Ratificatie in het licht van het Adres
Hervormde synode nodigt hoofdbestuur Gereformeerde Bond uit voor gesprek
Tekst besluit:De generale synode der Nederlandse Hervormde Kerk in vergadering bijeen op 28 november 1992kennis genomen hebbende van– de besluitenlijst van de gezamenlijke vergadering van de (generale) synoden van de NHK, de GKN en de Elk, gehouden van 8 tot en met 10 oktober 1992 te Lunterengehoord– de verontrusting die in de ambtsdragersvergadering, op 21 november 1992 belegd door het Hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond te Putten, is geuit over het ontwerp kerkorde voor de Verenigde Reformatorische Kerk in Nederland en de voortgang van het Samen op Weg-proces,overwegende– dat het van belang is dat het gesprek over het Samen op Weg-proces wordt gevoerd aan de hand van een samenhangend geheel van grondleggende artikelen voor het gezamenlijk kerk-zijn van de zich h(v)erenigende kerken,– dat met het besluit inzake het ontwerp van de kerkorde voor de toekomstige verenigde kerk in Nederland (besluit I) beoogd wordt het gesprek over het ontwerp van de Werkgroep Kerkorde in de kerk in al haar verbanden in bespreking te geven,– dat dit gesprek ook en met name gevoerd dient te worden in en met die delen van de kerk waarin bezwaren bestaan tegen de voortgang van het Samen op Weg-proces,besluit– de besluiten van de gezamenlijke vergadering van de (generale) synoden van de NHK, de GKN en de Elk van 8-10 oktober 1992 te ratificeren,– de modaliteitsorganisaties in de NHK het ontwerp kerkorde voor te leggen met het verzoek daarop voor 1 mei 1993 reacties te zenden aan het breed moderamen van de generale synode,– het Hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond uit te nodigen de verontrusting, die in een 'Adres' van de bovengenoemde ambtsdragersvergadering van de Gereformeerde Bond is uitgesproken, aan de hand van dit adres met de generale synode te bespreken in een extra vergadering, zo mogelijk te houden voor 1 februari 1993, mede met het oog op een aan de kerk in al haar geledingen aan te bieden handreiking bij de inhoudelijke bespreking van het ontwerp kerkorde,– in een brief aan de kerkeraden van dit besluit mededeling te doen.
De agenda van de synode vermeldde voor de avondvergadering van donderdag 26 november: '21.00 uur Ratificatie besluitenlijst gez. synodenvergadering 8 t/m 10 oktober 1992'. De Hervormde synode moest in eigen vergadering het besluit bekrachtigen om het ontwerp kerkorde als praatstuk de kerk in te sturen.
Door de ambtsdragersvergadering van 19 november te Putten verliep het agendapunt anders dan gepland was. In de morgenvergadering werd door ds. L. den Besten al gevraagd of 's avonds het Adres ook nog ter sprake zou worden gebracht. Ds. Van de Graaf zei dat heel open toe.
Gedurende de gehele dag werd er in de wandelgangen van de synode druk overleg gepleegd. Dit gebeurde niet alleen tussen hervormd-gereformeerde afgevaardigden. Uit diverse richtingen van de kerk werd te kennen gegeven, dat men de signalen van Putten met grote zorg had opgevangen. Verschillende afgevaardigden gaven te kennen in de nieuwe kerk de Gereformeerde Bond niet te willen missen en om die reden het Adres serieus te willen bespreken.
