De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Kerk tussen Komst en Wederkomst

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kerk tussen Komst en Wederkomst

8 minuten leestijd

Temidden van alle rumoer en verwarring op kerkelijk gebied zouden we vergeten wat de kerk ìs:
'Een heilige vergadering van ware christgelovigen, al hun zaligheid verwachtende van Jezus Christus, gewassen met Zijn bloed en geheiligd en verzegeld zijnde met de Heilige Geest'
(N.G.B., art. 27). Om de uitwerking van deze hooggestemde belijdenis in het leven van mensen gaat het (in) de kerk ten diepste. Om niets meer en niets minder.

Die kerk, de kerk van Christus, is er geweest vanaf het Begin van de wereld en ze zal er zijn tot het Einde toe. Want Christus is een eeuwig Koning. Hij zal onderdanen hebben.
Dat de kerk er al was al vanaf het begin van de wereld, betekende een voorschot op de Komst van Christus in deze wereld. De kerk van het Oude Verbond heeft Zijn dag van verre gezien. Daarom is de kerk van nu er nooit los van die van het Oude Verbond.


Het heeft er met de Kerk van het Oude Verbond soms ook hachelijk voorgestaan. Donkere tijden zijn er niet alleen vandaag, ze zijn van vandaag en gisteren. Daarom is bijvoorbeeld ook de boodschap der profeten toepasbaar voor alle tijden. Er is zo weinig nieuws onder de zon.
Maar het kwam toch telkens weer goed. Altijd weer bleef een rest van het volk over, dat op de Naam des Heeren vertrouwde. Op berouwvolle omkeer volgde vernieuwing van het verbond, nieuwe reformatie, zoals onder koning Josia.
In tijden van verootmoediging was de ziel van het volk ziel stil tot God. Ze wisten van het Godswoord: Ik zal voor u strijden en gij zult stille zijn!
En uiteindelijk, toen in de kerk van het Oude Verbond de verwachting als het ware stillag, kwam het volkómen goed. Christus kwam. De Zon der gerechtigheid ging als bij verrassing op. De stilte vóór die Zonsopgang was advent, tijd van verwachting, van inwachting van de grote Komst.

Nieuw
Tóén, ná de grote Komst, moest de kerk toch wel heel onstuimig zijn verder gegaan. Want Hij, naar Wie de eeuwen door met gespannen verwachting was uitgezien, was gekomen. En wat werd het uiteindelijk? Hij was gekomen tot het Zijne maar de Zijnen hebben Hem niet aangenomen. Bij het kruis – toen het einde gekomen leek te zijn – waren er nog twaalf volgelingen over, die het ook niet hadden begrepen. Maar blijven deden ze wel.
De Opstanding heeft níémand begrepen, heeft niemand kùnnen begrijpen. Maar er is van getuigd. En het grote Godswonder is toch geworden, dat door een handjevol getuigen van de Opstanding de boodschap op hoop tegen hoop, op strijd tegen strijd, op vervolging tegen vervolging, de wereld dóór is gebracht.
Daarover kunnen we ons moeilijk te véél verbazen. Wanneer zich vandaag een wereldleider opwerpt, kan hij, dank zij de snelle communicatie, snel wereldwijd aanhang krijgen. Zo gaat het vandaag met mysterieuze geesten uit het oosten bijvoorbeeld.
Maar hier ging het om een Leider, die dood was – dat hadden tenminste mensen uit verschillende volkeren, staande bij het Kruis, gezien. Dat Hij lééfde werd wel gezègd, maar alleen door dat handjevol vissers, die dat gelóófden. En toch heeft die boodschap dan hier, dan daar gehoor en geloof gevonden.
De apostelen zijn erop uitgegaan, de één naar Rome, de ander naar andere wereldsteden. Er leek geen beginnen aan maar ze zijn er nochtans aan begonnen. En dàt met de beperkte verplaatsings- en communicatiemogelijkheden van die tijd.
Beginnende van Jeruzalem – continuïteit met het Oude Verbond! – hebben de apostelen onder het beding van de Heilige Geest, de kerk mogen stichten, in gemeenten her en der. En het is alles uitgebreid tot een brede stroom, de volkeren door. Dat is het wonder van het kerkvergaderende werk van de Heilige Geest.


Dat de kerk vaak kerk in strijd en onder het kruis was, heeft te maken met het feit, dat ze een Kruiskóning heeft.
Dat er desalniettemin van uitredding en overwinning sprake is geweest, heeft te maken met het feit, dat die Koning dood en graf overwon.
Dat de Kerk zich soms in wereldlijke triomf te buiten ging, heeft ze altijd weer met neergang moeten bekopen. Glorie van de kerk deed altijd afbreuk aan de glorie van de Koning. De kerk is in feite immers kerk van armen en ellendigen, weliswaar geestelijk verstaan maar ook nooit los van haar wezenlijke gestalte. Een kerk, die verburgerlijkt, gesetteld raakt en er nog slechts is voor bepáálde mensen, is niet meer op de weg van haar Heere, die, rijdend op een ezel, Jeruzalem binnenkwam.

