid, namelijk toen hij als voorzitter van de Schoolraad voor scholen met de Bijbel zich krachtig verzette tegen de ingreep van de Duitse bezetter in het benoemingsrecht van schoolbesturen voor hun onderwijzend personeel. Enkele maanden werd hij toen door de Duitse bezetter gevangen gehouden. Hij kwam vrij op voorspraak van de toenmalige secretarisgeneraal van de Nederlandse Hervormde Kerk, dr. K.H.E. Gravemeyer.
Tot op hoge leeftijd is professor Van Itterzon betrokken gebleven bij het wel en wee op het kerkelijk erf. De laatste jaren moest hij zich echter meer en meer terugtrekken. Met dankbaarheid en respect willen we ook hier deze hoogleraar, die altijd voor het belijden der kerk op de bres heeft gestaan, gedenken. Persoonlijk wil ik hier memoreren de veelvuldige contacten, die er waren sinds 1971, toen het Getuigenis verschenen was. Samen met prof. dr. G.C. van Niftrik (overl.), prod. dr. H. Jonker (overl.), dr. W. Aalders, prof. dr. A.A. van Ruler (na diens overlijden mevr. J.A. van Ruler-Hamelink) en ondergetekende, heeft hij aandeel gehad in de totstandkoming van dit pró-test tegen de verpolitisering en vermaatschappelijking van het heil, zoals dat in de messiaanse marxistische theologie gestalte kreeg. Hij benadrukte toen sterk, dat dit pró-test moest worden verstaan als een getuigenis vóór het belijden van de kerk der eeuwen.
In die bewogen dagen hebben we als één man, over grenzen van modaliteiten heen, mogen stáán voor dit belijden. In die tijd zijn ook diepe, vriendschappelijke verbindingen tot stand gekomen. De nu overleden hoogleraar heeft als een echt confessioneel man, geleden aan de ontzinking van de kerk aan haar eigen belijden. Rondom 1951 was ook vanuit zijn kring een wezenlijk aandeel geleverd in de totstandkoming van de kerkorde, met daarin artikel X over het belijden. In de practische uitwerking is het zo geheel anders verlopen dan men had gehoopt. Met grote bezorgdheid zag hij ook de ontwikkelingen binnen de Gereformeerde Kerken, waarmee hij, in zijn tijd als voorzitter van de Schoolraad, veel temaken had gehad.
Van Itterzon heeft zijn zorg over de ontwikkelingen in de kerk van de afgelopen decennia vaak gedeeld met anderen, die reeds zijn heengegaan (o.a. ds. G. Boer). Zo hebben we zelf hem ook in dankbare herinnering.
In het geloof in Christus is hij ontslapen zegt de rouwkaart. In de machtige woorden van Romeinen 8 : 38, 39 ligt dit geloof vertolkt. 'Want ik ben verzekerd, dat noch dood noch leven… zal kunnen scheiden van de liefde Gods, welke is in Christus Jezus, onze Heere'.
Zo gedenken we ook deze dienaar, die als hoogleraar ook voorganger mocht zijn voor hen, die er zich op voorbereidden voorganger te worden.
Hij werd begraven toen hervormd-gereformeerde ambtsdragers in Putten bijeen waren. Zijn naam hebben we toen ook uitgesproken, nadat ook de naam gevallen was van dr. K.H.E. Gravemeyer.
Zijn nagedachtenis eren wij.
J. van der Graaf
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 november 1992
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 november 1992
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's