Inleiding voorzitter
Toen 's avonds dr. H. van de Graaf, de voorzitter van de synode, het agendapunt inleidde, zei hij het volgende: 'Er is vanmorgen gevraagd naar het Adres. Wij hebben toegezegd daar vanavond op terug te komen. Dat hebben wij gedaan, omdat wij doordrongen zijn van de ernst die daarin ter sprake is gebracht. Wij hebben de hartekreet opgevangen, die ligt opgesloten in de uitspraak: 'Wij kunnen niet mee, wij kunnen niet weg'. Hoewel sommige dingen ons pijn hebben gedaan, hebben wij in het Adres het volgende gehoord: Het is allereerst een indringende roep om ontmoeting en gesprek. En daar zijn wij dankbaar voor. Van harte hoop ik, dat wij tot deze ontmoeting en dit gevraagde gesprek kunnen komen. Als moderamen zijn wij van harte bereid hier alles aan te doen.
We willen niet verhullen, dat er bij het Adres tegelijk sprake is van een klein misverstand. Het gaat er eigenlijk vanuit, dat het concept kerkorde al aan de kerk is aangeboden. Dat is onjuist. Dat gaat vanavond pas gebeuren als de besluiten geratificeerd zijn. De ratificatie bedoelt immers geen inhoudelijke goedkeuring van het ontwerp-kerkorde, maar is niet meer en niet minder dan alleen het besluit, dat het concept nu de kerk wordt aangeboden om het te gaan bespreken in alle geledingen. De bedoeling is, dat het gesprek kerkbreed gevoerd gaat worden. Er is alle aanleiding om heel goed naar elkaar te luisteren. Het moderamen is bereid aan dit gesprek deel te nemen.
Het moderamen acht het niet juist om de ratificatie uit te stellen. Dat is geen goede weg. Wij staan ook in correspondentie met de beide andere kerken. Maar tegelijk zijn wij onder de indruk van de sterke verontrusting van mensen met wie wij met huid en haar verbonden zijn. Daarom willen wij graag een gesprek over de punten van het Adres. Wij zijn ervan overtuigd dat wij vanavond moeten ratificeren, maar tegelijk dat wij dat niet zomaar zonder meer kunnen doen, waar er zo'n hartekreet geslaakt is. Daarom willen wij voorstellen te ratificeren in combinatie met een ander besluit.
Wij willen het gesprek aangaan met de Gereformeerde Bond, met de Confessionele Vereniging en met andere geledingen. Daarom vragen wij alle modaliteitsorganisaties om voor 1 mei op het concept te reageren, terwijl wij het Hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond willen uitnodigen om de geuite verontrusting te bespreken in een extra synodevergadering voor 1 februari 1993. Het is duidelijk dat wij niet zonder elkaar verder willen, maar het is niet duidelijk in hoeverre wij met elkaar verder kunnen.'
Schorsing
Tijdens het spreken van de voorzitter werd een besluitvoorstel van het moderamen uitgereikt. Na zijn inleidend spreken schorste de voorzitter voor tien minuten de vergadering om de afgevaardigden gelegenheid te geven onderling te overleggen om adequaat op het nieuwe voorstel te kunnen reageren.
De afgevaardigden van Gereformeerde signatuur trokken zich terug, wat niet uitgelegd kon worden als een afscheiding, omdat ook anderen die oprecht 'de Bond' er bij willen houden in dit overleg meegingen. Ook het moderamen werd uitgenodigd om er bij te zijn, omdat het niet ging om een verborgen agenda. Persoonlijk heb ik dit als zeer goed ervaren. Het moderamen was niet aanwezig om de afgevaardigden, die instemden met het Adres, om te praten, maar zij deden op bescheiden wijze mee om de zaak zelf zo goed mogelijk te dienen.
Zo kwamen er aanvullingen op en uitwerkingen van het besluitvoorstel van het moderamen tot stand. De duur van de extra synode werd verlengd tot anderhalve dag; er zou aan de synode voorgesteld worden een verslag van die extra synodedag als handreiking toe te sturen aan de kerkeraden om zo ook inzage te hebben in de verschillende knelpunten en tevens werd toegezegd dat in een brief aan de kerkeraden en in een persbericht het besluit zou worden bekend gemaakt, zodat de mensen die te Putten bijeen waren zouden kunnen ervaren, dat hun nood geproefd is en dat de synode er niet aan voorbijgaat.
