Advent
Eer ge ooit het oordeel vellen komt,
eer 't al voor uwe voeten kromt,
dat, hoog en vrij, nog heden
U tegen is en vol weerspannigheden.
Onfaalbaar is uw Woord, o Heer,
gij weet hoe arm, hoe krank, hoe teer
het mensdom is van krachten;
en laat het niet al hulpeloos versmachten.
Vierduizend jaar verlangde 't al.
Wanneer is 't dat Hij komen zal?
Zo roept en zucht, verlegen,
uw volk, o Heer, en wacht om uwe zegen!
't Advent, 't advent, weerom! Wie kan
beloven dat de vreugde van
de Kerstdag ons zal blijden?
Zijn 't eindlijk niet des werelds laatste tijden?
Guido Gezelle
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 december 1992
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 december 1992
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's