De brandspiegels van een katholiek-hervormd theoloog
Dr. W. Balke, hervormd predikant te 's-Graveland en hoogleraar, geschiedenis van de Reformatie, in het bijzonder van Bohemen, aan de Universiteit van Amsterdam en de Karelsuniversiteit te Praag, bundelde een selectie uit zijn kerkhistorische studies en lezingen. Hierin doet hij verslag van zijn speurtochten, biedt verrassende inzichten en opent nieuwe perspectieven, ook voor de theologie van vandaag.
Balke is historicus èn theoloog, en zijn historische studies zijn pogingen tot het afleggen van verantwoording, tot het geven van rekenschap van een verleden en een traditie, waardoor hij zich verrijkt en geïnspireerd weet, waarvan hij de onschatbare waarde kent en die hij daarom ook in het heden present wil stellen. Geduldig en kritisch bronnenonderzoek mondt aldus uit in het aanreiken van op de actuele situatie toegesneden inzichten. Als een op de juiste wijze geëngageerde historicus neemt hij de positie in als van een brandspiegel die de bronnen van de katholiek-gereformeerde traditie opvangt en weerkaatst, uit bezorgdheid dat het heden ongetwijfeld verschralen moet wanneer deze bronnen verwaarloosd of vergeten worden. Zo mondt historisch onderzoek uit in een vergezicht op de katholieke traditie van de kerk van alle eeuwen en plaatsen, – die de hervormde theoloog die Balke is, overigens genormeerd acht door het gezag van het Woord Gods. De reeds eerder gepubliceerde studies zijn herzien en bewerkt, terwijl ook opstellen die nog niet eerder verschenen, in deze bundel een plaats hebben gevonden. De eerste bundel draagt de titel Omgang met de reformatoren en bevat 26 artikelen over de zestiende-eeuwse Reformatie. De nadruk valt daarbij op de hervormers Luther, Zwingli en Calvijn – van hun theologieën worden verschillende facetten belicht.
Zo worden niet alleen hun interpretaties van het avondmaal of de onderlinge relatie tussen deze hervormers beschreven, maar wordt ook aandacht geschonken aan de visies van Luther en Calvijn op de menselijke ervaring en de verhouding tussen deze ervaring en het Woord van God, aan de vraag of men bij Calvijn van bevindelijke prediking kan spreken en aan Calvijns zicht op de gemeente. Ook treft men in deze bundel echter opstellen aan over de ana-baptisten te Antwerpen, de nationale Synode van Middelburg (1581) en de Tsjechische hervormer Jan Amos Comenius. De bundel opent veelzeggend met een uitgewerkte voordracht over 'Het blijvende recht van de reformatie', waarin op de blijvende actualiteit gewezen wordt van het devies 'Ecclesia reformata semper reformanda' – de hervormde kerk dient steeds weer hervormd te worden.
Over belangrijke theologen en hun werken uit de hervormde kerk van de negentiende en twintigste eeuw handelen de twintig bijdragen van de tweede bundel Heel het Woord en heel de Kerk. Het zijn opstellen over voorgangers met wie Balke zich eensgeestes weet: Kohlbrugge en Hoedemaker, Noordmans en Miskotte, J.H. Gunning jr., Woelderink en Kievit. En ook de theologisch geïnteresseerde juristen Groen van Prinsterer en Paul Scholten. Zij komen scherp uit tegen de achtergrond van het antithetisch streven van Kuyper en diens partijganger Hugo Visscher. Deze opsomming maakt reeds duidelijk dat Balke zich nimmer op heeft willen sluiten binnen de beperkende grenzen van een streng belijnde confessionalistische denominatie – zoals het Balke gaat om de vertolking van de katholiciteit van de Schrift, zo wil hij ook het zicht op het geheel van de kerk behouden. Dit programma is uitgedrukt in de titel van deze bundel en vormt eveneens het onderwerp van het slotartikel. Evenals de eerste, is ook deze tweede verzameling opstellen een bont en mede daardoor uiterst boeiend en altijd goed leesbaar geheel: lezingen voor een breder publiek worden afgewisseld door wetenschappelijke vertogen; kortere stukken ter gelegenheid van een herdenking staan naast op schrift gestelde toespraken en persoonlijke herinneringen, zoals het belangwekkende artikel over de beide predikanten Kievit uit Baarn.