Reactie synodeleden
Na de schorsing maakte dr. Van de Graaf aan de synode bekend wat er tijdens het overleg ter sprake was gekomen. De schorsing diende alleen om te wegen of het besluitvoorstel van het moderamen een begaanbare weg zou zijn. Om dat doel te dienen zouden er enige conclusies aan het besluitvoorstel toegevoegd worden. Hierna gaf hij het woord aan de synode om op dit gebeuren te reageren.
Enkele afgevaardigden gaven te kennen, dat zij verstoord waren over de schorsing. Ds. A.J. Hammer diende een amendement in om het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond te vragen de in haar Adres gesignaleerde verontrusting ook neer te leggen bij de synode van de GKN, teneinde ook met hen tot een diepgaand gesprek over de verontrusting te komen. Dit amendement werd later ingetrokken toen ds. B. Wallet verklaarde dat het achterhaald was, omdat het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond het Adres ook naar de Gereformeerde Kerken had gestuurd en het nu aan hen was om hierop te reageren.
Ds. C. Glashouwer, Ballum, gaf te kennen er niet mee eens te zijn, dat deze aandacht geschonken werd aan het Adres van de G.B.-ambtsdragers. Hij had al meer adressen ontvangen en kreeg de indruk, dat organisaties en personen, die hun spierballen stevig wisten om te pompen wel succes hadden in de kerk. Hij was er pertinent op tegen dat een modaliteitsorganisatie nu een exclusieve invloed zou krijgen op de handreiking. Kreeg zijn grootvader zaliger ook een stem in de handreiking? Zijn grootvader zou bijzonder dankbaar zijn voor het samengaan van de kerk: Hij vroeg tevens van het moderamen er op toe te zien, dat het SoW-gesprek niet geblokkeerd zal worden door een gesprek over de kerkorde.
Ds. F.S.J. van der Sar, classis IJzendijke, zei blij te zijn met de drie punten van het Adres. Welke bezwaren men ook tegen de samenkomst mocht hebben, het Adres stelde wel de meest fundamentele punten aan de orde. Op deze zaken dient de kerk zich ernstig te beraden. Volgens Van der Sar was dit de laatste kans voor de Hervormde Kerk om de legitieme noties van de Volkskerk te behouden.
Oud. B. van Bokhoven, Linschoten, begon met te zeggen, dat hij zich niet had kunnen voorstellen, dat hij zou instemmen met de ratificatie. Hij had voor zichzelf het gevoel daarmee tegen de kerk te zeggen: 'Dit is het beste stuk, dat wij als synode u kunnen aanbieden'. Hij was ook niet van plan hier in mee te gaan, omdat hij vond dat een confessionele integriteit naar binnen belangrijker was dan een slechte solidariteit naar buiten. Nu het besluitvoorstel zo geformuleerd werd, wilde hij er in meegaan, omdat de ratificatie nu een heel ander signaal afgeeft. Een signaal dat verplichtend is.
Ds. H.S. Buunk, Lutten, zei het heel wijs te vinden van het moderamen om dit besluit te nemen. Het getuigt van openheid en tegemoetkoming. Hij wilde er nu nog niet inhoudelijk op ingaan. Maar als Hervormde Kerk hebben wij dit Adres te eerbiedigen. Tegelijk zou hij willen oproepen als Hervormde Kerk oecumenisch te blijven. Om die reden had hij niet inhoudelijk, maar wel qua formulering moeite met hetgeen de Catechismus zegt over de paapse mis.
Oud, Eits, Maartensdijk, sprak uit zich gedrongen te voelen iets te zeggen. Hij verwees naar een stencil, dat hij 25 jaar geleden kreeg bij de belijdenis in Maartensdijk, waarin vier antwoorden gegeven werden op de vraag: 'Mag ik belijdenis doen in de Hervormde Kerk'. Hiermee gaf hij te kennen waarom hij Hervormd kon zijn en dat dat voor hem iets anders was dan het meegaan in een nieuwe SoW-kerk.