Verder wachten
Een kerk, die ingenesteld raakt in de patronen van de tijd en van de wereld is intussen óók niet meer op de weg van haar Heere. Want de kerk is weliswaar van alle tijden (en plaatsen) maar ze is ook van tùssen de tijden: 'tussen Komst en Wederkomst'.
Alleen de kèrk is van de toekomst. Voor de kerk blijft het advent. Ze weet van de Komst van haar Heere in het vlees en van Zijn werk tot volkómen verlossing. Maar daarom ziet ze ook met verlangen uit naar de dag van de volkomen verlossing. Niet alleen voor het eigen persoonlijke leven. Dat óók, en dat vraagt oefening en overdenking, zeker in het gejaagde leven van vandaag. Maar dat uitzien met verwachting geldt ook de ganse schepping. Die zal ook delen in de verlossing.
Het blìjft dan voor de kerk adventstijd, tijd van verwachting namelijk aangaande de Wéderkomst.


De levende verwachting aangaande de Wederkomst des Heeren is vaak ver weggeraakt in de gemeente. Men moet ervoor bij Het Zoeklicht zijn om (wekelijks) aan die grote dag herinnerd te worden. Als we echter van de christen in het begin van dit artikel met de Nederlandse Geloofsbelijdenis hebben beleden, dat hij (zij) àlle zaligheid verwacht van Jezus Christus, dan heeft dat te maken met het vòlle heil, dat door Christus is verworven. Dan gaat het om wat heilsfeitelijk geschied is en wat nog geschieden zàl. En dan staat er nog één heilsfeit uit. Pas als Christus wederkomt zal alles hersteld worden zoals de Heere het bij de schepping had bedoeld. Dat zal de grote Dag van de glorie van Christus zijn. Aller oog zal Hem zien. Hij zal het Koninkrijk teruggegeven in de handen van de Vader. Dat zal een dag wezen!

Verdenking
Die dag is onder de christenheid intussen niet alleen in vergetelheid, ze staat soms ook onder verdenking. In 1968 verscheen een Duitstalige editie van een werk van de moderne theoloog Harvey Cox, onder de titel 'Stirb nicht im Warteraum der Zukunft', sterf niet in het wachtlokaal van de toekomst. In feite is de boodschap van dat boek, dat er geen toekomst is dan de toekomst, die we zelf maken. De kerk heeft dan ook geen andere verantwoordelijkheid dan voor de mens-vandáág.
Maar terwijl ook de moderne mens rusteloos jaagt naar een nieuwe toekomst, gaat het er bepaald niet beter uitzien in de wereld.
De titel van het betreffende boek is overigens ook tendentieus. Alsof een kerk, die de toekomst verwacht, alleen maar in een lokaal zìt te wachten. Henoch wandelde met God en was niet meer. Het gaat om de wàndel met verwachting.


Intussen strijdt de gedachte van de Wederkomst van Christus op de wolken des hemels ten enenmale met het wereldbeeld van allen, die menen, dat alles in deze wereld en in de kosmos alleen maar door fysische wetmatigheden wordt bepaald. Velen geloven slechts wat ze begrijpen kunnen. En intussen 'geloven' ze (wèl) in een ontwikkeling der dingen naar steeds hoger vormen, totdat tenslotte materie in geest overgaat.
Maar al onze gedachtenspinsels en bedenkingen ten spijt: Christus zal wederkomen, zoals Hij is heengegaan. Een wolk nam Hem weg en op de wolken komt Hij terug.
Hij komt, Hij komt om de aarde te richten. En al 't volk wordt in rechtmatigheid geleid.

Tussentijd
In die tussentijd – zegt Walther Lüthi in zijn De Zeven gesprekken van Maleachi – zal er nog heel wat water door de Rijn stromen:

'… zullen er nog vele tranen gestort worden en zal er nog veel bloed vergoten worden. Dat wil zeggen, de schare van de verlosten zal nog menigmaal reden hebben om over aangedaan onrecht verdriet te hebben, om te hongeren en dorsten naar de nieuwe hemel en naar de nieuwe aarde, waarop gerechtigheid woont… De kerk van de Gekruisigde zal gedurende deze wachttijd een advocaat en beschermer zijn voor weduwen en wezen, voor vreemdelingen en dagloners. En zou zij zelf daardoor smaad en schande te verduren krijgen en onrecht moeten lijden, dan zal zij zich, in onderscheidingvan de moedeloze tijdgenoten van Maleachi, volstrekt niet beklagen. Zij zal er zich niet eens over verbazen, 'alsof haar iets vreemds overkwam'; zij zal getroost weten, dat het als het ware zó in orde is. Zo hoort zij geheel en al bij de Man van Smarten en mag zij onder de bescherming en in de schaduw van de Gekruisigde reeds een klein beetje kruisdragen en lijden. Op deze manier gaat zij met geheel de mensheid voort door de duistere nacht, die nog loodzwaar over de aarde ligt; maar zij weet, 'de nacht is voorbijgegaan, de dag is nabijgekomen.'

We mogen elkaar met zulke woorden in de gemeente vandaag opwekken. Opwekken tot verwachting van de Wederkomst. Christus kwam om te komen. Op de valreep van de Bijbel luidt het nog: 'Ja, Ik kom haastig. Amen.' En de kerk bidt in antwoord: 'Ja, kom Heere Jezus.'
Het ìs advent en blijft advent. Tussen Komst en Wederkomst.

J. van der Graaf

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 december 1992

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Kerk tussen Komst en Wederkomst

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 december 1992

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's