De beide bundels verbinden de laatste anderhalve eeuw met de eeuw der Reformatoren. Eigenlijk laten zij ons zien, dat wij bij de vragen van onze eeuw de integrerende antwoorden van met name Calvijn niet dan tot onze schade kunnen missen. Zo vormen de bundels een tweeluik, waarin te midden van de bonte verwardheid van veel kerkelijke, theologische en pastorale en zelfs politieke problemen van toen en nu onderliggende grondtrekken helder oplichten. Wat toen speelde, speelt ook nu.
De reformatoren worstelden om de eenheid van het Woord, de kerk en het volk, en daarin mede om de heelheid van de samenleving. Ook Gunning en Hoedemaker kenden die worsteling. Wat hen met Calvijn verbindt, is het besef dat de geestelijke kern het primaat moet hebben en niet de vorm en de macht. Balke citeert b.v. Mackay, (Heel het Woord en heel de Kerk, p. 56): 'niet vrij te zijn in de keuze voor het zingen en wel vrij te zijn in het loochenen van de godheid onzes Heeren, een kind begrijpt het ongerijmde'. Calvijn zou hetzelfde gezegd hebben bij het streven naar één kerkorganisatie met één algemeen betwijfeld christelijk geloof. Wie de eenheid van Woord en Geest niet vasthoudt, maar gaat glijden op individueel gevoel, op traditie of uiterlijkheid, bevordert desintegratie. Ook ervaring, bevinding, predestinatie en verkiezing zijn thema's, die in beide bundels terugkeren en die pas zonder valse noten bespeeld kunnen worden als men de hele Schrift stem geeft. Balke biedt bij eenheid en vastheid van visie een breed spectrum aan figuren en onderwerpen. De bundels blijven een tweeluik. Men leze b.v. in Omgang met de reformatoren het stuk over 'Luther en de Joden' naast het artikel over de 'Abrahamitische oecumene' in Heel het Woorden heel de Kerk. Ook hier weer veel actualiteit.
Steeds wordt de eigentijdse context goed belicht en veel 'inside information' functioneert als verhelderend detail. Men kijkt als het ware bij veel figuren over de schouder mee en zo blijft het verhaal levendig en voelt de lezer zich betrokken. De figuren worden niet mooier gemaakt dan ze zijn, maar gepoogd wordt hen congeniaal te verstaan.
Bij de oecumenische vragen van nu kan men niet om de zestiende eeuw heen. Woord of traditie, paus of concilie, kerk of congregatie, genade of nog wat extra's – de vragen zijn nog even levend als altijd.
Kohlbrugge, Hoedemaker, Noordmans, de predikanten Kievit, zij komen tot hun voordeel bij de Reformatoren uit. Kuyper, Visscher, Samen op Weg, ze doen het tot hun schade niet. De bundels bevatten zeer veel in beknopt bestek. De details verwarren niet, omdat Balke de kunst verstaat de kern te grijpen. Zijn taalgebruik mist op weldadige wijze alle wolligheid en fraseologie, die zo vaak het gebrek aan vaste spijs verhullen. Ook waar hij uitvoeriger wordt, blijft hij 'to the point'. Men vindt hier ook kijkjes achter de schermen, die men zelden elders krijgt. De auteur weet tegen de achtergrond van versplintering en verbrokkeling van denken en kerk-zijn het ootmoedige verstaan van het Woord door Calvijn te schilderen als een denken waarin aan de veelheid recht wordt gedaan binnen een eenheid die het recht heeft.
Voor een ieder die overtuigd is van het hoge belang van deze tradities voor de theologische actualiteit zijn beide bundels onontkoombaar.
Omgang met de reformatoren, Uitgeverij De Groot Goudriaan, Kampen, 254 blz., ƒ 39,50.
Heel het Woord en heel de Kerk, Uitgeverij De Groot Goudriaan, Kampen, 233 blz., ƒ 39,50.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 december 1992
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 december 1992
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's