Ds. R. van Kooten, Soest, haakte in op de woorden van ds. Glashouwer en sprak uit er pijnlijk door getroffen te zijn, dat deze predikant blijkbaar niet had begrepen waar het in Putten om ging. 'Daar werden geen spierballen van de armen opgeblazen, maar daar trilden de spieren van het hart! En dat is wezenlijk iets anders. Dat is omdat wij juist met huid en haar met de Hervormde Kerk verbonden zijn. Ik ben dankbaar dat het moderamen dit wel geproefd en gewogen heeft.' Tevens gaf hij aan, dat niemand mocht denken dat 1600 mensen daar ingestemd hadden met een Adres zonder dat zij zouden weten waar het om ging. Integendeel, 'dan bent u niet op de hoogte met de publiciteitsmedia in onze kringen. In het Reformatorisch Dagblad werd heel het concept afgedrukt en ook diverse inhoudelijke commentaren geplaatst. Hetzelfde kan gezegd worden van de Waarheidsvriend en het Gereformeerde Weekblad. Daarom heeft het hoofdbestuur ook niet prematuur gehandeld door de ambtsdragers bijeen te roepen. Integendeel, het Hoofdbestuur had juist meerdere malen plechtig beloofd, dat zij, zodra er een nieuwe wissel in zicht kwam, direkt de ambtsdragers samen zou roepen. Bovendien wilde het hoofdbestuur hiermee voorkomen, dat de toezending van het concept tot zelfstandige reacties van afscheiding zouden leiden.'
Later gaf hij nog te kennen, dat een gesprek alleen binnen de synode en zonder het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond slechts een herhaling zou kunnen zijn van de bespreking van de nota Knelpunten.
Ds. Y.C. de Groot, Assen, zei heel blij te zij met het besluitvoorstel van het moderamen, omdat er een dubbel signaal door afgegeven wordt. Naar de partners zegt het ratificeren, dat wij ons in het spoor bewegen en naar de verontrusten binnen onze kerk, dat zij serieus genomen worden. Hij sprak de hoop uit, dat blokkades zouden worden opgeruimd om nu werkelijk een kerkelijk gesprek te beginnen.
Ds. A. van de Beek, Rijssen, bedankte het moderamen heel hartelijk voor de wijze waarop nu werd omgegaan met het Adres. Tegelijk sprak hij uit er moeite mee te houden het ontwerp-kerkorde de kerk in te sturen, omdat de huidige kerkorde uitspreekt te zullen weren al wat het belijden weerspreekt. Maar deze kerkorde bevat belijdenisgeschriften die het belijden wel weerspreken.
Dr. J. Hoek, Veenendaal, verklaarde tijdens de Trio-synode gestemd te hebben voor het voorstel om het concept de kerken in te sturen, omdat hij van mening was, dat dit ontwerp het verdiende om diepgaand besproken te worden. We kunnen er eenvoudig ja of nee tegen zeggen, maar het is iets anders om in detail kritiek te leveren en oplossingen aan te reiken. Er was voor hem voldoende reder tegelijk wilde hij uitspreken dat de afgelopen weken zijn standpunt onder zeer grote spanning was komen te staan, omdat er in de kerk oneigenlijk gebruik gemaakt werd van het aantal tegenstemmers. Zo luidde de kop van een artikel in Woord en Dienst, dat toch wel enigszins als een officieel orgaan van de Hervormde Kerk gezien mag worden: 'Vertwijfelde bonders houden kerkorde niet tegen'. Dit kwam op hem over als een misbruik van het getal met daarbij een triomfalistische ondertoon. Zo noemde hij ook nog andere uitspraken. Maar als wij met getallen moeten gaan werken, dan moet u die vijftien tegenstemmen, die ruim 450.000 G.B.-ers vertegenwoordigen, eens afzetten tegen de vele stemmen die 30.000 Lutheranen hebben. De vijftien tegenstemmen moet u dan vertalen in een paar honderd tegenstemmen. Hij riep de synode op het besluitvoorstel van het moderamen synode-breed over te nemen, omdat hierdoor een bijzonder duidelijk signaal van hervormde solidariteit kon worden afgegeven.
Ds. P.J. Visser, Harderwijk, zei een heel verhaal te hebben voorbereid, dat hij nu niet wilde houden. Hij was dankbaar dat de verontrusting nu meegenomen werd en hoopte dat de vergadering er serieus mee om zou gaan. Hij wilde niet herhalen wat diverse sprekers naar voren gebracht hadden. Wel wilde hij de vergadering even opbeuren inzake de schorsing van een half uur. 'Als je dertig minuten wachten even afzet tegen een half miljoen hervormd-gereformeerde kerkleden, dan betekent dat niets.'
Ds. P.J. van der Kraan, Bleskensgraaf, sprak uit blij te zijn, dat de druk nu even van de ketel was, omdat de grote zorg geproefd was. Hij hoopte dat de bespreking in de extra synodevergadering als resultaat zal mogen hebben, dat de synodeleden zelf de zorg mee gaan proeven. Hij verwees naar het boek van prof. Dingemans: 'Een huis om in te wonen' en sprak uit zich nog nooit zo Hervormd gevoeld te hebben als bij de synode, maar dat hij ook nog nooit zo ervaren had, dat de ruimte in het huis steeds kleiner werd. Hij had soms het gevoel, dat er in het huis meer ruimte was voor verre neven en nichten dan voor eigen broers en zusters. Juist daarom was hij zo dankbaar, dat het moderamen het signaal heeft opgevangen. Tenslotte vertelde hij van plan te zijn geweest om bij een verbod de vraag te stellen aan de synode: 'Wilt u ons er wel bij hebben?'
Ds. D.M. de Jong, Oss, ging eveneens in op het Adres van Putten en sprak uit het te betreuren dat het Adres voor hem niets nieuws bevatte. Hij kon het wel verklaren. Hij had zelf ook wel meegedaan aan massademonstraties. Hij wist dat zo'n gebeuren eigenlijk geen plaats was voor bezinning en geen ruimte bood voor nuances. Hij hoopte dat het hoofdbestuur het gebaar goed zou verstaan, want hij voelde er niet zoveel voor om te spreken met een partij en nog minder met een spreekbuis, want een spreekbuis kan zelf niets zeggen. Er moet een echt kerkelijk gesprek komen.
A.J. Gijsbers, G.D.R., noemde de verontrusting van de Gereformeerde Bond groot. Hij uitte bang te zijn, dat hierdoor de belichting van de drie punten van het adres zo sterk zou zijn, dat andere punten in de schaduw zouden komen te staan, terwijl er veel meer mensen en organen zijn die zorgen hebben. Tevens vroeg hij wat dit voor gevolgen zou hebben voor het tijdschema van SoW.
Dr. F.G. Immink, TWO, wilde het besluitvoorstel ondersteunen. Hij was zelf ook in Putten en was daar geschrokken van de verontrusting. Dat verontrustte hem voor de kerk in haar geheel, want het zal lang duren eer deze gevoelens weer in goede banen zijn. Het gaat bij gevoelens en emoties om een lang gesprek. Daarom is een direkte ontmoeting zeer belangrijk. Hij zei, dat de synode de extra vergadering moest zien in een verantwoordelijkheid naar twee kanten. Op zichzelf had hij moeite om als kerk met een vereniging te gaan praten, 'dat is een monstrum. Maar tegelijk is het zeer verstandig. Het is het uiterste. Bovendien is het niet alleen een tegemoetkoming, maar ook een gelegenheid om zelf als synode vragen te stellen aan de Gereformeerde Bond. Als u geen vraag weet, dan wil ik er wel één aanreiken: "Wat houdt uw néé in? Wat zijn de consequenties? Is het een hard néé? Gaat u op geen enkele manier mee? U wilt geen program, maar hoe moet het na het uur U?".' Dr. Immink achtte het niet wijs om de Gereformeerde Bond met de Gereformeerden te laten spreken. Als dat botsingen zou geven, zou het averechts werken. Wat dat betreft zou het beter zijn om rustiger tijden af te wachten.
Ds. L. Korevaar, Generale Visitatie, wilde even een misverstand rechtzetten: de ratificatie diende om het gesprek op gang te laten komen. Tegelijk bleek nu duidelijk dat de nota knelpunten toch niet als een spiegel gewerkt had. De Gereformeerde Bond voerde z.i. nu een progressief beleid om zo'n sterk 'onaanvaardbaar' uit te spreken. Dat was een blokkade. Om die reden vond hij het erg wijs om dan nu maar van de andere kant het gesprek te openen, 'maar dat gesprek moet kten gevoerd worden'. Een extra synodevergadering tussen een kerk en een vereniging raadde hij af, omdat hij zich herinnerde dat ook bij de Doleantie een vereniging betrokken was. Hij wilde wel een extra vergadering om een echt kerkelijk gesprek te voeren. 'Het moderamen moet dan maar met de Gereformeerde Bond spreken en als de tijd rijp is kan de Gereformeerde Bond spreken met de gezamenlijke moderamina. De synode moet er voor waken het kerkelijk karakter van het gesprek te bewaren.'
Beantwoording en besluitvorming
Na deze sprekersronde reageerde het moderamen op verschillende uitspraken. Dr. Van de Graaf gaf toe dat de schorsing geen schoonheidsprijs verdiende, maar tekende tegelijk aan dat deze gehouden werd ten dienste van het gesprek: 'Er is sprake van een zeer indringende nood en daar moet rekening mee gehouden worden. Alle andere organisaties die nood ervaren kunnen terecht en wij zullen ook wegen zoeken om deze voluit te horen. Maar vanavond staat de ratificatie onvermijdelijk in het licht van dit Adres. Dit is de beste en in deze armoede de meest verantwoorde weg.'
Dr. K. Blei gaf aan, dat het bij het uitnodigen van het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond niet om een novum ging. In november 1971 had de synode bij het Getuigenis toch ook de kring van opstellers uitgenodigd en ontvangen. De aanwezigheid van het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond zou inderdaad kunnen voorkomen dat het gesprek binnen de synode alleen een herhaling zou zijn van de bespreking van de nota knelpunten. Dat is de meerwaarde van dit besluitvoorstel.
Na deze bespreking werd het besluitvoorstel in stemming gebracht. Bij het besluit stemden zes synodeleden tegen het onderdeel om de besluiten van de triosynode te ratificeren. Twee leden stemden tegen het onderdeel om de modaliteitsorganisaties in de Nederlandse Hervormde Kerk te vragen voor 1 mei 1983 te reageren op het ontwerp-kerkorde. Drie leden stemden tegen het besluit om het Hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond uit te nodigen op een extra synodevergadering. Twee leden stemden tegen het onderdeel om de kerkeraden in een brief van dit besluit op de hoogte te stellen. Zeven leden stemden tegen het gehele besluit, waaronder een vijftal vanwege de ratificatie zelf.
Tenslotte
Juist omdat zoveel ambtsdragers in Putten bijeen waren en met een duidelijk nee naar huis gingen, heb ik van dit agendaonderdeel van de synode een zeer uitvoerig verslag gegeven. Dit moge dienen om u er deelgenoot van te maken dat en ook hoe uw stem gehoord is.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 december 1992
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 december 1992
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's